Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

12 november Korenaren uit de volle oogst

Die ook Zijn eigen Zoon niet gespaard heeft, maar heeft Hem voor ons allen overgegeven, hoe zal Hij ons met Hem niet alle dingen schenken?
Romeinen 8:32

Vaak heb ik het mooie beeld van Salomo beschouwd als een type van Christus, in zijn mildheid tegenover de koningin van Scheba. Wij lezen van hem dat hij de koningin van Scheba alles gaf wat zij verlangde, wat zij ook vroeg, behalve wat Salomo haar uit zijn koninklijke mildheid schonk. Zo geeft ook onze Koninklijke Weldoener de mensenkinderen meer dan zij Hem durven vragen. En wat Hij geeft, geeft Hij vrij uit Zijn Koninklijke mildheid. Zo vrij als de regen uit de hemel valt, zo vrij als de zon haar stralende glans neerzendt en de vruchten van het veld doet rijpen, zo vrij als de wind over de aarde waait, zo vrij als de dauw op het gras van de morgen neerdaalt, zo vrij zijn de gaven van God aan Zijn gemeente en Zijn volk.

Inderdaad, door Christus te geven, gaf God alles. De apostel verklaart: „Hij heeft ons gezegend met alle geestelijke zegeningen in de hemel in Christus.” Wij moeten geestelijke zegeningen nooit beschouwen als afgebroken stukken van de liefde van God, als rondgestrooide kruimels, rondzwervende overblijfselen, zoals de drijvende brokstukken van een schipbreuk. Wij moeten de zegeningen van het Evangelie zien als alleen in Christus, ons Verbondshoofd, weggelegd. Wat er ook gegeven wordt, is gegeven door Christus, in Wie naar de wil van de Vader alle volheid zou wonen; en het is door de kracht van de vereniging met Hem en uit Zijn volheid dat al deze zegeningen ontvangen worden.

Hoe kunnen wij het ons naar behoren indenken — hoe kunnen wij ons hart verheffen — om de gave te begrijpen van Gods eniggeboren Zoon? Zijn eeuwige Zoon, de Zoon van de Vader in waarheid en liefde, werd uit de schoot van God geschonken, opdat Hij vlees zou worden, zou lijden, Zijn bloed zou storten en sterven. Zo zou Hij door een leven van lijden en een verdienstelijke dood een offer brengen dat God welbehaaglijk is: een offerande waardoor de zonden van Gods volk voor eeuwig zijn uitgewist.

De grote bron van alle bewondering en aanbidding, en van de eeuwige zaligheid van de heiligen, zal het heilig genieten zijn van ‘de verborgenheid van een vleesgeworden God’. De menswording van de tweede Persoon in de heerlijke Drie-eenheid, de eeuwige Zoon van de eeuwige Vader, Die de menselijke natuur aannam in vereniging met Zijn eigen Goddelijke Persoon, zal de verborgenheid zijn die de harten van Gods heiligen zal verrukken. Zij zal hun lippen vervullen met een eindeloze stof tot bewondering en vreugde, door de ontelbare eeuwen van de eeuwigheid heen.

Zingt, zingt een nieuw gezang de Heere,
die grote God, die wond’ren deed!
Zijn rechterhand vol sterkt’ en ere,
zijn heilig’ arm, wrocht heil na leed.

Ps. 98:1

Aan de lezer…

Hoe vaak durft u nauwelijks iets van de Heere te vragen, omdat u zich zo onwaardig voelt! Ziet u de zegeningen die u ontving als losse kruimels, als drijvende brokstukken van een schipbreuk, die u met moeite bij elkaar raapt? Kijk dan naar de koninklijke mildheid van Hem Die meer geeft dan de mensenkinderen Hem durven vragen. Zo vrij als de regen valt en de zon haar stralen neerzendt, zo vrij zijn Zijn gaven aan Zijn volk.

Want Hij Die Zijn eigen Zoon niet gespaard heeft, hoe zal Hij met Hem niet alle dingen schenken? Alles wat gegeven wordt, is in Christus weggelegd, in Wie alle volheid woont. Houd uw oog dan niet op de armoede van uw hart, maar op de gave van Gods eniggeboren Zoon, Die vlees werd, leed, Zijn bloed stortte en stierf. Is Hij u gegeven, dan is u in Hem alles gegeven; en hebt u Hem nog niet gezien, vraag dan om Hem, want ook die gave is vrij.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

12 november 365 dagen met Philpot

Een onbeweeglijk koninkrijk

En dit woord: Nog eenmaal, wijst aan de verandering der beweeglijke dingen, als welke gemaakt waren, opdat blijven zouden de dingen, die niet beweeglijk zijn. Daarom, alzo wij een onbeweeglijk koninkrijk ontvangen, laat ons de genade vasthouden, door dewelke wij welbehaaglijk Gode mogen dienen, met eerbied en godvruchtigheid.
Hebreeën 12:27,28

„Laat ons de genade vasthouden.” Waarom? Omdat wij, als we de genade bezitten, toch – hoewel we een koninkrijk ontvangen dat onbeweeglijk is – vele, zeer vele dingen zullen tegenkomen die deze genade op de proef stellen en haar schijnbaar helemaal doen afnemen. Welnu, dezelfde genade waardoor het koninkrijk wordt ontvangen, is nodig om dat koninkrijk vast te houden. Dezelfde gunst van God die de gave schonk, is nodig om de gave te behouden. En dezelfde gezegende Geest Die het koninkrijk in de ziel brengt, moet het koninkrijk dat Hij gevestigd heeft ook onderhouden. Dit is het geheimenis; hier komt de beproeving van het geloof.

De ziel zegt: „Heb ik niet Christus ontvangen? Was er geen tijd, een gezegende tijd in mijn beleving, toen Hij aan mij werd geopenbaard? Toen heb ik Hem als de Christus van God ontvangen. Ik voelde hoe dierbaar Hij voor me was, en mijn hart nabij en dierbaar. Maar nu is Hij weg; Zijn aanwezigheid wordt niet genoten; de openbaringen van Zijn liefde worden niet gegeven.” Hoe nodig is dan het geloof, om te geloven dat de Heere Zich werkelijk heeft geopenbaard!

Het ongeloof zegt: „Het was allemaal zelfbedrog.” De ontrouw fluistert: „Het was alleen maar opwinding van het natuurlijk verstand.” Twijfels komen als vanzelf op, angsten dienen zich aan, onzekerheden kwellen de ziel, de duivel maakt het verstand onrustig, en alles lijkt bijna verdwenen. Wat hebben we dan nodig? Genade, en vooral de genade van het geloof, om vast te houden wat ontvangen werd.

Dit is de strijd, de moeite, de beproeving van het geloof. Bij het ontvangen is het geloof als het ware lijdelijk, maar bij het vasthouden is het werkzaam. Het geloof wordt niet beproefd bij het aannemen van wat God geeft; de beproeving is het te behouden wanneer de zonde en de duivel het uit onze handen willen grijpen.

Lezen: Psalm 63

Aan de lezer…

Er zijn dagen die u niet vergeet: die gezegende tijd toen Christus Zich aan u openbaarde en u voelde hoe dierbaar Hij was. Is het nu stil geworden, zodat Zijn tegenwoordigheid niet genoten wordt en u zich afvraagt of het niet allemaal zelfbedrog was? Het ongeloof fluistert het u in, en de duivel maakt uw verstand onrustig. Wees niet verwonderd; dit is juist de beproeving van het geloof.

Bij het ontvangen was u als het ware lijdelijk; nu wordt van het geloof gevraagd dat het vasthoudt. Maar ook daarin staat u niet alleen. Dezelfde gunst van God die de gave schonk, is nodig om haar te behouden, en dezelfde gezegende Geest Die het koninkrijk in de ziel bracht, onderhoudt wat Hij gevestigd heeft. Houd dan de genade vast, al lijkt alles bijna verdwenen. Wat Hij eenmaal geopenbaard heeft, was geen opwinding van het verstand, maar het onbeweeglijk koninkrijk.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

12 november Door Baca’s vallei

Hij zal onze ongerechtigheden dempen; Gij zult al hun zonden in de diepte der zee werpen.
Micha 7:19

Onderworpen zonde is de grootste zegen naast vergeven zonde. En waar God de zonde vergeeft, onderwerpt Hij de zonde ook, want dezelfde genade die vergeeft, heiligt ook. Dezelfde genade die de zonden achter Gods rug werpt, zet de voet op de verdorvenheden van de gelovige en verhindert dat de ongerechtigheid over hem heerst. De Schrift is hierover heel duidelijk en zegt het zo: „De zonde zal over u niet heersen.” Waarom? „Omdat gij niet zijt onder de wet” — die geeft de zonde haar kracht en sterkte — „maar onder de genade”, die haar heerschappij kan onderwerpen. Ook geloof ik niet dat een kind van God ooit tevreden kan rusten, behalve in de onderwerping van zijn zonden én in de vergeving van zijn zonden.

De begeerte en hartenwens van ieder die de zonde kent in haar schuld, vuilheid en kracht, is dat zijn ongeloof, wereldsgezindheid, trouweloosheid, hoogmoed en begeerlijkheid door de genade van God worden onderworpen. Hij verlangt dat haar heerschappij wordt onttroond, haar gezag vernietigd en haar kracht verzwakt en verminderd; dat hij niet onder de heerschappij van enige lust staat en niet wordt meegesleept door de kracht van enige verborgen of openlijke zonde, maar dat hij mag wandelen in het licht van Gods aangezicht, met het verlangen Zijn wil te kennen en te doen.

Hoe kostbaar is dan de belofte, hoe zoet de gunst, dat de Heere beloofd heeft onze ongerechtigheden te onderwerpen door dezelfde Geest door Wie Hij ze vergeeft! Zoals wij het bloed van Christus ontvangen tot besprenging van ons geweten, zo ontvangen wij ook de genade van Christus tot heiliging en vernieuwing van de ziel, om daardoor ook al onze vijanden, binnen en buiten ons, te overwinnen.

Aan de lezer…

Zucht u, bestreden ziel, onder de kracht van een zonde die u telkens weer overmeestert? Hebt u wel iets van vergeving geproefd, maar vindt u nog geen rust, omdat uw ongeloof, uw wereldsgezindheid of uw hoogmoed zo sterk blijft? Dat is niet vreemd. Geen kind van God kan tevreden rusten in de vergeving alleen; het verlangt ook dat de zonde onttroond wordt en haar kracht verliest.

Hoor dan wat de Heere belooft: Hij zal uw ongerechtigheden dempen. Dezelfde genade die de zonden achter Gods rug werpt, zet ook de voet op de verdorvenheden van de gelovige. U bent niet onder de wet, die de zonde haar kracht geeft, maar onder de genade, die haar heerschappij kan onderwerpen. Breng dan uw strijd bij Hem. Zoals het bloed van Christus uw geweten besprengt, zo zal Zijn genade u heiligen, totdat u in het licht van Gods aangezicht mag wandelen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina