Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

7 Mei – Door Baca’s Vallei

Want het bedenken des vleses is de dood; maar het bedenken des Geestes is het leven en vrede. Romeinen 8:6

Eén van de gezegendste kenmerken van wederbarende genade en van de gewisse vruchten der liefde Gods, in het hart uitgestort, is het bedenken des Geestes. Hiervan zegt Paulus: „het is leven en vrede”. Geestelijk te denken is te leven en te wandelen door de gezegende kracht en invloed van de Heilige Geest; dat is een hart en genegenheden te hebben, die afgetrokken zijn van dit arm en ijdel toneel der wereld, tot waar Jezus zit aan de rechterhand Gods. Dit is leven; het leven Gods in de ziel, met al zijn tegenwoordige gelukzaligheid en al zijn toekomstige heerlijkheid en vrede. Want vrede en rust worden alléén gevonden in dit pad der vereniging en gemeenschap met een verheerlijkte Verlosser. In dit bedenken des Geestes, in deze hemelse genegenheden en in deze omgang met de Heere aan de troon der genade bestaat het leven en de kracht der godzaligheid. Wij vertrouwen, dat wij iets kennen, naar hetgeen wij in eigen gemoed hebben ondervonden, wat dit zoete bedenken des Geestes, en de dierbare vruchten, die daaruit voortvloeien, zijn. Het is een sleutel om de Schrift te verstaan, want dan lezen wij haar onder dezelfde geheiligde invloed en door dezelfde Goddelijke onderwijzing, waardoor zij geschreven is. Het is een deur des gebeds, want onder deze bedaarde en vredige bewegingen zoekt de ziel, als door instinct en volstrekt de heilige gemeenschap met God. Het is de vruchtbare moeder van zoete overdenkingen, want de waarheid van God wordt dan overdacht, men voedt er zich mede en men bevindt, dat het brood uit de hemel is. Het is het geheim van alle leven en kracht in de prediking, want tenzij het hart zich daaraan verbonden gevoelt, en door de voorgedragen waarheid verootmoedigd en vernederd wordt, zal er in de voordracht daarvan een hardheid openbaar komen, die zich doet gevoelen in het gemoed van de .levende hoorder. Het is de kracht van alle geestelijke gesprekken, want hoe kunnen wij spreken met enige zalving of vrucht, tenzij wij geestelijk gestemd zijn, en in zodanige gestalte, waarbij de dingen Gods ons hoofdelement zijn, de taal onzer lippen, het vermaak onzer ziel? Maar in het tegenovergestelde geval, vleselijk gezind op onze knieën te liggen, met een geopende Bijbel voor ons, in het huis des gebeds, aan des Heeren tafel, in het gezelschap van Gods kinderen, welk een last is dit voor onze geest, wat een veroordeling in onze consciëntie, wat een vruchtbare akker voor twijfel en vrees of de zaken tussen God en onze ziel wel in orde zijn, wanneer er zulk een afstand tussen Hem en ons is! Het is waar, dat de uitnemendste heiligen en dienstknechten Gods hun dode en duistere tijden kennen, wanneer het leven Gods tot een zo lage eb gekomen is, dat er nauwelijks iets van zichtbaar is, zo zeer bedolven onder modderstromen van hun gevallen natuur. Nochtans beweegt het leven zich voorwaarts rondom hen, zo niet door hen; en somtijds valt er een straaltje van licht en leven, dat zich een doorgang baant naar de oceaan van eeuwige liefde, hetgeen zich niet slechts openbaart in zijn bestaan, maar in zijn loop, en dat aan de hemel teruggeeft wat het van de hemel ontving. Zelfs worden door deze duistere en geesteloze tijden de heiligen en de dienstknechten Gods onderwezen. Zij zien en gevoelen wat het vlees waarlijk is; hoe vervreemd het is van het leven Gods. Zij leren in Wie al hun kracht en genoegzaamheid ligt; zij worden onderwezen, dat in hen, dat is in hun vlees, geen goed woont; dat geen pogingen uit henzelf de kracht en sterkte van het leven Gods kunnen bewaren, en dat al wat zij zijn en hebben, al wat zij geloven, kennen, gevoelen en genieten, met al hun bekwaamheid, nuttigheid, gaven en genade, vloeit uit de zuivere, souvereine genade, uit de rijke, vrije, onverdiende, nochtans onuitputtelijke goedertierenheid en barmhartigheid Gods. Zij leren in deze moeilijke school van smartelijke ondervinding hun ledigheid en nietigheid, en dat zij waarlijk zonder Christus niets kunnen doen. Zo worden zij dus bekleed met nederigheid, dat gepaste en betamelijke kleed. Zij leren afzien van hun eigen kracht en wijsheid, en leren bevindelijk, dat Christus is en altijd zijn moet alles in allen voor hen, en alles in allen in hen.

Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

Donatie

Welkom op deze website. Hier vindt u de Bijbelse dagboeken "Korenaren uit de volle oogst" "Door Baca's Vallei" en "365 Dagen Met Philpot" van J.C. Philpot.

J.C. Philpot

Philpot werd geboren in Ripple in het Engelse graafschap Kent, iets ten noorden van Dover. Hij studeerde in Londen en in Oxford en werd op 26-jarige leeftijd in Stadhampton bevestigd tot predikant van de Kerk van Engeland.

Na een lange 'worsteling' onttrok Philpot zich in 1835 aan de staatskerk. Hij schrijft daarover in één van zijn preken: Ik verlaat de Kerk van Engeland omdat ik in haar nauwelijks een merkteken van de ware kerk bespeuren kan. Hij sloot zich aan de baptistengemeenten, die later de Gospel Standard Strict Baptists zouden worden genoemd. Philpot was een van de eerste redacteuren van het kerkblad The Gospel Standard.

In 1838 werd Philpot predikant van de Strict Baptist-gemeenten Stamford en Oakham. Zijn laatste levensjaren bracht hij door in de Londense buitenwijk Croydon. Hij stierf eind 1869. Joseph Charles Philpot ligt begraven op de Algemene Begraafplaats aan de Queens Road in Croydon.