Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

27 Januari – Door Baca’s Vallei

Aller ogen wachten op u, en Gij geeft hun hun spijze te zijner tijd. Psalm   145:15

De Heere zal al Zijn kinderen, het zij vroeger of later, ieder van hen in zijn mate, op Hem doen wachten. In welke moeite zij ook verkeren: „aller ogen wachten op U”. Welke bestrijdingen zij ook hebben te verduren: „aller ogen wachten op U”. Welke moeilijkheden er in tijdelijke, welke worstelingen er in geestelijke aangelegenheden ook zijn, wat ook het lot is in de weg der voorzienigheid of oefening in de genade, de Heere zal al Zijn kinderen op de één of andere tijd dit doen ervaren: „aller ogen wachten op U”. Wachten op U voor uitredding; wachten op U voor een openbaring; wachten op U voor een teder woord door Uw mond tot de ziel gesproken; wachten op U voor een toeknikje van Uw goedgunstig aangezicht; wachten op U voor een bewijs van eeuwigdurende gunst. En hij, die niet weet wat het zeggen wil „op God te wachten”, in deze wegen namelijk bij nacht en bij dag op Hem te wachten, als de Heere dit in Hem werkt, te wachten op Hem als hij op bed ligt, of achter zijn toonbank staat, of in het eenzame veld vertoeft, of in de drukke straten verkeert, weet van deze dingen niets af; hem ontbreken die Goddelijke kenmerken, die de Heilige Geest op zijn levend gemaakt volk afdrukt. „En Gij geeft hun hun spijze te zijner tijd”. Er is „spijze”, waarvoor zij op God wachten, om het uit Zijn hand te ontvangen. En het wordt genoemd hun spijze. Het behoort hun toe. Al Gods uitverkorenen hebben een voorraad, voor hen opgelegd in Christus; want het heeft de Vader behaagd, dat in Hem al de volheid wonen zou. „Ik zal hun kost rijkelijk zegenen”, Psalm 132 : 15- Ofschoon geen van Gods levend gemaakt volk ooit durft aanspraak maken op ue zegeningen van Gods hand, evenwel heeft de Heere zodanige zegeningen opgelegd in Christus, dat deze dadelijk en voor eeuwig de hunne zijn; want zo zegt de apostel: Alles is uwe. Het is hun spijze dan; dat is de spijze, bijzonder voor de uitverkorenen. Het bloed is geplengd voor hun zonden en voor hun zonden alléén; gerechtigheid is voor hen betaald en voor hen alléén; liefde is hun gegeven en hun alléén; beloften zijn geopenbaard tot hun troost en tot hun troost alléén; een eeuwige erfenis, een onbevlekkelijke en onverderfelijke erfenis, die niet verwelkt, wordt in de hemelen voor hen bewaard en voor hen alléén. Het is hun spijze, omdat het de hunne is in Christus, in Christus weggelegd ten behoeve van hen. Maar ook het hunne in een ander opzicht; en wel daarom, dat zij het enige volk zijn, dat daar naar hongert en dat er begeerte naar heeft. Zij hebben een mond en een maag, die er op teren kan. Zij zijn het enige volk, waarvan de ogen waarlijk open zijn om te zien wat spijze is. Anderen voeden zich met schaduwen; zij kennen niets van het zalvend voedsel van het Evangelie. En de Heere zeide tot Zijn discipelen: Ik heb een spijze te eten, die gij niet kent. Zijn spijze was de verborgen mededeling van Gods liefde, de bezoeken van Zijns Vaders tegenwoordigheid, de Goddelijke gemeenschap, die Hij genoot met Zijn Vader, toen de discipelen van Hem weggegaan waren; om te doen de wil Desgenen, Die Hem gezonden had, en om Zijn werk te volbrengen. Evenzo is het voor Gods kinderen; er is spijze in Christus. En de Heere doet hen naar deze spijze hongeren. Hij brengt deze niet slechts voor hun ogen uit, maar Hij legt onuitsprekelijke begeerten er naar in hun ziel om er door gevoed te worden. Gods volk kan zich niet verzadigen met de dop, noch met as, noch met een Oostenwind, noch met vergiftige wijndruiven, noch met de bittere druiven van Gomorra, Deut. 32:32. Zij moeten spijze hebben, smakelijke spijze, welke hun ziel gaarne heeft. Spijze, die God Zelf mededeelt en die Zijn hand alleen kan toebrengen en hun kan geven, zodat zij deze van Hem ontvangen mogen als hun zielverzadigend deel.

Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

Donatie

Welkom op deze website. Hier vindt u de Bijbelse dagboeken "Korenaren uit de volle oogst" "Door Baca's Vallei" en "365 Dagen Met Philpot" van J.C. Philpot.

J.C. Philpot

Philpot werd geboren in Ripple in het Engelse graafschap Kent, iets ten noorden van Dover. Hij studeerde in Londen en in Oxford en werd op 26-jarige leeftijd in Stadhampton bevestigd tot predikant van de Kerk van Engeland.

Na een lange 'worsteling' onttrok Philpot zich in 1835 aan de staatskerk. Hij schrijft daarover in één van zijn preken: Ik verlaat de Kerk van Engeland omdat ik in haar nauwelijks een merkteken van de ware kerk bespeuren kan. Hij sloot zich aan de baptistengemeenten, die later de Gospel Standard Strict Baptists zouden worden genoemd. Philpot was een van de eerste redacteuren van het kerkblad The Gospel Standard.

In 1838 werd Philpot predikant van de Strict Baptist-gemeenten Stamford en Oakham. Zijn laatste levensjaren bracht hij door in de Londense buitenwijk Croydon. Hij stierf eind 1869. Joseph Charles Philpot ligt begraven op de Algemene Begraafplaats aan de Queens Road in Croydon.