Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

12 Juli – Door Baca’s Vallei

Die nu in het schip waren, kwamen en aanbaden Hem, zeggende: Waarlijk, Gij zijt Gods Zoon. Mattheüs 14:33

Welk een schoonheid en gelukzaligheid is er in de Godheid van de Heere Jezus Christus, wanneer zij door het geestelijk oog wordt aanschouwd! Het is waar, onze redeneringen kunnen wel struikelen over het leerstellige van een vleesgeworden God. Mijn eigen gemoed is somtijds tot het uiterste gedreven geweest door deze grote verborgenheid der Godheid en mensheid, verenigd in de Persoon van Christus, want zij gaat alle menselijk begrip te boven en zij ligt buiten de bevatting van al onze redelijke vermogens. Het is niet tegen de rede, want er is niets in, dat onmogelijk is of zichzelf weerspreekt, maar zij is boven het bereik van des mensen gedachten en zijn tastbaar begrip. Doch wanneer ons geleerd wordt acht te geven op de gewisse en vreselijke gevolgen, zo de Heere Jezus Christus niet ware hetgeen Hij verklaart te zijn, dat is zowel God als mens, dan zien wij ons genoodzaakt, uit de diepe ernst van onze val, onszelf met het gehele gewicht van onze zonden en smarten te werpen op een vleesgeworden God, gelijk een schipbreuklijdende zeeman zich met blijdschap werpt op de rots in de oceaan, als de enige toevlucht voor de verslindende golven. Wanneer wij gevoelen welke zondaars wij zijn en geweest zijn, en blikken in de diepte van de val en enigermate zien wat de zonde is voor het oog van een heilig en rechtvaardig God, wat kan ons dan bewaren voor wanhoop, ware het niet, dat ons oog gericht werd op de Godheid van de Heere Jezus Christus, Zijn arbeid aan het kruis en Zijn gehoorzaamheid een waarde toebrengende, genoegzaam om onze schuldige zielen te rechtvaardigen, ons van al onze zware ongerechtigheden te wassen, onze vreselijke misdaden te vergeven en ons bekwaam te maken om te verschijnen in de tegenwoordigheid van een rechtvaardig God. Dan zijn wij bij tijden genoodzaakt, als gereed om om te komen, ons te werpen op de Godheid van Christus, omdat wij in zulk een Goddelijke Zaligmaker, in zulk een dierbaar bloed, een toevlucht zien en anders nergens. Wij gevoelen dan, indien de Godheid van Christus wordt weggenomen, dat het met de kerk van God verloren is. Waar kunt gij vergeving, waar rechtvaardiging, waar verzoening met God vinden? Waar verzoenend bloed, zo er geen Zaligmaker is, Die het verdiende als God en leed als mens? Wij zouden met al onze zonden op ons hoofd wel in de hel kunnen springen, indien wij niet door een levend geloof geloofden in de Godheid van de Zoon van God. Evenzeer als een zeeman, die, omdat hij zich op een brandend schip bevindt, over de voorsteven in de kokende golven springt, waarin hij onmiddellijk de dood ingaat, zonder daarop te wachten. Maar somtijds worden wij in deze heerlijke waarheid liefelijk geleid, en dat niet louter en alleen gedreven door de noodzakelijkheid, maar heilig in deze verborgenheid getrokken wanneer Christus aan onze zielen wordt geopenbaard door de kracht Gods. Zo in Gods licht het licht ziende, beschouwen wij de Godheid van Christus als bekledende iedere gedachte, woord en daad van Zijn lijdende mensheid met een onuitsprekelijke verdienste. Dan zien wij hoe die heerlijke vereniging der Godheid en mensheid in de Persoon van Immanuel aan iedere behoefte voldoet, iedere zonde wegneemt, iedere wonde heelt, iedere traan afwist, en de ziel zoet doet rusten in de boezem Gods. Derhalve somtijds uit de noodzakelijkheid, wanneer wij door stormen van schuld en golven der verzoeking worden gedreven, en somtijds vriendelijk getrokken door de leidingen en onderwijzingen van de Heilige Geest, houden wij vast aan de hoop, die ons voorgesteld is in de wezenlijke Godheid en de lijdende mensheid van de Zoon van God, wetende, dat er in Hem is een verberging voor de zonde, voor de dood, de hel en de wanhoop.

Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

Donatie

Welkom op deze website. Hier vindt u de Bijbelse dagboeken "Korenaren uit de volle oogst" "Door Baca's Vallei" en "365 Dagen Met Philpot" van J.C. Philpot.

J.C. Philpot

Philpot werd geboren in Ripple in het Engelse graafschap Kent, iets ten noorden van Dover. Hij studeerde in Londen en in Oxford en werd op 26-jarige leeftijd in Stadhampton bevestigd tot predikant van de Kerk van Engeland.

Na een lange 'worsteling' onttrok Philpot zich in 1835 aan de staatskerk. Hij schrijft daarover in één van zijn preken: Ik verlaat de Kerk van Engeland omdat ik in haar nauwelijks een merkteken van de ware kerk bespeuren kan. Hij sloot zich aan de baptistengemeenten, die later de Gospel Standard Strict Baptists zouden worden genoemd. Philpot was een van de eerste redacteuren van het kerkblad The Gospel Standard.

In 1838 werd Philpot predikant van de Strict Baptist-gemeenten Stamford en Oakham. Zijn laatste levensjaren bracht hij door in de Londense buitenwijk Croydon. Hij stierf eind 1869. Joseph Charles Philpot ligt begraven op de Algemene Begraafplaats aan de Queens Road in Croydon.