Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

12 December – Door Baca’s Vallei

Ik doe wandelen op de weg der gerechtigheid, in het midden van de paden des rechts; opdat Ik Mijn liefhebbers doe beërven dat bestendig is, en Ik zal hun schatkameren vervullen. Spreuken 8:20—21

Waar komt het uit voort, dat God Zijn volk doet beërven dat bestendig is? Door hen te leiden in de weg der gerechtigheid, in het midden van de paden des rechts. Als Hij hen allereerst leidt in de weg der gerechtigheid, door de ontsluiting van Zijn heilige wet, dan verdrijft zij alle schaduwen. Wij hadden met grote krachtsinspanning kaf en hooi en stro en stoppelen bijeenvergaderd, en waren niet ongelijk aan de man, waarvan in de Schrift gesproken wordt: hij droomde, en zie, hij at, maar toen hij ontwaakte, was zijn ziel ledig. Zo waren ook wij voortdurend bezet met schaduwen, met een naam van te leven, met een vormelijke godsdienst, met een uiterlijk vertoon van godzaligheid, tevreden zijnde met enige ordinanties en leerredenen, en wij dachten dat dit alles ons zou beschutten in de dag des toorns. Dit waren slechts schaduwen, van niet meer waarde om onze ziel te redden van de toekomende toorn, dan de schaduwachtige vorm van een berg bij het opkomen der zon. Doch toen de Heere ons begon te leiden in de weg der gerechtigheid, gingen de schaduwen wijken. Toen was er iets nodig om de gunst van God voor zich in te winnen; iets waardoor de ziel de doordringende ogen, die door alles heen blikten, kon ontkomen; en de ziel begon uit te zien naar iets bestendigs, naar werkelijkheden. Er was behoefte aan een stem des Heeren, binnen in ons, een getuigenis van Zijn eeuwige gunst en een bewijs van Zijn liefde. Er was iets bestendigs nodig. De ziel begon te hongeren en te dorsten naar gerechtigheid, te reikhalzen en te verlangen naar de openbaring van Jezus’ liefde, en was rusteloos en ontevreden met en vermoeid van alles, wat niet het werk en de getuigenis van de Heilige Geest was. Wanneer de mond gestopt en de ziel schuldig voor God geworden is, dan heeft zij verzoening, vrede, genade, bloed en liefde nodig, niets anders kan haar bevredigen; en daarnaar verlangt zij met een onuitsprekelijk verlangen. Wanneer nu Jezus Zijn volk leidt in de weg der gerechtigheid, door hen Zijn heerlijke gerechtigheid te doen aanschouwen, dan beginnen zij het bestendige te beërven, waarnaar zij zo zeer verlangd hebben. Er is niets bestendigs onder de wet; onder haar wordt de ziel slechts voorbereid om het bestendige te ontvangen; het is een ontledigen van de ziel, opdat zij moge vervuld worden; het is een ontkleden, opdat zij moge bekleed worden; het is een verwonden, opdat zij moge geheeld worden; het is een vernederen, opdat zij verhoogd worde. Maar wanneer Hij leidt in de weg der gerechtigheid, in die wonderlijke weg, waarin de ziel door Zijn toegepaste gerechtigheid gerechtvaardigd wordt, dan doet Hij haar beërven wat bestendig is, hier reeds op aarde, in de voorsmaakjes ervan, de beginselen, de eerstelingen, de eerste vruchten. O, wat een dromerig, schaduwachtig iets is een blote belijdenis van de godsdienst! En wat een verleidend bedrog is al het genoegen, dat door de zonde verkregen wordt. Hoe naakt en bloot laat het de ziel, verwond, ontkleed en schuldig voor God. Wij hebben ons menigmaal genoegen beloofd in de zonde, en wat hebben wij verkregen? Alsem en gal. Al het voorgestelde genoegen verdween als rook en met dat het verdween, bleef ons niets dan schuld en schaamte over. Doch indien ooit de Heere onze zielen koesterde door een zoete gemeenschap met Hem, indien Hij ons ooit deed smelten aan Zijn voeten; indien Hij ons ooit begunstigde met de mededeling van Zijn onderscheidende liefde, dan was daarin „hetgeen bestendig is”. Daar was gewicht, daar was kracht, daar waren de voorsmaken en eerstelingen van de nimmer eindigende eeuwigheid.

Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

Donatie

Welkom op deze website. Hier vindt u de Bijbelse dagboeken "Korenaren uit de volle oogst" "Door Baca's Vallei" en "365 Dagen Met Philpot" van J.C. Philpot.

J.C. Philpot

Philpot werd geboren in Ripple in het Engelse graafschap Kent, iets ten noorden van Dover. Hij studeerde in Londen en in Oxford en werd op 26-jarige leeftijd in Stadhampton bevestigd tot predikant van de Kerk van Engeland.

Na een lange 'worsteling' onttrok Philpot zich in 1835 aan de staatskerk. Hij schrijft daarover in één van zijn preken: Ik verlaat de Kerk van Engeland omdat ik in haar nauwelijks een merkteken van de ware kerk bespeuren kan. Hij sloot zich aan de baptistengemeenten, die later de Gospel Standard Strict Baptists zouden worden genoemd. Philpot was een van de eerste redacteuren van het kerkblad The Gospel Standard.

In 1838 werd Philpot predikant van de Strict Baptist-gemeenten Stamford en Oakham. Zijn laatste levensjaren bracht hij door in de Londense buitenwijk Croydon. Hij stierf eind 1869. Joseph Charles Philpot ligt begraven op de Algemene Begraafplaats aan de Queens Road in Croydon.