gisteren verschenen
Een medelijdende Hogepriester en een troon der genade
Over Hebreeën 4:15,16: Christus, onze grote Hogepriester, kan medelijden hebben met onze zwakheden en is in alles verzocht, maar zonder zonde. Juist wie zijn zwakheden en verzoekingen voelt, wordt aangespoord…
8 dagen geleden verschenen
Het gesprek van een gelovige met zijn ziel
Een uitleg van Psalm 42:12 als gesprek tussen David en zijn ziel: waarom de ziel terneergeslagen en onrustig is, waarom ze op God moet hopen en hoe die hoop uitloopt…
2 weken geleden verschenen
Het woord van Gods genade
Een uitleg van Handelingen 20:32: Paulus beveelt de oudsten van Efeze aan God en aan het woord van Zijn genade. Alleen dat woord, door de Geest toegepast, bouwt de ziel…
3 weken geleden verschenen
Schatten in de duisternis
Uitleg van Jesaja 45:2,3 voor Gods kinderen: de Heere gaat voor hen uit, maakt kromme wegen recht, verbreekt koperen deuren en ijzeren grendels, geeft verborgen schatten en leert hen zo…
Verkrijgen en verliezen
Naar Prediker 3:6: een levende ziel verkrijgt geestelijke dingen, van kennis van God en van zichzelf tot geloof en vergeving, maar verliest ook haar eigen gerechtigheid en kracht. De preek…
Korenaren Uit De Volle Oogst
Geloofd zij de God en Vader onzes Heeren Jezus Christus, Die naar Zijn grote barmhartigheid ons heeft wedergeboren, tot een levende hope, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden.
1 Petrus 1:3
De opstanding van Jezus Christus was Gods grote getuigschrift der waarheid van Zijn Goddelijke zending en Zijn Zoonschap, want daardoor werd Hij verklaard de Zoon van God te zijn met macht. Zij zette dus een Goddelijk zegel op Zijn offerande. Zijn bloedstorting en Zijn dood bewees, dat God Zijn offerande had aangenomen en de zonde dus voor eeuwig was uitgewist. Bedenk eens welke de vreselijke gevolgen zouden geweest zijn, indien Christus niet uit de doden was opgestaan, of zo wij geen duidelijke bewijzen Zijner opstanding hadden. Er zou, er kan geen vergeving van zonde zijn (1 Kor. 15:17); en zo het geweten ontwaakte tot een gevoel van schuld en veroordeling, schoot er voor haar niets over dan uiterste wanhoop.
Maar nu Christus uit de doden is opgestaan en opgevaren ten hemel, om Hogepriester te zijn over het huis Gods, en de Heilige Geest hiervan getuigt in het Woord en door het Woord tot de ziel, wordt er een poort van heil geopend, zelfs in het dal van Achor. De Heilige Geest, Die niet zou geschonken zijn, zo Christus niet van de doden opgewekt en tot de Vader gegaan was — de Heilige Geest, zeg ik, komt nu en getuigt van Hem tot de ziel. Hij neemt de dingen die de Zijne zijn, openbaart ze aan het hart en wekt het geloof op, om op Hem te zien en in Hem te geloven als de Zone Gods, en dus, naar de mate der openbaring, overvloedig te zijn in de hope, door de kracht des Heiligen Geestes (Rom. 15:13).
Looft, looft met waar’ erkentenis
zijn naam, die hoog verheven is,
dewijl zijn wond’re Majesteit
door aard’ en hemel is verspreid!
Hij wou de hoorn, zo vol vermogen,
de roem van Israël verhogen.
Dat woont bij Hem, ’t heeft zingensstof:
looft God, zingt eeuwig ’s Heeren lof!
Psalm 148:7
Aan de lezer…
Ligt uw geweten soms onder een gevoel van schuld en veroordeling, zodat u geen uitweg meer ziet? Bedenk dan wat het zou zijn als Christus niet uit de doden was opgestaan: dan was er geen vergeving van zonde en bleef er niets over dan wanhoop. Maar Hij is opgestaan! God heeft daarmee Zijn zegel gezet op de offerande van Zijn Zoon, en Hem verklaard de Zoon van God te zijn met macht.
Daarom is er, zelfs in het dal van Achor, een poort van heil geopend. De Heilige Geest getuigt van Hem tot de ziel, neemt wat van Christus is en openbaart het aan het hart. Bent u arm en moedeloos, zie dan op Hem en vraag of de Geest dat geloof in u wil opwekken. Dan wordt u, naar de mate der openbaring, wedergeboren tot een levende hope, en zult u met al Gods volk de Heere eeuwig lof toezingen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Geloofd zij de God en Vader onzes Heeren Jezus Christus, Die naar Zijn grote barmhartigheid ons heeft wedergeboren, tot een levende hope, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden.
1 Petrus 1:3
De opstanding van Jezus Christus was Gods grote getuigenis van de waarheid van Zijn goddelijke zending en Zijn Zoonschap, want daardoor werd Hij krachtig verklaard de Zoon van God te zijn. Zo zette zij een goddelijk zegel op Zijn offer. Zijn bloedstorting en Zijn dood bewezen dat God Zijn offer had aangenomen, en dat de zonde dus voor eeuwig was uitgewist. Bedenk eens wat de vreselijke gevolgen geweest zouden zijn als Christus niet uit de doden was opgestaan, of als wij geen duidelijke bewijzen van Zijn opstanding hadden. Dan zou er, ja dan kán er, geen vergeving van zonde zijn (1 Kor. 15:17). En als het geweten ontwaakte tot een besef van schuld en veroordeling, bleef er voor hem niets anders over dan uiterste wanhoop.
Maar nu Christus uit de doden is opgestaan en naar de hemel is opgevaren om Hogepriester te zijn over het huis van God, en de Heilige Geest hiervan getuigt in het Woord en door het Woord aan de ziel, wordt er een deur van hoop geopend, zelfs in het dal van Achor. De Heilige Geest, Die niet geschonken zou zijn als Christus niet uit de doden was opgewekt en naar de Vader was gegaan, die Heilige Geest, zeg ik, komt nu en getuigt van Hem aan de ziel. Hij neemt de dingen die van Christus zijn, openbaart ze aan het hart en wekt het geloof op om op Hem te zien en in Hem te geloven als de Zoon van God. Zo wordt de ziel, naar de mate van de openbaring, overvloedig in de hoop, door de kracht van de Heilige Geest (Rom. 15:13).
Looft, looft met waar’ erkentenis
zijn naam, die hoog verheven is,
dewijl zijn wond’re Majesteit
door aard’ en hemel is verspreid!
Hij wou de hoorn, zo vol vermogen,
de roem van Israël verhogen.
Dat woont bij Hem, ’t heeft zingensstof:
looft God, zingt eeuwig ’s Heeren lof!
Psalm 148:7
Aan de lezer…
Ligt uw geweten soms onder een besef van schuld en veroordeling, zodat u geen uitweg meer ziet? Bedenk dan wat het zou zijn als Christus niet uit de doden was opgestaan: dan was er geen vergeving van zonde en bleef er niets over dan wanhoop. Maar Hij is opgestaan! God heeft daarmee Zijn zegel gezet op het offer van Zijn Zoon, en Hem krachtig verklaard de Zoon van God te zijn.
Daarom is er, zelfs in het dal van Achor, een deur van hoop geopend. De Heilige Geest getuigt van Hem aan de ziel, neemt wat van Christus is en openbaart het aan het hart. Bent u arm en moedeloos, zie dan op Hem en vraag of de Geest dat geloof in u wil opwekken. Dan wordt u, naar de mate van de openbaring, wedergeboren tot een levende hoop, en zult u met heel Gods volk de Heere eeuwig lof toezingen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Blessed be the God and Father of our Lord Jesus Christ, which according to his abundant mercy hath begotten us again unto a lively hope by the resurrection of Jesus Christ from the dead.
1 Peter 1:3
The resurrection of Jesus Christ was God’s grand attestation to the truth of His divine mission and Sonship, for by it He was “declared to be the Son of God with power.” It therefore set a divine stamp upon His sacrifice, blood shedding, and death; showed God’s acceptance of His offering; and that sin was thus forever put away. Now, just think what would have been the dreadful consequences if Christ had not been raised from the dead, or if we had no infallible proofs (Acts 1:3) of His resurrection. There would have been, there could have been no forgiveness of sin (1 Cor. 15:17); and therefore, when the conscience became awakened to a sense of guilt and condemnation, there could have been nothing before it but black and gloomy despair. But Christ being raised from the dead and having gone up on high to be the High Priest over the house of God, and the Holy Spirit bearing witness of this both in the Word and through the Word to the soul, a door of hope is opened even in the very valley of Achor. The Holy Spirit, Who would not have been given had not Christ risen from the dead and gone to the Father, now comes and testifies of Him to the soul, takes of the things which are His, reveals them to the heart, and raises up faith to look unto and believe in Him as the Son of God, and thus, according to the measure of the revelation, it abounds in hope through the power of the Holy Spirit (Rom. 15:13).
To the reader…
Does your conscience sometimes lie under a sense of guilt and condemnation, so that you see no way out any more? Then consider what it would mean if Christ had not risen from the dead: there would be no forgiveness of sin, and nothing would remain but despair. But He is risen! By this God has set His seal on the sacrifice of His Son and declared Him to be the Son of God with power.
That is why, even in the valley of Achor, a door of hope has been opened. The Holy Spirit testifies of Him to the soul, takes the things of Christ and reveals them to the heart. If you are poor and discouraged, look to Him and ask that the Spirit would raise up that faith in you. Then, according to the measure of the revelation, you will be begotten again unto a lively hope, and with all God’s people you will sing the Lord’s praise for ever.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Bendito el Dios y Padre del Señor nuestro Jesucristo, que según Su grande misericordia nos ha regenerado en esperanza viva, por la resurrección de Jesucristo de los muertos.
1 Pedro 1:3
La resurrección de Jesucristo fue el gran testimonio de Dios a la verdad de Su misión divina y de Su condición de Hijo, porque por ella fue “declarado Hijo de Dios con potencia”. Por tanto, puso un sello divino sobre Su sacrificio, Su derramamiento de sangre y Su muerte; mostró que Dios aceptaba Su ofrenda, y que así el pecado quedaba quitado para siempre. Ahora bien, piense usted cuáles habrían sido las terribles consecuencias si Cristo no hubiera resucitado de los muertos, o si no tuviéramos pruebas indubitables (Hechos 1:3) de Su resurrección. No habría habido, no podría haber habido perdón de pecados (1 Corintios 15:17); y por tanto, cuando la conciencia despertara al sentimiento de culpa y condenación, no podría haber tenido delante otra cosa que una desesperación negra y sombría. Pero habiendo resucitado Cristo de los muertos y habiendo subido a lo alto para ser el Sumo Sacerdote sobre la casa de Dios, y dando el Espíritu Santo testimonio de ello, tanto en la Palabra como por medio de la Palabra al alma, se abre una puerta de esperanza aun en el mismo valle de Acor. El Espíritu Santo, que no habría sido dado si Cristo no hubiera resucitado de los muertos y no hubiera ido al Padre, viene ahora y da testimonio de Él al alma, toma de lo Suyo, lo revela al corazón y levanta la fe para mirarle y creer en Él como el Hijo de Dios; y así, conforme a la medida de la revelación, el alma abunda en esperanza por la virtud del Espíritu Santo (Romanos 15:13).
Al lector…
¿Yace su conciencia a veces bajo un sentimiento de culpa y condenación, de modo que ya no ve salida? Considere entonces lo que significaría que Cristo no hubiera resucitado de los muertos: no habría perdón de pecados, y no quedaría sino la desesperación. ¡Pero Él ha resucitado! Con ello Dios ha puesto Su sello sobre el sacrificio de Su Hijo y le ha declarado Hijo de Dios con potencia.
Por eso, aun en el valle de Acor, se ha abierto una puerta de esperanza. El Espíritu Santo da testimonio de Él al alma, toma de lo que es de Cristo y lo revela al corazón. Si usted se siente pobre y desanimado, mire a Él y pida que el Espíritu levante en usted esa fe. Entonces, conforme a la medida de la revelación, será regenerado en esperanza viva, y con todo el pueblo de Dios cantará para siempre las alabanzas del Señor.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl
365 Dagen Met Philpot
Door Christus tot God gaan
Waarom Hij ook volkomenlijk kan zalig maken degenen, die door Hem tot God gaan, alzo Hij altijd leeft om voor hen te bidden.
Hebreeën 7:25
Als de Geest in u werkt, zult u zulke dingen in uw hart ervaren en zulke gewaarwordingen in uw geest hebben, en zullen de verzoekingen die u tegenkomt zódanig zijn, dat niets minder dan een Verlosser Die in staat is volkomenlijk zalig te maken, u kan verlossen uit uw hopeloze situatie en uit omstandigheden die voor uw gevoel totaal hopeloos en hulpeloos zijn. Het is heel belangrijk om tot dit punt te komen. Alle beproevingen, alle verzoekingen, alle ontmantelingen, alle verlatingen die hier niet op uitkomen, zijn waardeloos, omdat ze de ziel van God wegleiden. Maar de overtuigingen, de beproevingen, de verzoekingen, de ontmantelingen, de verlatingen die ons naar dit punt toe voeren — dat we niets hebben en niets kunnen doen, maar dat de Heere alleen alles moet doen — die hebben een gezegende uitwerking, omdat ze uiteindelijk Jezus heel dicht bij ons brengen.
De tekst verklaart dat „Hij hen volkomenlijk zalig kan maken”. Maar heeft Hij hen niet reeds gered? Lezen we niet: „Die ons heeft zalig gemaakt, en geroepen met een heilige roeping” (2 Tim. 1:9)? Verlossing is een gepasseerd feit. De uitverkorenen werden gered in de raad van God, toen hun namen in het Boek des Levens werden geschreven; en ze werden daadwerkelijk verlost toen de Verlosser aan het kruis stierf.
Maar ze worden in hun geweten verlost als er een blijk van verlossing van hun ziel is. En dit hebben al Gods kinderen meegemaakt, of ze verlangen ernaar om het mee te maken; en geen enkele ziel die dit verlangen koestert, zal de wereld verlaten voordat zij een blijk van deze verlossing in meer of mindere mate heeft ontvangen. Deze verlossing wordt zichtbaar als het de Heere des levens en der heerlijkheid belieft Zichzelf aan de ziel bekend te maken. En als de gezegende Geest de dingen van Christus aan het geweten openbaart, op dat moment wordt verlossing in het hart gebracht. Aldus zal het gehele levende „gezin” vroeg of laat ondervinden wat het betekent dat de Heere Jezus Christus hen volkomenlijk redt.
Lezen: Romeinen 4:13-5:2
Aan de lezer…
Hier staat een woord voor wie zich soms zo in het nauw gedreven voelt dat er voor zijn gevoel geen uitweg meer is. Zijn uw verzoekingen zó zwaar en uw omstandigheden zó hopeloos dat u niet meer weet hoe het verder moet? Wees dan niet al te zeer verschrikt. Juist zulke beproevingen kunnen de weg zijn waarlangs de Heere u tot dit gezegende punt brengt: dat u niets hebt en niets kunt doen, en dat Hij alleen alles moet doen.
Daar, waar alle eigen kracht ophoudt, wordt Jezus dicht bij de ziel gebracht. Hij kan volkomenlijk zalig maken degenen die door Hem tot God gaan, want Hij leeft altijd om voor hen te bidden. Verlangt u naar een blijk van die verlossing in uw eigen geweten? Houd dan aan bij Hem. Geen ziel die dat verlangen koestert, zal heengaan voordat de Heere Zich aan haar bekendmaakt en de gezegende Geest de dingen van Christus aan haar hart openbaart.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Waarom Hij ook volkomenlijk kan zalig maken degenen, die door Hem tot God gaan, alzo Hij altijd leeft om voor hen te bidden.
Hebreeën 7:25
Als de Geest in u werkt, zult u zulke dingen in uw hart ervaren en zulke gewaarwordingen in uw geest hebben, en zullen de verzoekingen die u tegenkomt zó zijn, dat niets minder dan een Verlosser Die volkomenlijk zalig kan maken, u kan verlossen uit uw hopeloze toestand en uit omstandigheden die voor uw gevoel volkomen hopeloos en hulpeloos zijn. Het is heel belangrijk om tot dit punt te komen. Alle beproevingen, alle verzoekingen, alle ontblotingen, alle verlatingen die hier niet op uitlopen, zijn waardeloos, omdat ze de ziel van God wegleiden. Maar de overtuigingen, de beproevingen, de verzoekingen, de ontblotingen en de verlatingen die ons tot dit punt brengen — dat we niets hebben en niets kunnen doen, maar dat de Heere alleen alles moet doen — die hebben een gezegende uitwerking, omdat ze Jezus uiteindelijk heel dicht bij ons brengen.
De tekst zegt dat „Hij hen volkomenlijk zalig kan maken”. Maar heeft Hij hen niet al zalig gemaakt? Lezen we niet: „Die ons heeft zalig gemaakt, en geroepen met een heilige roeping” (2 Tim. 1:9)? De verlossing is een voldongen feit. De uitverkorenen werden zalig gemaakt in de raad van God, toen hun namen in het Boek des Levens werden geschreven; en ze werden werkelijk verlost toen de Verlosser aan het kruis stierf.
Maar ze worden in hun geweten verlost wanneer er een blijk van de verlossing aan hun ziel wordt gegeven. Dit hebben al Gods kinderen ervaren, of ze verlangen ernaar het te ervaren; en geen enkele ziel die dit verlangen koestert, zal de wereld verlaten voordat zij in meerdere of mindere mate een blijk van deze verlossing heeft ontvangen. Deze verlossing wordt openbaar wanneer het de Heere des levens en der heerlijkheid behaagt Zichzelf aan de ziel bekend te maken. En wanneer de gezegende Geest de dingen van Christus aan het geweten openbaart, wordt op dat moment de verlossing in het hart gebracht. Zo zal het hele levende „gezin” vroeg of laat ondervinden wat het betekent dat de Heere Jezus Christus hen volkomenlijk zalig maakt.
Lezen: Romeinen 4:13-5:2
Aan de lezer…
Hier staat een woord voor wie zich soms zo in het nauw gedreven voelt dat er voor zijn gevoel geen uitweg meer is. Zijn uw verzoekingen zó zwaar en uw omstandigheden zó hopeloos dat u niet meer weet hoe het verder moet? Schrik dan niet te zeer. Juist zulke beproevingen kunnen de weg zijn waarlangs de Heere u tot dit gezegende punt brengt: dat u niets hebt en niets kunt doen, en dat Hij alleen alles moet doen.
Daar, waar alle eigen kracht ophoudt, wordt Jezus dicht bij de ziel gebracht. Hij kan volkomenlijk zalig maken degenen die door Hem tot God gaan, want Hij leeft altijd om voor hen te bidden. Verlangt u naar een blijk van die verlossing in uw eigen geweten? Houd dan aan bij Hem. Geen ziel die dat verlangen koestert, zal heengaan voordat de Heere Zich aan haar bekendmaakt en de gezegende Geest de dingen van Christus aan haar hart openbaart.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Wherefore He is able also to save them to the uttermost that come unto God by Him, seeing He ever liveth to make intercession for them.
Hebrews 7:25
If the Spirit is at work in you, you will experience such things in your heart and have such feelings in your spirit, and the temptations you meet with will be such, that nothing less than a Redeemer Who can save to the uttermost can deliver you out of your hopeless state and out of circumstances which to your feeling are utterly hopeless and helpless. It is very important to be brought to this point. All trials, all temptations, all strippings, all desertions which do not issue in this are worthless, because they lead the soul away from God. But the convictions, the trials, the temptations, the strippings and the desertions which bring us to this point — that we have nothing and can do nothing, but that the Lord alone must do all — these have a blessed effect, because in the end they bring Jesus very near to us.
The text says that “He is able to save them to the uttermost.” But has He not already saved them? Do we not read: “Who hath saved us, and called us with an holy calling” (2 Tim. 1:9)? Salvation is an accomplished fact. The elect were saved in the counsel of God, when their names were written in the Book of Life; and they were actually redeemed when the Redeemer died upon the cross.
But they are saved in their conscience when a manifestation of salvation is given to their soul. This all God’s children have experienced, or they long to experience it; and no soul that cherishes this desire will leave the world before it has received, in a greater or lesser degree, a manifestation of this salvation. This salvation is made manifest when it pleases the Lord of life and glory to make Himself known to the soul. And when the blessed Spirit reveals the things of Christ to the conscience, at that moment salvation is brought into the heart. So the whole living “family” will sooner or later experience what it means that the Lord Jesus Christ saves them to the uttermost.
Reading: Romans 4:13-5:2
To the reader…
Here is a word for anyone who sometimes feels so hard pressed that, to his feeling, there is no way out any more. Are your temptations so heavy and your circumstances so hopeless that you no longer know how to go on? Then do not be too alarmed. Such trials may be the very way by which the Lord brings you to this blessed point: that you have nothing and can do nothing, and that He alone must do all.
There, where all your own strength comes to an end, Jesus is brought near to the soul. He is able to save to the uttermost those who come unto God by Him, for He ever lives to make intercession for them. Do you long for a manifestation of that salvation in your own conscience? Then keep pressing on to Him. No soul that cherishes that desire will depart before the Lord makes Himself known to it and the blessed Spirit reveals the things of Christ to its heart.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Por lo cual puede también salvar eternamente a los que por Él se allegan a Dios, viviendo siempre para interceder por ellos.
Hebreos 7:25
Si el Espíritu obra en usted, experimentará tales cosas en su corazón y tendrá tales sentimientos en su espíritu, y las tentaciones que encuentre serán tales, que nada menos que un Redentor que puede salvar hasta lo sumo podrá librarle de su estado desesperado y de circunstancias que, a su sentir, son del todo desesperadas y sin remedio. Es muy importante ser llevado a este punto. Todas las pruebas, todas las tentaciones, todos los despojamientos, todos los abandonos que no desembocan en esto carecen de valor, porque apartan el alma de Dios. Pero las convicciones, las pruebas, las tentaciones, los despojamientos y los abandonos que nos llevan a este punto —que no tenemos nada y no podemos hacer nada, sino que solo el Señor debe hacerlo todo— tienen un efecto bendito, porque al fin nos acercan mucho a Jesús.
El texto dice que “puede salvar eternamente”. Pero ¿no los ha salvado ya? ¿No leemos: “Que nos salvó y llamó con vocación santa” (2 Tim. 1:9)? La salvación es un hecho consumado. Los elegidos fueron salvos en el consejo de Dios, cuando sus nombres fueron escritos en el Libro de la Vida; y fueron efectivamente redimidos cuando el Redentor murió en la cruz.
Pero son salvos en su conciencia cuando se da a su alma una manifestación de la salvación. Esto lo han experimentado todos los hijos de Dios, o anhelan experimentarlo; y ninguna alma que abriga este deseo dejará el mundo antes de haber recibido, en mayor o menor grado, una manifestación de esta salvación. Esta salvación se hace manifiesta cuando al Señor de la vida y de la gloria le place darse a conocer al alma. Y cuando el bendito Espíritu revela a la conciencia las cosas de Cristo, en ese momento la salvación es traída al corazón. Así toda la “familia” viviente experimentará tarde o temprano lo que significa que el Señor Jesucristo la salva hasta lo sumo.
Lectura: Romanos 4:13-5:2
Al lector…
He aquí una palabra para cualquiera que a veces se siente tan apretado que, a su sentir, ya no hay salida. ¿Son sus tentaciones tan pesadas y sus circunstancias tan desesperadas que ya no sabe cómo seguir? Entonces no se alarme demasiado. Tales pruebas pueden ser precisamente el camino por el cual el Señor le lleva a este punto bendito: que usted no tiene nada y no puede hacer nada, y que solo Él debe hacerlo todo.
Allí, donde se acaba toda su propia fuerza, Jesús es acercado al alma. Él puede salvar eternamente a los que por Él se allegan a Dios, viviendo siempre para interceder por ellos. ¿Anhela usted una manifestación de esa salvación en su propia conciencia? Entonces siga avanzando hacia Él. Ninguna alma que abriga ese deseo partirá antes de que el Señor se le dé a conocer y el bendito Espíritu revele a su corazón las cosas de Cristo.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl
Door Baca's Vallei
Uw Woord is een lamp voor mijn voet en een licht voor mijn pad.
Psalm 119:105
O, wat een verandering vindt er in de gewaarwording der ziel plaats ten opzichte van het Woord van God, wanneer het God behaagt het Woord levendig te maken! Ook behoeven wij ons niet te verwonderen waarom er zulk een opmerkelijke verandering in onze gewaarwording plaatsheeft, want het is door de kracht van Gods Woord in het hart dat deze wonderlijke verandering wordt voortgebracht. „Naar Zijn wil heeft Hij ons gebaard, door het Woord der waarheid” (Jak. 1:18). Andere boeken mogen ons onderwijzen of vermaken; zij mogen het verstand voeden, de verbeelding bekoren en het gemoed verbeteren. Maar wat kunnen zij meer doen?
Ik bedoel hier niet elk boek buiten de Bijbel te verachten of terzijde te leggen, want zonder boeken kan de maatschappij, zoals zij heden is ingericht, niet bestaan, en elk boek te verbranden zou ons terugvoeren naar het barbaarse van de middeleeuwen. Laat dan de boeken ten opzichte van dit leven hun plaats behouden; maar wat kunnen zij ons bijbrengen met betrekking tot het toekomende leven? Wat kunnen onze vermaarde auteurs, onze uitgelezen klassieken, onze geleerde historieschrijvers of onze welsprekendste dichters voor onze ziel doen ten tijde van verdrukking en ellende? Hoe machteloos staan alle menselijke geschriften in deze omstandigheden! Is het niet zoals Hart zegt:
Zal ooit de wetenschap het klaren,
Een smartend harte te bedaren?
Zal redekunst dit ooit vermogen
En ’t treurig hart de tranen drogen?
Nu, hier is de zegen van het Woord van God. Dit is het, dat, wanneer alles neen zegt, ons onder alle omstandigheden komt ondersteunen, zodat wij nooit kunnen zinken beneden het bereik van de een of andere belofte in het Woord der waarheid. Wij mogen komen, en zullen meer dan waarschijnlijk komen, op een plaats waar alles ons ontvallen zal, behalve het Woord van God, hetwelk voor eeuwig in de hemelen bevestigd is. Dan strekt het Woord der belofte en waarheid zich uit tot het ergste geval. Want het Woord der belofte, waarop de Heere de ziel doet hopen, zal zich tot ons wenden met een vriendelijke toeknik en zal ons onder alle omstandigheden vriendelijk aanmoedigen om de Naam des Heeren aan te roepen, opdat wij ons zouden verlaten op Zijn getrouwheid, Die gezegd heeft: „Hemel en aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen geenszins voorbijgaan.”
Dus onder de omstandigheden die het meest strijdig zijn tegen vlees en bloed, waar de natuur ontsteld staat en de rede bezwijkt, komt het Woord Gods in als een raadsman met een vriendelijke raad; gelijk een gezel, die de geest ophoudt en ondersteunt door zijn tedere genegenheid; of gelijk een vriend, die naar het hart komt spreken met een beminnelijke en vriendelijke stem. Het verwondert ons dan ook niet hoezeer door alle eeuwen heen het Woord van God door Gods volk gewaardeerd is. Want het is met zulk een oneindige wijsheid geschreven, dat het aan elk geval tegemoetkomt, op elke omstandigheid past, elke ledigheid vervult en toegepast wordt in alle omstandigheden des levens en in elke omstandigheid van lichaam en ziel.
Aan de lezer…
Bent u, lezer, op een plaats gekomen waar alles u ontvalt? Kunnen geen boek, geen geleerdheid en geen welsprekend woord uw smartend hart tot bedaren brengen? Dan staat u juist daar waar het Woord van God zijn kracht betoont. Want Gods Woord reikt tot het ergste geval, en geen ziel kan zo diep zinken dat zij beneden het bereik van de een of andere belofte komt.
Waar de natuur ontsteld staat en de rede bezwijkt, komt dat Woord als een raadsman, als een tedere gezel, als een vriend die tot het hart spreekt. Het nodigt u vriendelijk de Naam des Heeren aan te roepen en u te verlaten op Zijn getrouwheid. Hemel en aarde zullen voorbijgaan, maar Zijn woorden zullen geenszins voorbijgaan. Vraag Hem dan dat Hij Zijn Woord in uw hart levendig maakt; dan zal het u een lamp voor uw voet en een licht voor uw pad zijn.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Uw Woord is een lamp voor mijn voet en een licht voor mijn pad.
Psalm 119:105
O, wat verandert het besef van de ziel ten aanzien van het Woord van God, wanneer het God behaagt het Woord levend te maken! We hoeven ons ook niet te verwonderen waarom er zo’n opmerkelijke verandering in ons besef plaatsvindt, want het is door de kracht van Gods Woord in het hart dat deze wonderlijke verandering wordt teweeggebracht. „Naar Zijn wil heeft Hij ons gebaard, door het Woord der waarheid” (Jak. 1:18). Andere boeken kunnen ons onderwijzen of vermaken; zij kunnen het verstand voeden, de verbeelding bekoren en het gemoed verbeteren. Maar wat kunnen zij meer doen?
Ik bedoel hier niet ieder boek buiten de Bijbel te verachten of opzij te leggen, want zonder boeken kan de samenleving, zoals die nu is ingericht, niet bestaan, en ieder boek verbranden zou ons terugvoeren naar de barbaarsheid van de middeleeuwen. Laat de boeken dan hun plaats houden wat dit leven betreft; maar wat kunnen zij ons leren over het toekomende leven? Wat kunnen onze beroemde schrijvers, onze uitgelezen klassieken, onze geleerde geschiedschrijvers of onze welsprekendste dichters voor onze ziel doen in tijden van verdrukking en ellende? Hoe machteloos staan alle menselijke geschriften in zulke omstandigheden! Is het niet zoals Hart zegt:
Zal ooit de wetenschap het klaren,
Een smartend harte te bedaren?
Zal redekunst dit ooit vermogen
En ’t treurig hart de tranen drogen?
Welnu, hier ligt de zegen van het Woord van God. Dit is het wat ons onder alle omstandigheden komt ondersteunen wanneer al het andere nee zegt, zodat wij nooit kunnen wegzinken tot onder het bereik van de een of andere belofte in het Woord der waarheid. Wij kunnen komen, en zullen meer dan waarschijnlijk ook komen, op een plaats waar alles ons ontvalt, behalve het Woord van God, dat voor eeuwig in de hemelen bevestigd is. Dan reikt het Woord van belofte en waarheid tot het ergste geval. Want het Woord van de belofte, waarop de Heere de ziel laat hopen, zal zich met een vriendelijke blik tot ons wenden. Het zal ons onder alle omstandigheden vriendelijk aanmoedigen om de Naam van de Heere aan te roepen, zodat wij ons zouden verlaten op Zijn trouw, Hij Die gezegd heeft: „Hemel en aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen geenszins voorbijgaan.”
Dus in de omstandigheden die het meest tegen vlees en bloed ingaan, waar de natuur ontsteld staat en het verstand bezwijkt, komt het Woord van God binnen als een raadsman met een vriendelijke raad; als een metgezel die de geest staande houdt en ondersteunt door zijn tedere genegenheid; of als een vriend die tot het hart komt spreken met een lieve en vriendelijke stem. Het verwondert ons dan ook niet hoezeer Gods volk door alle eeuwen heen het Woord van God gewaardeerd heeft. Want het is met zo’n oneindige wijsheid geschreven dat het aan elk geval tegemoetkomt, bij elke omstandigheid past, elke leegte vult en toegepast wordt in alle omstandigheden van het leven en in elke situatie van lichaam en ziel.
Aan de lezer…
Bent u op een plaats gekomen waar alles u ontvalt? Kunnen geen boek, geen geleerdheid en geen welsprekend woord uw smartend hart tot bedaren brengen? Dan staat u juist daar waar het Woord van God zijn kracht toont. Want Gods Woord reikt tot het ergste geval, en geen ziel kan zo diep wegzinken dat zij onder het bereik van de een of andere belofte komt.
Waar de natuur ontsteld staat en het verstand bezwijkt, komt dat Woord als een raadsman, als een tedere metgezel, als een vriend die tot het hart spreekt. Het nodigt u vriendelijk uit de Naam van de Heere aan te roepen en u te verlaten op Zijn trouw. Hemel en aarde zullen voorbijgaan, maar Zijn woorden zullen geenszins voorbijgaan. Vraag Hem dan of Hij Zijn Woord in uw hart levend wil maken; dan zal het voor u een lamp voor uw voet en een licht voor uw pad zijn.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Thy Word is a lamp unto my feet, and a light unto my path.
Psalm 119:105
O what a change takes place in the soul’s feelings toward the Word of God when God is pleased to quicken it into divine life! Nor, indeed, need we wonder why there is such a marked revolution in our feelings toward it; for it is by the power of God’s Word upon the heart that this wondrous change is effected. “Of His own will He begat us with the word of truth” (James 1:18). Other books may instruct or amuse; they may feed the intellect, charm the imagination, and cultivate the mind. But what more can they do?
I do not mean by this to despise or set aside every other book but the Bible, for without books society itself, as at present constituted, could not exist; and to burn every book would be to throw us back into the barbarism of the Middle Ages. Let, then, books have their place as regards this life; but what can they do for us as regards the life to come? What can our renowned authors, our choice classics, our learned historians, our great dramatists, or our eloquent poets do for the soul in seasons of affliction and distress? How powerless all human writings are in these circumstances. Is it not as Hart well says—
“What balm could wretches ever find
In wit, to heal affliction?
Or who can cure a troubled mind
With all the pomp of diction?”
Now here is the blessedness of the Word of God, that when everything else fails, that comes to our aid under all circumstances, so that we can never sink so low as to get beyond the reach of some promise in the word of truth. We may come, and most probably shall come, to a spot where everything else will fail and give way but the Word of God which forever is settled in heaven. Then the word of grace and truth which reaches down to the lowest case, the word of promise upon which the Lord causes the soul to hope, will still turn towards us a friendly smile, and still encourage us under all circumstances to call upon the name of the Lord, and to hang upon His faithfulness Who has said, “Heaven and earth shall pass away, but My words shall not pass away.”
Thus, under circumstances the most trying to flesh and blood, where nature stands aghast and reason fails, there the Word of God will come in as a counselor to drop in friendly advice, as a companion to cheer and support the mind by its tender sympathy; and as a friend to speak to the heart with a loving, affectionate voice. We need not wonder, then, how the Word of God has been prized in all ages by the family of God; for it is written with such infinite wisdom, that it meets every case, suits every circumstance, fills up every aching void, and is adapted to every condition of life and every state both of body and soul.
To the reader…
Have you come to a place where everything fails you? Can no book, no learning and no eloquent word calm your aching heart? Then you are standing exactly where the Word of God shows its power. For God’s Word reaches down to the lowest case, and no soul can sink so deep as to get beyond the reach of some promise.
Where nature stands aghast and reason fails, that Word comes as a counsellor, as a tender companion, as a friend who speaks to the heart. It kindly invites you to call upon the Name of the Lord and to rely on His faithfulness. Heaven and earth shall pass away, but His words shall not pass away. Ask Him, then, to make His Word living in your heart; then it will be to you a lamp unto your feet and a light unto your path.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Lámpara es a mis pies tu palabra, y lumbre a mi camino.
Salmo 119:105
¡Oh, qué cambio se produce en los sentimientos del alma hacia la Palabra de Dios cuando a Dios Le place vivificarla a la vida divina! Y en verdad no hay por qué asombrarse de que haya una revolución tan marcada en nuestros sentimientos hacia ella; porque es por el poder de la Palabra de Dios sobre el corazón como se efectúa este cambio maravilloso. “Él, de su voluntad nos ha engendrado por la palabra de verdad” (Santiago 1:18). Otros libros pueden instruir o entretener; pueden alimentar el intelecto, cautivar la imaginación y cultivar la mente. Pero ¿qué más pueden hacer?
No quiero decir con esto que se deba despreciar o dejar a un lado todo otro libro aparte de la Biblia, pues sin libros la sociedad misma, tal como está constituida actualmente, no podría existir; y quemar todos los libros sería arrojarnos de nuevo a la barbarie de la Edad Media. Tengan, pues, los libros su lugar en lo que toca a esta vida; pero ¿qué pueden hacer por nosotros en lo que toca a la vida venidera? ¿Qué pueden hacer nuestros autores renombrados, nuestros clásicos selectos, nuestros historiadores eruditos, nuestros grandes dramaturgos o nuestros poetas elocuentes por el alma en tiempos de aflicción y angustia? ¡Qué impotentes son todos los escritos humanos en tales circunstancias! ¿No es como bien dice Hart:
“¿Qué bálsamo hallaron jamás los desdichados
en el ingenio, para sanar la aflicción?
¿O quién puede curar una mente turbada
con toda la pompa de la elocuencia?”
Ahora bien, he aquí la bienaventuranza de la Palabra de Dios: que cuando todo lo demás falla, ella acude en nuestra ayuda en todas las circunstancias, de modo que nunca podemos hundirnos tan bajo que quedemos fuera del alcance de alguna promesa de la palabra de verdad. Podemos llegar, y muy probablemente llegaremos, a un lugar donde todo lo demás fallará y cederá, excepto la Palabra de Dios, que para siempre permanece en los cielos. Entonces la palabra de gracia y de verdad, que desciende hasta el caso más bajo, la palabra de promesa con la cual el Señor hace esperar al alma, todavía nos volverá una sonrisa amiga, y todavía nos animará en todas las circunstancias a invocar el nombre del Señor y a depender de la fidelidad de Aquel que ha dicho: “El cielo y la tierra pasarán, mas mis palabras no pasarán”.
Así, en las circunstancias más duras para la carne y la sangre, donde la naturaleza queda espantada y la razón falla, allí vendrá la Palabra de Dios como un consejero para dar un consejo amistoso, como un compañero para alegrar y sostener la mente con su tierna simpatía, y como un amigo para hablar al corazón con voz amorosa y afectuosa. No hay por qué asombrarse, pues, de cuánto ha sido estimada la Palabra de Dios en todas las épocas por la familia de Dios; porque está escrita con sabiduría tan infinita que responde a todo caso, conviene a toda circunstancia, llena todo vacío doloroso y se adapta a toda condición de vida y a todo estado del cuerpo y del alma.
Al lector…
¿Ha llegado usted a un lugar donde todo le falla? ¿No puede ningún libro, ningún saber ni ninguna palabra elocuente calmar su corazón dolorido? Entonces está precisamente allí donde la Palabra de Dios muestra su poder. Porque la Palabra de Dios desciende hasta el caso más bajo, y ningún alma puede hundirse tan hondo que quede fuera del alcance de alguna promesa.
Donde la naturaleza queda espantada y la razón falla, esa Palabra viene como un consejero, como un tierno compañero, como un amigo que habla al corazón. Le invita amablemente a invocar el Nombre del Señor y a confiar en Su fidelidad. El cielo y la tierra pasarán, mas Sus palabras no pasarán. Pídale, pues, que haga viva Su Palabra en su corazón; entonces será para usted lámpara a sus pies y lumbre a su camino.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl