Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

9 Juni – Door Baca’s Vallei

Want wij, die geloofd hebben, gaan in de rust. Hebreeën 4:3

Rusten is op iets leunen, nietwaar? Zo is het ook op geestelijk terrein. Wij hebben nodig op iets te leunen. De Heere Zelf heeft ons dit zinnebeeld gegeven: „Wie is zij, die daar opklimt uit de woestijn, en liefelijk leunt op haar Liefste?” Het zinnebeeld van een rots, waarop de kerk gebouwd is, het fundament, dat God in Sion gelegd heeft, wijst ook «daarhenen, dat wil zeggen, het ziet op leunen, of wel op afhankelijkheid. Welnu, wanneer de ziel komt te leunen op Jezus, en geheel en alleen van Hem afhangt, treedt zij in de liefelijkheid van de uitnodiging, die Hij tot haar richt. Hebben wij niet geleund op duizend andere dingen? En wat hebben zij bewezen te zijn? Gebroken rietstaven, die onze handen doorboren. Onze eigen sterkte en onze eigen voornemens, de wereld en de kerk, zondaren en heiligen, vrienden en vijanden, hebben deze allen niet meer of minder bewezen, dat zij gebroken rietstaven zijn? Hoe meer wij daarop hebben geleund, hoe meer onze ziel, evenals een man, die op zijn zwaard Jeunt, daarmede doorstoken geworden is. De Heere Zelf moet ons spenen van de wereld, van vrienden, van vijanden, van onszelf, teneinde wij zouden leunen op Hem; en elk steunsel zal Hij vroeger of later wegnemen, opdat wij geheel en alleen zouden leunen op Zijn Persoon, op Zijn liefde, bloed en gerechtigheid. Maar er is een ander begrip van rust, namelijk „einde”. Wanneer wij wandelen, lopen, of ons van het één naar het ander begeven, dan gaan wij steeds voorwaarts, wij hebben het einde van onze reis nog niet bereikt, doch zijn wij eenmaal aan het eind gekomen, dan rusten wij. Zo is het ook op geestelijk terrein. Zo lang wij ons bezig houden met onze eigen gerechtigheid op te richten, zo lang wij arbeiden onder de wet, is er geen eind van onze arbeid. Maar komen wij tot de heerlijke Persoon van de Zoon van God, wanneer wij ons verlaten op Zijn verzoenend bloed, Zijn stervende liefde en heerlijke gerechtigheid, en bevinden wij deze zoet, dierbaar en gepast, dan genieten wij daar de rust. „Wij, die geloofd hebben, gaan in de rust”, zegt de apostel. Zijn wettische werken zijn alle bepaald. Zijn hoop en verwachting bepalen zich op Jezus, als het middelpunt; zij eindigen in Hem, gelijk een rivier, die zich in de onbegrensde oceaan ontlast.

Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

Donatie

Welkom op deze website. Hier vindt u de Bijbelse dagboeken "Korenaren uit de volle oogst" "Door Baca's Vallei" en "365 Dagen Met Philpot" van J.C. Philpot.

J.C. Philpot

Philpot werd geboren in Ripple in het Engelse graafschap Kent, iets ten noorden van Dover. Hij studeerde in Londen en in Oxford en werd op 26-jarige leeftijd in Stadhampton bevestigd tot predikant van de Kerk van Engeland.

Na een lange 'worsteling' onttrok Philpot zich in 1835 aan de staatskerk. Hij schrijft daarover in één van zijn preken: Ik verlaat de Kerk van Engeland omdat ik in haar nauwelijks een merkteken van de ware kerk bespeuren kan. Hij sloot zich aan de baptistengemeenten, die later de Gospel Standard Strict Baptists zouden worden genoemd. Philpot was een van de eerste redacteuren van het kerkblad The Gospel Standard.

In 1838 werd Philpot predikant van de Strict Baptist-gemeenten Stamford en Oakham. Zijn laatste levensjaren bracht hij door in de Londense buitenwijk Croydon. Hij stierf eind 1869. Joseph Charles Philpot ligt begraven op de Algemene Begraafplaats aan de Queens Road in Croydon.