Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · vandaag
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun
Vandaag

3 min. lezen

En van onder eeuwige armen.
Deuteronomium 33:27

De eeuwige armen van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, de Goddelijke Jehova, zijn onder ieder van Zijn kinderen. En omdat die armen onder hen zijn, kunnen zij er nooit doorheen of uit vallen, maar worden zij erdoor gedragen, gesteund en meegevoerd, totdat zij komen in de eeuwige vreugde van een Drie-enig God. Als deze „eeuwige armen” niet onder een mens waren, dan is zijn hart zo vol bedrog, zijn verdorven natuur zo vreselijk goddeloos, legt satan zoveel strikken voor zijn voet, en is elke stap die hij zet door zo veel gevaren omringd, dat hij onherroepelijk zou moeten omkomen. Maar wat wij moeten voelen, is dat Zijn armen onder ons zijn.

De leer van de „eeuwige armen” onder ons zal onze ziel niet bevredigen als wij voelen dat wij vademen diep zinken. Als wij blijven zinken en nog steeds zinken, en soms vrezen dat wij ten slotte in de hel terecht zullen komen, dan kan de blote leer dat de „eeuwige armen” onder Gods volk zijn, ons niet bevredigen. Wij moeten ze onder ons voelen, zodat wij erop kunnen rusten, de vreugde kunnen smaken erop te steunen, en er eens uit kunnen komen. Hoe veilig ligt de zuigeling in de armen van zijn moeder, zolang hij kan voelen dat die armen zijn lichaam raken en steunen! Maar zodra de moeder haar arm wegneemt, wordt het kindje bang en schreeuwt het van angst; zolang het de druk van de armen van de moeder voelt, slaapt het kalm en rustig door.

Zo is het ook met levende zielen. Als zij „de eeuwige armen” niet onder zich kunnen vinden, kunnen zij niet rusten in de leer alleen dat God Zijn kerk draagt. Maar als zij voelen dat zij gedragen worden, als zij te midden van moeite, droefheid, smart en verzoeking werkelijk tastbaar op de eeuwige armen leunen, en hun een tastbare steun gegeven wordt, dan kunnen zij daarin kalm en tevreden rusten.

„Mijn hand zal, hoe ’t ook ga, hem sterken dag en nacht,
mijn arm zal hem in nood voorzien van moed en kracht.
De vijand zal hem nooit door wreev’le handelingen,
door list of hels bedrog, in uiterst’ engten dringen;
de booswicht zal ’t geweld nooit tegen hem gelukken,
noch in- noch uitlands vorst zijn zetel onderdrukken.”

Ps. 89:10

Aan de lezer…

Bestreden ziel, zinkt u vademen diep, en vreest u soms dat u ten slotte verloren zult gaan? Dan weet u dat de blote leer van de eeuwige armen u niet kan bevredigen. U kunt wel belijden dat God Zijn kerk draagt, en toch schreeuwt uw ziel als een kind dat de arm van zijn moeder niet meer voelt. Schaam u daar niet voor; zo is het met levende zielen.

Want het is niet genoeg dat de leer waar is; u moet de eeuwige armen onder u voelen. Roep dan tot Hem, Die de Vader, de Zoon en de Heilige Geest is, dat Hij u te midden van moeite, droefheid en verzoeking werkelijk op Hem laat leunen. Zijn armen zijn onder ieder van Zijn kinderen, en wie Hij draagt, kan er nooit doorheen of uit vallen. Voelt u hun druk, dan zult u kalm en rustig doorslapen als een zuigeling aan het hart van zijn moeder.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl