Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

365 dagen met Philpot

14 maart

Het gebed van Salomo

Vandaag

3 min. lezen

Wanneer zij gezondigd zullen hebben tegen U (want geen mens is er, die niet zondigt), en Gij tegen hen vertoornd zult zijn, (…) en zij zich tot U bekeren met hun ganse hart en met hun ganse ziel (…), hoor dan uit de hemel.
2 Kron. 6:36-39

Nu kom ik bij een geval waarover Salomo spreekt, dat naar mijn mening overeenkomt met wat velen van Gods kinderen meemaken. Want de schoonheid van dit gebed is dat het op bijna iedereen van toepassing is: „Wanneer zij gezondigd zullen hebben tegen U (want geen mens is er, die niet zondigt), en Gij tegen hen vertoornd zult zijn, en hen leveren zult voor het aangezicht des vijands, dat degenen, die hen gevangen hebben, hen gevankelijk wegvoeren in een land, dat verre of nabij is” (v. 36). Dit is het geval van een arme ziel die door de zonde gevangengenomen wordt.

Hoe staat het tussen u en de zonde? Bent u vrij van zonde? Als dat zo is, dan heeft Salomo zich hier ernstig vergist, want hij zegt: „Geen mens is er, die niet zondigt.” Als er dus geen mens vrij is van zonde, wie kan dan beweren dat hij ervan gevrijwaard is? Daar draait het om. De meeste mensen weten niet wat zonde is. Ze zien haar niet in Gods licht; ze kennen het kwaad van hun hart niet; ze ervaren niet wat de apostel noemt „de zonde die in hen woont”; ze kennen haar bewegingen en werkingen in hun hart niet.

Maar iedereen die door God onderwezen is, zonder uitzondering, weet wat de zonde is en voelt het ook. En sommigen ervaren ook dat ze door de zonde gevangengenomen worden, dat hun vijanden de overhand krijgen en hen wegvoeren in slavernij en gevangenschap. Laat mij u deze zaak eens voorleggen. Zondigt u nooit? „Ik moet bekennen,” antwoordt u, „dat ik wel zondig. Ja, er gaat geen dag voorbij, geen uur in mijn leven, waarin ik vrij van zonde ben.”

Welnu, laat mij u dan een vraag stellen. Hoe voelt u zich wanneer de zonde u verstrikt en overwonnen heeft? Geen schuld? Geen angst? Geen slavernij? Geen duisternis? Geen gevangenschap? Geen gekerm? Geen gezucht? Als dat zo is, waar, waar is dan het leven van God in uw ziel? Waar, waar is de vreze van God in uw hart? Waar, waar is de gevoeligheid van uw geweten?

Dus als niemand ervan vrij kan zijn, moet u wel in meerdere of mindere mate in slavernij gebracht zijn. Dat is mij zo helder als twee en twee vier is. Welnu, zij worden gevankelijk weggevoerd in een land, dat ver of nabij is.

Lezen: Psalm 14

Aan de lezer…

Deze woorden stellen u een ernstige vraag: hoe staat het tussen u en de zonde? Salomo zegt het zonder omwegen: „Geen mens is er, die niet zondigt.” Dat geldt ook voor u en voor mij. Maar de vraag is niet alleen óf u zondigt, maar wat u voelt wanneer de zonde u verstrikt en overwonnen heeft. Kent u de schuld, de angst, het gekerm en het gezucht van een gevangen ziel?

Als dat zo is, wees dan niet helemaal ontmoedigd. Die smart is geen teken dat het leven van God ontbreekt, maar juist dat het er is; de vreze van God in het hart en de gevoeligheid van het geweten maken dat u de gevangenschap voelt. Laat haar u dan doen roepen tot Hem tot Wie Salomo bad: „Hoor dan uit de hemel.” Wie zich met heel zijn hart en heel zijn ziel tot de Heere bekeert, vindt bij Hem een oor dat hoort en een hand die bevrijdt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl