Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

7 november Korenaren uit de volle oogst

Hiertoe is de Zone Gods geopenbaard, opdat Hij de werken des duivels verbreken zoude.
1 Johannes 3:8

De zonde in de mens zal niet volledig vernietigd worden voordat het lichaam in het graf zinkt en de ziel opstijgt om bij haar Heere te zijn. Evenmin zullen haar gevolgen in het lichaam volledig vernietigd worden vóór de morgen van de opstanding, wanneer het lichaam uit het sluimerende stof zal worden opgewekt en veranderd in het heerlijke beeld van het lichaam van de Zoon van God, een passende metgezel voor de onsterfelijke ziel. Dan zal de overwinning volkomen zijn. Dan zal Christus verschijnen, stralend met de glans van miljoenen zonnen; dan zal de Zoon van God heerlijk geopenbaard worden en zullen de werken van de duivel geheel verbroken worden. Het lied van de hemel, het grote onderwerp van eeuwige aanbidding, zal de openbaring zijn van de Zoon van God, om de werken van de duivel te verbreken.

De verlosten zullen van de transen van de hemel neerzien en de werken aanschouwen die door satan zijn verricht. Zij zullen miljoenen wezens, zoals zij zelf waren, verwezen zien naar de eeuwige rampzaligheid, zich wentelend in de hel, terwijl zij zichzelf geborgen zien in de armen van de eeuwige liefde. Zij zullen de Zoon van God zien van aangezicht tot aangezicht, aan hun ogen geopenbaard in zo’n hartverrukkende heerlijkheid, waarvan de drie discipelen op de Thabor slechts een zwakke, flauwe glimp zagen. Het zal hun vreugde zijn Hem te zien zoals Hij is.

Hij zal Zijn menselijke natuur altijd dragen; die zal Hij nooit afleggen. Zij zal altijd stralen met alle heerlijkheid van de Godheid. Zij zal het voorwerp zijn van eeuwige bewondering en liefde, en naar die heerlijkheid van de Godmens zullen alle gezaligden steeds zien, en haar aanbidden. Want de zonde zal in hen niet meer bestaan; zij zullen gelijkvormig gemaakt zijn aan het verheerlijkte beeld van de Zoon van God en voor eeuwig de grote overwinning van het kruis vieren.

Door ’s Hoogsten arm ’t geweld onttogen,
zal ik, genoopt tot dankbaarheid,
verschijnen voor Zijn heilig’ ogen
met offers, aan Hem toegezeid.
Ik zal, nu ik mag ademhalen
na zoveel bange tegenspoed,
al mijn geloften U betalen,
U, Die in nood mij hebt behoed.

Ps. 66:6

Aan de lezer…

Wie soms zucht onder de zonde die nog in hem woont, vraagt zich af waarom zij niet eens en voorgoed wordt uitgeroeid. Hier wordt u eerlijk gezegd dat de zonde niet volledig vernietigd wordt voordat het lichaam in het graf zinkt. U zult dus strijd hebben zolang u hier bent. Maar laat dat u niet de moed doen verliezen, want hiertoe is de Zoon van God geopenbaard: om de werken van de duivel te verbreken.

Er komt een morgen waarop de overwinning volkomen zal zijn. Dan zal het lichaam uit het stof worden opgewekt en veranderd in het heerlijke beeld van Zijn lichaam, en zullen de verlosten Hem zien zoals Hij is, van aangezicht tot aangezicht. Wat de drie discipelen op de Thabor slechts flauw zagen, zult u dan in volle heerlijkheid aanschouwen. Houd daarom moed in de strijd; Hij Die u verlost heeft, zal Zijn werk voleindigen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

7 november 365 dagen met Philpot

Een hoog vertrek

En de HEERE zal een Hoog Vertrek zijn voor de verdrukte, een Hoog Vertrek in tijden van benauwdheid. En die Uw Naam kennen, zullen op U vertrouwen, omdat Gij, HEERE, niet hebt verlaten degenen die U zoeken.
Psalm 9:10-11

Hoe moet men zoeken? U bidt, u zucht, u roept, u kermt, u onderzoekt de Heilige Schrift, u luistert naar het Woord. Uw arme hart schreeuwt soms naar de Heere zoals een hert schreeuwt naar de waterstromen (Ps. 42). U roept om een zoete openbaring van het bloed van Jezus aan uw geweten. Soms twijfelt u, soms bent u bang; soms hebt u hoop, soms bent u wanhopig; soms bent u opgewekt, soms terneergeslagen; soms voelt u dat u een kind van God bent, soms gelooft u dat u een kind van de duivel bent. En toch gaat u verder.

U kunt niet tevreden rusten, zoals duizenden doen, in een naam dat u leeft, in vormelijke vroomheid, in de buitenkant van de godsdienst. Iets levends, iets innerlijks, iets bevindelijks, iets verlossends, door de Heilige Geest in uw hart en geweten geopenbaard: u weet dat dit het wezen van de levende godsvrucht is. En als u dat niet hebt, beseft u dat u niets hebt. U kunt niet leven met iets wat minder is dan dit. U kunt niet rusten op uiterlijke beginselvastheid. U kunt niet in eigen kracht geloven. U kunt uw hoofd niet volstoppen met rechtzinnige leerstellingen en rusten in een schriftuurlijke geloofsbelijdenis.

Als u Jezus niet in uw hart en in uw armen hebt, hebt u niets en beseft u dat u niets hebt. En dat stelt uw geest vaak op de proef. U krijgt geen heerlijke aanblik van Jezus en kunt Hem niet met tedere liefde en kracht in uw hart voelen komen. Hij wil niet spreken. Hij wil geen vrede fluisteren. Hij wil u niet zeggen dat u de Zijne bent. Hij wil uw wonden niet verbinden. Hij wil Zich niet openbaren in de openbaringen van Zijn barmhartigheid. Dat stelt u op de proef.

Het is goed dat dit gebeurt, want het wekt uw verlangen naar goddelijke dingen op. Het doet u hongeren en dorsten naar de gerechtigheid. Het maakt u moe, en daarom wilt u rusten. Het brengt u in verwarring, en daarom hebt u troost nodig. Het verbijstert u, en daarom snakt u naar een goddelijke oplossing voor uw moeiten. Het maakt u leeg, en daarom verlangt u ernaar door God vervuld te worden.

Lezen: 2 Kronieken 15

Aan de lezer…

Er zijn dagen van hoop en dagen van wanhoop, dagen waarin u denkt dat u een kind van God bent, en dan weer dagen waarin u vreest dat u het niet bent. En toch gaat u verder. U kunt niet rusten in een naam dat u leeft, in vormelijke vroomheid of in een hoofd vol rechtzinnige leer. Hebt u Jezus niet in uw hart en in uw armen, dan beseft u dat u niets hebt.

Zwijgt Hij nu, fluistert Hij geen vrede en verbindt Hij uw wonden nog niet, houd dan toch aan met bidden, zuchten en roepen. Het is goed dat dit u op de proef stelt. Juist zo maakt Hij u leeg, zodat u verlangt door God vervuld te worden; juist zo doet Hij u hongeren en dorsten naar de gerechtigheid. Want omdat Hij niet verlaten heeft degenen die Hem zoeken, is uw honger geen vergeefse honger.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

7 november Door Baca’s vallei

Mijn volk waren verloren schapen.
Jeremia 50:6

Wanneer God de Heilige Geest met een ziel een begin maakt, gaat het zoals met de vingers van een mensenhand die een vonnis van veroordeling schreven op de muur van het paleis van de koning van Babel. Zo schrijft de gezegende Geest het woord „verloren” op het geweten van elk vat van genade. En wanneer Hij dit woord met kracht in hun geweten heeft gedrukt, dragen zij het met zich mee alsof het in vurige letters geschreven is. De indruk daarvan kan ook nooit worden uitgewist, totdat hij door het verzoenend bloed van de Middelaar wordt uitgewist. Zo worden door het onderwijs van de Heilige Geest in het geweten van de uitverkorenen de woorden „verloren, verloren, verloren” op de tafel van hun hart geschreven. „Verloren, verloren, verloren” is de uitroep van hun lippen; „verloren, verloren, verloren” ligt op de bodem van de ziel.

Er is geen kind van God dat niet min of meer kan zeggen wat „verloren” betekent. Niemand werd ooit in de armen van de hemelse Schaapherder opgenomen, op de bergen en heuvels opgezocht, op Zijn schouders gelegd en met blijdschap en vreugde thuisgebracht, of ooit tot een hemelse kennis van Jezus gebracht om gemeenschap met Hem te mogen hebben, die niets weet van kermen onder het gevoel van zijn verloren staat als een schuldig zondaar voor God.

Welnu, wanneer de ziel zo door de Heilige Geest onderwezen is dat zij zowel voelt als ziet en weet dat zij in zichzelf geen kracht heeft om zich te verlossen van de toekomende toorn, en daardoor wegzinkt in moedeloosheid en vrees, dan is het de tijd waarin de Heilige Geest gewoonlijk iets laat zien van de barmhartigheid van God in het aangezicht van Jezus Christus. Wij vinden dit kostbaar beschreven in dat opmerkelijke hoofdstuk, Ezechiël 16. Het vat van barmhartigheid wordt daar afgebeeld als een pasgeboren kind, door zijn moeder verlaten en op het vlakke van het veld geworpen vanwege de walgelijkheid van zijn ziel op de dag dat het geboren werd.

Zo is de levendgemaakte ziel: als iemand met wie niemand medelijden heeft, als een verlaten, bevlekt, hulpeloos, verdorven, ellendig en uitgeworpen schepsel. Maar zij wordt niet aan zichzelf overgelaten. „Als Ik u voorbijging”, zegt de beminde Verlosser, „zo zag Ik u, en zie, uw tijd was de tijd der minne; zo breidde Ik Mijn vleugelen over u uit (ten teken van ondertrouw, Ruth 3:9) en dekte uw naaktheid; ja, Ik zwoer u, en kwam met u in een verbond, spreekt de Heere HEERE, en gij werdt Mijne.”

Aan de lezer…

Hoe vaak hebt u dat ene woord in uw geweten geschreven gezien: „verloren”? Ligt het op de bodem van uw ziel als in vurige letters, en kunt u het niet uitwissen, hoe u het ook probeert? Schrik daar niet te erg van. Geen schaap werd ooit door de hemelse Schaapherder op Zijn schouders thuisgedragen zonder eerst te hebben gekermd onder het gevoel van zijn verloren staat. Dat woord schrijft de Heilige Geest Zelf, en Hij doet het niet om u te verderven.

Want wanneer de ziel wegzinkt in moedeloosheid en vrees en ziet dat zij zichzelf niet kan verlossen, dan is het de tijd van de barmhartigheid van God in het aangezicht van Jezus Christus. U mag uzelf zien als dat verworpen kind op het vlakke van het veld, bevlekt en hulpeloos; maar Hij gaat voorbij, en uw tijd wordt de tijd der minne. Alleen Zijn verzoenend bloed wist dat woord uit, en Hij spreekt: „Gij werdt Mijne.”

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina