Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 4 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

31 januari Korenaren uit de volle oogst

Die alle dingen werkt naar de raad Zijns willens.
Efeze 1:11

Met deze woorden stelt de apostel ons Gods almacht voor ogen, die de raad van Zijn eigen wil volbrengt aan hen die Hij in Zijn gunst heeft uitverkoren. Hierin ligt een bijzondere zegen verborgen. Na een gelovige blik op de bedoelingen van Gods genade, en een lieflijke overtuiging dat zij voor ons zijn, is er niets wat ons meer versterkt en bemoedigt dan wanneer wij werkelijk beseffen dat God de macht heeft om ze uit te voeren. Als wij onze eigen ellendige hulpeloosheid voelen, als wij wegzinken onder de druk van onze dagelijkse zwakheid, als wij treuren over voortdurende zonde, als wij verdriet hebben over de lagen die vijanden ons voortdurend leggen, en als wij door vrees benauwd worden, hoe versterkend is het dan voor ons geloof, dat zo tot het uiterste beproefd wordt, te geloven dat Hij de macht heeft Zijn bedoelingen uit te voeren!

Die overtuiging van Gods almacht was de steun en de kracht van het geloof van Abraham, die ondanks schijnbare onmogelijkheid bleef geloven en God de eer gaf (Rom. 4:18-21). Wanneer wij dan, wandelend in de voetstappen van het geloof van Abraham, gelovig het oog kunnen vestigen op de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, en wanneer wij soevereine genade in Zijn hart en oneindige wijsheid in Zijn ziel aanschouwen, dan zien wij een almachtige kracht in Zijn arm. Dan komen wij tot de lieflijke overtuiging dat alles wat Zijn liefdevol hart voelt, door Zijn oneindige wijsheid bestuurd en door Zijn almacht volbracht wordt.

Zijn machtig’ arm beschermt de vromen
en redt hun zielen van de dood.
Hij zal hen nimmer om doen komen
in dure tijd en hongersnood.
In de grootste smarten
blijven onze harten
in de Heer gerust.
’k Zal Hem nooit vergeten,
Hem mijn helper heten,
al mijn hoop en lust.

Ps. 33:10

Aan de lezer…

Hoe vaak zinkt u weg onder uw dagelijkse zwakheid! Treurt u over zonde die steeds terugkomt, over vijanden die u lagen leggen, over vrees die u benauwt? Dan voelt u misschien dat uw geloof tot het uiterste beproefd wordt. Want wat heeft u eraan dat God goede bedoelingen met u heeft, als u zelf zo hulpeloos bent? Juist daar wijst dit woord u op Hem Die alle dingen werkt naar de raad Zijns willens.

Uw zwakheid is geen hindernis voor Zijn almacht. Abraham zag niets dan schijnbare onmogelijkheid, en toch bleef hij geloven en gaf hij God de eer. Zo mag ook u het oog vestigen op de God en Vader van onze Heere Jezus Christus. Wat Zijn liefdevol hart voor Zijn volk voelt, wordt door Zijn wijsheid bestuurd en door Zijn arm volbracht. Niets van wat Hij in Zijn genade voor u besloten heeft, zal onvervuld blijven. Steun daarom niet op uw eigen kracht, maar op de Zijne.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

31 januari 365 dagen met Philpot

De loopbaan lopen

Daarom dan ook, alzo wij zo groot een wolk der getuigen rondom ons hebben liggende, laat ons afleggen alle last, en de zonde, die ons lichtelijk omringt, en laat ons met lijdzaamheid lopen de loopbaan, die ons voorgesteld is.
Hebreeën 12:1

Als we lopers op deze loopbaan willen zijn, moeten we haar lopen zoals God het heeft bepaald. In het onfeilbare Woord van de waarheid wordt ons een weg aangewezen. Bij alle wedstrijden waarbij kracht of vaardigheid komt kijken, zijn bepaalde regels opgesteld die strikt moeten worden nageleefd; meestal noemt men dat de regels van het spel. Als deze regels niet in acht worden genomen, krijgt de winnaar geen prijs. Dit geldt zowel in de genade als in de natuur, zowel voor de hemelse als voor de aardse loopbaan.

Als de regels die in het Woord van de waarheid staan dus worden overtreden, kan iemand wel denken dat hij de hemelse loopbaan loopt, maar zijn inspanning wordt niet met een prijs bekroond. Hij heeft immers niet gelopen volgens de regels die de allerhoogste Scheidsrechter van de wedstrijd heeft opgesteld. Dit lijkt misschien hard, maar het is niet mijn leer; het is de leer van de apostel: „Indien ook iemand strijdt, die wordt niet gekroond, zo hij niet wettelijk heeft gestreden” (2 Tim. 2:5), dat wil zeggen: volgens de regels die voor de wedstrijd zijn vastgesteld. Het is dus niet alleen het hardlopen dat de prijs oplevert; het gaat erom dat u de wedstrijd loopt zoals God wil dat u die loopt.

U kunt uw eigen koers kiezen, uw eigen strijdperk bepalen, uw eigen tempo kiezen, uw eigen tijd vaststellen of uw eigen regels. Maar zal de Heere u de prijs toekennen, zelfs als u als eerste aankomt? Nee. Hij zegt: „Ik heb Zelf een bepaalde wedstrijd vastgesteld die moet worden gelopen, en Ik heb de regels in Mijn geïnspireerde Woord opgenomen. Als u dus loopt, dient u de wedstrijd precies te lopen zoals Ik hem heb aangegeven, of u ontvangt de prijs of de kroon niet.”

Als iemand dus geen goddelijk onderwijs heeft ontvangen, zodat hij weet wat de wedstrijd is zoals God Zelf die heeft vastgelegd, is hij er in feite nog niet eens aan begonnen. Het eerste wat nodig is om de wedstrijd te lopen, is dat men haar met een verlicht oog ziet, zoals zij ons in de Heilige Schrift wordt voorgesteld. Daarvoor is goddelijk licht nodig. Maar omdat we allen van nature dood zijn, hebben we goddelijk leven en kracht nodig, niet alleen om haar te zien, maar ook om haar te lopen wanneer we haar zien.

Lezen: 2 Timotheüs 2:1-15

Aan de lezer…

Er zijn tijden dat een ernstige gedachte ons stil doet staan: men kan hard lopen en toch geen kroon ontvangen. „Indien ook iemand strijdt, die wordt niet gekroond, zo hij niet wettelijk heeft gestreden.” Een eigen koers, een eigen tempo, eigen regels: het kan er voor mensenogen ijverig uitzien, maar de allerhoogste Scheidsrechter vraagt of wij de loopbaan lopen zoals Hij die in Zijn Woord heeft aangewezen.

Schrikt u daarvan en voelt u dat u van nature dood bent en de weg niet eens kunt zien? Dan bent u niet ver van de waarheid. Want dat is juist het eerste wat de ziel moet leren: zij heeft goddelijk licht nodig om de loopbaan te zien, en goddelijk leven en kracht om haar te lopen. Bid dan niet om een eigen weg, maar om een verlicht oog voor Gods weg. Wat God van u vraagt, kan Hij u ook geven, en wie Hij het licht schenkt, schenkt Hij ook de kracht.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

31 januari Door Baca’s vallei

Maar wanneer Die zal gekomen zijn, namelijk de Geest der waarheid, Hij zal u in alle waarheid leiden; want Hij zal van Zichzelf niet spreken, maar zo wat Hij zal gehoord hebben, zal Hij spreken, en de toekomende dingen zal Hij u verkondigen.
Johannes 16:13

Hij zal van Zichzelf niet spreken. Er is iets bijzonder lieflijks in deze trek van de Heilige Geest, dat Hij Zichzelf, als wij deze uitdrukking mogen gebruiken, niet verheerlijkt op dezelfde rechtstreekse, eigen wijze als waarop de Vader en de Zoon over Zichzelf spreken. Zo spreekt de Vader over Zichzelf door het hele Woord heen, en de Zoon spreekt over Zichzelf in de Schrift, volgens de Schrift. Maar de Heilige Geest, hoewel Hij in de Schrift spreekt – want door Zijn Goddelijke inspiratie is zij geheel geschreven – spreekt toch niet op een stellige, directe wijze over Zichzelf. Ook spoort Hij ons niet op een duidelijke en persoonlijke wijze aan om in Hem te geloven, Hem te eren en te aanbidden. Maar Zijn bediening en werk is om in ons geweten te getuigen en aan onze geest getuigenis af te leggen van zowel de Vader als de Zoon.

Zo maakt Hij als de Geest der aanneming de ziel in staat te roepen: „Abba, Vader!”, en zo getuigt Hij van de Vader. En als de Geest der openbaring getuigt Hij zo van de Zoon. Maar Hij maakt Zich niet op een persoonlijke wijze bekend, en Hij getuigt niet van Zichzelf. Hoe zullen wij Hem dan kennen? Doordat Hij ons Zijn werkingen, Zijn invloeden, Zijn onderwijzingen, Zijn vertroostingen, Zijn verzekeringen, Zijn vertederingen, Zijn vernederingen, Zijn bedauwingen, verruimingen, openingen, bevrijdingen, versterkingen en kracht en bekwaamheid schenkt. Daarom zei de Heere tot Zijn discipelen: „Want gij kent Hem, want Hij woont in u en zal in u blijven.”

Zo kennen wij Zijn inwoning door het licht dat Hij schenkt om onze kenmerken helder en duidelijk te laten zien; door het leven dat Hij in de ziel schenkt om onze kwijnende genaden te vernieuwen en te verlevendigen; door de onderwerping aan de soevereine wil van God die Hij geeft onder moeite en verdriet; door de vernedering die Hij schenkt onder de kastijdende roede; door het gezegende vertrouwen dat Hij ons niet verloren zal laten gaan; door de heilige vrijmoedigheid die Hij ons geeft tegenover de vijanden van de waarheid; door de ijver die Hij in onze harten ontsteekt voor de waarheid zoals die in Jezus is, en voor de heerlijkheid van God; door de passende woorden die Hij ons in gedachten geeft bij de verdediging van het Evangelie, en door de kracht die onze woorden vergezelt, die de vijand of tegenstander doet zwijgen of zelfs overtuigt. Hoewel de gezegende Geest dus niet over Zichzelf spreekt, maakt Hij Zich op een krachtige wijze bekend door Zijn inwonende kracht en genade.

O gezegende Leermeester, heilige Trooster, dierbare Voorspraak, hemelse Getuige, kom en neem Uw verblijf in ons hart; openbaar en ontdek daar Jezus, de hoop der heerlijkheid; stort daarin de liefde van God uit en geef Uw Goddelijk getuigenis van ons kindschap. Roep in onze ziel uit: „Abba, Vader!” Onderwijs, heilig en zegen ons en allen in wie U Uw werk van genade verheerlijkt hebt, zodat wij „vervuld zijn met alle blijdschap en vrede in het geloof”, en wij „overvloedig zijn in hoop door de kracht des Heiligen Geestes”.

Aan de lezer…

Vraagt u zich wel eens af of de Heilige Geest ooit in u gewerkt heeft? U hebt Hem niet over Zichzelf horen spreken, en misschien maakt u dat onzeker. Maar zo is juist Zijn wijze: Hij spreekt niet over Zichzelf, maar getuigt van de Vader en van de Zoon. Wij kennen Hem niet doordat Hij Zich aankondigt, maar door wat Hij doet: Zijn vertederingen, Zijn vernederingen, Zijn vertroostingen en Zijn versterkingen.

Is er dan in u ooit een roepen geweest: „Abba, Vader!”? Is Jezus u dierbaar geworden, al was het maar voor een ogenblik? Werd uw hart onder de roede gebogen, of uw kwijnende genade weer verlevendigd? Dat is Zijn werk, en Hij woont waar Hij zo werkt. Bid dan om Zijn bedauwingen en om Zijn getuigenis van uw kindschap, zodat u vervuld mag zijn met alle blijdschap en vrede in het geloof, en overvloedig in hoop door de kracht van de Heilige Geest.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina