Nieuw verschenenEen medelijdende Hogepriester en een troon der genadePreken · vandaag
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

20 juni Korenaren uit de volle oogst

Die u kroont met goedertierenheid en barmhartigheden.
Psalm 103:4

De kroning van een koning zet het laatste en hoogste zegel op zijn gezag als vorst. Daarom zei de bruid: „Gaat uit en aanschouwt, gij dochteren Zions! de koning Salomo, met de kroon waarmede hem zijn moeder kroonde op de dag zijner bruiloft, en op de dag der vreugde zijns harten” (Hooglied 3:11). En wat zal het een dag zijn wanneer de ware Salomo, van Wie die eerste de afschaduwing was, gekroond zal worden als Heere van alles! Zo wordt er ook een kroon gezet op de ziel die van al haar ziekten genezen is en van wie het leven van het verderf verlost is. Het is alsof God niet voldaan kon zijn voordat Hij de kroon van Zijn goedertierenheid op de ziel had gezet, totdat Hij Zelf het hart met Zijn eigen liefde had gekroond.

En wat is het gevolg? De ziel zet een kroon van heerlijkheid op Zijn hoofd. Zo draagt de ziel de kroon van de genade en God de kroon van de heerlijkheid. Dat is gekroond zijn met goedertierenheid en barmhartigheden. En o, wat een kroon is dat! Hoe kroont zij al onze ongerechtigheden en verbergt zij ze voor Gods aangezicht, zoals een kroon het hoofd van een vorst bedekt. Hoe kroont zij al de beproevingen die wij hebben doorstaan, hoe groot en scherp die voor het vlees ook waren.

Hoe kroont zij al onze tekortkomingen, door op dat zwakke hart de kroon van Gods goedertierenheid te zetten. Hoe kroont zij al onze gebeden, door ons te laten zien hoe genadig zij verhoord zijn. Hoe kroont zij al Gods wegen met ons in het rijk van Zijn voorzienigheid en van Zijn genade, en drukt zij op al die wegen het zegel van Zijn goedertierenheid, want de kroon omvat alles. Zoals de kroon van een koning zijn koningschap, zijn waardigheid en zijn macht in zich sluit, omdat zij dat alles zinnebeeldig voorstelt, zo omvat en verzekert ook Gods goedertierenheid, als een kroon op het hart gezet, elke zegen voor tijd en eeuwigheid.

Wat zal ik, met Gods gunsten overlaan,
die trouwe Heer voor Zijn gena vergelden?
’k Zal bij de kelk des heils Zijn naam vermelden
en roepen Hem met blijd’ erkent’nis aan.

Ps. 116:7

Aan de lezer…

Kent u dat? U kijkt terug op uw weg en ziet misschien vooral ongerechtigheden, tekortkomingen en beproevingen die scherp waren voor het vlees. Maar zie eens wat de Heere daaroverheen legt: de kroon van Zijn goedertierenheid. Zij bedekt uw ongerechtigheden voor Gods aangezicht, zoals een kroon het hoofd van een vorst bedekt. Zij kroont ook uw zwakke gebeden, en laat u soms zien hoe genadig zij verhoord zijn.

God is niet voldaan voordat Hij het hart met Zijn eigen liefde gekroond heeft. Hebt u daar iets van geproefd, dan zult u de kroon van heerlijkheid niet op uw eigen hoofd willen zetten, maar op het Zijne. Want Hij draagt de kroon van de heerlijkheid, en de ziel de kroon van de genade. Wat zult u Hem vergelden? Roep Hem aan met blijde erkentenis, want in Zijn goedertierenheid ligt elke zegen voor tijd en eeuwigheid besloten.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

20 juni 365 dagen met Philpot

Door Christus tot God gaan

Waarom Hij ook volkomenlijk kan zalig maken degenen, die door Hem tot God gaan, alzo Hij altijd leeft om voor hen te bidden.
Hebreeën 7:25

Het woord „volkomenlijk” heeft voor mijn gevoel iets heel zoets en is vol betekenis. Volgens mij worden er twee dingen mee uitgedrukt. In de eerste plaats lijkt het woord, in de betekenis van „tot het uiterste” of „tot het einde”, de hopeloze toestand weer te geven van hen die Hij zalig maakt. In de tweede plaats lijkt het ook de volkomen toereikendheid en almacht uit te drukken van die almachtige arm die een arme zondaar uit de onderste hel kan wegrukken. De Heere Jezus Christus moest een groot werk verrichten.

Zou God Zijn eniggeboren Zoon in de wereld zenden om een klein werk te doen? Zouden God en mens in één heerlijk Persoon verenigd zijn om een klein werk te doen? Zou er een eeuwig verbond gesloten zijn tussen de drie Personen van de Drie-eenheid om een klein werk te doen? En zou de eniggeboren Zoon van God gekomen zijn uit de schoot van Zijn Vader, waar Hij van eeuwigheid woonde, om een klein werk te doen?

Laat juist deze daad van de Heere Jezus Christus, dat Hij onze natuur verenigde met Zijn eigen goddelijke en heerlijke Persoon, niet al duidelijk zien hoe groot de verlossing moet zijn, als zo’n daad nodig was om haar tot stand te brengen? En laat het niet tevens zien hoe diep de mens gezonken moet zijn, dat zo’n offer noodzakelijk was? Niets volstond dan Gods wezensgelijke en eeuwige Zoon. Hij, Die van eeuwigheid tot eeuwigheid was, moest Zich zo diep vernederen dat Hij bloedde en stierf om ons uit de val te verlossen. Hij moest afdalen in de diepte waarin wij gezonken waren en waarin onze eerste vader zichzelf en heel zijn nageslacht had gestort. Als het God de gezegende Geest behaagt hun in het hart de diepte van de val te openbaren, reken er dan op dat zij naar elk woord van de tekst verlangen; zij verlangen dat „volkomenlijk” in de ervaring van hun hart geopenbaard te krijgen.

Lezen: Hebreeën 10:1-18

Aan de lezer…

Deze woorden spreken tot u, als u iets gezien hebt van de diepte waarin u gezonken bent. Bent u bang dat uw zaak te hopeloos is, dat u te ver weg bent om nog gered te worden? Zie dan op dat ene woord: „volkomenlijk”. Het spreekt van de hopeloze toestand van hen die Hij zalig maakt, maar ook van een arm die een arme zondaar uit de onderste hel kan wegrukken.

Denk niet dat de Heere Jezus voor een klein werk kwam. Hij verliet de schoot van de Vader, nam onze natuur aan, bloedde en stierf, en daalde af in de diepte waarin wij gezonken waren. Zou zo’n Zaligmaker tekortschieten voor uw nood? Hoe dieper u uw val ziet, hoe meer u naar dit woord zult verlangen. Vraag Hem dan dat Hij het in de ervaring van uw hart openbaart; Hij leeft altijd om te bidden voor hen die door Hem tot God gaan.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

20 juni Door Baca’s vallei

Gelijk gij dan Christus Jezus, de Heere, hebt aangenomen, wandelt alzo in Hem; geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, gelijkerwijs gij geleerd zijt, overvloedig zijnde in hetzelve met dankzegging.
Kolossenzen 2:6, 7

Het is een mooi gezicht om een edele boom te zien, en uit de stevigheid van de boom mogen wij dan wel opmaken dat de grond waarin hij geplant is, kracht en voedsel bevat; want alleen in een diepe en goede grond groeien de bomen. Maar let op de bomen der gerechtigheid, de plantingen van de Heere, opdat Hij verheerlijkt wordt! Wat een diepte en rijkdom is er in de hemelse grond waarin zij geplant zijn! Denk aan het ware, wezenlijke en eeuwige Zoonschap, de heerlijke Godheid van Jezus, en zie die Godheid in vereniging met Zijn lijdende menselijke natuur.

Wat een goede grond vinden wij daarin! Wat een uitgestrektheid om duizenden en duizenden bomen te voeden! Wat een diepte voor de bomen om daarin wortel te schieten! Wat een vruchtbaarheid om hen te bekleden met groene bladeren en hen te beladen met vruchten! De meest vruchtbare gronden kunnen uitgeput raken, maar deze grond is onuitputtelijk. Kan de Godheid worden uitgeput? Is Haar natuur niet oneindig? En zien wij dan wat onze gezegende Heere nu is aan de rechterhand van God: wat een volkomen en volmaakte Zaligmaker is Hij voor de ziel om op te steunen!

Verder: hoe dieper en wijder een boom zijn wortels in de grond schiet, hoe meer voedsel hij opneemt, en zo is het ook met een gelovig hart. Hoe meer Christus door het geloof wordt vastgehouden, hoe meer de ziel in Hem geworteld raakt; en hoe dieper zij in Hem wortelt, hoe vaster zij staat en hoe meer hemels voedsel zij uit Hem opneemt. Dat is „geworteld in Christus” zijn.

Een godsdienst die niet in Christus geworteld is, kan niet anders zijn dan oppervlakkig, bedrieglijk en verderfelijk, want dan moet hij in zichzelf geworteld zijn. Maar als hij in Christus geplant en geworteld is, dan is er in Hem een toereikende, passende en heerlijke volheid, waarin, of in Wie, de ziel diep mag wortelen. Niet alleen voor de tijd, maar voor de eeuwigheid; want zo’n geloof kan nooit vernietigd worden, zo’n liefde kan nooit vergaan, zo’n hoop kan nooit beschaamd worden.

Aan de lezer…

Wat een troost ligt er in deze woorden voor wie zich voelt als een dorre boom, met weinig groene bladeren en nog minder vrucht! U ziet bij uzelf geen stevigheid, en u vreest dat uw godsdienst niet dieper gaat dan de oppervlakte. Zoek de oorzaak dan niet in de grond, maar in het wortelen. De grond die God voor Zijn planting gegeven heeft, is onuitputtelijk: de heerlijke Godheid van Jezus, verenigd met Zijn lijdende menselijke natuur.

Hoe meer Christus door het geloof wordt vastgehouden, hoe dieper de ziel in Hem wortelt en hoe meer hemels voedsel zij uit Hem opneemt. Geworteld in uzelf zult u verdorren; geworteld in Hem zult u vast staan. Zoek het dan niet in uw eigen kracht, maar in Hem Die aan de rechterhand van God een volkomen en volmaakte Zaligmaker is. Een geloof, een liefde en een hoop die in Hem geworteld zijn, kunnen nooit beschaamd worden.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina