June 20
Gelijk gij dan Christus Jezus, de Heere, hebt aangenomen, wandelt alzo in Hem; geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, gelijkerwijs gij geleerd zijt, overvloedig zijnde in hetzelve met dankzegging.
Kolossenzen 2:6, 7
Het is een schoon gezicht een edele boom te zien, en wij mogen dan uit de stevigheid van de boom wel oordelen dat de grond waarin hij geplant is, kracht en voedsel bezit; want alleen in een diepe en goede grond zullen de bomen groeien. Doch let op de bomen der gerechtigheid, de plantingen des Heeren, opdat Hij verheerlijkt worde! Welk een diepte en rijkdom is er in de hemelse grond waarin zij geplant zijn! Beschouw het ware, wezenlijke en eeuwige Zoonschap, de heerlijke Godheid van Jezus, en beschouw die Godheid in vereniging met Zijn lijdende menselijke natuur.
Wat een goede grond vinden wij daarin! Wat een uitgestrektheid om duizenden en duizenden bomen te voeden! Wat een diepte voor de bomen om daarin wortel te schieten! Wat een vruchtbaarheid daarin om hen te bekleden met groene bladeren en hen te beladen met vruchten! De meest vruchtbare gronden mogen uitgeput raken, maar deze grond is onuitputtelijk. Kan de Godheid worden uitgeput? Is Haar natuur niet oneindig? En beschouwen wij dan wat onze gezegende Heere nu is aan de rechterhand Gods: wat een volkomen en volmaakte Zaligmaker Hij is voor de ziel om op te steunen!
Nogmaals, hoe dieper en uitgebreider een boom zijn wortels in de grond schiet, hoe meer voedsel hij opneemt, en zo is het ook met een gelovig hart. Hoe meer Christus door het geloof wordt vastgehouden, hoe meer de ziel in Hem geworteld wordt; en hoe dieper zij in Hem wortelt, hoe vaster zij staat en hoe meer hemels voedsel zij uit Hem opneemt. Dit is te zijn „geworteld in Christus”.
Een godsdienst kan niet anders zijn dan een oppervlakkige, bedrieglijke en verderfelijke godsdienst, indien hij niet geworteld is in Christus, want dan moet hij in zichzelf geworteld zijn. Doch indien hij geplant en geworteld is in Christus, dan is er een genoegzame, een gepaste, een heerlijke volheid in Hem, waarin of in Wie de ziel diep mag inwortelen. Niet slechts voor de tijd, maar voor de eeuwigheid; want zulk een geloof kan nooit vernietigd worden, zulk een liefde kan nooit vergaan, zulk een hoop kan nooit beschaamd worden.
Aan de lezer…
Wat een troost ligt er in deze woorden voor wie zich voelt als een dorre boom, met weinig groene bladeren en nog minder vrucht! U ziet bij uzelf geen stevigheid, en u vreest dat uw godsdienst niet dieper gaat dan de oppervlakte. Zoek de oorzaak dan niet in de grond, maar in het wortelen. De grond die God voor Zijn planting gegeven heeft, is onuitputtelijk: de heerlijke Godheid van Jezus, verenigd met Zijn lijdende menselijke natuur.
Hoe meer Christus door het geloof wordt vastgehouden, hoe dieper de ziel in Hem wortelt en hoe meer hemels voedsel zij uit Hem opneemt. Geworteld in uzelf, zult u verdorren; geworteld in Hem, zult u vast staan. Zoek het dan niet in uw eigen kracht, maar in Hem Die aan de rechterhand Gods een volkomen en volmaakte Zaligmaker is. Een geloof, een liefde en een hoop die in Hem geworteld zijn, kunnen nooit beschaamd worden.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Gelijk gij dan Christus Jezus, de Heere, hebt aangenomen, wandelt alzo in Hem; geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, gelijkerwijs gij geleerd zijt, overvloedig zijnde in hetzelve met dankzegging.
Kolossenzen 2:6, 7
Het is een mooi gezicht om een edele boom te zien, en uit de stevigheid van de boom mogen wij dan wel opmaken dat de grond waarin hij geplant is, kracht en voedsel bevat; want alleen in een diepe en goede grond groeien de bomen. Maar let op de bomen der gerechtigheid, de plantingen van de Heere, opdat Hij verheerlijkt wordt! Wat een diepte en rijkdom is er in de hemelse grond waarin zij geplant zijn! Denk aan het ware, wezenlijke en eeuwige Zoonschap, de heerlijke Godheid van Jezus, en zie die Godheid in vereniging met Zijn lijdende menselijke natuur.
Wat een goede grond vinden wij daarin! Wat een uitgestrektheid om duizenden en duizenden bomen te voeden! Wat een diepte voor de bomen om daarin wortel te schieten! Wat een vruchtbaarheid om hen te bekleden met groene bladeren en hen te beladen met vruchten! De meest vruchtbare gronden kunnen uitgeput raken, maar deze grond is onuitputtelijk. Kan de Godheid worden uitgeput? Is Haar natuur niet oneindig? En zien wij dan wat onze gezegende Heere nu is aan de rechterhand van God: wat een volkomen en volmaakte Zaligmaker is Hij voor de ziel om op te steunen!
Verder: hoe dieper en wijder een boom zijn wortels in de grond schiet, hoe meer voedsel hij opneemt, en zo is het ook met een gelovig hart. Hoe meer Christus door het geloof wordt vastgehouden, hoe meer de ziel in Hem geworteld raakt; en hoe dieper zij in Hem wortelt, hoe vaster zij staat en hoe meer hemels voedsel zij uit Hem opneemt. Dat is „geworteld in Christus” zijn.
Een godsdienst die niet in Christus geworteld is, kan niet anders zijn dan oppervlakkig, bedrieglijk en verderfelijk, want dan moet hij in zichzelf geworteld zijn. Maar als hij in Christus geplant en geworteld is, dan is er in Hem een toereikende, passende en heerlijke volheid, waarin, of in Wie, de ziel diep mag wortelen. Niet alleen voor de tijd, maar voor de eeuwigheid; want zo’n geloof kan nooit vernietigd worden, zo’n liefde kan nooit vergaan, zo’n hoop kan nooit beschaamd worden.
Aan de lezer…
Wat een troost ligt er in deze woorden voor wie zich voelt als een dorre boom, met weinig groene bladeren en nog minder vrucht! U ziet bij uzelf geen stevigheid, en u vreest dat uw godsdienst niet dieper gaat dan de oppervlakte. Zoek de oorzaak dan niet in de grond, maar in het wortelen. De grond die God voor Zijn planting gegeven heeft, is onuitputtelijk: de heerlijke Godheid van Jezus, verenigd met Zijn lijdende menselijke natuur.
Hoe meer Christus door het geloof wordt vastgehouden, hoe dieper de ziel in Hem wortelt en hoe meer hemels voedsel zij uit Hem opneemt. Geworteld in uzelf zult u verdorren; geworteld in Hem zult u vast staan. Zoek het dan niet in uw eigen kracht, maar in Hem Die aan de rechterhand van God een volkomen en volmaakte Zaligmaker is. Een geloof, een liefde en een hoop die in Hem geworteld zijn, kunnen nooit beschaamd worden.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
As ye have therefore received Christ Jesus the Lord, so walk ye in Him: rooted and built up in Him, and stablished in the faith, as ye have been taught, abounding therein with thanksgiving.
Colossians 2:6–7
It is a goodly sight to see a noble tree; and we may gather from the strength of the tree the strength of the soil, for only in deep and good soil will such trees grow. But look at the trees of righteousness, the planting of the Lord, that He may be glorified! What depth and richness there is in the heavenly soil in which they are planted! View the true, real, and eternal Sonship, the glorious Deity of Jesus, and view that Deity in union with His suffering humanity! What soil is there! What breadth to hold thousands and thousands of noble trees! What depth for them to root in! What fertility to clothe them with verdure and load them with fruit!
The most fertile natural soils may be exhausted, but this is inexhaustible. For can Deity be exhausted? Is it not its very nature to be infinite? And when we view what our most blessed Lord now is at the right hand of God, what a perfect and complete Savior He is for the soul to lay hold of!
Again, as the more deeply and widely that a tree spreads its roots into the soil, the more nourishment does it suck up; so it is with a believing heart. The more Christ is laid hold of by faith, the more the soul roots down into Him; and the firmer hold it takes of Him, and the more deeply it roots into Him, the stronger it stands, and the more heavenly nourishment it draws out of His fullness. This is being “rooted in Christ.”
A religion must always be a shallow, deceptive, and ruinous religion if it has not Christ to root in, for then it must be rooted in self. But if it is planted and rooted in Christ, then there is a sufficiency, a suitability, a glorious fullness in Him in which the soul may take the deepest root, and not only for time but for eternity; for such a faith can never be confounded, such a love never perish, and such a hope be never put to shame.
To the reader…
What comfort there is in these words for anyone who feels like a withered tree, with few green leaves and even less fruit! You see no steadfastness in yourself, and you fear that your religion goes no deeper than the surface. Then do not look for the cause in the soil, but in the rooting. The soil God has given for His planting is inexhaustible: the glorious Deity of Jesus, united with His suffering human nature.
The more Christ is laid hold of by faith, the deeper the soul roots in Him and the more heavenly nourishment it draws from Him. Rooted in yourself, you will wither; rooted in Him, you will stand firm. So do not look for it in your own strength, but in Him Who at the right hand of God is a perfect and complete Saviour. A faith, a love and a hope that are rooted in Him can never be put to shame.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Por tanto, de la manera que habéis recibido al Señor Jesucristo, andad en él: arraigados y sobreedificados en él, y confirmados en la fe, así como habéis sido enseñados, creciendo en ella con hacimiento de gracias.
Colosenses 2:6–7
Es hermoso ver un árbol noble; y por la fuerza del árbol podemos deducir la fuerza del suelo, pues solo en tierra profunda y buena crecen tales árboles. ¡Pero mire usted los árboles de justicia, plantío de Jehová, para gloria Suya! ¡Qué profundidad y riqueza hay en el suelo celestial en que están plantados! ¡Contemple la verdadera, real y eterna Filiación, la gloriosa Deidad de Jesús, y contemple esa Deidad en unión con Su humanidad sufriente! ¡Qué suelo hay allí! ¡Qué anchura para sostener miles y miles de árboles nobles! ¡Qué profundidad para que echen raíces! ¡Qué fertilidad para vestirlos de verdor y cargarlos de fruto!
Los suelos naturales más fértiles pueden agotarse, pero este es inagotable. Porque ¿puede agotarse la Deidad? ¿No es de su misma naturaleza ser infinita? Y cuando contemplamos lo que nuestro benditísimo Señor es ahora a la diestra de Dios, ¡qué Salvador tan perfecto y completo es Él para que el alma se aferre a Él!
Además, así como cuanto más hondo y más ancho extiende un árbol sus raíces en el suelo, tanto más alimento absorbe, así sucede con un corazón creyente. Cuanto más se aferra uno a Cristo por la fe, tanto más echa el alma raíces en Él; y cuanto más firmemente se aferra a Él, y cuanto más hondo arraiga en Él, tanto más fuerte se mantiene en pie, y tanto más alimento celestial saca de Su plenitud. Esto es estar “arraigado en Cristo”.
Una religión siempre tiene que ser una religión superficial, engañosa y ruinosa si no tiene a Cristo en quien arraigar, porque entonces tiene que estar arraigada en el yo. Pero si está plantada y arraigada en Cristo, entonces hay en Él una suficiencia, una idoneidad, una plenitud gloriosa en la cual el alma puede echar las raíces más hondas, y no solo para el tiempo, sino para la eternidad; porque tal fe nunca puede ser confundida, tal amor nunca perecer, y tal esperanza nunca ser avergonzada.
Al lector…
¡Qué consuelo hay en estas palabras para todo el que se siente como un árbol marchito, con pocas hojas verdes y aún menos fruto! No ve firmeza en sí mismo, y teme que su religión no pase de la superficie. Entonces no busque la causa en el suelo, sino en el arraigo. El suelo que Dios ha dado para Su plantío es inagotable: la gloriosa Deidad de Jesús, unida a Su naturaleza humana sufriente.
Cuanto más se aferra uno a Cristo por la fe, tanto más hondo arraiga el alma en Él y tanto más alimento celestial saca de Él. Arraigado en usted mismo, se marchitará; arraigado en Él, se mantendrá firme. No lo busque, pues, en su propia fuerza, sino en Aquel que a la diestra de Dios es un Salvador perfecto y completo. Una fe, un amor y una esperanza arraigados en Él nunca pueden ser avergonzados.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl