June 20
Die u kroont met goedertierenheid en barmhartigheden.
Psalm 103:4
De kroning eens konings zet het laatste en hoogste zegel op zijn gezag als regent. Dit deed de bruid zeggen: „Gaat uit en aanschouwt, gij dochteren Zions! de koning Salomo, met de kroon waarmede hem zijn moeder kroonde op de dag zijner bruiloft, en op de dag der vreugde zijns harten” (Hooglied 3:11). En welk een dag zal het zijn, wanneer de ware Salomo, van Welke gene de afschaduwing was, als Heere van alles zal gekroond worden! Zo wordt er een kroon gezet op de ziel die van al haar ziekten genezen en wier leven van het verderf verlost is. Het is alsof God niet voldaan kon zijn voordat Hij de kroon Zijner goedertierenheid op de ziel had gezet, tot Hij Zelf het hart met Zijn eigen liefde had gekroond.
En wat is het gevolg? De ziel zet een kroon van heerlijkheid op Zijn hoofd. Zo draagt de ziel de kroon der genade en God de kroon der heerlijkheid. Dat is het gekroond te zijn met goedertierenheid en barmhartigheden. En o, welk een kroon is dat! Hoe kroont zij al onze ongerechtigheden en verbergt ze voor Gods aangezicht, gelijk een kroon het hoofd van een vorst bedekt. Hoe kroont zij al onze beproevingen die wij doorstaan hebben, hoe groot en scherp zij voor het vlees ook waren.
Hoe kroont zij al onze tekortkomingen, door op dat zwakke hart de kroon van Gods goedertierenheid te zetten. Hoe kroont zij al onze gebeden, door ons te doen zien hoe genadig zij verhoord zijn. Hoe kroont zij al Gods wegen met ons in het rijk Zijner voorzienigheid en Zijner genade, en drukt zij op die alle het zegel Zijner goedertierenheid, want de kroon omvat alles. Evenals de kroon des konings zijn koningschap, zijn waardigheid en zijn macht in zich sluit — want alles wordt daardoor zinnebeeldig voorgesteld — zo omvat en verzekert ook Gods goedertierenheid, als een kroon op het hart gezet, elke zegen voor tijd en eeuwigheid.
Wat zal ik, met Gods gunsten overlaan,
die trouwe Heer voor Zijn gena vergelden?
’k Zal bij de kelk des heils Zijn naam vermelden
en roepen Hem met blijd’ erkent’nis aan.
Ps. 116:7
Aan de lezer…
Kent u dat? U kijkt terug op uw weg en ziet misschien vooral ongerechtigheden, tekortkomingen en beproevingen die scherp waren voor het vlees. Maar zie eens wat de Heere daarover heenlegt: de kroon van Zijn goedertierenheid. Zij bedekt uw ongerechtigheden voor Gods aangezicht, zoals een kroon het hoofd van een vorst bedekt. Zij kroont ook uw zwakke gebeden, en doet u soms zien hoe genadig zij verhoord zijn.
God is niet voldaan voordat Hij het hart met Zijn eigen liefde gekroond heeft. Hebt u daar iets van gesmaakt, dan zult u de kroon van heerlijkheid niet op uw eigen hoofd willen zetten, maar op het Zijne. Want Hij draagt de kroon der heerlijkheid, en de ziel de kroon der genade. Wat zult u Hem vergelden? Roep Hem aan met blijde erkentenis, want in Zijn goedertierenheid ligt elke zegen voor tijd en eeuwigheid besloten.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Die u kroont met goedertierenheid en barmhartigheden.
Psalm 103:4
De kroning van een koning zet het laatste en hoogste zegel op zijn gezag als vorst. Daarom zei de bruid: „Gaat uit en aanschouwt, gij dochteren Zions! de koning Salomo, met de kroon waarmede hem zijn moeder kroonde op de dag zijner bruiloft, en op de dag der vreugde zijns harten” (Hooglied 3:11). En wat zal het een dag zijn wanneer de ware Salomo, van Wie die eerste de afschaduwing was, gekroond zal worden als Heere van alles! Zo wordt er ook een kroon gezet op de ziel die van al haar ziekten genezen is en van wie het leven van het verderf verlost is. Het is alsof God niet voldaan kon zijn voordat Hij de kroon van Zijn goedertierenheid op de ziel had gezet, totdat Hij Zelf het hart met Zijn eigen liefde had gekroond.
En wat is het gevolg? De ziel zet een kroon van heerlijkheid op Zijn hoofd. Zo draagt de ziel de kroon van de genade en God de kroon van de heerlijkheid. Dat is gekroond zijn met goedertierenheid en barmhartigheden. En o, wat een kroon is dat! Hoe kroont zij al onze ongerechtigheden en verbergt zij ze voor Gods aangezicht, zoals een kroon het hoofd van een vorst bedekt. Hoe kroont zij al de beproevingen die wij hebben doorstaan, hoe groot en scherp die voor het vlees ook waren.
Hoe kroont zij al onze tekortkomingen, door op dat zwakke hart de kroon van Gods goedertierenheid te zetten. Hoe kroont zij al onze gebeden, door ons te laten zien hoe genadig zij verhoord zijn. Hoe kroont zij al Gods wegen met ons in het rijk van Zijn voorzienigheid en van Zijn genade, en drukt zij op al die wegen het zegel van Zijn goedertierenheid, want de kroon omvat alles. Zoals de kroon van een koning zijn koningschap, zijn waardigheid en zijn macht in zich sluit, omdat zij dat alles zinnebeeldig voorstelt, zo omvat en verzekert ook Gods goedertierenheid, als een kroon op het hart gezet, elke zegen voor tijd en eeuwigheid.
Wat zal ik, met Gods gunsten overlaan,
die trouwe Heer voor Zijn gena vergelden?
’k Zal bij de kelk des heils Zijn naam vermelden
en roepen Hem met blijd’ erkent’nis aan.
Ps. 116:7
Aan de lezer…
Kent u dat? U kijkt terug op uw weg en ziet misschien vooral ongerechtigheden, tekortkomingen en beproevingen die scherp waren voor het vlees. Maar zie eens wat de Heere daaroverheen legt: de kroon van Zijn goedertierenheid. Zij bedekt uw ongerechtigheden voor Gods aangezicht, zoals een kroon het hoofd van een vorst bedekt. Zij kroont ook uw zwakke gebeden, en laat u soms zien hoe genadig zij verhoord zijn.
God is niet voldaan voordat Hij het hart met Zijn eigen liefde gekroond heeft. Hebt u daar iets van geproefd, dan zult u de kroon van heerlijkheid niet op uw eigen hoofd willen zetten, maar op het Zijne. Want Hij draagt de kroon van de heerlijkheid, en de ziel de kroon van de genade. Wat zult u Hem vergelden? Roep Hem aan met blijde erkentenis, want in Zijn goedertierenheid ligt elke zegen voor tijd en eeuwigheid besloten.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Who crowneth thee with lovingkindness and tender mercies.
Psalm 103:4
The coronation of a king puts the last and highest seal upon his reigning authority. This made the spouse say, “Go forth, O daughters of Zion, and behold king Solomon with the crown with which his mother crowned him in the day of his espousals, and in the day of the gladness of his heart” (Song Sol. 3:11). And what a day will that be when the anti-typical Solomon is crowned Lord of all.
Thus there is a crown put upon the soul which is healed of all its diseases, and whose life is redeemed from destruction. It is as if God could not be satisfied until He had put the crown of His loving-kindness upon the soul, until He had Himself crowned the heart with His own love. And what is the effect? The soul puts a crown of glory upon His head. So the soul has the crown of grace, and God has the crown of glory. This is being crowned with loving-kindness and tender mercies. And O what a crown it is!
How it crowns all our iniquities, hides them from God’s sight as a crown covers a monarch’s brow. How it crowns all our trials that we have had to pass through, severe and cutting as they were at the time to the flesh. How it crowns all our bereavements by putting upon the bereaved heart the crown of God’s loving-kindness. How it crowns all our prayers by enabling us to see their gracious answer. How it crowns all God’s dealings with us in providence and in grace, and stamps loving-kindness upon them all; for the crown includes everything in it. As the Queen’s crown includes her royalty, her dignity, her power–for all are symboled thereby–so God’s loving-kindness, put upon the heart as a crown, includes and secures every blessing for time and eternity.
To the reader…
Do you know this? You look back on your way and perhaps see mainly iniquities, shortcomings and trials that were sharp to the flesh. But see what the Lord lays over all that: the crown of His lovingkindness. It covers your iniquities from God’s sight, as a crown covers a monarch’s head. It also crowns your feeble prayers, and sometimes lets you see how graciously they have been answered.
God is not satisfied until He has crowned the heart with His own love. If you have tasted something of that, you will not want to set the crown of glory on your own head, but on His. For He wears the crown of glory, and the soul the crown of grace. What shall you render unto Him? Call upon Him with glad thanksgiving, for in His lovingkindness every blessing for time and eternity is contained.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
El que te corona de favores y misericordias.
Salmo 103:4
La coronación de un rey pone el último y más alto sello sobre su autoridad real. Esto hizo decir a la esposa: “Salid, oh doncellas de Sion, y ved al rey Salomón con la corona con que le coronó su madre el día de su desposorio, y el día del gozo de su corazón” (Cantares 3:11). ¡Y qué día será aquel en que el Salomón verdadero, del cual el otro era figura, sea coronado Señor de todo!
Así también se pone una corona sobre el alma que ha sido sanada de todas sus dolencias, y cuya vida ha sido rescatada del hoyo. Es como si Dios no pudiera quedar satisfecho hasta haber puesto la corona de Su misericordia sobre el alma, hasta haber coronado Él mismo el corazón con Su propio amor. ¿Y cuál es el efecto? El alma pone una corona de gloria sobre Su cabeza. Así el alma tiene la corona de la gracia, y Dios tiene la corona de la gloria. Esto es ser coronado de favores y misericordias. ¡Y oh, qué corona es!
Cómo corona todas nuestras iniquidades, ocultándolas de la vista de Dios como una corona cubre la frente de un monarca. Cómo corona todas las pruebas por las que hemos tenido que pasar, por severas y punzantes que fueran para la carne en su momento. Cómo corona todas nuestras pérdidas, poniendo sobre el corazón afligido la corona de la misericordia de Dios. Cómo corona todas nuestras oraciones, haciéndonos ver su respuesta llena de gracia. Cómo corona todos los tratos de Dios con nosotros en la providencia y en la gracia, y estampa sobre todos ellos Su misericordia; porque la corona lo incluye todo. Así como la corona de la Reina incluye su realeza, su dignidad y su poder, pues todo ello está simbolizado por ella, así la misericordia de Dios, puesta como corona sobre el corazón, incluye y asegura toda bendición para el tiempo y para la eternidad.
Al lector…
¿Conoce usted esto? Mira atrás en su camino y quizá ve sobre todo iniquidades, faltas y pruebas que fueron punzantes para la carne. Pero vea lo que el Señor pone encima de todo ello: la corona de Su misericordia. Esta cubre sus iniquidades de la vista de Dios, como una corona cubre la cabeza de un monarca. También corona sus débiles oraciones, y a veces le deja ver con cuánta gracia han sido respondidas.
Dios no queda satisfecho hasta haber coronado el corazón con Su propio amor. Si usted ha gustado algo de eso, no querrá poner la corona de gloria sobre su propia cabeza, sino sobre la Suya. Porque Él lleva la corona de la gloria, y el alma la corona de la gracia. ¿Qué pagará usted a Él? Invóquele con alegre acción de gracias, porque en Su misericordia está contenida toda bendición para el tiempo y para la eternidad.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl