Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

17 april Korenaren uit de volle oogst

Gij dan, lijd verdrukkingen, als een goed krijgsknecht van Jezus Christus.
2 Timotheüs 2:3

Soms komen wij in geestelijke toestanden waarin wij iets meer nodig hebben dan troost. Een kind zou niet groeien als het altijd met snoep gevoed werd. Het heeft lichaamsbeweging nodig en moet aan het weer worden blootgesteld. De koude wind moet het in het gezicht blazen, en het moet gehard worden, zodat het zowel de kou als de felle vorst kan verdragen. Zo wordt ook het kind van God niet altijd vertroeteld en gevoed met tekenen van liefde. Het wordt niet altijd aan de warme borst gedragen of gezoogd aan de borsten van de vertroosting, maar het moet lessen ontvangen die het geschikt maken om een krijgsman te zijn.

Wij weten het: de soldaat heeft met moeilijkheden te kampen. Hij moet de hele nacht op het natte gras kamperen. Hij wordt gekweld door honger en dorst en is verkleumd van de kou. Hij moet vermoeiende marsen maken. Hij moet het bulderen van het kanon horen, het fluiten van de geweerkogels, het vloeken en het geschreeuw van de officieren. Hij moet het opgeheven zwaard zien flikkeren dat hem wil vellen en de bajonet op zijn borst zien, ja, pijnlijke en gevaarlijke wonden voelen.

Zo is het ook met de geestelijke krijgsman in Gods legerplaats. Ook hij moet honger en dorst, kou, naaktheid en allerlei ontberingen lijden. Hij wordt getroffen door de pijlen van de laster en de vurige pijlen van de satan. Hij moet marsen maken in een vijandelijk land en pijnlijke wonden verdragen, en juist door die oefeningen leert hij een echte krijgsman te worden. Alleen voor zover hij zo geestelijk geoefend is, kan hij de krijgsdienst leren. Alleen dan kan hij weten hoe hij moet vechten en werkelijk strijd moet voeren onder de banieren van de Heere tegen de vijanden van zijn zaligheid.

Ik zal, omdat G’ in bange dagen
mijn toevlucht waart, van U gewagen;
van U, mijn sterkte, zij mijn zang
en snarenspel mijn leven lang.
Ik heb in nood, aan God verbonden,
in Hem mijn hoog vertrek gevonden.

Ps. 59:10

Aan de lezer…

Hoe vaak bent u al moe geworden van de strijd? Vraagt u zich af waarom de koude wind u zo in het gezicht blaast, waarom de troost zo schaars is en de pijlen van laster en verzoeking u zo vaak treffen? Denk dan niet te snel dat de Heere u vergeten is. Een kind dat alleen vertroeteld wordt, groeit niet; en een soldaat leert de krijgsdienst niet in een warm huis.

Die harde lessen zijn niet zonder doel. Door de honger en de dorst, door de lange marsen in vijandelijk land en door de wonden die u draagt, leert u strijden onder de banieren van de Heere tegen de vijanden van uw zaligheid. Het rust niet op uw kracht, maar op Zijn hand die u oefent. Lijd dan verdrukkingen als een goed krijgsknecht van Jezus Christus. Hij weet wat u draagt, en Hij Die u in de strijd geplaatst heeft, zal u erdoorheen brengen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

17 april 365 dagen met Philpot

Christus’ opstanding

Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand Gods. Bedenkt de dingen die boven zijn, niet die op de aarde zijn.
Kol. 3:1,2

Van nature hechten we ons aan de aarde en aan aardse dingen. Onze genegenheden liggen begraven in het graf van de dood, en we kunnen ze niet uit onszelf verheffen naar hoge en hemelse dingen. Daarom hebben we de kracht van Christus’ opstanding nodig. Dan ervaren en beseffen we innerlijk dat we, omdat we samen met ons Verbondshoofd zijn opgestaan, niet langer begraven liggen in tijdelijke en zinnelijke zaken, in de ijdele en voorbijgaande dingen hier beneden. Dan kunnen we onze genegenheden richten op de dingen die boven zijn, waar Christus aan de rechterhand Gods zit. Ons Hoofd is opgestaan uit de doden. Waarom zouden wij, leden van Zijn lichaam, dan hier beneden in het stof van de aarde blijven wentelen?

Hij is omhooggegaan. Laten onze genegenheden met Hem opstijgen. Hij is in de hemel. Laat ons hart bij Hem zijn. Welnu, naarmate we de kracht van Christus’ opstanding beseffen, stijgen we in ons hart en onze gedachten op boven deze ellendige aarde, met al haar zorgen en voorbijgaande nietigheden.

Niets lijkt een duidelijker bewijs van de lage, vervallen staat van de Kerk in onze tijd dan het zichtbare gebrek aan deze hemelse genade. Hoe weinigen hebben hun genegenheden gericht op de dingen die boven zijn! Hoe weinigen kunnen werkelijk zeggen: „Maar onze wandel is in de hemelen, waaruit wij ook de Zaligmaker verwachten, namelijk de Heere Jezus Christus” (Fil. 3:20). Hoe weinigen laten door hun wandel of hun leven zien dat hun hart in de hemel is, al is het maar een enkele keer! Hoe weinigen hebben tedere gedachten over Jezus, of een verlangen naar Zijn geopenbaarde tegenwoordigheid: „Wanneer zult Gij tot mij komen?” (Ps. 101:2). Hoe weinigen hebben behagen in Hem Die de banier draagt boven tienduizend en Die gans begeerlijk is (Hoogl. 5:10,16), met een hart dat naar Hem uitgaat zoals een hert schreeuwt naar de waterstromen (Ps. 42:1).

Lezen: Kolossenzen 3:1-17

Aan de lezer…

Er zijn dagen dat het goed is uzelf eerlijk af te vragen: waar is mijn hart vandaag? Van nature hechten wij ons aan de aarde, en onze genegenheden liggen begraven in de zorgen en voorbijgaande zaken van hier beneden. Wij kunnen ze niet uit eigen kracht naar boven verheffen. Hoe weinigen kunnen eerlijk zeggen dat hun wandel in de hemelen is! Wees eerlijk tegenover uzelf: kent u die tedere gedachten over Jezus, dat verlangen: „Wanneer zult Gij tot mij komen?”

Hebt u daar weinig van, vlucht dan niet van Hem weg, maar zoek de kracht van Zijn opstanding. Uw Hoofd is opgestaan uit de doden en is omhooggegaan; Hij zit aan de rechterhand Gods. Waarom zouden de leden in het stof blijven liggen? Bid dat Hij uw hart tot Zich trekt, zoals een hert schreeuwt naar de waterstromen. Wie Hem leert kennen als Die gans begeerlijk is, zoekt vanzelf de dingen die boven zijn.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

17 april Door Baca’s vallei

Leid mij in Uw waarheid en leer mij.
Psalm 25:5

Wat brengt ons er gewoonlijk toe de waarheid, zoals zij in Jezus is, te omhelzen? Meestal nemen wij haar eerst aan als een leerstelsel, omdat ons oordeel min of meer onderwezen is en onze ogen en ons verstand verlicht zijn om het Woord te verstaan. De leer kan een tijdlang in onze gedachten blijven zweven. Maar daarna, wanneer de Heere ons verder leidt in de kennis van ons eigen hart en ons een dieper besef van onze nood geeft, laat Hij de waarheid van ons hoofd neerdalen in ons hart, en dan wordt zij waarheid. Het is zeer zoet om de leer als waarheid te mogen ervaren. Maar na een tijd hebben wij meer nodig dan de waarheid; wij hebben behoefte aan een zegen.

Wanneer wij in drukkende omstandigheden en op zware, beproevende wegen worden gebracht, dan hebben wij nodig dat de leer, die wij eerst in ons hart als waarheid aannamen, nu door Goddelijke toepassing aan onze ziel gezegend wordt. Wat wij eerst met ons verstand als leer kenden, wordt dus later als waarheid in ons geweten aangenomen en daarna in ons hart als een zegen gekend. En zo vinden wij Gods Woord en eten het op, tot vreugde en blijdschap van ons hart.

Zo is het ook met de hemelvaart van Christus. Eerst ontvangen wij die als een leerstuk, als een groot en heerlijk deel van het plan van de zaligheid. Daarna, wanneer wij er steeds verder in worden ingeleid, beginnen wij te zien wat een wonderlijke waarheid het is een Middelaar te hebben aan de rechterhand van God: een Voorspraak Die door de kracht van Zijn verzoenend bloed en Zijn rechtvaardigende gerechtigheid pleit voor arme, nooddruftige, schuldige zielen. Dit trekt het geloof, de hoop en de liefde van het hart uit naar deze verhoogde en voorbiddende Middelaar. En wanneer de Geest van de Heere dan de kracht en werkzaamheid van deze heerlijke Middelaar in het schuldige geweten openbaart, wordt de waarheid een rijke, zalvende en zoete zegen.

Wij zijn ver van de bevinding af wanneer wij de leer van de genade verwerpen, want alleen die leidt de ziel in een levende bevinding. Wij zouden evengoed kunnen denken ons leven te redden door de botten uit ons lichaam te trekken, als dat wij een zegen voor onze ziel zouden ontvangen door deze leerstukken te loochenen. Ja, wij voelen dagelijks een diepe behoefte aan de leer, wanneer die door Goddelijke kracht in ons hart wordt gedrukt. Wij voelen haar meer als stut en steun van onze ziel dan ik voel hoe mijn arm, wanneer ik hem opgeheven houd, gestut en ondersteund wordt door de botten die God erin geschapen heeft.

Aan de lezer…

Kent u de waarheid wel, maar mist u de zegen? Is de leer van de genade u bekend en dierbaar, en voelt u in drukkende omstandigheden toch een leegte die door weten alleen niet gevuld wordt? Werp de waarheid dan niet weg, want zij is de stut en steun van uw ziel. Maar bid wel dat zij van uw hoofd mag neerdalen in uw hart en daar door Goddelijke toepassing gezegend wordt.

Denk aan de Middelaar aan de rechterhand van God. Eerst kent men Hem als een heerlijk deel van het plan van de zaligheid; maar wanneer de Geest Zijn kracht in een schuldig geweten openbaart, wordt het een rijke, zalvende en zoete zegen dat Hij voor arme, nooddruftige zielen pleit door de kracht van Zijn bloed. Maak dan de bede van deze psalm tot de uwe: „Leid mij in Uw waarheid en leer mij.” Die bede komt uit een behoeftig hart, en zo’n hart laat Hij niet leeg.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina