17 de abril
Gij dan, lijd verdrukkingen, als een goed krijgsknecht van Jezus Christus.
2 Timotheüs 2:3
Wij geraken somtijds in geestestoestanden waarin wij iets meer dan troost behoeven. Een kind zou niet groeien, zo het altijd met snoeperijen gevoed werd. Het heeft lichaamsoefening nodig en moet aan het weder worden blootgesteld; de koude wind moet het in ’t gelaat blazen, en het moet gehard worden, zodat het zowel de koude als de felle vorst kan verduren. Zo wordt het kind van God ook niet altijd vertroeteld en met tekenen van liefde gevoed. Het wordt niet altijd gedragen aan de warme borst of gezoogd door de borsten der vertroosting, maar het moet lessen ontvangen die het tot krijgsman geschikt maken.
Wij weten het: de soldaat heeft met moeilijkheden te kampen. Hij moet de gehele nacht op het natte gras kamperen; hij wordt gekweld door honger en dorst, en hij is verkleumd van koude; hij moet vermoeiende marsen maken; het bulderen van het kanon, het fluiten der geweerkogels, het vloeken en het geschreeuw van de kapiteins horen; hij moet het flikkeren zien van het opgeheven zwaard om hem te vellen, en de bajonet op zijn borst zien, ja, smartelijke en gevaarlijke wonden voelen.
Zo ook is het met de geestelijke krijgsman in Gods legerplaats. Hij moet ook honger en dorst, koude, naaktheid en allerlei ontberingen lijden; geschoten worden door de pijlen van de laster en de vurige schichten van de satan; marsen maken in een vijandelijk land; smartelijke wonden verdragen, en juist door die oefeningen leren een echt krijgsman te worden. Alleen voor zover hij dus geestelijk geoefend is, kan hij de krijgsdienst leren; kan hij weten hoe te vechten en waarlijk strijd te voeren onder de banieren des Heeren tegen de vijanden zijner zaligheid.
Ik zal, omdat G’ in bange dagen
mijn toevlucht waart, van U gewagen;
van U, mijn sterkte, zij mijn zang
en snarenspel mijn leven lang.
Ik heb in nood, aan God verbonden,
in Hem mijn hoog vertrek gevonden.
Ps. 59:10
Aan de lezer…
Hoe vaak bent u al moe geworden van de strijd? Vraagt u zich af waarom de koude wind u zo in het gelaat blaast, waarom de troost zo schaars is en de pijlen van laster en verzoeking u zo dikwijls treffen? Denk dan niet te snel dat de Heere u vergeten is. Een kind dat alleen vertroeteld wordt, groeit niet; en een krijgsknecht leert de dienst niet in het warme huis.
Die harde lessen zijn niet zonder doel. Door de honger en de dorst, door de lange marsen in vijandelijk land en door de wonden die u draagt, leert u strijden onder de banieren des Heeren tegen de vijanden uwer zaligheid. Het is niet uw kracht waarop het rust, maar Zijn hand die u oefent. Lijd dan verdrukkingen als een goed krijgsknecht van Jezus Christus. Hij weet wat u draagt, en Hij Die u in de strijd gesteld heeft, zal u erdoor brengen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Gij dan, lijd verdrukkingen, als een goed krijgsknecht van Jezus Christus.
2 Timotheüs 2:3
Soms komen wij in geestelijke toestanden waarin wij iets meer nodig hebben dan troost. Een kind zou niet groeien als het altijd met snoep gevoed werd. Het heeft lichaamsbeweging nodig en moet aan het weer worden blootgesteld. De koude wind moet het in het gezicht blazen, en het moet gehard worden, zodat het zowel de kou als de felle vorst kan verdragen. Zo wordt ook het kind van God niet altijd vertroeteld en gevoed met tekenen van liefde. Het wordt niet altijd aan de warme borst gedragen of gezoogd aan de borsten van de vertroosting, maar het moet lessen ontvangen die het geschikt maken om een krijgsman te zijn.
Wij weten het: de soldaat heeft met moeilijkheden te kampen. Hij moet de hele nacht op het natte gras kamperen. Hij wordt gekweld door honger en dorst en is verkleumd van de kou. Hij moet vermoeiende marsen maken. Hij moet het bulderen van het kanon horen, het fluiten van de geweerkogels, het vloeken en het geschreeuw van de officieren. Hij moet het opgeheven zwaard zien flikkeren dat hem wil vellen en de bajonet op zijn borst zien, ja, pijnlijke en gevaarlijke wonden voelen.
Zo is het ook met de geestelijke krijgsman in Gods legerplaats. Ook hij moet honger en dorst, kou, naaktheid en allerlei ontberingen lijden. Hij wordt getroffen door de pijlen van de laster en de vurige pijlen van de satan. Hij moet marsen maken in een vijandelijk land en pijnlijke wonden verdragen, en juist door die oefeningen leert hij een echte krijgsman te worden. Alleen voor zover hij zo geestelijk geoefend is, kan hij de krijgsdienst leren. Alleen dan kan hij weten hoe hij moet vechten en werkelijk strijd moet voeren onder de banieren van de Heere tegen de vijanden van zijn zaligheid.
Ik zal, omdat G’ in bange dagen
mijn toevlucht waart, van U gewagen;
van U, mijn sterkte, zij mijn zang
en snarenspel mijn leven lang.
Ik heb in nood, aan God verbonden,
in Hem mijn hoog vertrek gevonden.
Ps. 59:10
Aan de lezer…
Hoe vaak bent u al moe geworden van de strijd? Vraagt u zich af waarom de koude wind u zo in het gezicht blaast, waarom de troost zo schaars is en de pijlen van laster en verzoeking u zo vaak treffen? Denk dan niet te snel dat de Heere u vergeten is. Een kind dat alleen vertroeteld wordt, groeit niet; en een soldaat leert de krijgsdienst niet in een warm huis.
Die harde lessen zijn niet zonder doel. Door de honger en de dorst, door de lange marsen in vijandelijk land en door de wonden die u draagt, leert u strijden onder de banieren van de Heere tegen de vijanden van uw zaligheid. Het rust niet op uw kracht, maar op Zijn hand die u oefent. Lijd dan verdrukkingen als een goed krijgsknecht van Jezus Christus. Hij weet wat u draagt, en Hij Die u in de strijd geplaatst heeft, zal u erdoorheen brengen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Thou therefore endure hardness, as a good soldier of Jesus Christ.
2 Timothy 2:3
We often get into states and frames of mind, where we need something else besides consolation. A child would not grow, if it were always fed upon sweets. It must have exercise, and be exposed to the weather, and have the cold winds blow upon its face, and be hardened, so as to enable it to bear the chill winter and the nipping frosts.
So the child of God is not always petted, and fed upon love-tokens. He is not always carried in the warm bosom, or nursing the breasts of consolation, but he has to learn lessons to fit him to be a soldier. The soldier, we know, has to endure hardships. He has to lie all night upon the wet grass; to be pinched with hunger, parched with thirst, and nipped with cold; to make demanding marches; to hear the roar of the cannon and the whistling of the bullets, “the thunder of the captains and the shouting;” to see the flash of the saber uplifted to cut him down, and the glitter of the bayonet at his breast, aye, and to feel painful and dangerous wounds.
So with the spiritual soldier in God’s camp. He has to hunger and thirst, to suffer cold, nakedness, and hard privations, to be shot at by the arrows of calumny and the fiery darts of Satan, to make demanding marches through an enemy’s country, to suffer painful wounds, and by these very exercises learn to be a soldier. Only so far as he is thus exercised spiritually can he learn the art of war, can he know how to fight and make effectual battle under the banners of the Lord against the enemies of his salvation.
To the reader…
How often have you grown weary of the battle? Do you wonder why the cold wind blows so hard in your face, why comfort is so scarce and the arrows of slander and temptation strike you so often? Then do not be too quick to think that the Lord has forgotten you. A child that is only ever pampered does not grow; and a soldier does not learn warfare in a warm house.
Those hard lessons are not without purpose. Through the hunger and thirst, through the long marches in enemy country and through the wounds you bear, you learn to fight under the banners of the Lord against the enemies of your salvation. It does not rest on your strength, but on His hand that trains you. So endure hardness as a good soldier of Jesus Christ. He knows what you carry, and He Who has placed you in the battle will bring you through it.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Tú pues, sufre trabajos como fiel soldado de Jesucristo.
2 Timoteo 2:3
A menudo entramos en estados y disposiciones de ánimo en que necesitamos algo más que consuelo. Un niño no crecería si siempre se le alimentara de dulces. Tiene que hacer ejercicio, estar expuesto a la intemperie, sentir los vientos fríos en la cara y endurecerse, para poder soportar el invierno helado y las heladas cortantes.
Así el hijo de Dios no siempre es mimado y alimentado con prendas de amor. No siempre es llevado en el seno cálido, ni mama siempre de los pechos de la consolación, sino que tiene que aprender lecciones que le preparen para ser soldado. El soldado, como sabemos, tiene que sufrir penalidades. Tiene que pasar la noche entera tendido sobre la hierba mojada; ser apretado por el hambre, abrasado por la sed y entumecido por el frío; hacer marchas fatigosas; oír el rugido del cañón y el silbido de las balas, “el grito de los capitanes, y la vocería”; ver el destello del sable levantado para abatirle, y el brillo de la bayoneta ante su pecho; sí, y sentir heridas dolorosas y peligrosas.
Así es con el soldado espiritual en el campamento de Dios. Tiene que padecer hambre y sed, sufrir frío, desnudez y duras privaciones, ser blanco de las flechas de la calumnia y de los dardos de fuego de Satanás, hacer marchas fatigosas por tierra enemiga, sufrir heridas dolorosas, y por medio de estos mismos ejercicios aprender a ser soldado. Solo en la medida en que es así ejercitado espiritualmente puede aprender el arte de la guerra, puede saber cómo pelear y librar batalla eficaz bajo las banderas del Señor contra los enemigos de su salvación.
Al lector…
¿Cuántas veces se ha cansado usted de la batalla? ¿Se pregunta por qué el viento frío le sopla tan fuerte en la cara, por qué el consuelo es tan escaso y por qué las flechas de la calumnia y de la tentación le alcanzan tan a menudo? Entonces no se apresure a pensar que el Señor le ha olvidado. Un niño al que solo se mima no crece; y un soldado no aprende la guerra en una casa caliente.
Esas duras lecciones no carecen de propósito. Por el hambre y la sed, por las largas marchas en tierra enemiga y por las heridas que lleva, aprende usted a pelear bajo las banderas del Señor contra los enemigos de su salvación. No descansa en su fuerza, sino en Su mano que le adiestra. Sufra, pues, trabajos como fiel soldado de Jesucristo. Él sabe lo que usted lleva, y Aquel que le ha puesto en la batalla le sacará de ella.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl