Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

9 Augustus

De godzaligheid is tot alle dingen nut. 1 Timotheüs 4:8

Wat betekent „nut”? Ik kan het in weinige woorden zeggen: wat goed voor de ziel is. „Godzaligheid” nu is tot alle dingen nut, daar zij in alle omstandigheden voor de ziel goed is. Hier staat zij alleen en afgescheiden van alles in een wereldse natuur. Hier is zij afgescheiden van „lichamelijke oefening, die tot weinig nut is. Zij is nut tot alle dingen.” In krankheid en gezondheid; bij zonneschijn en storm; op de bergen en in de valleien; onder welke omstandigheid het kind Gods zich moge bevinden — de „Godzaligheid” of liever de „oefening” van Godzaligheid is nut. En door deze omstandigheid wordt zij geoefend. Zij leeft in het gezicht der beproevingen; zij wordt versterkt door tegenkanting; zij zegeviert door een nederlaag; zij overwint, in spijt van elke vijand; zij weerstaat elke storm en leeft. Zij verslapt, niet zoals „lichamelijke oefening”; zij bloeit en verwelkt niet in een uur; zij is niet gelijk de wonderboom van Jona, die in één nacht opgroeide en verdorde; zij verlaat de ziel niet, wanneer deze door de afgrijselijkheden der wanhoop wordt bestormd en zij het meest vertroosting behoeft; zij is geen veranderlijke, valse vriend, die ons in de duisternis en bij de bewolkte dagen van de tegenspoed de rug toekeert. Zij is „een vriend, die ons altijd liefheeft”, want Hij, die ze werkt, is ons nader dan een broeder. Zij kan komen aan een krankbed, wanneer het lichaam gekweld wordt door smarten; zij kan een gevangenis binnentreden, zoals bij Paulus en Silas, met hun voeten in de stok; zij kan met de martelaars de brandstapel beklimmen en heeft bewezen dit te kunnen; zij schudt het doodsbed zacht; zij voert de ziel naar de eeuwigheid, en daarom is zij „tot alle dingen nut”. Zij is een standvastige vriend; een goed reisgezel; het leven van de ziel; de gezondheid van het hart; wat meer is, zij is „Christus” zelf in u; „de hope der heerlijkheid”. Zij is Gods eigen werk, Gods eigen genade, Gods eigen Geest, Gods eigen leven, en daarom is zij „tot alle dingen nut.”

In God is al mijn heil, mijn eer,
mijn sterke rots, mijn tegenweer,
God is mijn toevlucht in het lijden.
Vertrouw op Hem, o volk, in smart,
stort voor Hem uit uw ganse hart,
God is een toevlucht t’ alle tijden.

Ps. 62:5

Zijn Biografie, Preken en Bijbels Dagboek

Donatie

Welkom op deze website. Hier vindt u de Bijbelse dagboeken "Korenaren uit de volle oogst" "Door Baca's Vallei" en "365 Dagen Met Philpot" van J.C. Philpot.

J.C. Philpot

Philpot werd geboren in Ripple in het Engelse graafschap Kent, iets ten noorden van Dover. Hij studeerde in Londen en in Oxford en werd op 26-jarige leeftijd in Stadhampton bevestigd tot predikant van de Kerk van Engeland.

Na een lange 'worsteling' onttrok Philpot zich in 1835 aan de staatskerk. Hij schrijft daarover in één van zijn preken: Ik verlaat de Kerk van Engeland omdat ik in haar nauwelijks een merkteken van de ware kerk bespeuren kan. Hij sloot zich aan de baptistengemeenten, die later de Gospel Standard Strict Baptists zouden worden genoemd. Philpot was een van de eerste redacteuren van het kerkblad The Gospel Standard.

In 1838 werd Philpot predikant van de Strict Baptist-gemeenten Stamford en Oakham. Zijn laatste levensjaren bracht hij door in de Londense buitenwijk Croydon. Hij stierf eind 1869. Joseph Charles Philpot ligt begraven op de Algemene Begraafplaats aan de Queens Road in Croydon.