23 januari
De treden des mans zijn van de Heere, hoe zou dan een mens zijn weg verstaan?
Spreuken 20:24
Trilt uw hart niet dikwijls van vrees dat u niets hebt dan een naambelijdenis, dat de god van de wereld u verblindt en dat uw geweten verhardt door de bedrieglijkheid van de zonde? Het is goed zulk een vrees te voelen. Wie niet vreest, wie geen ernstige vermoedens, geen angstig vragen heeft, wie nooit gekweld wordt door inwendige verschrikkingen van de ziel, van die is het te vrezen dat hij nooit geweten heeft wat het is „dat de Heere met een kaars zijn ingewanden doorzoekt”. Maar als God in uw ziel een geestelijk leven gewekt heeft en u oren hebt om te horen, wil ik u twee vragen stellen: Hebt u rechtvaardigmaking verkregen door een openbaring van Christus’ rechtvaardigheid; vergeving door de toepassing van Christus’ bloed; liefde door een uitstorting van liefde; verlossing door het ontdekken van Gods uitgestrekte hand?
Mijn andere vraag is deze: Als u nog nooit – en dat uw geweten een eerlijk antwoord geve – rechtvaardigmaking, vergeving, liefde en verlossing gevoeld hebt, is er dan een roepen naar in uw ziel? Is daar iets als een vurig smeken dat God ze u mocht schenken? Is er iets van een zucht uit de diepte van uw geest, dat de Heere ze u mocht openbaren? Dit zijn de kentekenen van dat leven; en hij die deze kentekenen heeft, zal de zegen ontvangen, omdat God in hem een geestelijk leven heeft doen ontstaan.
Het mag lang duren, maar eindelijk zal Hij komen; „Hij zal gewisselijk komen en niet achterblijven.” Hij moge teruggehouden worden met wijze bedoelingen, en u kunt nog menige donkere tijd, nog menig bang uur moeten doorworstelen, maar verlossing is zeker; zij is voor u weggelegd in Christus, en u bent voor haar weggelegd, door God bestemd tot behoud, dat u zal geopenbaard worden in de laatste tijd.
Kom mij te hulp; mijn ziel, die U verbeidt,
heeft Uw bevel met lust en liefd’ ontvangen.
Ik haak, o Heer, naar ’t heil mij toegezeid.
Ps. 119:87
Aan de lezer…
Trilt uw hart, lezer, van vrees dat u niets meer hebt dan een naambelijdenis? Weet dan dat het goed is zulk een vrees te kennen. Wie nooit vraagt, nooit beeft en nooit gekweld wordt, heeft reden tot zorg. Maar geef uw geweten nu eens een eerlijk antwoord: hebt u de vergeving en de liefde van Christus nog niet gevoeld, is er dan een roepen naar in uw ziel? Een zucht uit de diepte, dat de Heere ze u toch mocht openbaren?
Als dat zo is, dan zijn dat de kentekenen van leven, en dat leven is niet uit uzelf. God heeft het gewekt, en wat Hij begint, laat Hij niet liggen. De treden des mans zijn van de Heere; u hoeft uw weg niet te verstaan om erop geleid te worden. Het mag lang duren, en er kunnen nog donkere uren komen, maar Hij zal gewisselijk komen en niet achterblijven. Wacht dan op Hem. De verlossing is voor u weggelegd in Christus.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
De treden des mans zijn van de Heere, hoe zou dan een mens zijn weg verstaan?
Spreuken 20:24
Beeft uw hart niet vaak van vrees dat u niets meer hebt dan een naambelijdenis, dat de god van deze wereld u verblindt en dat uw geweten verhard raakt door de bedrieglijkheid van de zonde? Het is goed zo’n vrees te voelen. Wie niet vreest, wie geen ernstige vermoedens en geen angstige vragen heeft, wie nooit gekweld wordt door innerlijke verschrikkingen van de ziel, van hem is te vrezen dat hij nooit geweten heeft wat het is „dat de Heere met een kaars zijn ingewanden doorzoekt”. Maar als God in uw ziel geestelijk leven gewekt heeft en u oren hebt om te horen, wil ik u twee vragen stellen. De eerste is: hebt u rechtvaardigmaking ontvangen door een openbaring van Christus’ gerechtigheid, vergeving door de toepassing van Christus’ bloed, liefde door een uitstorting van liefde, en verlossing doordat u Gods uitgestrekte hand ontdekte?
Mijn andere vraag is deze, en laat uw geweten er een eerlijk antwoord op geven: als u nog nooit rechtvaardigmaking, vergeving, liefde en verlossing gevoeld hebt, is er dan een roepen om die dingen in uw ziel? Is er iets als een vurig smeken dat God ze u zou schenken? Is er iets van een zucht uit de diepte van uw geest dat de Heere ze u zou openbaren? Dat zijn de kenmerken van dat leven. Wie deze kenmerken heeft, zal de zegen ontvangen, omdat God in hem geestelijk leven heeft doen ontstaan.
Het kan lang duren, maar uiteindelijk zal Hij komen: „Hij zal gewisselijk komen en niet achterblijven.” Het kan zijn dat Hij om wijze redenen wordt tegengehouden, en dat u nog menige donkere tijd en menig bang uur moet doorworstelen, maar de verlossing is zeker. Zij is voor u weggelegd in Christus, en u bent voor haar weggelegd, door God bestemd tot de zaligheid die in de laatste tijd aan u geopenbaard zal worden.
Kom mij te hulp; mijn ziel, die U verbeidt,
heeft Uw bevel met lust en liefd’ ontvangen.
Ik haak, o Heer, naar ’t heil mij toegezeid.
Ps. 119:87
Aan de lezer…
Trilt uw hart van vrees dat u niets meer hebt dan een naambelijdenis? Weet dan dat het goed is zo’n vrees te kennen. Wie nooit vragen stelt, nooit beeft en nooit gekweld wordt, heeft reden tot zorg. Maar geef uw geweten nu eens een eerlijk antwoord: als u de vergeving en de liefde van Christus nog niet gevoeld hebt, is er dan een roepen daarnaar in uw ziel? Is er een zucht uit de diepte, dat de Heere ze u toch zou openbaren?
Als dat zo is, dan zijn dat de kenmerken van leven, en dat leven komt niet uit uzelf. God heeft het gewekt, en wat Hij begint, laat Hij niet liggen. De treden des mans zijn van de Heere; u hoeft uw weg niet te begrijpen om erop geleid te worden. Het kan lang duren, en er kunnen nog donkere uren komen, maar Hij zal gewisselijk komen en niet achterblijven. Wacht dan op Hem. De verlossing ligt voor u weggelegd in Christus.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Man’s goings are of the Lord; how can a man then understand his own way?
Proverbs 20:24
Does not your heart sometimes quake with fear lest you have nothing but a nominal profession, lest the god of this world is blinding you, and lest your conscience be hardened through the deceitfulness of sin? It is good to have such fears. He who fears not, who has no solemn apprehensions, no anxious inquiries, who is never exercised with some internal trepidation of soul, it is much to be feared has never known what it is to have “the candle of the Lord searching all the inward parts of the belly.”
But if God has quickened your soul into spiritual life, and you have ears to hear, I would just put two questions to you—Have you obtained righteousness by a manifestation of Christ’s righteousness; pardon by the application of Christ’s blood; love by a shedding abroad of love; deliverance by a discovery of God’s outstretched hand? My other question is this—If you have not, and let conscience bear its honest testimony—if you have never experienced righteousness, pardon, love, and deliverance, is there a cry in your soul after them? Is there anything like fervent supplication that God would bestow them? Is there anything of a groan in the depth of your spirit that the Lord would reveal them?
These are marks of life; and he that has these marks will have the blessing, because God has quickened him into spiritual life. It may be long delayed, but it will come at last; “it will surely come, it will not tarry.” It may be withheld for wise purposes, and you may have to travel through many a dark season and many an anxious hour, but deliverance is sure; it is reserved for you in Christ, and you are reserved for it, kept by God Himself unto salvation, ready to be revealed in the last time.
To the reader…
Does your heart tremble with fear that you have nothing more than a nominal profession? Know, then, that it is good to have such a fear. Whoever never asks questions, never trembles and is never troubled has reason for concern. But now give your conscience an honest answer: if you have not yet felt the pardon and love of Christ, is there a cry for them in your soul? Is there a sigh from the depths, that the Lord would yet reveal them to you?
If that is so, these are the marks of life, and that life does not come from yourself. God has awakened it, and what He begins He does not leave unfinished. Man’s goings are of the Lord; you do not need to understand your way in order to be led along it. It may take a long time, and there may still be dark hours to come, but it will surely come, it will not tarry. Wait, then, for Him. Deliverance is reserved for you in Christ.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Por Jehová son los pasos del hombre: ¿cómo pues entenderá el hombre su camino?
Proverbios 20:24
¿No tiembla a veces su corazón de temor de que no tenga más que una profesión nominal, de que el dios de este siglo le esté cegando, y de que su conciencia se haya endurecido por el engaño del pecado? Es bueno tener tales temores. Del que no teme, del que no tiene aprensiones solemnes ni preguntas ansiosas, del que nunca es ejercitado por algún temblor interior del alma, mucho hay que temer que nunca haya sabido lo que es tener “la candela de Jehová, que escudriña lo secreto del vientre”.
Pero si Dios ha vivificado su alma a la vida espiritual, y usted tiene oídos para oír, quisiera hacerle solo dos preguntas. ¿Ha obtenido justicia por una manifestación de la justicia de Cristo; perdón por la aplicación de la sangre de Cristo; amor por un derramamiento del amor; liberación por un descubrimiento de la mano extendida de Dios? Mi otra pregunta es esta: si no los ha obtenido, y deje que la conciencia dé su testimonio sincero, si nunca ha experimentado justicia, perdón, amor y liberación, ¿hay en su alma un clamor por ellos? ¿Hay algo semejante a una súplica ferviente de que Dios los conceda? ¿Hay algo de un gemido en lo profundo de su espíritu de que el Señor los revele?
Estas son señales de vida; y el que tiene estas señales tendrá la bendición, porque Dios lo ha vivificado a la vida espiritual. Puede tardar mucho, pero vendrá al fin; “sin duda vendrá; no tardará”. Puede ser retenida con sabios propósitos, y quizá tenga usted que atravesar muchos tiempos oscuros y muchas horas de ansiedad, pero la liberación es segura; está reservada para usted en Cristo, y usted está reservado para ella, guardado por Dios mismo para salud, preparada para ser manifestada en el postrimero tiempo.
Al lector…
¿Tiembla su corazón de temor de que no tenga más que una profesión nominal? Sepa, pues, que es bueno tener tal temor. Quien nunca se hace preguntas, nunca tiembla y nunca se inquieta, tiene motivo de preocupación. Pero ahora dé a su conciencia una respuesta sincera: si todavía no ha sentido el perdón y el amor de Cristo, ¿hay en su alma un clamor por ellos? ¿Hay un suspiro desde lo profundo, de que el Señor todavía se los revele?
Si es así, estas son las señales de la vida, y esa vida no viene de usted mismo. Dios la ha despertado, y lo que Él comienza no lo deja sin terminar. Por Jehová son los pasos del hombre; usted no necesita entender su camino para ser guiado por él. Puede tardar mucho, y quizá vengan todavía horas oscuras, pero sin duda vendrá; no tardará. Espérele, pues. La liberación está reservada para usted en Cristo.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl