Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

4 mei Korenaren uit de volle oogst

En hij heeft aan de beloftenis Gods niet getwijfeld door ongeloof; maar is gesterkt geweest in het geloof, gevende God de ere; en ten volle verzekerd zijnde, dat hetgeen beloofd was, Hij ook machtig was te doen.
Romeinen 4:20, 21

Dit was dus het geloof van Abraham. Het was een vast vertrouwen op de beloften die God hem gedaan had, en toch een geloof dat leefde onder strijd: hopen tegen hoop, en ten volle overtuigd dat God wat Hij beloofd had, ook zou doen. Als ons geloof echt is, moet het dus lijken op dat van Abraham. Het moet verankerd zijn in de Waarheid van God, die leven en Geest aan onze ziel gaf. Het moet het hoofd bieden aan elke tegenstand van buiten en van binnen: aan de zonde, de satan en de wereld, aan de natuur, het vlees en de rede, die zich allemaal samen verenigen.

Maar ondanks alles moet ik hopen tegen hoop, en ten volle verzekerd zijn dat God wat Hij beloofd heeft, ook kan volbrengen. Ik moet verzekerd zijn dat ik door volharding en geduldig verwachten de overwinning zal behalen.

Neem een ander voorbeeld, dat van Mozes: zijn geloof was van dezelfde aard. „Door het geloof heeft Mozes, nu groot geworden zijnde, geweigerd een zoon van Pharao’s dochter genaamd te worden; verkiezende liever met het volk Gods kwalijk gehandeld te worden, dan voor een tijd de genieting der zonde te hebben” (Hebreeën 11:24, 25). Het bijzondere van het geloof van Mozes was dit: hoewel hij een hoge plaats innam en alle schatten en vermaken van Egypte had kunnen genieten, koos hij er vastberaden voor om de verdrukking te lijden met het volk van God, liever dan alles te genieten wat rijkdom of vleselijk genot kan bieden. Want „hij zag op de vergelding des loons.”

Al wat Hij Izak heeft gezworen,
heeft Hij ook aan zijn uitverkoren’,
aan Jakob, tot een wet gesteld,
van al ’t beloofde heil verzeld,
en aan gans Isrel toegezeid
tot zijn verbond in eeuwigheid.

Ps. 105:6

Aan de lezer…

Het kan zijn dat u meent dat uw geloof niet echt kan zijn, omdat het zo vaak onder strijd moet leven. Kijk dan naar Abraham. Zijn geloof was geen rustig bezit zonder tegenspraak. Het was hopen tegen hoop, terwijl de natuur, het vlees en de rede allemaal tegen hem spraken. En toch gaf hij God de eer en hield hij vast dat God wat Hij beloofd had, ook kon doen.

Ook Mozes koos niet het gemakkelijke. Hij had de schatten van Egypte kunnen hebben, maar koos liever ervoor om met het volk van God kwalijk behandeld te worden, omdat hij zag op de vergelding van het loon. Zo mag ook uw geloof, hoe zwak het u ook lijkt, verankerd zijn in de Waarheid van God en niet in wat u ziet of voelt. Twijfel dan niet door ongeloof aan de belofte. Houd u aan Zijn Woord, wacht geduldig, en weet dat Hij Die belooft, het ook doet.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

4 mei 365 dagen met Philpot

Die overwint

Die overwint…
Openbaring 2:17

Het doel van de Heere is ervoor te zorgen dat we „overwinnen”, want de belofte geldt alleen „hem die overwint.” Maar Hij heeft de bedoeling ons te laten „overwinnen” in Zijn kracht alleen, en niet in eigen kracht. Dat leren wij doorgaans erg langzaam. We houden ons de geboden voor ogen en denken dat we, als we ons er ijverig aan houden, uiteindelijk Gods genade zullen verkrijgen en veilig in de hemel zullen komen.

Maar we schieten voortdurend tekort in onze gehoorzaamheid daaraan. Omdat we de strengheid van Gods geboden, de geestelijkheid van de wet en de reikwijdte van het gebod niet kennen, denken we dat de onvolkomenheid beslist in onszelf moet zitten: dat we niet goed hebben opgelet, niet genoeg acht hebben geslagen op de wegen van ons hart, en niet hebben gedaan wat we werkelijk hadden kunnen doen. We weten dan nog niet dat de ingewortelde verdorvenheid van de mens zo groot is dat hij zich nooit aan Gods wet kan houden. We weten niet dat de Heere ons langs deze weg onze zwakheid wil leren kennen. Daarom staan we weer op als iemand die gevallen is, en proberen we opnieuw de wedloop te lopen.

Maar tot onze verbazing zien we onze pogingen steeds mislukken, en zien we dat we niet kunnen zijn wat we zouden willen zijn. We zouden rechtvaardig willen zijn; we zouden heilig willen zijn; we zouden niet willen zondigen; we zouden op onze ogen, oren en ons hart willen letten; we zouden niet naar rechts willen afwijken, en niet naar links.

De Heere laat ons misschien een tijdlang op deze paden van vergeefse moeite voortgaan, maar na enige tijd komt het tot een uitbarsting. De een of andere verzoeking kan ons overvallen die zo zoet is en zo goed uitkomt, dat we er meteen in verstrikt raken, en weg is al onze kracht. Onze voornemens voor de toekomst zijn in één ogenblik verbroken. En langzaam beginnen we in te zien hoe uitermate zwak we zijn tegenover elke willekeurige verzoeking.

Lezen: Openbaring 2:1-11

Aan de lezer…

Wie de Heere zoekt, weet hoe vaak hij opnieuw begonnen is, en misschien geldt dat ook voor u. U nam zich voor beter te letten op uw ogen, uw oren en uw hart, niet af te wijken naar rechts of naar links, en toch viel u weer, soms bij de eerste de beste verzoeking. U dacht dat het aan uw ijver lag, en u spande zich nog meer in, maar het werd niet beter. Misschien bent u er moe en moedeloos van geworden.

Wees dan niet al te bedroefd over dat mislukken. Langzaam, en vaak pijnlijk, leert de Heere u daarin wat u uit uzelf nooit zou geloven: hoe uitermate zwak u bent. Dat is geen nederlaag in Zijn ogen, maar een les die Hij u wil leren. Want Hij wil dat u overwint, maar niet in eigen kracht. Wie zijn eigen kracht ziet breken, wordt juist zo bereid gemaakt om alles van Hem te verwachten.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

4 mei Door Baca’s vallei

En de vrucht der aarde tot voortreffelijkheid en tot versiering dengenen, die het ontkomen zullen in Israël.
Jesaja 4:2

Onder de „vrucht der aarde” kunnen we die heerlijke en heilige vrucht verstaan die aan de Spruite groeit. Zij wordt blijkbaar de „vrucht der aarde” genoemd omdat zij op aarde gezien werd toen de Heere op aarde was. Hier worden dus niet alleen de woorden, werken en daden bedoeld, alle gelijkenissen, leerstellingen, geboden en beloften die de Zoon van God in de dagen van Zijn vlees met Zijn mond voortbracht. Ook alle weldaden en zegeningen zijn bedoeld die in de weg van de verlossing uit Zijn gezegende Persoon voortkwamen en als het ware als heilige vruchten uit Hem als de Spruite opgroeiden. Daartoe behoren Zijn verzoenend bloed, Zijn heerlijke rechtvaardigheid, Zijn stervende liefde, Zijn opstanding en hemelvaart, en Zijn macht om volkomen zalig te maken allen die door Hem tot God gaan. Dit alles kan beschouwd worden als de vrucht der aarde, omdat Hij het op aarde gewrocht heeft in de dagen van Zijn vlees, toen Zijn gezegende voeten over deze aarde gingen.

Deze vrucht is voortreffelijk voor hen die het ontkomen zullen in Israël. Men ziet er een Goddelijke voortreffelijkheid in. Daarom is er geen feil of fout in. Zij is voortreffelijk in al haar delen en volmaakt in de hoogste graad. Daarom wordt zij zo voortreffelijk geacht, omdat zij Gods heerlijkheid dient en zo goed past bij elk gebrek en elk leed van hen die overgebleven zijn in Sion en overgelaten zijn in Jeruzalem.

En zij is ook tot „versiering”. In Zijn lijden, Zijn bloedstorting, Zijn gehoorzaamheid, Zijn heilig leven en Zijn verzoenende dood ligt een alles overtreffende sierlijkheid, omdat in dit alles een Goddelijke glans en heerlijkheid doorstraalt. Het is hetzelfde woord dat vertaald is met „schoonheid” of „heerlijkheid”, zoals we dat vinden in Exodus 28:2 bij de heilige klederen van Aäron, die Mozes liet maken: de klederen waarmee hij gekleed was in de dienst van de Heere, wanneer hij het heilige binnenging. Zo bedient nu onze grote Hogepriester binnen het voorhangsel Zijn ambten in de heiligheid en schoonheid van Zijn verheerlijkte mensheid.

En wanneer dit door het geloof gezien en verstaan wordt, dan zingt de kerk: „Ik heb grote lust in Zijn schaduw en zit eronder; en Zijn vrucht is mijn gehemelte zoet.” „Groot is Zijn eer door Uw heil; majesteit en heerlijkheid hebt Gij Hem toegevoegd.”

Aan de lezer…

Arme ziel, voelt u zich als één van die weinigen „die het ontkomen zullen”, een overblijfsel, arm en klein, met veel gebrek en leed? Juist voor zulke mensen is de vrucht der aarde bestemd. Alles wat de Zoon van God op deze aarde gewrocht heeft, toen Zijn gezegende voeten erover gingen, Zijn verzoenend bloed, Zijn heerlijke rechtvaardigheid, Zijn stervende liefde, is voortreffelijk en zonder feil. Het past zo goed bij elk gebrek van de ellendigen in Sion.

U hoeft geen eigen sieraad mee te brengen om tot Hem te naderen. Zoals Aäron gekleed werd in heilige klederen tot heerlijkheid en sierlijkheid, zo bedient nu de grote Hogepriester binnen het voorhangsel Zijn ambt in heiligheid. Zijn schoonheid is de versiering van Zijn volk. Moge het geloof u dit laten zien, zodat u met de kerk mag zingen: „Ik heb grote lust in Zijn schaduw en zit eronder; en Zijn vrucht is mijn gehemelte zoet.”

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina