Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

3 mei Korenaren uit de volle oogst

In de wereld zult gij verdrukking hebben; maar hebt goede moed, Ik heb de wereld overwonnen.
Johannes 16:33

Is onze weg niet min of meer een pad van verdrukkingen geweest, sinds het de Heere behaagde onze voeten voor het eerst op het enge pad te zetten? Maar hebben wij altijd vrede in Jezus gevonden, en vinden wij die altijd in Hem? Wensen wij daar vrede te vinden? Zien wij uit naar vrede van een andere kant, verwachten wij die daar te genieten? Durven wij ook maar één ogenblik te denken aan vrede in onszelf, vrede in de wereld, vrede in de zonde? Is ons hart zo aan Jezus gehecht, is ons oog zo op Hem gericht, gaan de begeerten van onze ziel zo uit naar de openbaringen van Zijn barmhartigheden en liefde, dat wij zeker weten dat er geen vrede die die naam verdient te vinden is dan in Hem?

Onze tijden van vrede zijn misschien niet erg lang geweest. Zij waren misschien kort, heel kort, en toch waren ze zoet zolang ze duurden. Ze waren genoeg om te laten zien wat ware vrede is, en genoeg om ons vuriger te laten verlangen naar een duidelijker openbaring en een voller genieten van de vrede. En toch vat de Heere het alles samen in deze plechtige en gezegende verklaring: hoewel wij op ons aangewezen pad in de wereld verdrukking hebben, heeft Hij de wereld overwonnen. De zonde zal niet over ons heersen, de wereld zal ons niet overweldigen, de dingen van de tijd en van de zinnen zullen over ons niet zegevieren. Hij geeft ons de lieflijke verzekering dat Hij onze strijd zal strijden en ons meer dan overwinnaar zal maken.

Laat ons alom zijn lof ontvouwen!
In Hem verblijdt zich ons gemoed,
omdat wij op zijn naam vertrouwen,
die naam zo heilig, groot en goed.
Goedertieren Vader, milde zegenader,
Stel Uw vriend’lijk hart, op welks gunst wij hopen,
eeuwig voor ons open;
Weer steeds alle smart.

Ps. 33:11

Aan de lezer…

Hoe vaak is uw weg een pad van verdrukking geweest, sinds de Heere uw voeten op het enge pad zette? Dat is niet vreemd, want Hij heeft het Zelf gezegd. Maar waar zoekt u dan uw vrede? Misschien nog een beetje in uzelf, of in de wereld, of in iets wat u liever niet noemt. Daar is zeker geen vrede die die naam verdient.

Uw tijden van vrede in Jezus waren misschien kort, heel kort. Maar weet u nog hoe zoet zij waren? Zij waren genoeg om u te laten zien wat ware vrede is, en om u vuriger te laten verlangen. Laat die herinnering u niet moedeloos maken, maar u terugdrijven naar Hem. Hij heeft de wereld overwonnen. De zonde zal niet over u heersen en de wereld zal u niet overweldigen, want Hij zal uw strijd strijden. Heb dan goede moed, niet in uzelf, maar in Hem.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

3 mei 365 dagen met Philpot

Die overwint

Die overwint…
Openbaring 2:17

Ik ken geen treffender en belangrijker gedeelte van Gods Woord dan wat er in de eerste drie hoofdstukken van het boek Openbaring staat. Met wat een ernstig gezicht werd Johannes begunstigd, toen de Heere van het leven en van de heerlijkheid aan hem verscheen op de wijze die in het eerste hoofdstuk wordt beschreven! Hoewel Johannes de apostel van de liefde was en zelfs aan de borst van de Heere had gelegen toen Hij op aarde was, had dit heerlijke gezicht zo’n uitwerking op hem dat hij „als dood aan Zijn voeten viel.” Dit gezicht was de voorbereiding op de boodschappen die de Heere hem gaf voor de zeven gemeenten in Klein-Azië.

Het is opmerkelijk dat in elke boodschap aan iedere gemeente drie dingen herhaald worden. Tot alle gemeenten zegt de Heere: „Ik weet uw werken”; tot alle gemeenten verklaart Hij: „Die oren heeft, hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt”; en aan alle gemeenten wordt een belofte gedaan, hoewel die voor iedere gemeente anders van aard is: „Die overwint…”

Wat leren we uit deze drie kenmerken die zo op elke boodschap aan de gemeenten gestempeld zijn? We leren ten eerste dat de Verlosser alle harten doorziet en de nieren proeft. We leren ten tweede hoe groot het belang is van de boodschap die Hij geeft, een boodschap die toch niemand wil horen en opvolgen, behalve zij aan wie God een oor gegeven heeft om te horen. En we leren ten derde wat een zoete beloften de Heere doet aan hem die overwint in de geestelijke strijd.

Lezen: Openbaring 1:9-20

Aan de lezer…

Er zijn tijden dat u ervan schrikt dat de Heere zegt: „Ik weet uw werken.” Hij doorziet de harten en proeft de nieren; niets is voor Hem verborgen. Zelfs Johannes, die aan Zijn borst had gelegen, viel als dood aan Zijn voeten toen hij Hem in Zijn heerlijkheid zag. Het is goed dat wij zo met ontzag voor Hem leren staan, want pas dan leren wij ook naar Zijn stem te luisteren.

Maar Hij Die zo alles weet, spreekt niet alleen om te ontdekken. Aan iedere gemeente geeft Hij een zoete belofte: „Die overwint…” Voelt u zich zwak in de strijd, en hebt u meer nederlagen dan overwinningen gezien? Heeft God u een oor gegeven om te horen, dan is die belofte ook voor u bedoeld. Hij Die uw werken kent, kent ook uw worsteling, en Hij zal de strijder niet vergeten.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

3 mei Door Baca’s vallei

Te dien dage zal des Heeren Spruite zijn tot sieraad en tot heerlijkheid.
Jesaja 4:2

Waar in de hemel of op aarde kan zo’n beminnelijk Voorwerp gevonden worden als de Zoon van God? „Wat is uw Liefste meer dan eens anders liefste?” vragen de gezellinnen van de bruid. Maar zij antwoordt: „Mijn Liefste is blank en rood; Hij draagt de banier boven tienduizend.” Als u nooit enige schoonheid in Jezus gezien hebt, dan hebt u Jezus nooit gezien. Dan heeft Hij Zichzelf nooit aan u geopenbaard. U hebt dan nooit een glimp van Zijn beminnelijk aangezicht ontvangen, nooit iets van Zijn tegenwoordigheid gesmaakt en nooit een woord van Zijn lippen gehoord, en ook heeft Zijn hand u niet aangeraakt.

Maar als u Hem gezien hebt met het oog van het geloof, en Hij Zich, al was het maar door een kiertje, aan u heeft ontdekt, dan hebt u in Hem een schoonheid waargenomen die alles te boven gaat. Want het is een heilige schoonheid, een Goddelijke schoonheid, de schoonheid van Zijn hemelse genade, de schoonheid van Zijn ongeschapen en eeuwige heerlijkheid. Het is een schoonheid die op aarde niet te vinden is en die door geen man of vrouw bezeten kan worden. Zelfs Adam bezat haar niet in zijn onschuld vóór de val, en ook zijn schone metgezellin Eva niet, met al haar deugd, bevalligheid en waardigheid. Want het is de schoonheid van de heerlijke Zoon van God, die Hij voor altijd draagt als de Zoon van de Vader, in waarheid en liefde.

En zo schoon als Hij is, zo „heerlijk” is Hij ook. O, wat een heerlijkheid ziet het geloof soms in Zijn eeuwige Godheid, in Zijn Goddelijk Zoonschap, in wat Hij in Zichzelf is als het afschijnsel van Gods heerlijkheid en het uitgedrukte beeld van Zijn zelfstandigheid, en in wat Hij voor ons geworden is: wijsheid, rechtvaardigheid, heiligmaking en verlossing. Hoe heerlijk toont Hij Zich in Zijn verzoenend bloed en stervende liefde! Zelfs wanneer Hij in de donkere hof van Gethsémané grote druppels bloed zweette, en wanneer Hij in pijn en doodsstrijd aan het kruis hing, ziet het geloof schoonheid in de heerlijke Verlosser, ook in de diepste diepten van schande en schaamte.

Was er geen heerlijkheid in Zijn nederige gehoorzaamheid, in Zijn geduld onder het lijden, in Zijn onderwerping aan de wil van Zijn Vader? In Zijn berusting, dat wil zeggen, in Zijn gelatenheid onder de zwaarste slagen van de wrekende gerechtigheid? In het dragen van onze zonden in Zijn heilig lichaam op het hout, waardoor Hij de zonde tenietdeed door de offerande van Zichzelf? Maar vooral ziet het geloof Hem heerlijk opstaan uit de dood, opvaren naar de hemel en zitten aan de rechterhand van de Vader, gekroond met eer en heerlijkheid, terwijl alle dingen onder Zijn voeten gesteld zijn.

Aan de lezer…

Hebt u ooit, al was het maar door een kiertje, iets van de schoonheid van Christus gezien? Dat is een ernstige vraag, want wie nooit schoonheid in Jezus zag, heeft Jezus nooit gezien. Maar is uw hart weleens naar Hem uitgegaan, zodat u met de bruid moest zeggen: „Mijn Liefste is blank en rood; Hij draagt de banier boven tienduizend”? Dan heeft Hij Zich aan u ontdekt, hoe klein die glimp ook was.

Wees dan niet bedroefd dat het zo weinig is en zo zelden komt. Wat u zag, was geen aardse schoonheid, maar de heilige schoonheid van de Zoon van God, des Heeren Spruite, tot sieraad en tot heerlijkheid. Het geloof ziet die heerlijkheid zelfs in Gethsémané en aan het kruis, in Zijn diepe vernedering voor zondaren. En dezelfde Verlosser zit nu aan de rechterhand van de Vader, gekroond met eer. Zoek Hem dan opnieuw. Hij Die Zich eens liet zien, kan en wil Zich weer openbaren aan wie naar Hem verlangt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina