Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

21 maart Korenaren uit de volle oogst

Want Ik ben de Heere uw Heelmeester.
Exodus 15:26

Hoe geneest God de ziekten van Zijn volk? Hij geneest ze vooral door ze te bedwingen, want in dit leven worden zij nooit helemaal genezen. De belofte luidt: „Hij zal onze ongerechtigheden dempen” (Micha 7:19). Ze dempen betekent: hun macht bedwingen. Zo ziet Hij iemand die lijdt onder ongeloof: Hij schenkt hem geloof, en dat dempt zijn ongeloof. Hier is een andere arme, kwijnende patiënt, die bezwijkt van vermoeidheid: Hij geeft hem kracht.

Hier is weer een ander, die treurt over zijn verdorvenheid: Hij geeft een druppel van Zijn bloed om zijn geweten te reinigen, en een bete van Zijn liefde om zijn hart te verwarmen. Hij ziet een ander die weent onder de hevige aanvallen van de satan: met één blik vlucht de satan en is de ziel bevrijd. Zo gaat Hij met oneindige wijsheid, verbonden met oneindige liefde en macht, van het ziekbed van de ene lijder naar dat van de andere, om genezing te schenken waar Hij komt. Die voortreffelijke Geneesheer heeft een middel voor elke ziekte, en het middel blijkt altijd precies te passen bij wat het ziektegeval vraagt. Het gaat als het ware rechtstreeks naar de juiste plaats. Het geneest de ziekte waar zij zich ook voordoet en wat zij ook is, op de juiste wijze en op het juiste moment.

O, hoe goed is het dan om al zijn ziekten bij de Heere te brengen! Bij lichamelijke ziekte of pijn leggen wij onze kwaal vrijuit bloot voor een geneesheer die wij kunnen vertrouwen; wij vertellen hem elke omstandigheid en elk verschijnsel. Zo moeten wij ook met al onze krankheden tot de Heere gaan. Wij moeten Hem al onze smart en al onze zorgen vertellen, en alles voor Hem blootleggen wat het geweten drukt, het hart pijn doet en de ziel bedroeft. Dan zien en wachten wij tot Hij het woord spreekt, en elke krankheid is genezen.

De Heer wild’ op mijn kermen
zich over mij ontfermen:
Hij heeft mijn stem verhoord.
De Heer zal op mijn smeken
geen hulp mij doen ontbreken:
Hij houdt getrouw Zijn woord.

Ps. 6:9

Aan de lezer…

Misschien gaat u vandaag gebukt onder een kwaal van de ziel die u al jaren met u meedraagt: ongeloof, verdorvenheid, vermoeidheid, of de felle aanvallen van de satan. U hebt er misschien over gezucht dat u er nooit van verlost wordt. Ik zeg het eerlijk: in dit leven worden onze zonden nooit helemaal genezen, maar de Heere dempt ze. Hij schenkt geloof tegen het ongeloof, kracht aan de vermoeide, een druppel van Zijn bloed voor het schuldige geweten.

Waarom zou u dan uw krankheid verbergen? Bij een aardse geneesheer die wij vertrouwen, leggen wij elke omstandigheid bloot. Ga zo ook naar Hem Die zegt: „Ik ben de Heere uw Heelmeester.” Vertel Hem alles wat uw geweten drukt en uw hart pijn doet. Hij gaat met oneindige wijsheid en liefde van het ene ziekbed naar het andere, en Hij heeft een middel dat precies past bij uw nood. Wacht op Hem; één woord van Hem is genoeg.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

21 maart 365 dagen met Philpot

De gave van Christus

Onze Heere Jezus Christus, Die Zichzelf gegeven heeft voor onze zonden, opdat Hij ons trekken zou uit deze tegenwoordige boze wereld, naar de wil van onze God en Vader; Dewelke zij de heerlijkheid in alle eeuwigheid. Amen.
Galaten 1:3-5

De Heere Jezus kwam om ons te verlossen van de wereld in ons, en ook van de wereld buiten ons. Door Zijn stervende liefde en Zijn verzoenend bloed zouden ons een nieuw hart en een nieuwe geest geschonken worden. Zo zouden we niet altijd onze eigen doeleinden blijven najagen en niet altijd uit zijn op het strelen van onze ijdelheid, eerzucht en hebzucht. Het welzijn van de ziel behoort voor ons van veel diepere betekenis te zijn dan het welzijn van ons lichaam, de voorspoed van onze omstandigheden of de vooruitgang van onze gezinnen. We behoren die zelfzuchtige gezindheid, die het levensbloed van een werelds hart is, te haten en te verafschuwen. De redding en heiliging van onze ziel moet onze eerste zorg zijn, en daarnaast moeten we, voor zover we kunnen, de lichamen en zielen van onze medemensen goeddoen.

Daarom gaf onze Heere Zichzelf voor onze zonden, opdat Hij ons ook zou verlossen van de geest van de wereld. En waar is die geest te vinden? In ons eigen hart. We zouden het gezelschap en de grondregels van de wereld buiten ons niet hoeven te vrezen als we niet zoveel van de geest van de wereld in ons hadden. Juist omdat we zoveel brandbaar materiaal in ons hart meedragen, zijn we terecht bang voor vuur.

Als ik in een onbrandbaar huis kon wonen, hoefde ik niet bang te zijn wanneer het huis van mijn buurman in vlammen staat. Maar als mijn huisje een rieten dak heeft, zal ik zeker beven wanneer de vlammen dicht bij mijn woning komen. Zo is het ook in de genade. Als ik volmaakt heilig was, geen boos hart had en niets wist van de zonde in het vlees, hoefde ik niet bang te zijn voor aanraking met de wereld. Maar omdat ik in mijn hart een wereld meedraag die slechts de tegenhanger en het evenbeeld is van de wereld buiten mij, moet ik haar invloed vrezen, en als het ware de adem van de wereld op mij. Want als de geest van de wereld eenmaal mijn gedachten en gevoelens overmeestert, zal hij spoedig elk kwaad in mijn hart doen ontbranden.

Lezen: 1 Timotheüs 6:3-21

Aan de lezer…

Waar, lezer, zit de wereld het diepst? Niet op straat, maar in ons eigen hart. Daar woont die geest die altijd eigen doeleinden zoekt en ijdelheid, eerzucht en hebzucht wil strelen. Het is als een huisje met een rieten dak: omdat er zoveel brandbaar materiaal binnen ligt, beven wij terecht als het vuur dichtbij komt.

Herkent u dat? Voelt u hoe snel de adem van de wereld uw gedachten en gevoelens kan overmeesteren? Wanhoop dan niet aan uzelf, maar vlucht tot Hem Die Zichzelf gaf voor onze zonden, juist om ons ook van de wereld in ons te verlossen. Door Zijn stervende liefde en verzoenend bloed geeft Hij een nieuw hart en een nieuwe geest, waarin het heil van de ziel zwaarder gaat wegen dan alle aardse voorspoed. Bid om dat hart, en wees waakzaam, want de vonk ligt dichterbij dan u denkt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

21 maart Door Baca’s vallei

Het Evangelie der heerlijkheid van Christus, Die het beeld Gods is.
2 Corinthe 4:4

O, wat een schoonheid en heerlijkheid stralen er uit het Evangelie wanneer wij het zien in verband met de Persoon en het werk van de Zoon van God! Neem de leerstukken van de genade los van de Persoon van Christus, dan zijn het verstrooide ledematen; er is geen schoonheid in. Maar beschouw de waarheden van het Evangelie in verband met de Persoon en het werk van de Zoon van God: wat een hemels licht, wat een goddelijke heerlijkheid valt er dan op iedere waarheid, in verband met Zijn heilige Persoon, Zijn verzoenend bloed, Zijn volbracht werk en Zijn stervende liefde! Dit is de juiste manier om het Evangelie op te vatten. Niet als een samenraapsel van lapjes en reepjes, of als een losse verzameling of opzet van bepaalde leerstellingen, die in het Woord van God op en neer drijven als wrakhout van een gestrand schip. Nee, als een welluidend Evangelie, vol genade, barmhartigheid en waarheid, verzadigd met goddelijke heerlijkheid, en dat alles verbonden met en ontspringend uit de Persoon van de Middelaar.

Hoe tilt het ons, zolang wij dat mogen beleven, op boven de zonde en de ellende! Dan zien wij onze volmaaktheid in Christus en ons deel aan Zijn volbracht werk, en beschouwen wij onszelf als leden van Zijn verborgen lichaam, die triomferen in Zijn heilige overwinning. Wij verheugen ons daarin en stijgen met Hem op boven de rook en het rumoer van deze duistere plaats, die de mensen aarde noemen. Zoals iemand die uit de Londense mist opklimt naar een zuivere lucht en zich op een bergtop koestert in de heldere stralen van de zon, zo is het ook met het geliefde kind van God, wanneer het zijn recht duidelijk mag lezen, zijn naam geschreven mag zien in het boek des levens, de liefde van God in zijn hart mag voelen en zich in Christus mag verblijden. Hij wordt boven de rook en de mist van deze duistere plaats verheven. Hij merkt dat hij met Christus zit in de hemel, en hij ervaart een zoete overwinning over iedere inwendige, uitwendige en helse vijand.

En er is geen andere weg die ons daarboven kan brengen. Zoals iemand in de Londense mist daarmee te kampen heeft in het oosten, westen, zuiden en noorden — het is mist en overal mist —, zo is het wanneer wij onderweg overal de zonde en het eigen ik tegenkomen. Of wij nu naar het noorden, zuiden, westen of oosten gaan, wij komen niets dan mist tegen, zware, dichte mist. Wij moeten eruit opklimmen naar de bergtop, en dat kan alleen gebeuren door een zoete overtuiging van ons deel aan het bloed en de liefde van de Zoon van God. Die tilt op en tilt eruit; die alleen geeft kracht en geeft de overwinning. En voor zover wij de werkelijkheid van deze dierbare zaak missen, tasten wij naar de wand als blinden en struikelen wij op woeste plaatsen als kreupelen.

Het is waar dat Gods kinderen meestal maar weinig van deze dierbare gestalten beleven; het is zo genoten en weer weggesloten. Maar het is toch zoveel dat zij de zoetheid, de schoonheid en de heerlijkheid ervan kennen. Daarom is het, zolang zij het beleven, genoeg om hen in hun loop te laten volharden, strijdend totdat zij de eeuwige heerlijkheid bereiken.

Aan de lezer…

Leeft u in een dichte mist, waar u naar alle kanten niets dan zonde en uw eigen ik tegenkomt? Gaat u naar het oosten of naar het westen, het is overal mist, en u tast naar de wand als een blinde. Dan wordt het u duidelijk dat geen leerstelling op zichzelf u daaruit kan halen. De waarheden van het Evangelie zijn als verstrooide ledematen, zolang zij niet gezien worden in verband met de Persoon en het werk van de Zoon van God.

Maar wanneer Christus erin gezien wordt, Zijn verzoenend bloed, Zijn volbracht werk en Zijn stervende liefde, dan straalt er een hemels licht uit. Dan mag een arme ziel als op een bergtop boven de mist uitklimmen en zich in Hem verblijden. Het is waar: Gods kinderen beleven er vaak maar weinig van; het is zo genoten en weer weggesloten. Maar ook dat weinige is genoeg om u te laten volharden, strijdend totdat u de eeuwige heerlijkheid bereikt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina