Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 2 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

2 januari Korenaren uit de volle oogst

Richt u merktekenen op, stelt u spitse pilaren, zet uw hart op de baan, op de weg, die gij gewandeld hebt.
Jeremia 31:21

Op de weg die achter ons ligt, ligt vaak een gezegende bemoediging voor de toekomst. Als wij reizigers zijn op de weg naar Sion, zullen wij ook onze eigen merktekens hebben. Dat kan een duidelijke roeping zijn, een duidelijke verlossing of een genadige openbaring van Christus. Hier is het een belofte die wij ontvingen, daar een antwoord op het gebed, of een bijzondere zegen onder de prediking van het Woord. Het kan een vriendelijke verzekering zijn dat wij deel hebben aan het bloed van het Lam, of een doorbraak van goddelijk licht wanneer wij in grote duisternis wandelen. Soms is het een lieflijke teug troost in een tijd van zorg en benauwdheid, of het tot rust komen van de winden en golven binnen en buiten ons door de woorden: „Ik ben het, vreest niet.” Het is een zegen om zulke tekens te kunnen oprichten, want het is een bewijs dat we op de goede weg zijn.

Velen die God waarlijk vrezen, kunnen zulke duidelijke tekens niet oprichten. Toch zijn zij er niet zonder, en hun getuigenis is even zeker en daarom niet minder toereikend. Denk aan de godsvrucht in een zuiver geweten, de Geest van genade en gebed in hun harten, en hun hartelijke genegenheid voor het volk van God. Denk aan hun liefde tot de Waarheid in haar zuiverheid en kracht, hun ernstig verlangen, hun groeiende hoop en hun bange vrees. Denk aan hun eerlijkheid en eenvoud, die hen waakzaam maken over zichzelf, omdat ze bang zijn zichzelf te bedriegen of te misleiden. Denk aan hun afscheiding van de wereld, hun nederigheid, hun zachtmoedigheid, hun stilheid en hun algemene bezorgdheid, die vaak krachtigere uitspraken en hogere aanspraken beschamen. Deze en soortgelijke bewijzen tekenen velen als kinderen van God, ook al kunnen zij hun aanspraak op dat voorrecht en die zegen niet helder onder woorden brengen.

Maar of de merktekens nu groot of klein zijn, of zij schitteren in het zonlicht of verduisterd zijn in de schemering, de jonkvrouw van Israël wordt altijd opgeroepen „om zich op te richten” en haar hart te zetten op de weg die zij gegaan is.

Gedenk aan ’t woord, gesproken tot Uw knecht,
Waarop Gij mij verwachting hebt gegeven;
Dit is mijn troost, in druk mij toegelegd,
Dit leert mijn ziel U achteraan te kleven;
Al ’t geen Uw mond aan mij had toegezegd,
Gaf aan mijn hart vertroosting, geest en leven.

Ps. 119:25

Aan de lezer…

Vermoeide pelgrim, wanneer u terugkijkt op de weg die achter u ligt, wat vindt u daar? Misschien geen grote en schitterende merktekens: geen helder uur van verlossing, geen woord dat als een bliksem in uw ziel sloeg. En nu vreest u dat u erbuiten staat. Maar kijk dan eens eerlijk naar wat de Heere wél in u gewerkt heeft: een teder geweten, een zucht om genade, een hartelijke liefde tot Zijn volk, een bange vrees om uzelf te bedriegen. Zulke stille tekenen worden niet in een dood hart gevonden.

Het zijn kleine pilaren, soms in de schemering, maar zij staan langs de weg naar Sion. Richt ze dan op, niet om op uzelf te roemen, maar om Hem te gedenken Die ze daar gezet heeft. Hij Die eens tot de bevreesde discipelen zei: „Ik ben het, vreest niet”, spreekt nog steeds tot de bestreden ziel. Zet uw hart op de weg die u gegaan bent, en u zult merken dat het bloed van het Lam u daar al die tijd voorging.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

2 januari 365 dagen met Philpot

Leer mij Uw paden

Heere! Maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden.
Psalm 25:4

Kijk eens naar de wijsheid van de weg van de verlossing. Wat is dat een wijze weg! Wat draagt hij toch duidelijk de kenmerken van de oneindige wijsheid! Geen enkel kenmerk van Gods rechtvaardigheid wordt aangetast, terwijl de zondaar toch wordt gered; het recht lijdt er niet onder en wordt niet afgezwakt, en toch voert de genade de volledige heerschappij. Maar om deel te krijgen aan Gods wijsheid in de weg van de verlossing, moeten we enige hemelse wijsheid in onze ziel bezitten. Dan kunnen we Gods wijsheid in een verborgenheid als het ware met Gods ogen zien.

Maar Gods wegen zijn ook wegen van oneindige genade. Als ik het over Gods wegen heb, bedoel ik vanzelfsprekend Gods wegen met Zijn kinderen. Maar de genade die op al Gods wegen gestempeld staat, wordt meestal pas zichtbaar wanneer die wegen in hun volle genade aan onze blik zijn geopenbaard.

De weg waarlangs de Heere u nu leidt, kan uiterst beproevend en pijnlijk voor uw ziel zijn, zodat u er soms geen wijsheid of genade in ziet. Hij kan zo voor uw ogen verborgen zijn, of zo ingaan tegen uw eigen oordeel en gevoelens en tegen de verlangens van uw eigen hart, dat u er in uw duistere gemoedsgesteldheid alleen maar tegen in opstand komt. Maar Gods wegen zijn toch wegen van oneindige wijsheid. Als u Gods wegen in Zijn vroegere omgang met u kunt zien, ziet u dan niet dat die wegen, die toen allesbehalve wegen van wijsheid en genade leken, juist vol van beide waren?

We kunnen nu zien dat de wegen die destijds zo verward leken dat het onmogelijk scheen dat God er de hand in had, juist de duidelijkste kenmerken dragen van de milde hand van God. Mogen we daarom niet voor de toekomst hopen dat ook het heden en de toekomst duidelijk die kenmerken zullen dragen, nu Gods wegen in het verleden met wijsheid en genade bestempeld waren?

Lezen: Spreuken 3:1-17

Aan de lezer…

Wie nu een weg gaat die uiterst beproevend en pijnlijk is, kan er soms geen wijsheid en geen genade in ontdekken. Is dat ook uw weg? Komt uw hart er soms tegen in opstand, omdat hij zo ingaat tegen alles wat u zelf verlangde? Wees daarover eerlijk voor de Heere; Hij kent die duistere gesteldheid. Maar kijk dan eens terug op Zijn vroegere omgang met u.

Waren er niet wegen die toen zo verward leken dat u nauwelijks geloofde dat God er de hand in had? En dragen juist die nu niet de duidelijkste kenmerken van Zijn milde hand? Dezelfde wijsheid die een weg van verlossing vond, waarin het recht niet lijdt en toch de genade heerst, bestuurt ook uw weg. Mag het verleden u dan niet leren hopen? Wat Hij toen met wijsheid en genade bestempelde, zal Hij ook nu en in de toekomst niet anders doen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

2 januari Door Baca’s vallei

Maar wast op in de genade en kennis onzes Heeren en Zaligmakers Jezus Christus.
2 Petrus 3:18

Groei is het zekere kenmerk van leven. We zien dit in de plantenwereld, in de dierlijke schepping, in de groei van ons eigen lichaam en van elk ander wezen waarin leven is. Waar nu het leven van God in de ziel is, daar zal dit leven groeien. Paulus zei tot de gemeente van Thessalonica: „Wij moeten God altijd danken over u, broeders, gelijk billijk is, omdat uw geloof zeer wast” (2 Thess. 1:3), en Petrus zegt: „Maar wast op in de genade en kennis onzes Heeren en Zaligmakers Jezus Christus.” Er is een „wassen in de kennis Gods” (Kol. 1:10), en een „komen tot de enigheid des geloofs en der kennis des Zoons Gods, tot een volkomen man, tot de mate van de grootte der volheid van Christus” (Efeze 4:13).

Het was om deze toename in de kennis van de Zoon van God dat Paulus vergat wat achter hem lag en zich uitstrekte naar wat vóór hem was. Hij wilde grijpen waartoe hij ook door Christus Jezus gegrepen was, en jaagde naar het doel, naar de prijs van de roeping van God, die van boven is in Christus Jezus (Fil. 3:12-14). Dit is niet wat een „voortgaande heiligmaking” genoemd wordt, alsof het vlees steeds heiliger werd. Want het is en blijft nog altijd de „oude mens, die verdorven wordt door de begeerlijkheden der verleiding”. Maar dit is de groei of het opwassen van de nieuwe mens, die naar God geschapen is in ware rechtvaardigheid en heiligheid.

Naar deze groei in de genade, deze grotere gelijkvormigheid aan het beeld van Christus, zouden wij met alle krachten van onze ziel moeten streven. Niet tevreden met een lage en geringe staat voor God, maar met aanhoudend gebed en smeking de Heere vragend of wij vervuld mogen worden met de kennis van Zijn wil, in alle wijsheid en geestelijk verstand. Dan zouden wij de Heere waardig mogen wandelen, tot alle behaaglijkheid, in alle goede werken vrucht dragend en wassend in de kennis van God (Kol. 1:9-10).

Aan de lezer…

Hebt u wel eens, lezer, verdrietig gezegd: „Ik groei niet; ik ben nog even verdorven als vroeger”? Weet dan dat het oude vlees ook nooit heiliger wordt. De oude mens blijft verdorven door de begeerlijkheden van de verleiding. De groei waarover hier gesproken wordt, is het opwassen van de nieuwe mens, die naar God geschapen is. En die groei gaat vaak verborgen, doordat u uw eigen armoede en de volheid van Christus steeds dieper leert kennen.

Waar het leven van God in de ziel is, daar zal dit leven groeien. Wees daarom niet tevreden met een lage en geringe staat, maar strek u uit naar wat vóór u ligt. Vraag de Heere met aanhoudend gebed of u vervuld mag worden met de kennis van Zijn wil, zodat u opwast in de genade en kennis van onze Heere en Zaligmaker Jezus Christus.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina