Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

14 oktober Korenaren uit de volle oogst

Daarom, alzo wij een onbeweeglijk koninkrijk ontvangen, laat ons de genade vasthouden, door dewelke wij welbehagelijk Gode mogen dienen, met eerbied en godvruchtigheid.
Hebreeën 12:28

Genade is de grondslag van het onbeweeglijk koninkrijk. Het is allemaal genade, van het begin tot het einde. Door genade worden wij behouden, door genade worden wij geroepen, door genade zijn wij wat wij zijn. Om ons deel aan het onbeweeglijk koninkrijk te bewaren, moeten wij dus de genade vasthouden. Want zodra wij daarmee ophouden, verliezen wij onze troostrijke vooruitzichten op dit koninkrijk en onze deelname aan dit koninkrijk en zijn hemelse zegeningen. Het is een koninkrijk van genade nu en heerlijkheid straks, en daarom helemaal gebouwd op genade en niet op verdienste, helemaal op de gunst van God en niet op de werken van het schepsel. Zolang wij de genade vasthouden, houden wij dus het koninkrijk vast, want het koninkrijk is op genade gegrondvest.

Maar waarom zou deze vermaning nodig zijn? Is het niet heel gemakkelijk om de genade vast te houden? Ja, heel gemakkelijk, wanneer er niets is wat haar op de proef stelt; en zo wordt zij dan ook vastgehouden: in het hoofd, niet in het hart. Maar wie werkelijk deel heeft aan het leven van God, wordt van alle kanten verzocht om de greep op de genade los te laten. Dat gebeurt door de macht van de wereld, de kracht van de zonde, de sluwheid van haar onvermoeide tegenstanders, en door het ongeloof, de ontrouw en de moedeloosheid van het boze hart.

Zo worden wij soms verzocht om het onbeweeglijk koninkrijk de rug toe te keren en af te dalen naar lagere dingen. Dan willen wij óf staan op de aarde die onder onze voeten is, óf in die hemel, die Farizese hemel, die boven ons hoofd bewogen is en daardoor verloren is gegaan tussen de overblijfselen van de dingen die beweeglijk zijn.

Daarom vermaant de apostel ons die genade vast te houden waardoor wij eerst deel krijgen aan het onbeweeglijk koninkrijk, waardoor wij tot de kennis en het bezit ervan gebracht worden, en waardoor alleen wij het tot het einde toe kunnen vasthouden. Wat u ook doet, hoe diep u ook zinkt en valt, laat de genade nooit los. Zij is nooit kostbaarder dan wanneer zij vastgehouden wordt door een stervende hand en omklemd wordt met een stervende adem.

Ps. 66:10

Aan de lezer…

Wordt u van alle kanten bestookt om de genade los te laten? Trekt de wereld aan u, drukt de zonde u neer, fluistert het ongeloof dat het toch allemaal tevergeefs is? Wees daar niet verwonderd over. Een genade die alleen in het hoofd zit, laat zich gemakkelijk vasthouden, want niets stelt haar op de proef. Maar waar de genade in het hart leeft, daar komt de strijd, en juist daarom roept de apostel ons toe: „Laat ons de genade vasthouden.”

Het koninkrijk is van het begin tot het einde op genade gegrondvest, niet op uw verdienste. Daarom mag u zich, juist wanneer u diep zinkt en valt, aan niets anders vastklemmen dan aan die vrije gunst van God. Laat haar nooit los. Wat beweeglijk is, zal voorbijgaan, maar dit koninkrijk kan niet bewogen worden, en de genade is nooit kostbaarder dan wanneer zij vastgehouden wordt door een stervende hand.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

14 oktober 365 dagen met Philpot

Evangelische voorschriften

En dit is Zijn gebod, dat wij geloven in de Naam van Zijn Zoon Jezus Christus, en elkander liefhebben, gelijk Hij ons een gebod gegeven heeft.
1 Johannes 3:23

De Heere beveelt ons te geloven in de Naam van Zijn geliefde Zoon, zoals de apostel Johannes schrijft. Maar we kunnen niet in de Naam van Jezus geloven, net zomin als we een wereld kunnen scheppen, totdat God het mogelijk maakt. Geloven in Jezus! Hem door het dierbare geloof in mijn hart ontvangen! De werking van Zijn verzoenend bloed in mijn geweten ervaren! Mijn ziel baden in de heerlijke vreugde van Zijn stervende liefde! Doe ik dat? Voordat ik dit uit mijzelf kan doen, moet ik kunnen zeggen: „Er zij licht”, en dan wordt het licht.

Maar wanneer de Heere door Zijn genade en Geest het hart verruimt; wanneer Hij Zijn dauw, zalf en geur in mijn ziel laat druppen; wanneer Hij dichter bij mijn ziel komt en haar dichter bij Hem brengt; wanneer de gezegende Zon der gerechtigheid door de donkere wolk heen schijnt en de koude, donkere ziel verwarmt, dan kan zij net zomin nalaten in Hem te geloven als zij vroeger wél in Hem kon geloven. Wanneer het geloof in het hart geschonken wordt, kunnen we net zomin weigeren te geloven als we wél kunnen geloven voordat het geloof geschonken wordt. Wanneer God het hart verruimt en liefdevolle gevoelens opwekt, dan lopen we de weg van Zijn gebod.

We geloven niet uit plicht; we geloven niet op bevel; we geloven zelfs niet als een voorrecht. Maar we geloven als een zegen. We geloven zoals we met onze ogen een voorwerp zien. Zo ziet de ziel Jezus wanneer het geloof de ogen opent; zij kan niet anders dan Hem zien.

Lezen: 1 Johannes 3:10-24

Aan de lezer…

Herkent u dit? U hebt geworsteld om te geloven en gemerkt dat het voor u even onmogelijk was als een wereld te scheppen. Hebt u uzelf het geloof als een plicht opgelegd, terwijl het hart koud en donker bleef? Wees dan niet verbaasd en wanhoop niet. Het geloof is geen werk van onze hand, maar een gave van God; voordat Hij spreekt: „Er zij licht”, is er geen licht.

Maar wanneer de Heere door Zijn genade en Geest uw hart verruimt en de Zon der gerechtigheid door de donkere wolk heen laat schijnen, zult u niet anders kunnen dan in Hem geloven. Dan ziet de ziel Jezus, zoals het oog een voorwerp ziet, en zij kan niet anders dan Hem zien. Zoek het daarom niet in uzelf, maar zucht tot Hem, Die het licht gebiedt, dat Hij Zijn dauw en zalf in uw ziel laat druppen. Dan wordt Zijn gebod geen last, maar een zegen, en loopt u met een ruim hart de weg van Zijn geboden.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

14 oktober Door Baca’s vallei

En in Hem gevonden worde, niet hebbende mijn rechtvaardigheid, die uit de wet is, maar die door het geloof van Christus is, namelijk de rechtvaardigheid, die uit God is, door het geloof.
Filippenzen 3:9

Hier worden twee gerechtigheden duidelijk naast elkaar gezet. In één van beide moeten wij allemaal voor God staan: de gerechtigheid of rechtvaardigheid die uit de wet is, of de gerechtigheid die uit God is door het geloof in Christus. Maar let er goed op dat een rechtvaardigheid waarmee wij voor God kunnen bestaan, een volkomen rechtvaardigheid moet zijn. Zo’n rechtvaardigheid heeft nooit enig mens door zijn eigen gehoorzaamheid aan de wet voortgebracht, en kan ook nooit enig mens voortbrengen. Want geen mens heeft ooit God liefgehad met heel zijn hart en ziel en verstand en al zijn krachten, en zijn naaste als zichzelf. En als iemand God niet zo liefheeft, en ook zijn naaste niet, dan is hij door deze rechtvaardige wet al vervloekt en veroordeeld, want vervloekt is de mens die niet blijft in al hetgeen in het boek der wet geschreven is, om dat te doen.

De apostel merkte dat hij, omdat hij deze gerechtigheid als gevallen zondaar niet kon opbrengen, noodzakelijk onder de veroordeling en de vloek van de heilige wet moest vallen. Hij vreesde in zijn geweten en voelde de toorn van God tegen hem en tegen alle ongerechtvaardigde zondaren, geopenbaard in een gebroken wet. Hij wist dat hij voor eeuwig moest wegzinken onder het vreselijk ongenoegen van God als hij voor zijn ontblote, naakte ziel geen andere bedekking had dan alleen zijn eigen rechtvaardigheid. Daarom liet hij die varen, om rechtvaardigheid, barmhartigheid en vrede te vinden in de rechtvaardigheid van Christus. Daarom wilde hij niets weten dan Jezus Christus en Die gekruisigd, en zo werd Jezus voor hem alles in allen. Toen hij eenmaal begenadigd was met een gezicht op de rechtvaardigheid van de Zoon van God, wilde hij geen andere meer, voor de tijd en voor de eeuwigheid.

Door het geloof zag hij de woorden en werken van de Godmens. Hij zag de Godheid afgedrukt op iedere gedachte, ieder woord en ieder werk van de zuivere mensheid waarmee zij verenigd was, en waarin zij bleek een verdienste te hebben voor het aanbrengen van de rechtvaardigheid die alle bevatting of uitdrukking van mensen en engelen te boven gaat. Hij zag Hem door het geloof Zijn zonden dragen in Zijn lichaam op het hout, en door Zijn lijdelijke en dadelijke gehoorzaamheid een gerechtigheid werken die Gode aangenaam was: een gerechtigheid waardoor hij en alle verlosten zonder vlek of rimpel konden staan voor de grote, witte troon.

Zoals een reiziger die door een vreselijk onweer overvallen wordt, blij een huis aan de kant van de weg binnengaat om beschutting te vinden tegen de bliksemstralen en de stortregen; of zoals een schip dat door een geweldige storm bedreigd wordt, alle zeilen bijzet om op tijd de haven van toevlucht te bereiken: zo zal de ziel, bedreigd door de donder en de bliksem van Gods rechtvaardige wet, toevlucht zoeken in de doorstoken zijde van Jezus en zich verbergen onder Zijn rechtvaardigende gehoorzaamheid. Deze gerechtigheid of rechtvaardigheid wordt hier „de rechtvaardigheid Gods” genoemd, want God de Vader heeft haar bedacht, God de Zoon heeft haar uitgewerkt en God de Heilige Geest past haar toe. En er wordt gezegd: „door het geloof”, omdat het geloof haar ontdekt en aanneemt en de ziel haar aandeel daarin laat kennen.

Aan de lezer…

Vandaag wordt u gevraagd in welke gerechtigheid u denkt voor God te staan. Er zijn er maar twee: die uit de wet en die uit God door het geloof. Hebt u God liefgehad met heel uw hart en ziel en verstand en al uw krachten, en uw naaste als uzelf? U weet het antwoord, en de wet weet het ook. Hoe eerder u uw eigen rechtvaardigheid laat varen, hoe beter, want zij kan uw naakte ziel niet bedekken voor de grote, witte troon.

Maar zie dan naar het huis aan de kant van de weg, naar de haven van toevlucht. Christus heeft de zonden van Zijn volk in Zijn lichaam op het hout gedragen en door Zijn lijdelijke en dadelijke gehoorzaamheid een gerechtigheid gewerkt die Gode aangenaam is. Ren daarheen als een reiziger in het onweer, als een schip in de storm. Zoek uw toevlucht in Zijn doorstoken zijde, en vraag de Heilige Geest dat Hij u die gerechtigheid toepast, opdat ook u in Hem gevonden wordt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina