Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

13 mei Korenaren uit de volle oogst

Zeg tot mijn ziel: Ik ben uw heil.
Psalm 35:3

Om water goed te houden, moet het voortdurend stromen; en om het leven van God in de ziel te bewaren, moet er voortdurend oefening zijn. Daarom heeft het volk van de Heere zoveel verschillende strijd, beproeving, pijnlijke oefeningen, diepe smart en zware verzoekingen: om hen levend in God te houden. Zo worden zij weggebracht en weggehouden uit die trage, lusteloze, ellendige staat van vleselijke gerustheid en dodelijke zelfverzekerdheid waarin zo velen ingeslapen lijken te zijn. Ingeslapen als de zeeman in de top van de mast, die niet weet wat voor verschrikkelijke golf daar beneden hem bruist.

Daarom beproeft de Heere de rechtvaardigen. Hij wil niet toelaten dat Zijn volk stil is in Sion, dat het op zijn droesem rust en in een ellendige Moabitische toestand terechtkomt. Daartoe zendt Hij bezoekingen over hen en laat Hij de satan toe om hen te verzoeken en te belagen. En onder dat gevoel wekt de Heilige Geest in hen nu en dan deze verzuchting en uitroep: „Zeg tot mijn ziel: Ik ben uw heil!”

U, Heere, U alleen kunt mij redden. Niets dan Uw stem kan vrede fluisteren tot mijn geweten. Niets dan Uw bloed kan de schuld wegnemen die als een zware last op mijn hart drukt. Niets dan Uw liefde, door de Heilige Geest in mij uitgestort, kan mijn ziel in U gelukkig maken.

„Zou God zijn gena vergeten,
nooit meer van ontferming weten,
heeft Hij zijn barmhartigheên
door zijn gramschap afgesneên?”
’k Zei daarna: „Dit krenkt mij ’t leven,
maar God zal verand’ring geven.
D’Allerhoogste maakt het goed:
na het zure geeft Hij ’t zoet.”

Ps. 77:6

Aan de lezer…

Wie ziet hoe vol strijd, zorg en verzoeking zijn weg is, terwijl anderen zo rustig voortgaan, vraagt zich af waarom dat zo is; misschien doet u dat ook. Laat ik het eerlijk zeggen: water dat stilstaat, bederft. De Heere wil niet dat Zijn volk op zijn droesem rust, ingeslapen in vleselijke gerustheid als de zeeman in de top van de mast. Daarom beproeft Hij de rechtvaardigen, niet om hen te verderven, maar om hen levend in Hem te houden.

En juist onder die last wekt de Heilige Geest de bede: „Zeg tot mijn ziel: Ik ben uw heil!” Kent u die zucht? Dan weet u ook dat niets anders u kan helpen: geen eigen werk, geen troost van mensen, maar alleen Zijn stem die vrede fluistert, Zijn bloed dat de schuld wegneemt, Zijn liefde die de ziel gelukkig maakt. Houd dan aan met die bede. Hij Die u zo leert roepen, zal ook antwoorden.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

13 mei 365 dagen met Philpot

Die overwint

En op de keursteen een nieuwe naam geschreven, welke niemand kent, dan die hem ontvangt.
Openbaring 2:17

Hier wordt verwezen naar een ander gebruik. In vroeger tijden was het gewoonte om op een steen de naam te schrijven van de kandidaat op wie men wilde stemmen. Als er twee, drie, vier of tien kandidaten voor een ambt waren, en iemand wilde laten weten dat een bepaalde kandidaat gekozen moest worden, met andere woorden, als hij zijn stem op een bepaalde kandidaat uitbracht, schreef hij de naam van die kandidaat op een steen en deed die steen in een urn. Hij wiens naam het vaakst voorkwam, werd beschouwd als gekozen door de meerderheid van het volk.

Daarop zinspeelt de Heere in de tekst, waar Hij zegt: „En op de keursteen een nieuwe naam geschreven, welke niemand kent, dan die hem ontvangt.” Wat is deze nieuwe naam? Is het niet een nieuw hart, een nieuwe natuur, Christus in de ziel, de hoop der heerlijkheid? Dat is de „nieuwe naam, welke niemand kent, dan die hem ontvangt”. Nieuwe gevoelens van liefde die uitgaan naar de dierbare Heere, nieuwe zuchten van een hart dat zacht is geworden in ontzag voor Hem, nieuw genieten van Zijn geopenbaarde tegenwoordigheid, nieuwe gewaarwordingen van het werk van de Geest aan de ziel; met andere woorden: een nieuw hart, een nieuwe natuur, nieuw gemaakt door Hem Die op de troon zit.

Lezen: Genesis 32:9-32

Aan de lezer…

Weet u iets van die nieuwe naam, „welke niemand kent, dan die hem ontvangt”? Het is niet iets wat anderen u kunnen geven of uitleggen. Het is een nieuw hart, een nieuwe natuur, Christus in de ziel, de hoop der heerlijkheid. Het zijn de nieuwe zuchten van een hart dat zacht is geworden in ontzag voor Hem, en de nieuwe liefde die naar de dierbare Heere uitgaat.

Misschien durft u niet te zeggen dat u die naam bezit. U voelt nog zoveel van het oude in u. Maar vraag uzelf eerlijk af: is er niet iets in uw hart dat er vroeger niet was? Een verlangen naar Hem, een droefheid over de zonde, een honger naar Zijn tegenwoordigheid? Zulke dingen groeien niet uit de oude natuur. Ze zijn gewerkt door Hem Die op de troon zit en alle dingen nieuw maakt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

13 mei Door Baca’s vallei

En Ik verordineer u het Koninkrijk, gelijkerwijs Mijn Vader dat Mij verordineerd heeft.
Lukas 22:29

Voor wie is dit Koninkrijk verordineerd? Voor de vermetele, de hoogmoedige, de schijnheilige en de eigengerechtige? Nee, niet voor hen. „Ik verordineer u.” U, die steeds met Mij geweest bent in Mijn verdrukking; u, die verzocht en verdrukt wordt; u, die het pad van zware beproeving gaat; u, die de voetstappen drukt van een lijdende Jezus; u, die de smartelijke oefening van de verzoeking kent, en daarin toch met kracht in uw ziel versterkt bent om zelfs tot den bloede toe te kunnen tegenstaan, strijdend tegen de zonde, zodat u er niet door wordt meegesleept en er ook niet door overwonnen bent.

Welk Koninkrijk is het? Het is hetzelfde Koninkrijk dat de Vader aan Jezus gegeven heeft. „Ik verordineer u het Koninkrijk, gelijk Mijn Vader dat Mij verordineerd heeft.” Wat is nu het Koninkrijk dat God de Vader voor Zijn geliefde Zoon verordineerd heeft? Is het op een troon zitten zoals een aards vorst? Een kroon dragen en een scepter zwaaien? „Mijn Koninkrijk,” zei de Heere Jezus, „is niet van deze wereld” (Joh. 18:36).

Het Koninkrijk van de Heere van het leven en van de heerlijkheid diende om een eind te maken aan de heerschappij van de zonde, om de dood te vernietigen en teniet te doen degene die het geweld des doods had, dat is de duivel. Het dient om geestelijke heerschappij te voeren in de harten van Zijn uitverkorenen, om Koning en Heere te zijn in Sion en te heersen over de gewillige genegenheden van Zijn onderdanen. Het is een Koninkrijk van rechtvaardigheid en vrede en blijdschap in de Heilige Geest; een Koninkrijk van genade, door de gezegende Geest in het hart opgericht; een geestelijk Koninkrijk, dat niemand kan zien of binnengaan dan zij die uit de Geest geboren zijn. Het Koninkrijk is een geestelijk Koninkrijk en omvat een volk dat Hem zien zal zoals Hij is, een volk dat Hem verheerlijkt, Hem bemint en liefheeft.

Een koninkrijk kan niet hetzelfde zijn voor de vorst en de onderdaan, wanneer het een aards en tijdelijk karakter heeft. Als een aardse koning zijn koninkrijk onder zijn onderdanen zou gaan verdelen, zou het ophouden een koninkrijk te zijn en zou het een republiek worden. Maar zo is het niet met een geestelijk Koninkrijk. Jezus vermindert Zijn genade niet door die aan Zijn onderdanen mee te delen. Hij vermindert ook Zijn blijdschap niet door blijdschap in hun harten te schenken, en ook Zijn heerlijkheid wordt niet bezoedeld doordat Hij die aan Zijn volk meedeelt. De zon heeft noch licht, noch warmte verloren door het uitzenden van talloze miljoenen stralen sinds zij geschapen werd. Zo verliest ook de Zon der gerechtigheid niets van de volheid die in Hem is, door Zijn genade en heerlijkheid mee te delen. In Hem woont al de volheid der Godheid lichamelijk; Hij is onuitputtelijk.

Dit Koninkrijk nu, dat Hij aan Zijn beproefde en aangevochten discipelen verordineert, is het Koninkrijk van de genade in het hart: het Koninkrijk van God in de ziel, de tegenwoordigheid van Jezus in het hart en de openbaring van dat Koninkrijk waarover in Daniël 2:44 gesproken wordt. Het zal zich verheffen op de puinhopen van alle andere koninkrijken, nadat het die heeft vermaald en tenietgedaan.

Aan de lezer…

Voor wie is dit Koninkrijk? Niet voor de hoogmoedige en eigengerechtige, maar voor u, beproefde en aangevochten ziel, die de voetstappen van een lijdende Jezus drukt. Als u in de strijd tegen de zonde staat en u zo zwak voelt, hoor dan wat de Heere zegt: „Ik verordineer u het Koninkrijk, gelijkerwijs Mijn Vader dat Mij verordineerd heeft.” Het is geen aardse troon met kroon en scepter, maar het Koninkrijk van de genade in het hart: rechtvaardigheid en vrede en blijdschap in de Heilige Geest.

En wees niet bang dat er voor u te weinig overblijft. De zon heeft niets verloren door haar talloze stralen uit te zenden. Zo verliest ook de Zon der gerechtigheid niets van Zijn volheid wanneer Hij genade en heerlijkheid aan Zijn volk meedeelt. In Hem woont al de volheid der Godheid lichamelijk. Kom dan met uw armoede tot Hem. Hij is onuitputtelijk, en Zijn Koninkrijk zal blijven wanneer alle andere vergaan zijn.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina