Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

12 augustus Korenaren uit de volle oogst

Mijn ziel is bezweken van verlangen naar Uw heil, op Uw Woord heb ik gehoopt.
Psalm 119:81

Hoe moeilijk is het voor de meesten, en, mogen we eraan toevoegen, hoe zeldzaam is het, om met enige duurzaamheid in ons verzekerd te zijn van een zoet besef van en een zeker deel aan die geestelijke zegeningen waarmee wij, voor zover wij in de Zoon van God geloven, in hemelse plaatsen in Christus Jezus gezegend zijn. Een glimp, een blik, een voorbijgaand gezicht, een teug, een voorproef, een druppel, een kruimel: onuitsprekelijk zoet zolang het duurt, maar zelden geschonken en snel weer verdwenen. Dat is in het algemeen alles wat wij lijken te ontvangen na veel zware arbeid, veel roepen, ernstig smeken en vurig verlangen naar de Heere, zoals Hij Zich aan ons geloof vertoont op de troon van Zijn genade.

Hoevelen zijn er die elke dag, en soms elk uur, uitroepen, al is het niet met dezelfde woorden, dan toch in dezelfde zin: „Kom, Heere Jezus, kom met kracht!” En toch, hoe lang lijkt Hij te toeven! Hoe zien zij steeds naar boven, totdat ogen en hart lijken te bezwijken, terwijl zij op Zijn verschijning wachten zoals de wachter op de morgen! Wat zouden zij graag een offer brengen, iets doen, iets zijn, iets verdragen, als Hij Zich maar aan hun ziel wilde openbaren! Hoe vaak zoeken en doorzoeken zij hun hart, hun lippen en hun leven, om te zien of er soms een kwade weg in is waardoor Hij Zijn lieflijk gelaat voor hen verbergt, en waardoor Hij geen enkel woord spreekt tot hun smachtend hart, een woord waardoor zij in lieflijke gemeenschap met Hem zouden kunnen zijn!

Hoe verlangen zij ernaar gezegend te worden met een wezenlijke verslagenheid van hart en ware bekommernis over hun zonden, en aan Zijn voeten weg te smelten en klein te worden bij het zien en voelen van Zijn bloedende, stervende liefde! Maar waar komt al dat verlangende uitzien en dat wachtende verwachten vandaan? Laten al die ernstige begeerten en vurige verlangens niet zien dat zij bij wie ze zo voortdurend gevonden worden, wedergeboren zijn tot een levende hoop, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden? Het is het Goddelijk leven in hun ziel dat de oorsprong en de bron is van dat inwendige zuchten, dat uitzien en verlangen. En dat Goddelijke leven ontstaat uit een nieuwe en geestelijke geboorte, die zelf de vrucht is van de opstanding van Jezus Christus uit de doden.

Het is niet het doodgeboren kind dat huilt; het is het huilen van het levende kind dat de moeder zo aan het hart gaat. Zo laten de kreten waarover we gesproken hebben zien dat er leven is. Maar waar leven is, is ook hoop. Want waarom zou iemand voortdurend roepen om, wachten op en vol verlangen uitzien naar een zegen waarvan hij geen hoop heeft die ooit te ontvangen? Als zij dan geen levende hoop hadden, zouden zij dan roepen? In een dode hoop wordt niet geroepen. Het is omdat de genade van de hoop in hun hart, net als elke andere genade van de Geest, levend is voor God, dat zij samen met geloof en liefde werkt. Zo brengt en houdt zij hen ernstig, oprecht en onvermoeid voor de troon, terwijl zij verwachten en uitzien naar wat God beloofd heeft te schenken aan hen die Hem verwachten.

Maar ’s Heeren gunst zal over die Hem vrezen
in eeuwigheid altoos dezelfde wezen:
zijn trouw rust zelfs op ’t late nageslacht,
dat zijn verbond niet trouweloos wil schenden,
noch van zijn wet afkerig d’ oren wenden,
maar die naar eis van Gods verbond betracht.

Ps. 103:9

Aan de lezer…

Zijn het voor u maar druppels en kruimels? Een blik, een teug, onuitsprekelijk zoet zolang het duurt, maar snel weer verdwenen? En roept u elke dag, misschien elk uur: „Kom, Heere Jezus, kom met kracht!”, terwijl het u voorkomt dat Hij zo lang toeft? Doorzoekt u uw hart en leven of er een kwade weg in is, waardoor Hij Zijn lieflijk gelaat verbergt? Dan bent u niet zo verlaten als het lijkt.

Want dat zuchten, dat uitzien en verlangen komt niet uit uzelf voort. Het is het Goddelijk leven in uw ziel, geboren uit de opstanding van Jezus Christus uit de doden. Een dode ziel bezwijkt niet van verlangen naar Zijn heil. Hoop dan op Zijn Woord, zoals de psalmdichter deed, en wacht op Hem zoals de wachter op de morgen. De gunst van de Heere blijft over hen die Hem vrezen, in eeuwigheid dezelfde.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

12 augustus 365 dagen met Philpot

Genees mij

Genees mij, Heere! zo zal ik genezen worden; behoud mij, zo zal ik behouden worden, want Gij zijt mijn lof.
Jeremia 17:14

Kunnen we enige hoop koesteren dat God bezig is het genadewerk in onze ziel te verrichten? Is er iets wat God voor ons heeft gedaan, of wat Hij nu doet? Laten we dat bekijken en vergelijken met dit gedeelte uit Gods Woord. Kunnen we in ons hart dit gebed vinden: „Genees mij, Heere! zo zal ik genezen worden; behoud mij, zo zal ik behouden worden”? Heeft de Heere ons iets laten zien of beseffen van die verontrustende kwaal die de zonde is? Hebben we gemerkt welke ellende we over onszelf hebben afgeroepen? Hebben we ook de verlossing gezien die in de Heere Jezus Christus is, en hoe goed die past bij de toestand van onze ziel? En smeken we Hem: „Genees mij, Heere! zo zal ik genezen worden”?

U hoeft alleen maar het woord te spreken. Het kan er erg slecht met mij voor staan: mijn kwalen zijn misschien erg verontrustend, het kwaad in mijn hart zeer sterk, mijn terugvallen talloos en mijn ziel ver van U. Maar, Heere, U bezit alle macht; U hoeft alleen maar het woord te spreken! „Genees mij, Heere! zo zal ik genezen worden.” Er ontbreekt niets anders. Ik kan de Moorman niet wit wassen en ik kan de vos zijn streken niet laten verliezen, maar U kunt dit alles wel. Genees mij dan met Uw kostbare waarheid en genade, en laat iets van Uw vergevende liefde en barmhartigheid tot mij komen. „Genees mij, Heere! zo zal ik genezen worden; behoud mij, zo zal ik behouden worden.” Ik wil geen ander geneesmiddel dan Uw kostbare bloed, toegepast aan mijn geweten, en geen andere liefde dan Uw gezegende liefde, uitgestort in mijn hart.

Als dit de oefeningen, verlangens en gevoelens van onze ziel zijn, dan brengen ze ons tot de genadetroon en scheiden ze ons af van de wereld. Ze oefenen onze geest tot godvruchtigheid, nemen schijnheiligheid, bedrog, leugens en valsheid weg, en maken ons hart ernstig en oprecht tegenover de God van alle waarheid.

Lezen: Lukas 7:1-10

Aan de lezer…

Zoekt u, lezer, naar een teken dat God het genadewerk in uw ziel begonnen is? Kijk dan niet eerst naar wat u bent of doet, maar of dit gebed in uw hart leeft: „Genees mij, Heere! zo zal ik genezen worden.” Hebt u de verontrustende kwaal van de zonde leren kennen, de ellende die u over uzelf hebt afgeroepen en uw talloze terugvallen? U kunt de Moorman niet wit wassen, maar Hij kan dit alles wel.

Hij hoeft alleen maar het woord te spreken. Er is geen ander geneesmiddel dan Zijn kostbare bloed, toegepast aan het geweten, en geen andere liefde dan Zijn liefde, uitgestort in het hart. Breng uw kwaal dan zoals ze is naar de genadetroon. Een ziel die zo leert roepen, wordt van de wereld afgescheiden en oprecht gemaakt voor de God van alle waarheid. Hij is uw lof, en Hij behoudt wie Hem zo smeken.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

12 augustus Door Baca’s vallei

Want indien het bloed der stieren en bokken, en de as der jonge koe, besprengende de onreinen, hen heiligt tot de reiniging des vleses; hoeveel te meer zal het bloed van Christus, Die door de eeuwige Geest Zichzelf Gode onstraffelijk opgeofferd heeft, uw consciëntie reinigen van dode werken om de levende God te dienen.
Hebreeën 9:13,14

Wat een grote genade is het om een geweten te hebben dat in zekere mate gereinigd is van dode werken om de levende God te dienen; om vrije toegang te hebben tot Zijn gezegende majesteit; om enige blijdschap te ervaren in het wandelen voor Zijn aangezicht; om enige verlossing te hebben van twijfel en vrees; om enige verlichting te hebben van die oefeningen die de geest beproeven en vaak zware lasten op de ziel leggen! Toch moeten wij na al onze omzwervingen altijd weer bij dezelfde plaats uitkomen. Na al onze afwijkingen moeten wij opnieuw naar dezelfde plaats gebracht worden, waar de schuld wordt weggenomen, genade wordt afgekondigd en vrede wordt geopenbaard.

Want is het niet zo dat het bloed van Christus reinigt van alle zonden? Waar Hij een eeuwige verzoening voor ons heeft teweeggebracht, verliest Zijn bloed nooit zijn kracht. Het zal te allen tijde het geweten reinigen van ieder belast en beladen lid van Zijn verborgen lichaam, zolang hun geweten die reiniging nodig heeft, totdat Hij al Zijn verlosten zonder vlek zal voorstellen voor Zijn heerlijkheid, met ongekende vreugde.

Aan de lezer…

U die weer afgedwaald bent: moet u na zoveel omzwervingen erkennen dat uw geweten opnieuw belast is, en schaamt u zich om weer met dezelfde schuld bij dezelfde plaats aan te komen? Weet dan dat er geen andere plaats is. Na al onze afwijkingen moeten wij opnieuw daar gebracht worden waar de schuld wordt weggenomen, genade wordt afgekondigd en vrede wordt geopenbaard.

En die plaats is niet veranderd. Het bloed van Christus, Die Zichzelf Gode onstraffelijk opgeofferd heeft, verliest nooit zijn kracht. Het reinigt van alle zonden, en het reinigt niet één keer, maar zolang een belaste en beladen ziel het nodig heeft. Ga er dan opnieuw heen, niet met dode werken in de hand, maar met een schuldig hart. Hij zal Zijn verlosten eens zonder vlek voorstellen, en Hij zal dat werk niet halverwege laten liggen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina