Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

1 augustus Korenaren uit de volle oogst

Want de wet des Geestes des levens in Christus Jezus heeft mij vrijgemaakt van de wet der zonde en des doods.
Romeinen 8:2

We zijn zowel van nature als door onze daden slaven van de zonde en van de satan. We zijn het wild waarop de overste van de macht van de lucht jaagt, en die ons naar zijn wil gevangenneemt. We worden overheerst door allerlei boze lusten. Of, als we vrij zijn van grove zonden, dan zijn we toch slaven van hoogmoed, begeerlijkheid of eigengerechtigheid. Misschien is er een afgodsbeeld opgericht in de kamers van onze verbeelding, dat de hele innerlijke mens bezoedelt. Of onze voet raakt verward in een van de strikken die de satan gespannen heeft, en we zijn slaaf geworden, zonder de kracht om ons aan zijn wrede slavernij te ontrukken. We zuchten eronder, zoals de kinderen Israëls onder hun last, maar we kunnen ons, net als zij, niet bevrijden.

Maar vroeg of laat komt de Waarheid ons te hulp. De Waarheid die in Christus Jezus is, snelt toe om de verdrukte kinderen van God te verlossen; de goede Geest baant de weg en bezegelt haar met goddelijke kracht aan de ziel. Wanneer zij dan onder Zijn gezegende invloed de Waarheid geloven en haar macht en invloed in hun hart voelen, dan wordt er een vrijmakende invloed meegedeeld. Hun boeien en banden worden losgemaakt. De dienstbaarheid aan de zonde en de satan, en de macht en de kracht van het kwaad worden merkbaar verbroken, en er wordt een mate van heilige vrijheid genoten.

Er is geen ander middel om van de slavernij van de wet verlost te worden dan de toepassing van het Evangelie en het geloven van wat het Evangelie openbaart. Wanneer de Waarheid dan in het hart komt als het Woord van de levende God Zelf, dan komt daarmee de kracht om te geloven; het geloof wordt dan opgewekt om het getuigenis te erkennen. En wanneer het geloof de Waarheid van God begint te erkennen en haar in hoop en liefde ontvangt, dan worden de banden merkbaar losgemaakt, en dan vallen de boeien en ketenen als vanzelf af. Het gaat met de ziel zoals het met Petrus in de gevangenis ging. Toen de engel kwam, er een licht scheen in de gevangenis en de woorden van de engel zijn oren bereikten, „vielen de ketenen af van zijn handen.” Toen was er niets meer dat hem de uitgang versperde, want „de ijzeren poort, die naar de stad leidt,” ging „van zelve hun open.” Zo is het ook nu: welke ketenen of boeien de ziel ook vasthouden, laat de engel van de barmhartigheid maar komen, laat de boodschap van de zaligheid maar geopenbaard worden – dan vallen de ketenen van het ongeloof af, wijkt de ijzeren poort van de hardheid, en maakt de Waarheid de ziel heerlijk vrij (Joh. 8:32).

Als mij geen hulp of uitkomst bleek,
wanneer mijn geest in mij bezweek
en overstelpt was door ellend’,
hebt Gij, o Heer, mijn pad gekend.

Ps. 142:2

Aan de lezer…

Hoe zwaar is het te zuchten onder een last die u niet van u af kunt werpen! Misschien zijn het geen grove zonden die u binden, maar hoogmoed, begeerlijkheid of eigengerechtigheid, of een afgod in de verborgen kamers van uw hart. U hebt geworsteld en voornemens gemaakt, en toch bleven de boeien knellen. Wees eerlijk: u kunt uzelf niet bevrijden, net zomin als de kinderen Israëls zichzelf konden verlossen.

Maar de wet des Geestes des levens in Christus Jezus is sterker dan de wet der zonde en des doods. Vroeg of laat komt de Waarheid de verdrukte ziel te hulp, en Hij, de goede Geest, baant de weg. Zoek uw vrijheid dan niet in eigen inspanning, maar in het geloven van wat het Evangelie openbaart. Wanneer het Woord met kracht in uw hart komt, vallen de ketenen als vanzelf af, en zult u ervaren dat de Heere uw pad gekend heeft, juist toen uw geest in u bezweek.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

1 augustus 365 dagen met Philpot

Mozes’ zegen over Israël

Welgelukzalig zijt gij, o Israël, wie is u gelijk? Gij zijt een volk, verlost door de Heere.
Deuteronomium 33:29

In het boek Deuteronomium komen we Mozes opnieuw tegen, aan het einde van de veertig jaar in de woestijn. Hij is niet alleen volwassen geworden in jaren, zoals een korenschoof die klaar is om binnengehaald te worden, maar ook gerijpt in genade. Onder de bijzondere invloed van de Heilige Geest, Die zijn leer als regen deed neervallen en zijn rede als dauw deed neerdruppelen, stortte hij zijn ziel uit in de heerlijke taal die elk hoofdstuk en bijna elk woord van dit gezegende boek bezielt. We mogen dit boek, Deuteronomium, wel het evangelie van het Oude Testament noemen. Als we gezegend zijn met ook maar iets van zijn geloof, wat krijgen we dan in onze tekst een heerlijke blik op de bijzondere voorrechten en rijke gunsten die bij de Kerk van God horen!

Voor ons, voor zover we tot het geestelijke Israël behoren, stond Mozes op de hoogte van Pisga en overzag hij het land dat zich voor zijn ogen uitstrekte. Voor ons keek hij neer op de tenten van Israël die aan zijn voeten lagen uitgespreid, en werd hij door de Heilige Geest bezield om in het Israël naar het vlees het Israël naar de Geest te zien (1 Kor. 10:18). Door het geloof zag hij het verborgen lichaam van Jezus — de Bruid van het Lam — de Gemeente van de eerstgeborenen, wier namen in de hemel geschreven zijn. Terwijl hij door het geloof de voorrechten en weldaden overzag die aan de Kerk van God geschonken zijn, barstte hij uit in de woorden: „Welgelukzalig zijt gij, o Israël! wie is u gelijk? Gij zijt een volk, verlost door de Heere, het Schild uwer hulp” (Deut. 33:29).

Lezen: Deuteronomium 33:22-29

Aan de lezer…

Deze woorden van Mozes klinken van de hoogte van Pisga: kunt u daar met hem staan en neerzien op het volk dat de Heere Zich verlost heeft? Misschien voelt u zich eerder een vreemdeling in de legerplaats dan een kind van het huis, en zijn de voorrechten van de Kerk van God u te hoog om ze u toe te eigenen. Maar let erop wat de grond van haar geluk is: niet dat zij beter is dan anderen, maar dat zij een volk is, verlost door de Heere. Haar zaligheid ligt niet in haarzelf, maar in Hem Die haar kocht.

Daarom mag ook de arme en nooddruftige ziel, die niets anders heeft dan haar gebrek, opzien naar het Schild van Israëls hulp. Mozes was gerijpt na veertig jaar woestijn; laat de weg die u nu gaat, u dan niet doen wanhopen. De Geest, Die zijn leer als regen deed neervallen, kan ook als dauw op uw dorre hart neerdalen, totdat u met verwondering uitroept: „Wie is u gelijk?”

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

1 augustus Door Baca’s vallei

Laat Uw werk aan Uw knechten gezien worden, en Uw heerlijkheid over hun kinderen.
Psalm 90:16

„Laat Uw werk aan Uw knechten gezien worden.” Over het werk van het schepsel lezen wij hier niets. Daarin waren zij al lang geleden afgesneden. En wat was de oorzaak dat hun werk tenietgedaan was? Wat had hun in dit opzicht de doodsteek toegebracht? Dagen van smart en jaren waarin zij het kwade gezien hadden. Die hadden de levenssappen van de menselijke verdiensten doen wegvloeien.

Daarom vinden wij hier ook niet het gebed: „Laat onze werken gezien worden.” Nee, die waren begraven in het graf van de verdorvenheden; zij waren verslonden en tenietgegaan in de dagen van druk en in de jaren waarin zij het kwade gezien hadden. Maar zij vragen: „Laat Uw werk aan Uw knechten gezien worden.” Uw werk: het volbrachte werk van Uw Zoon, de gehoorzaamheid van Jezus aan de wet, het verzoenend bloed dat op het kruis van Golgotha vergoten is, het werk dat Hij op Zich nam en volbracht. O, zo roept de man Gods in de ernst van zijn ziel uit — en als onze harten door dezelfde Geest onderwezen zijn, zullen wij daarmee instemmen — laat Uw werk aan Uw knechten gezien worden!

Maar kunnen wij dit werk niet vinden in het Woord van God? Is dat niet genoeg? Kunnen wij dit werk niet horen verkondigen door goede mannen? En is dat niet voldoende? Kunnen wij er niet over lezen wanneer het door de pen van bekwame schrijvers wordt uitgelegd? Ja zeker, dat is meer dan genoeg voor wie niet weten van dagen van druk en jaren van kwaad. Maar zo is het niet met Gods beproefde kinderen; zij hebben andere gedachten en andere behoeften.

Zij weten wat het betekent duisternis over hun ziel te hebben. Zij kennen de kracht van het ongeloof en de hulpeloosheid van het schepsel. En zij weten dat niets minder dan het licht van Gods aangezicht, de openbaring van Gods genade, en het onderwijs, de lering en het getuigenis van de Geest van God het werk van Jezus in al zijn schoonheid, gepastheid en heerlijkheid kan doen schijnen. Daarom kunnen zij zeggen: „Laat Uw werk aan Uw knechten gezien worden.”

Geef mij, Heere, door het levend geloof een gezicht op de genoegdoening van Jezus. Toon mij (zo roept de ziel met de woorden van Mozes), toon mij Uw heerlijkheid; openbaar in mijn hart het volbrachte werk van Jezus. Besprenkel mijn geweten met Zijn verzoenend bloed; ontdek Hem aan mij en geef mij zo een zoete openbaring van Zijn Persoon, liefde, bloed en volkomen zaligheid. Heere, laat mij dit voor ogen staan, en laat het in mijn hart verklaard en met Goddelijke kracht op mijn geweten verzegeld worden.

Aan de lezer…

Zijn uw eigen werken ook begraven geraakt, lezer, in dagen van druk en jaren waarin u het kwade gezien hebt? Dan weet u dat het u niet helpt dat anderen er goed over spreken of er mooi over schrijven. Het Woord ligt open, de waarheid wordt verkondigd, en toch blijft het donker in uw ziel. Wees daarover niet verwonderd en ook niet wanhopig: het is juist de weg waarlangs de Heere Zijn knechten leert dat niets minder dan het licht van Zijn aangezicht het werk van Jezus kan doen schijnen.

Laat dan dit gebed het uwe worden: „Laat Uw werk aan Uw knechten gezien worden.” Niet uw werk, maar Zijn werk; niet wat u voor Hem gedaan hebt, maar wat Hij op Golgotha volbracht heeft. Vraag Hem of Hij uw geweten met dat verzoenend bloed wil besprenkelen en Zijn Persoon aan uw hart wil ontdekken. Hij Die het werk op Zich nam en volbracht, zal het ook aan de beproefde ziel niet onthouden.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina