5 dagen geleden verschenen
Het gesprek van een gelovige met zijn ziel
Een uitleg van Psalm 42:12 als gesprek tussen David en zijn ziel: waarom de ziel terneergeslagen en onrustig is, waarom ze op God moet hopen en hoe die hoop uitloopt…
12 dagen geleden verschenen
Het woord van Gods genade
Een uitleg van Handelingen 20:32: Paulus beveelt de oudsten van Efeze aan God en aan het woord van Zijn genade. Alleen dat woord, door de Geest toegepast, bouwt de ziel…
2 weken geleden verschenen
Schatten in de duisternis
Uitleg van Jesaja 45:2,3 voor Gods kinderen: de Heere gaat voor hen uit, maakt kromme wegen recht, verbreekt koperen deuren en ijzeren grendels, geeft verborgen schatten en leert hen zo…
Verkrijgen en verliezen
Naar Prediker 3:6: een levende ziel verkrijgt geestelijke dingen, van kennis van God en van zichzelf tot geloof en vergeving, maar verliest ook haar eigen gerechtigheid en kracht. De preek…
Het schudden van wat gemaakt is en de vastheid van wat gegeven is
Over Hebreeën 12:27,28: wat gemaakt is, wordt geschud en weggenomen, wat God geeft blijft. Het Koninkrijk dat niet bewogen kan worden wordt door geloof ontvangen, door genade vastgehouden en draagt…
Korenaren Uit De Volle Oogst
Indien gij van de wereld waart, zo zoude de wereld het hare liefhebben; doch omdat gij van de wereld niet zijt, maar Ik u uit de wereld heb uitverkoren, daarom haat u de wereld.
Johannes 15:19
Indien gij in de vreze Gods wandelt en de voetstappen volgt van een vervolgde en verachte Jezus, zal de wereld u haten en verachten zoals zij Hem gehaat en veracht heeft, gelijk Hij Zelf verklaart: „Indien de wereld u haat, weet, dat zij Mij meer dan u gehaat heeft.” God Zelf heeft „vijandschap gezet tussen het zaad der vrouw en het zaad der slang” (Gen. 3:15), en niets zal u tegen de openbaring dier vijandschap vrijwaren, indien gij aan de zijde van Christus zijt. Noch rang, noch eigendom, noch geleerdheid, noch opvoeding, noch beminnelijkheid, noch uw overtollige milddadigheid, noch de grote oprechtheid van gedrag zal de versmading des mensen van u weren, als gij een oprecht navolger zijt van de Heere Jezus Christus en in praktijk brengt wat gij in beginsel aankleeft. Indien gij Jezus hier niet gelijkvormig geworden zijt aan Zijn lijdend beeld, zo zult gij hiernamaals ook zeker niet gelijkvormig worden aan Zijn heerlijkheid.
Maar indien uw naam, zo gij voor en met Jezus leeft, met smaad wordt verworpen, draag hem dan als uw onderscheidingsteken, dat de borst van de christenstrijder versiert. Indien de mensen uw beweegredenen of daden verkeerd voorstellen en u trachten te vervolgen met al de laster die de laaghartigste boosaardigheid kan bedenken, verberg die niet, zolang gij onschuldig zijt. Zij konden voor u geen betere en eervollere kroon bedenken, zo inderdaad uw godzalig leven die boosaardige leugen heeft doen bedenken. Het is een kroon die uw Meester vóór u droeg, toen zij Zijn hoofd met doornen kroonden. Indien gij gevoelt wat ik gevoeld heb, zult gij u somtijds onwaardig achten vervolging te lijden om Zijns Naams wil.
Zij rotten saam en houden boze raad,
terwijl mij elk in ’t heimlijk’ gadeslaat,
mijn schreden volgt en mij naar ’t leven staat.
Zoudt Gij, o God, nog met Uw heilig’ ogen
hun boosheid zien en straffeloos gedogen?
Ps. 56:3
Aan de lezer…
Wordt u om uw keuze voor Christus miskend, bespot of belasterd? Waarde lezer, schrik er niet van alsof u iets vreemds overkwam. De Heere Zelf heeft gezegd dat de wereld Hem eerst gehaat heeft. Noch geleerdheid, noch beminnelijkheid, noch een oprecht gedrag zal u voor die smaad behoeden, als u werkelijk Zijn voetstappen volgt. Het is de vijandschap die God Zelf gezet heeft.
Toch hoeft u die smaad niet als een schande mee te dragen. Draag hem als een onderscheidingsteken, als een kroon die uw Meester vóór u droeg, toen zij Zijn hoofd met doornen kroonden. Zorg alleen dat u onschuldig lijdt en niet om eigen kwaad. Hij heeft u uit de wereld uitverkoren, en daarom bent u van Hem. En misschien zult u ervaren dat u zich onwaardig acht om Zijns Naams wil te lijden.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Indien gij van de wereld waart, zo zoude de wereld het hare liefhebben; doch omdat gij van de wereld niet zijt, maar Ik u uit de wereld heb uitverkoren, daarom haat u de wereld.
Johannes 15:19
Als u in de vreze Gods wandelt en de voetstappen volgt van een vervolgde en verachte Jezus, zal de wereld u haten en verachten zoals zij Hem gehaat en veracht heeft. Hij verklaart dat Zelf: „Indien de wereld u haat, weet, dat zij Mij meer dan u gehaat heeft.” God Zelf heeft „vijandschap gezet tussen het zaad der vrouw en het zaad der slang” (Gen. 3:15), en niets zal u beschermen tegen het openbaar worden van die vijandschap, als u aan de kant van Christus staat. Geen rang, geen bezit, geen geleerdheid, geen opvoeding, geen beminnelijkheid, geen overvloedige vrijgevigheid en geen grote oprechtheid van gedrag zal de smaad van de mensen van u afweren, als u een oprecht navolger bent van de Heere Jezus Christus en in praktijk brengt wat u in beginsel aanhangt. Als u hier niet gelijkvormig geworden bent aan Zijn lijdend beeld, zult u hierna zeker ook niet gelijkvormig worden aan Zijn heerlijkheid.
Maar als uw naam met smaad wordt verworpen omdat u voor en met Jezus leeft, draag die smaad dan als uw onderscheidingsteken, dat de borst van de christenstrijder siert. Als de mensen uw beweegredenen of daden verkeerd voorstellen en u proberen te vervolgen met alle laster die de laagste boosaardigheid kan bedenken, verberg die laster dan niet, zolang u onschuldig bent. Zij zouden voor u geen betere en eervollere kroon kunnen bedenken, als het werkelijk uw godzalig leven is dat die boosaardige leugen heeft uitgelokt. Het is een kroon die uw Meester vóór u droeg, toen zij Zijn hoofd met doornen kroonden. Als u voelt wat ik gevoeld heb, zult u zich soms onwaardig achten om vervolging te lijden omwille van Zijn Naam.
Zij rotten saam en houden boze raad,
terwijl mij elk in ’t heimlijk’ gadeslaat,
mijn schreden volgt en mij naar ’t leven staat.
Zoudt Gij, o God, nog met Uw heilig’ ogen
hun boosheid zien en straffeloos gedogen?
Ps. 56:3
Aan de lezer…
Wordt u om uw keuze voor Christus miskend, bespot of belasterd? Schrik er dan niet van, alsof u iets vreemds overkwam. De Heere Zelf heeft gezegd dat de wereld Hem eerst gehaat heeft. Geen geleerdheid, geen beminnelijkheid en geen oprecht gedrag zal u voor die smaad behoeden, als u werkelijk Zijn voetstappen volgt. Het is de vijandschap die God Zelf gezet heeft.
Toch hoeft u die smaad niet als een schande mee te dragen. Draag hem als een onderscheidingsteken, als een kroon die uw Meester vóór u droeg, toen zij Zijn hoofd met doornen kroonden. Zorg alleen dat u onschuldig lijdt en niet om eigen kwaad. Hij heeft u uit de wereld uitverkoren, en daarom bent u van Hem. En misschien zult u ervaren dat u zich onwaardig acht om omwille van Zijn Naam te lijden.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
If ye were of the world, the world would love his own: but because ye are not of the world, but I have chosen you out of the world, therefore the world hateth you.
John 15:19
If you walk in the fear of God, and follow in the footsteps of a persecuted and despised Jesus, the world will hate and despise you as it hated and despised Him, as He Himself declares, “If the world hates you, you know that it hated Me before it hated you.” God Himself has put enmity between the seed of the woman and the seed of the serpent (Gen. 3:15); and nothing will secure you from the manifestation of this enmity if you are on Christ’s side. Neither rank, nor property, nor learning, nor education, nor amiability, nor the profusest deeds of liberality, nor the greatest uprightness of conduct, will stave off the scorn of men, if you are a sincere follower of the Lord Jesus Christ, and carry out in practice what you hold in principle.
If you are not conformed to Jesus here in His suffering image, you will most certainly not be conformed to Jesus hereafter in His glorified likeness. But if by living for and unto Jesus and His cross, your name be cast out as evil, wear it as your distinguishing badge, as adorning the breast of a Christian warrior.
If men misrepresent your motives or actions, and seek to hunt you down with every calumny that the basest malignity can invent, do not heed it as long as you are innocent. They cannot find you a better or more honorable crown, if indeed your godly life provoke the cruel lie. It is a crown that your Master bore before you, when they crowned His head with thorns. If you feel as I have felt, you will at times count yourself even unworthy to suffer persecution for His Name’s sake.
To the reader…
Are you misunderstood, mocked or slandered because you have chosen Christ? Then do not be alarmed, as though some strange thing had happened to you. The Lord Himself said that the world hated Him first. No learning, no amiability and no upright conduct will shield you from that reproach, if you truly follow in His footsteps. It is the enmity that God Himself has put there.
Yet you need not carry that reproach as a disgrace. Wear it as a badge of honour, as a crown that your Master wore before you, when they crowned His head with thorns. Only make sure that you suffer innocently and not for wrongs of your own. He has chosen you out of the world, and therefore you are His. And perhaps you will find that you count yourself unworthy to suffer for His Name’s sake.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Si fuerais del mundo, el mundo amaría lo suyo; mas porque no sois del mundo, antes Yo os elegí del mundo, por eso os aborrece el mundo.
Juan 15:19
Si usted anda en el temor de Dios y sigue las pisadas de un Jesús perseguido y despreciado, el mundo le aborrecerá y despreciará como le aborreció y despreció a Él, como Él mismo declara: “Si el mundo os aborrece, sabed que a Mí me aborreció antes que a vosotros”. Dios mismo ha puesto enemistad entre la simiente de la mujer y la simiente de la serpiente (Génesis 3:15); y nada le librará de la manifestación de esta enemistad si está usted del lado de Cristo. Ni el rango, ni la propiedad, ni el saber, ni la educación, ni la amabilidad, ni los actos más profusos de generosidad, ni la mayor rectitud de conducta, detendrán el desprecio de los hombres, si es usted un seguidor sincero del Señor Jesucristo y lleva a la práctica lo que sostiene en principio.
Si no es usted conformado a Jesús aquí en Su imagen sufriente, con toda seguridad no será conformado a Jesús en el más allá en Su semejanza glorificada. Pero si por vivir para Jesús y para Su cruz su nombre es desechado como malo, llévelo como su insignia distintiva, como adorno del pecho de un guerrero cristiano.
Si los hombres tergiversan sus motivos o sus acciones, y procuran acosarle con toda calumnia que la malignidad más vil pueda inventar, no haga caso mientras sea inocente. No pueden hallarle una corona mejor ni más honrosa, si en verdad es su vida piadosa la que provoca la cruel mentira. Es una corona que su Maestro llevó antes que usted, cuando coronaron Su cabeza con espinas. Si siente usted como yo he sentido, a veces se tendrá incluso por indigno de padecer persecución por causa de Su Nombre.
Al lector…
¿Es usted malentendido, objeto de burla o calumniado porque ha escogido a Cristo? Entonces no se alarme, como si le aconteciera cosa extraña. El Señor mismo dijo que el mundo le aborreció a Él primero. Ningún saber, ninguna amabilidad y ninguna conducta recta le protegerán de ese oprobio, si de verdad sigue usted Sus pisadas. Es la enemistad que Dios mismo ha puesto.
Sin embargo, no necesita llevar ese oprobio como una deshonra. Llévelo como una insignia de honor, como una corona que su Maestro llevó antes que usted, cuando coronaron Su cabeza con espinas. Solo asegúrese de que padece siendo inocente y no por faltas propias. Él le ha elegido del mundo, y por eso es usted Suyo. Y quizá descubra que se tiene por indigno de padecer por causa de Su Nombre.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl
365 Dagen Met Philpot
Het lijden en sterven van Christus
En ook de vrouwen, die met Hem gekomen waren uit Galilea, volgden na en aanschouwden het graf, en hoe Zijn lichaam gelegd werd. En wedergekeerd zijnde, bereidden zij specerijen en zalven; en op de sabbat rustten zij naar het gebod. En op de eerste dag der week, zeer vroeg in de morgenstond, gingen zij naar het graf, dragende de specerijen, die zij bereid hadden.
Lukas 23:55-24:1
De heilige vrouwen die huilden en weeklaagden bij het kruis vergaten hun geliefde Heere niet bij het graf. Daarheen gingen hun gedachten tijdens die sabbat waarop ze naar het gebod rustten, en bij het aanbreken van de volgende dag, de eerste dag van de week, spoedden ze zich met specerijen om het geliefde Voorwerp van hun geloof en liefde te zalven (Luk. 23:16). Het geheim van de opstanding was voor hun ogen verborgen, maar ze bleven in de dood en in het graf Hem liefhebben Die ze tijdens het leven hadden liefgehad. Zullen we onze gedachten niet ook naar het graf uit laten gaan? En zullen we met deze barmhartige vrouwen er ook niet onze toevlucht toe nemen als tot de slaapplaats van het lichaam van Jezus?
De natuur huivert voor de dood, zelfs buiten datgene dat na de dood voor zo velen de grootste verschrikking is. Zelfs waar de genadetroon is opgericht en barmhartigheid zich boven straf verheugt, komen soms ongelovige gedachten op die het oordeel over de scheiding van lichaam en ziel, en de geest die een ongeziene, onbekende wereld in wordt gezonden, verwarren. Het geloof kan deze verwarrende gedachten, waar we maar niet verder op in moeten gaan, weliswaar onderdrukken, maar het geloof heeft vaste grond nodig om zich op te vestigen.
Als de ziel dus is gezegend met bemoedigende hoop of zoete overtuiging van het belang in het bloed en de gehoorzaamheid van de Heere Jezus Christus, zodat beangstigende schuldgevoelens worden verwijderd, wat versterkt de aanblik van Zijn dood het geloof dan, niet alleen als het enige offer voor de zonde, maar ook als voorbeeld voor onze eigen dood! We moeten allen sterven, en daarom kan het zien door gelovige ogen op de dood van Jezus een nuttig onderwerp van overpeinzing zijn, als een troost voor de verwarrende gedachten waarop eerder is gezinspeeld. In de handen van de Vader beval de stervende Heere Zijn geest. De Vader ontving hem, want de Vader luistert altijd (Luk. 23:46). En zo keerde de geest weder tot Degene Die hem gegeven heeft (Pred. 12:7).
Lezen: Lukas 23:44-24:1
Aan de lezer…
Misschien, lezer, kent u die ongelovige gedachten die opkomen als u aan de dood denkt: de scheiding van lichaam en ziel, en de geest die een ongeziene wereld in moet gaan. De natuur huivert daarvoor, en het is geen zonde dat te erkennen. Maar zie op die heilige vrouwen. Het geheim van de opstanding was nog voor hun ogen verborgen, en toch bleven zij Hem in de dood en in het graf liefhebben, en gingen zij in de vroege morgen met hun specerijen naar de plaats waar Zijn lichaam lag.
Laat ook uw gedachten naar dat graf uitgaan. Het geloof heeft vaste grond nodig, en die vindt het in Zijn bloed en Zijn gehoorzaamheid, en in de wijze waarop Hij stierf. De stervende Heere beval Zijn geest in de handen van de Vader, en de Vader ontving Hem. Wie Hem toebehoort, mag dat graf aanzien als een rustplaats, en niet langer als een plaats van verschrikking.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
En ook de vrouwen, die met Hem gekomen waren uit Galilea, volgden na en aanschouwden het graf, en hoe Zijn lichaam gelegd werd. En wedergekeerd zijnde, bereidden zij specerijen en zalven; en op de sabbat rustten zij naar het gebod. En op de eerste dag der week, zeer vroeg in de morgenstond, gingen zij naar het graf, dragende de specerijen, die zij bereid hadden.
Lukas 23:55-24:1
De heilige vrouwen die bij het kruis weenden en klaagden, vergaten hun geliefde Heere niet bij het graf. Daarheen gingen hun gedachten op die sabbat waarop ze naar het gebod rustten. En bij het aanbreken van de volgende dag, de eerste dag van de week, haastten ze zich met specerijen om het geliefde Voorwerp van hun geloof en liefde te zalven (Luk. 23:16). Het geheim van de opstanding was voor hun ogen verborgen, maar ze bleven Hem in de dood en in het graf liefhebben, Die ze tijdens Zijn leven hadden liefgehad. Zullen ook wij onze gedachten niet naar het graf laten uitgaan? En zullen ook wij niet met deze liefdevolle vrouwen daarheen gaan als naar de rustplaats van het lichaam van Jezus?
De natuur huivert voor de dood, zelfs afgezien van wat er na de dood komt en wat voor zovelen de grootste verschrikking is. Zelfs waar de troon van de genade is opgericht en de barmhartigheid roemt tegen het oordeel, komen soms ongelovige gedachten op. Die brengen het oordeel in verwarring wanneer het denkt aan de scheiding van lichaam en ziel, en aan de geest die een ongeziene, onbekende wereld in wordt gezonden. Het geloof kan deze verwarrende gedachten, waar we maar niet verder op in moeten gaan, wel onderdrukken, maar het geloof heeft vaste grond nodig om op te rusten.
Wanneer de ziel dus gezegend is met een bemoedigende hoop of een zoete overtuiging dat zij deel heeft aan het bloed en de gehoorzaamheid van de Heere Jezus Christus, zodat beangstigende schuldgevoelens zijn weggenomen, hoe versterkt dan de aanblik van Zijn dood het geloof! Niet alleen als het enige offer voor de zonde, maar ook als voorbeeld voor onze eigen dood. We moeten allen sterven, en daarom kan het zien met gelovige ogen op de dood van Jezus een nuttig onderwerp van overdenking zijn, als troost tegen de verwarrende gedachten waarop we eerder doelden. In de handen van de Vader beval de stervende Heere Zijn geest. De Vader ontving hem, want de Vader hoort altijd (Luk. 23:46). En zo keerde de geest weder tot Hem Die hem gegeven heeft (Pred. 12:7).
Lezen: Lukas 23:44-24:1
Aan de lezer…
Misschien, lezer, kent u die ongelovige gedachten die opkomen als u aan de dood denkt: de scheiding van lichaam en ziel, en de geest die een ongeziene wereld in moet gaan. De natuur huivert daarvoor, en het is geen zonde dat te erkennen. Maar zie op die heilige vrouwen. Het geheim van de opstanding was nog voor hun ogen verborgen, en toch bleven zij Hem in de dood en in het graf liefhebben, en gingen zij in de vroege morgen met hun specerijen naar de plaats waar Zijn lichaam lag.
Laat ook uw gedachten naar dat graf uitgaan. Het geloof heeft vaste grond nodig, en die vindt het in Zijn bloed en Zijn gehoorzaamheid, en in de wijze waarop Hij stierf. De stervende Heere beval Zijn geest in de handen van de Vader, en de Vader ontving Hem. Wie Hem toebehoort, mag dat graf zien als een rustplaats, en niet langer als een plaats van verschrikking.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
And the women also, which came with Him from Galilee, followed after, and beheld the sepulchre, and how His body was laid. And they returned, and prepared spices and ointments; and rested the sabbath day according to the commandment. Now upon the first day of the week, very early in the morning, they came unto the sepulchre, bringing the spices which they had prepared.
Luke 23:55-24:1
The holy women who wept and lamented at the cross did not forget their beloved Lord at the tomb. Thither went their thoughts on that sabbath on which they rested according to the commandment. And at the dawn of the next day, the first day of the week, they hastened with spices to anoint the beloved Object of their faith and love (Luke 24:1). The mystery of the resurrection was hidden from their eyes, but they still loved Him in death and in the grave Whom they had loved in His life. Shall not we, too, let our thoughts go out to the tomb? And shall not we, too, go thither with these loving women, as to the resting-place of the body of Jesus?
Nature shudders at death, even apart from what comes after death, which to so many is the greatest terror. Even where the throne of grace is set up and mercy rejoiceth against judgment, unbelieving thoughts sometimes arise. These perplex the judgment when it thinks of the separation of body and soul, and of the spirit being sent into an unseen, unknown world. Faith may indeed keep down these perplexing thoughts, on which we had better not dwell further, but faith needs firm ground to rest upon.
When, then, the soul is blessed with an encouraging hope or a sweet persuasion of its interest in the blood and obedience of the Lord Jesus Christ, so that distressing feelings of guilt are removed, how the sight of His death strengthens faith! Not only as the one sacrifice for sin, but also as an example for our own death. We must all die, and therefore looking with believing eyes upon the death of Jesus may be a profitable subject for meditation, as a comfort against the perplexing thoughts to which we referred before. Into the hands of the Father the dying Lord commended His spirit. The Father received it, for the Father heareth always (Luke 23:46). And so the spirit returned unto Him Who gave it (Ecclesiastes 12:7).
Reading: Luke 23:44-24:1
To the reader…
Perhaps, dear reader, you know those unbelieving thoughts that arise when you think of death: the separation of body and soul, and the spirit that must go into an unseen world. Nature shudders at it, and it is no sin to acknowledge that. But look at those holy women. The mystery of the resurrection was still hidden from their eyes, and yet they went on loving Him in death and in the grave, and went in the early morning with their spices to the place where His body lay.
Let your thoughts also go out to that tomb. Faith needs firm ground, and it finds it in His blood and His obedience, and in the way in which He died. The dying Lord commended His spirit into the hands of the Father, and the Father received Him. Whoever belongs to Him may see that grave as a resting-place, and no longer as a place of terror.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Y las mujeres que con Él habían venido de Galilea, siguieron también y vieron el sepulcro, y cómo fue puesto Su cuerpo. Y vueltas, aparejaron drogas aromáticas y ungüentos; y reposaron el sábado, conforme al mandamiento. Y el primer día de la semana, muy de mañana, vinieron al sepulcro, trayendo las drogas aromáticas que habían aparejado.
Lucas 23:55-24:1
Las santas mujeres que lloraron y se lamentaron junto a la cruz no olvidaron a su amado Señor en el sepulcro. Allá iban sus pensamientos aquel sábado en que reposaron conforme al mandamiento. Y al amanecer del día siguiente, el primer día de la semana, se apresuraron con drogas aromáticas para ungir al amado Objeto de su fe y de su amor (Lucas 24:1). El misterio de la resurrección estaba encubierto a sus ojos, pero seguían amando en la muerte y en el sepulcro a Aquel a Quien habían amado en Su vida. ¿No dejaremos también nosotros que nuestros pensamientos vayan al sepulcro? ¿Y no iremos también nosotros allá con estas mujeres amorosas, como al lugar de reposo del cuerpo de Jesús?
La naturaleza se estremece ante la muerte, aun aparte de lo que viene después de la muerte, que para tantos es el mayor terror. Aun donde está establecido el trono de la gracia y la misericordia se gloría contra el juicio, a veces surgen pensamientos incrédulos. Estos turban el juicio cuando piensa en la separación del cuerpo y del alma, y en que el espíritu es enviado a un mundo invisible y desconocido. La fe puede ciertamente reprimir estos pensamientos inquietantes, en los que mejor no nos detendremos más, pero la fe necesita un terreno firme en que descansar.
Cuando, pues, el alma es bendecida con una esperanza alentadora o una dulce persuasión de su parte en la sangre y la obediencia del Señor Jesucristo, de modo que son quitados los angustiosos sentimientos de culpa, ¡cómo fortalece la fe la vista de Su muerte! No solo como el único sacrificio por el pecado, sino también como ejemplo para nuestra propia muerte. Todos hemos de morir, y por eso mirar con ojos creyentes la muerte de Jesús puede ser un tema provechoso de meditación, como consuelo contra los pensamientos inquietantes a que antes nos referimos. En las manos del Padre encomendó el Señor moribundo Su espíritu. El Padre lo recibió, porque el Padre siempre oye (Lucas 23:46). Y así el espíritu volvió a Aquel que lo dio (Eclesiastés 12:7).
Lectura: Lucas 23:44-24:1
Al lector…
Quizá, querido lector, conoce usted esos pensamientos incrédulos que surgen cuando piensa en la muerte: la separación del cuerpo y del alma, y el espíritu que ha de ir a un mundo invisible. La naturaleza se estremece ante ello, y no es pecado reconocerlo. Pero mire a aquellas santas mujeres. El misterio de la resurrección aún estaba encubierto a sus ojos, y sin embargo siguieron amándole en la muerte y en el sepulcro, y fueron muy de mañana con sus drogas aromáticas al lugar donde yacía Su cuerpo.
Deje que también sus pensamientos vayan a aquel sepulcro. La fe necesita un terreno firme, y lo halla en Su sangre y Su obediencia, y en la manera en que Él murió. El Señor moribundo encomendó Su espíritu en las manos del Padre, y el Padre le recibió. El que le pertenece puede ver ese sepulcro como un lugar de reposo, y ya no como un lugar de terror.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl
Door Baca's Vallei
Met alle bidding en smeking, biddende te allen tijd in de geest en tot hetzelve wakende met alle gedurigheid en smeking voor al de heiligen.
Efeze 6:18
Indien wij niet gedurig „bidden in de geest”, zullen onze leden, om zo te spreken, ineenkrimpen en geraakt onze wapenrusting in verval. De landheren van ouds oefenden zich elke dag in hun volle wapenrusting, omdat zij het anders moeilijk konden dragen en met geen vaardigheid daarvan gebruik konden maken. Zo moet de christenkrijgsman door gebed en smekingen zichzelf oefenen tot godzaligheid. Daaraan moet worden toegevoegd: „En tot hetzelve wakende.” Wakende of wachtende op een antwoord en wachtende op de verschijning des Heeren, meer dan de wachters op de morgen. En dit „met alle gedurigheid”. Het nooit opgevende en met geen weigering genoegen nemende, smekende de Heere wederom en bij vernieuwing, met Hem worstelende, totdat Hij verschijnt met Zijn bezoek en zegeningen en Zich in het hart verklaart.
O, hoe houdt dit hemels recept ieder deel van de wapenrusting blank! De wapenrusting op zichzelf, als zijnde uit de hemel, wordt nooit stomp of roestig. Wij wel, en wij zijn slordig in het gebruik daarvan. Maar naar ons begrip doen geloof en gebed het helderder glinsteren. Zie bijvoorbeeld hoe het gebed des geloofs de gordel der waarheid polijst en ze doet blinken en schitteren. Hoe het de borstplaat polijst en nauw rondom het lichaam doet sluiten! Hoe het de helm doet blinken in de zon en haar kostelijke veren doet golven in haar natuurlijke luister! Hoe het elk spoor van de vurige pijlen die het schild heeft opgevangen, wegneemt en een geschiktheid geeft tegen nieuwe aanslagen! Ook hoe het het zwaard des Geestes scherpt, het helderder doet blinken en de arm kracht geeft om het met vernieuwde kracht en moed te hanteren!
O, dit is het geheim van de rechte overwinning! Alles is en moet wel zijn wanneer wij in een biddende, mediterende en wakende staat verkeren, en alles is verkeerd als men van dit hemels recept geen gebruikmaakt en het veronachtzaamt; wanneer wij de handen slap laten hangen en ook de knieën krachteloos worden; ja, het gebed als dood en bewegenloos in ons is. Laat er in de ziel een blijvende geest des gebeds zijn, en de overwinning is zeker. De duivel heeft weinig kracht tegen de ziel die een bijblijvende geest des gebeds heeft en wakende is met alle gedurigheid. Maar zonder deze geest des gebeds zijn wij ten prooi aan al zijn verzoekingen en kunnen wij ons niet bedienen, noch dragen of gebruikmaken van de enige wapenrusting tegen hem.
Aan de lezer…
Misschien voelt u uw wapenrusting zwaar en uw arm slap. Is het gebed in u als dood en bewegenloos, terwijl de vurige pijlen van de vijand op u afkomen? Dan ligt het niet aan de wapenrusting; die is uit de hemel en wordt nooit stomp of roestig. Wij zijn het die slordig worden, die de handen slap laten hangen en de knieën krachteloos laten worden.
Het hemels recept is eenvoudig, al valt het ons zwaar: biddende te allen tijd in de geest, en tot hetzelve wakende met alle gedurigheid. Geef het niet op en neem met geen weigering genoegen. Smeek de Heere wederom en bij vernieuwing, worstel met Hem, totdat Hij verschijnt met Zijn bezoek en Zich in uw hart verklaart. Wacht op Hem meer dan de wachters op de morgen. Waar zulk een geest des gebeds blijft, heeft de duivel weinig kracht, en is de overwinning zeker, hoe zwak u zich ook voelt.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Met alle bidding en smeking, biddende te allen tijd in de geest en tot hetzelve wakende met alle gedurigheid en smeking voor al de heiligen.
Efeze 6:18
Als wij niet voortdurend „bidden in de geest”, zullen onze leden als het ware verstijven en raakt onze wapenrusting in verval. De landheren van vroeger oefenden zich elke dag in hun volle wapenrusting, omdat zij die anders moeilijk konden dragen en er niet vaardig mee konden omgaan. Zo moet de christenstrijder zich door gebed en smekingen oefenen in de godzaligheid. Daaraan moet worden toegevoegd: „En tot hetzelve wakende.” Dat is: wakend of wachtend op een antwoord, en wachtend op de verschijning van de Heere, meer dan de wachters op de morgen.
En dit „met alle gedurigheid”: het nooit opgeven en met geen weigering genoegen nemen, maar de Heere opnieuw en telkens weer smeken en met Hem worstelen, totdat Hij verschijnt met Zijn bezoek en zegeningen en Zich in het hart bekendmaakt. O, hoe houdt dit hemelse recept ieder deel van de wapenrusting blank! De wapenrusting zelf, die immers uit de hemel is, wordt nooit stomp of roestig. Wij wel, en wij gaan er slordig mee om. Maar naar ons gevoel doen geloof en gebed haar helderder glinsteren.
Zie bijvoorbeeld hoe het gebed van het geloof de gordel van de waarheid poetst en doet blinken en schitteren. Hoe het de borstplaat poetst en nauw om het lichaam doet sluiten! Hoe het de helm doet blinken in de zon en zijn kostbare veren doet golven in hun natuurlijke luister! Hoe het elk spoor wegneemt van de vurige pijlen die het schild heeft opgevangen, en het geschikt maakt tegen nieuwe aanvallen! En ook hoe het het zwaard van de Geest scherpt, het helderder doet blinken en de arm kracht geeft om het met vernieuwde kracht en moed te hanteren!
O, dit is het geheim van de ware overwinning! Alles is goed en moet wel goed zijn wanneer wij in een biddende, overdenkende en wakende staat verkeren. En alles is verkeerd wanneer men van dit hemelse recept geen gebruikmaakt en het verwaarloost, wanneer wij de handen slap laten hangen en ook de knieën krachteloos worden, ja, wanneer het gebed als dood en bewegingloos in ons is. Laat er in de ziel een blijvende geest van gebed zijn, en de overwinning is zeker. De duivel heeft weinig kracht tegen de ziel die een blijvende geest van gebed heeft en waakt met alle gedurigheid. Maar zonder deze geest van gebed zijn wij een prooi voor al zijn verzoekingen en kunnen wij de enige wapenrusting tegen hem niet aandoen, niet dragen en niet gebruiken.
Aan de lezer…
Misschien voelt u uw wapenrusting zwaar en uw arm slap. Is het gebed in u als dood en bewegingloos, terwijl de vurige pijlen van de vijand op u afkomen? Dan ligt het niet aan de wapenrusting; die is uit de hemel en wordt nooit stomp of roestig. Wij zijn het die slordig worden, die de handen slap laten hangen en de knieën krachteloos laten worden.
Het hemelse recept is eenvoudig, al valt het ons zwaar: biddende te allen tijd in de geest, en tot hetzelve wakende met alle gedurigheid. Geef het niet op en neem met geen weigering genoegen. Smeek de Heere opnieuw en telkens weer, worstel met Hem, totdat Hij verschijnt met Zijn bezoek en Zich in uw hart bekendmaakt. Wacht op Hem meer dan de wachters op de morgen. Waar zo’n geest van gebed blijft, heeft de duivel weinig kracht en is de overwinning zeker, hoe zwak u zich ook voelt.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
“Praying always with all prayer and supplication in the Spirit, and watching thereunto with all perseverance and supplication for all saints.”
Ephesians 6:18
If we do not continually “pray in the Spirit,” our limbs will, so to speak, shrink, and our armor drop off. The knights of old exercised every day in their full armor, or they could not have borne it, nor used their weapons with dexterity and strength. So must the Christian warrior, by prayer and supplication, “exercise himself unto godliness.” To this must be added, “watching thereunto.” To watch for the answer; to wait for the appearing of the Lord “more than those who watch for the morning.” And this, “with all perseverance,” never giving it up, taking no denial, begging of the Lord again and again, and wrestling with Him until He appears to bless, visit, and shine upon the soul.
O how this heavenly recipe keeps every part of the armor bright, and the soldier active and expert in its use! The armor indeed of itself, as being from heaven, gets neither dull nor rusty. It is we who get sluggish in its use. But, to our apprehension, faith and prayer make it glitter more brightly. How, for instance, “the prayer of faith” brightens up the belt of truth, and makes it glitter and shine! How it burnishes the breast-plate, and makes it fit tightly round the bosom! How it makes the helmet glitter in the sun, and its noble plumes to wave in all their native luster! How it beats out every dent the shield may have received from the fiery darts, and fits it for fresh encounters! And how it sharpens “the sword of the Spirit,” gives it a brighter polish, and nerves the arm to wield it with renewed activity and vigor!
Oh, this is the secret of all true victory! All is, all must be well, when we are in a prayerful, meditative, watching state; and all is ill, when this heavenly recipe is neglected; when the hands droop, and the knees faint, and prayer seems dead and motionless in the breast. Let there be in the soul an abiding spirit of prayer, and victory is sure. Satan has little power against the soul that has an abiding spirit of prayer, and is “watching thereunto with all perseverance.” But without this spirit of prayer, we are a prey to all his temptations, and can neither take, wear, nor use the only armor against them.
To the reader…
Perhaps your armor feels heavy and your arm weak. Is prayer within you as if dead and motionless, while the fiery darts of the enemy come flying at you? Then the fault does not lie with the armor; it is from heaven and never grows dull or rusty. It is we who grow careless, who let the hands hang down and the knees grow feeble.
The heavenly recipe is simple, though it comes hard to us: praying always in the Spirit, and watching thereunto with all perseverance. Do not give it up, and take no denial. Plead with the Lord again and again, wrestle with Him, until He comes to visit you and makes Himself known in your heart. Wait for Him more than they that watch for the morning. Where such a spirit of prayer abides, the devil has little power and victory is sure, however weak you feel.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Orando en todo tiempo con toda deprecación y súplica en Espíritu, y velando en ello con toda instancia y suplicación por todos los santos.
Efesios 6:18
Si no “oramos en Espíritu” continuamente, nuestros miembros, por así decirlo, se encogerán, y nuestra armadura se caerá. Los caballeros de antaño se ejercitaban cada día con su armadura completa, pues de otro modo no habrían podido soportarla ni usar sus armas con destreza y fuerza. Así debe el guerrero cristiano, por la oración y la súplica, “ejercitarse para la piedad”. A esto debe añadirse “velando en ello”: velar aguardando la respuesta; esperar la aparición del Señor “más que los centinelas a la mañana”. Y esto “con toda instancia”, sin abandonarlo nunca, sin aceptar una negativa, rogando al Señor una y otra vez, y luchando con Él hasta que aparezca para bendecir, visitar y resplandecer sobre el alma.
¡Oh, cómo esta receta celestial mantiene brillante cada parte de la armadura, y al soldado activo y diestro en su uso! La armadura en sí misma, por ser del cielo, no se embota ni se oxida. Somos nosotros los que nos volvemos perezosos en su uso. Pero, según nuestra percepción, la fe y la oración la hacen relucir con más brillo. ¡Cómo, por ejemplo, “la oración de fe” abrillanta el cinto de la verdad y lo hace relucir y resplandecer! ¡Cómo bruñe la coraza y la hace ajustarse firmemente alrededor del pecho! ¡Cómo hace que el yelmo reluzca al sol y que sus nobles plumas ondeen con todo su brillo natural! ¡Cómo endereza toda abolladura que el escudo haya recibido de los dardos de fuego, y lo prepara para nuevos encuentros! ¡Y cómo afila “la espada del Espíritu”, le da un pulido más brillante, y da vigor al brazo para empuñarla con renovada actividad y fuerza!
¡Oh, este es el secreto de toda verdadera victoria! Todo está bien, todo ha de estar bien, cuando estamos en un estado de oración, meditación y vigilancia; y todo está mal cuando se descuida esta receta celestial; cuando las manos caen, y las rodillas desfallecen, y la oración parece muerta e inmóvil en el pecho. Haya en el alma un espíritu permanente de oración, y la victoria es segura. Satanás tiene poco poder contra el alma que tiene un espíritu permanente de oración y que está “velando en ello con toda instancia”. Pero sin este espíritu de oración, somos presa de todas sus tentaciones, y no podemos ni tomar, ni llevar, ni usar la única armadura contra ellas.
Al lector…
Quizá su armadura le parece pesada y su brazo débil. ¿Está la oración dentro de usted como muerta e inmóvil, mientras los dardos de fuego del enemigo vuelan hacia usted? Entonces la culpa no está en la armadura; es del cielo y nunca se embota ni se oxida. Somos nosotros los que nos volvemos descuidados, los que dejamos caer las manos y debilitarse las rodillas.
La receta celestial es sencilla, aunque nos resulta difícil: orar en todo tiempo en Espíritu, y velar en ello con toda instancia. No lo abandone, y no acepte una negativa. Ruegue al Señor una y otra vez, luche con Él, hasta que venga a visitarle y se dé a conocer en su corazón. Espérelo más que los centinelas a la mañana. Donde permanece tal espíritu de oración, el diablo tiene poco poder y la victoria es segura, por débil que usted se sienta.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl