Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

7 mei Korenaren uit de volle oogst

De Heere is mij verschenen van verre tijden. Ja, Ik heb u liefgehad met een eeuwige liefde, daarom heb Ik u getrokken met goedertierenheid.
Jeremia 31:3

In Gods Geest kunnen geen nieuwe gedachten opkomen. Bij ons komen telkens nieuwe gedachten, nieuwe gevoelens, nieuwe plannen en nieuwe besluiten op, want onze natuur is arm, vervallen, beuzelachtig en veranderlijk. Maar God heeft geen nieuwe gedachten, gevoelens, plannen of besluiten. Als Hij die had, zou Hij een veranderlijk Wezen zijn, en niet de grote, eeuwige, onveranderlijke IK BEN. Daarom zijn al Zijn gedachten, al Zijn plannen en al Zijn wegen, net als Hijzelf, eeuwig, oneindig, onveranderlijk en onveranderbaar.

Zo is het ook met de liefde van God tot de Kerk. Zij is eeuwig, onveranderlijk en onveranderbaar. En waarom? Omdat Hij liefheeft zoals God liefheeft.

Laten wij de heerlijke Godheid van Jezus nooit uit het oog verliezen. Hij had haar lief van eeuwigheid als de Zoon van God, vóór Zijn menswording. Die menswording was slechts de vrucht van Zijn liefde. Daarom kunnen wij geen begin van de liefde van Christus aanwijzen, want zij bestond toen Hij bestond, dat is van eeuwigheid. Ook kunnen wij geen einde van die liefde bepalen, want zij kan alleen samen met Hem ophouden; en omdat Hij geen begin heeft, heeft Hij ook geen einde. Zijn liefde is als Zijn Wezen: zij kent geen begin en zal ook geen einde kennen.

O, wat een barmhartigheid is het voor hen die de genadige liefde van Christus enigszins bij ervaring kennen, om te geloven dat zij er is van eeuwigheid tot eeuwigheid! Geen tijd, geen aanval van zonde of satan kan die eeuwige liefde ooit doen wankelen of veranderen; zij blijft dezelfde en zal dezelfde blijven tot in alle eeuwigheid.

Gij zijt, o Heer, van d’allervroegste jaren
voor ons geweest een toevlucht in gevaren!
Eer berg en rots uit niet geboren waren,
eer d’aarde rustt’ op hare grondpilaren
van eeuwigheid, o God, die eeuwig leeft,
zijt Gij de God, die eind noch oorsprong heeft!

Ps. 90:1

Aan de lezer…

Hoe wisselvallig is ons hart! Verandert ook het uwe van dag tot dag, zodat u vandaag nauwelijks herkent wat u gisteren meende te bezitten, en zijn uw gedachten, gevoelens en besluiten arm en beuzelachtig? Ik ontken het niet; zo is onze natuur. Maar laat u daardoor niet wijsmaken dat ook de liefde van de Heere zo is. Hij is de grote, onveranderlijke IK BEN, en wat Hij liefheeft, heeft Hij lief met een eeuwige liefde.

Dat is de rots onder de voeten van een bestreden ziel. Geen aanval van zonde of satan, geen tijd van koelheid of duisternis kan die liefde doen wankelen, want zij heeft geen begin gekend en zal geen einde kennen. Kent u er ook maar iets van dat Hij u met goedertierenheid getrokken heeft? Rust dan niet op uw eigen gestalte, maar op Hem, Die dezelfde blijft. Wat in u wankelt, wankelt niet in Hem.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

7 mei 365 dagen met Philpot

Die overwint

Die overwint, Ik zal hem geven te eten van het manna, dat verborgen is.
Openbaring 2:17

Wat is dit verborgen manna? Is het niet Gods Woord dat met kracht aan het hart wordt toegepast? Wat zegt Jeremia? „Als Uw woorden gevonden zijn, zo heb ik ze opgegeten, en Uw Woord is mij geweest tot vreugde en tot blijdschap mijns harten” (Jer. 15:16). Wanneer het de Heere behaagt een woord van Zijn eigen lippen in het hart te laten vallen, een belofte toe te passen, een dierbaar gedeelte van Zijn Woord te onthullen, een heilige tekst zacht in het hart te fluisteren, is dat dan geen manna? Waar kwam het manna vandaan? Werd het door mensenhanden gekweekt? Werd het geplukt van de essen die in de woestijn groeiden, zoals ongelovigen ons vertellen? Nee, het viel uit de hemel.

En geldt dat niet ook voor het Woord van de Heere dat met kracht aan het hart wordt toegepast? Het komt niet door de Heilige Schrift te onderzoeken, hoewel het goed is de Heilige Schrift te onderzoeken; het komt niet door verschillende gedeelten met elkaar te vergelijken. Het is de Heere Zelf Die het behaagt een dierbaar gedeelte van de waarheid aan ons hart toe te passen. En wanneer dat gebeurt, is het „manna”. Het is zoet, verfrissend, versterkend, troostend en bemoedigend. Ja, het is engelenvoedsel, het vlees en bloed van het Lam, waarmee het de Heere behaagt hongerige zielen af en toe te spijzigen en te laven.

Lezen: Jeremia 15:1-16

Aan de lezer…

Dat woord over het verborgen manna: weet u daar iets van? Het is niet het lezen en vergelijken van teksten, hoe goed dat ook is, maar dat ene ogenblik waarop de Heere Zelf een woord in uw hart laat vallen. Een belofte die ineens voor u bestemd blijkt te zijn, een tekst die zacht in uw ziel wordt gefluisterd, zodat u met Jeremia kunt zeggen: „Uw Woord is mij geweest tot vreugde en tot blijdschap mijns harten.”

Zulk manna kweekt geen mens; het valt uit de hemel. Daarom kunt u het ook niet afdwingen, maar u mag er wel hongerig naar uitzien. Hebt u het lang niet geproefd, en is uw ziel dor en leeg? Dan bent u juist de hongerige die Hij wil spijzigen. Blijf dan bij Zijn Woord, en vraag of Hij Zelf het tot uw hart wil spreken. Het is zoet, versterkend en troostend, en Hij geeft het nog steeds.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

7 mei Door Baca’s vallei

Want het bedenken des vleses is de dood; maar het bedenken des Geestes is het leven en vrede.
Romeinen 8:6

Eén van de meest gezegende kenmerken van wederbarende genade en van de zekere vruchten van de liefde van God, in het hart uitgestort, is het bedenken van de Geest. Daarvan zegt Paulus: „het is leven en vrede”. Geestelijk denken is leven en wandelen door de gezegende kracht en invloed van de Heilige Geest. Het is een hart en genegenheden hebben die losgemaakt zijn van dit arme en ijdele toneel van de wereld, en getrokken naar waar Jezus zit aan de rechterhand van God. Dit is leven: het leven van God in de ziel, met al zijn tegenwoordige gelukzaligheid en al zijn toekomstige heerlijkheid en vrede. Want vrede en rust worden alléén gevonden op dit pad van vereniging en gemeenschap met een verheerlijkte Verlosser. In dit bedenken van de Geest, in deze hemelse genegenheden en in deze omgang met de Heere bij de troon van de genade bestaat het leven en de kracht van de godzaligheid.

We vertrouwen dat we, naar wat we in ons eigen gemoed ondervonden hebben, iets kennen van dit zoete bedenken van de Geest en van de dierbare vruchten die eruit voortvloeien. Het is een sleutel om de Schrift te verstaan, want dan lezen we haar onder dezelfde geheiligde invloed en door hetzelfde Goddelijke onderwijs waardoor zij geschreven is. Het is een deur van het gebed, want onder deze kalme en vredige bewegingen zoekt de ziel als vanzelf en volkomen de heilige gemeenschap met God. Het is de vruchtbare moeder van zoete overdenkingen, want de waarheid van God wordt dan overdacht, men voedt zich ermee en ervaart dat het brood uit de hemel is. Het is het geheim van alle leven en kracht in de prediking. Want tenzij het hart zich eraan verbonden voelt en door de voorgedragen waarheid verootmoedigd en vernederd wordt, zal er in de verkondiging een hardheid zichtbaar worden die de levende hoorder in zijn gemoed voelt.

Het is de kracht van alle geestelijke gesprekken. Want hoe kunnen we met enige zalving of vrucht spreken, tenzij we geestelijk gestemd zijn, in een gestalte waarin de dingen van God ons eigenlijke element zijn, de taal van onze lippen en het vermaak van onze ziel?

Maar in het tegenovergestelde geval, als we vleselijk gezind op onze knieën liggen, met een geopende Bijbel voor ons, in het huis van het gebed, aan de tafel van de Heere, in het gezelschap van Gods kinderen: wat een last is dat voor onze geest, wat een veroordeling in ons geweten, wat een vruchtbare akker voor twijfel en vrees of de zaken tussen God en onze ziel wel in orde zijn, wanneer er zo’n afstand tussen Hem en ons is! Het is waar dat de uitnemendste heiligen en dienstknechten van God hun dode en duistere tijden kennen. Dan is het leven van God tot zo’n lage eb gekomen dat er nauwelijks iets van te zien is, zozeer is het bedolven onder modderstromen van hun gevallen natuur. Toch beweegt het leven zich rondom hen voort, al is het niet door hen. En soms valt er een straaltje licht en leven, dat zich een doorgang baant naar de oceaan van eeuwige liefde. Het toont zich niet alleen in zijn bestaan, maar ook in zijn loop, en het geeft aan de hemel terug wat het van de hemel ontving.

Zelfs door deze duistere en geesteloze tijden worden de heiligen en de dienstknechten van God onderwezen. Zij zien en voelen wat het vlees werkelijk is, en hoe vervreemd het is van het leven van God. Zij leren in Wie al hun kracht en genoegzaamheid ligt. Zij worden onderwezen dat in hen, dat is in hun vlees, geen goed woont, en dat geen enkele poging uit henzelf de kracht en sterkte van het leven van God kan bewaren. Ook leren zij dat alles wat zij zijn en hebben, alles wat zij geloven, kennen, voelen en genieten, met al hun bekwaamheid, nuttigheid, gaven en genade, voortvloeit uit de zuivere, soevereine genade, uit de rijke, vrije, onverdiende en toch onuitputtelijke goedertierenheid en barmhartigheid van God.

In deze moeilijke school van smartelijke ervaring leren zij hun leegheid en nietigheid kennen, en dat zij werkelijk zonder Christus niets kunnen doen. Zo worden zij bekleed met nederigheid, dat passende en betamelijke kleed. Zij leren af te zien van hun eigen kracht en wijsheid, en leren bevindelijk dat Christus voor hen alles in allen is en altijd moet zijn, en alles in allen in hen.

Aan de lezer…

Kent u die tijden waarin u met een geopende Bijbel op uw knieën ligt, en het is alsof uw hart dood en koud is? Het gebed wordt een last, het geweten beschuldigt, en de twijfel rijst of de zaken tussen God en uw ziel wel in orde zijn. Het bedenken van het vlees is de dood, en u voelt het. Zulke tijden zijn smartelijk, en het zou niet eerlijk zijn ze klein te maken.

Maar ook de uitnemendste heiligen kennen hun dode en duistere uren, en God onderwijst hen daardoor. Zij leren dat in hun vlees geen goed woont, dat zij zonder Christus niets kunnen doen, en dat alles wat zij hebben uit zuivere, soevereine genade voortvloeit. Zo worden zij met nederigheid bekleed. Laat uw dorheid u dan naar Hem drijven Die alles in allen is. Want het bedenken van de Geest is leven en vrede, en dat leven bloeit opnieuw op waar het hart weer opgetrokken wordt naar waar Jezus zit.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina