Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

4 maart Korenaren uit de volle oogst

In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen: anderszins zo zoude Ik het u gezegd hebben; Ik ga henen om u plaats te bereiden.
Johannes 14:2

Konden wij onze ogen maar opheffen naar dat gezegende verblijf, naar die woningen van hemelse gelukzaligheid waar geen verdriet meer zal zijn! Daar is de zonde niet meer en worden de tranen van alle gezichten afgewist. Daar is geen pijn meer, geen slopende ziekte, geen bedroefde ziel, geen twijfel, geen angst, geen duisternis of lijden, maar onvermengd geluk en vreugde. Daar zullen ziel en lichaam lofliederen zingen ter ere van God en het Lam!

En wat nog meer is: wij zullen deze heerlijkheden, die voor eeuwig en altijd aan de rechterhand van God zijn, eeuwig genieten. Wanneer onze verbeelding zich uitstrekt naar het hoogste begrip van de nooit eindigende eeuwigheid, duizelen onze gedachten, al aanvaardt het geloof die gezegende waarheid wel. Ja, in dat gelukkige land zullen de onsterfelijke ziel en het onsterfelijke lichaam hun krachten en vermogens verenigen om in de hoogste mate te genieten van alles wat God heeft weggelegd voor hen die Hem liefhebben.

Getrouwe Heer, Gij wilt mijn goed, mijn God,
mijn erfenis en ’t deel mijns bekers wezen!
Gij onderhoudt gestaag het heuglijk lot,
dat Gij zo mild voor mij hebt uitgelezen.
De schoonste plaats mat Gij met ruime snoeren!
O heerlijk erf, gij kunt mijn ziel vervoeren.

Gij maakt eerlang mij ’t levenspad bekend,
waarvan in druk ’t vooruitzicht mij verheugde.
Uw aangezicht, in gunst tot mij gewend,
schenkt mij in ’t kort verzadiging van vreugde.
De lieflijkheên van ’t zalig hemelleven
zal eeuwiglijk Uw rechterhand mij geven.

Ps. 16:3 en 6

Aan de lezer…

Misschien bent u vandaag moe van het verdriet van dit leven: van ziekte die u verzwakt, van twijfel en angst, van de zonde die u nog altijd aankleeft. Hef dan uw ogen op naar het huis van de Vader, waar vele woningen zijn. Daar is geen zonde meer en geen pijn, geen bedroefde ziel en geen duisternis. Daar worden de tranen van alle gezichten afgewist en is er onvermengd geluk.

En hoor Wie dat zegt: „Ik ga henen om u plaats te bereiden.” Het is Christus Zelf Die de plaats bereidt; het hangt niet af van wat u kunt verdienen. Uw gedachten mogen duizelen bij de gedachte aan de eeuwigheid, toch mag het geloof die gezegende waarheid aannemen. Laat het u sterken voor de weg die nog voor u ligt: wat God heeft weggelegd voor hen die Hem liefhebben, zullen ziel en lichaam eens ten volle genieten, voor eeuwig.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

4 maart 365 dagen met Philpot

Zaligmaken dat verloren was

Want de Zoon des mensen is gekomen, om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was.
Lukas 19:10

De Heere brengt het besef van onze verloren toestand op verschillende manieren bij ons teweeg. Bij sommigen misschien plotseling, bij anderen meer geleidelijk. Maar allen brengt Hij uiteindelijk tot hetzelfde punt: dat ze zich volkomen verloren voelen. Men moet zijn leven verliezen om het te vinden. Men moet zijn godsdienst verliezen om hem te verwerven. Men moet zijn macht en kracht verliezen, ja, zijn alles, voordat men door het Evangelie van de genade van God nieuwe kracht en een nieuwe wil ontvangt. „De Zoon des mensen is gekomen om zalig te maken, dat verloren was.”

Hier is een arme zondaar die bittere dingen tegen zichzelf schrijft. Helaas! Hij is zijn hele godsdienst kwijtgeraakt. O, wat was hij eens godsdienstig! Wat liep hij rustig naar de kerk met zijn Bijbel onder de arm, en wat keek hij zo vroom en heilig als hij maar kon! Wat las hij vaak in de Heilige Schrift, wat bad hij op zijn manier, en wat dacht hij dat hij al met één been in de hemel stond! Maar er is een lichtstraal in zijn ziel gekomen die hem heeft laten zien wie en wat God is, wat de zonde en een zondig hart zijn, en wie en wat hijzelf als zondaar is.

Als u dit hebt meegemaakt, mag ik u dan vragen waar uw vroegere godsdienst gebleven is? U bent hem kwijtgeraakt, en dat is maar goed ook. We vinden nooit de juiste godsdienst voordat we de verkeerde kwijt zijn. We vinden nooit Christus voordat we onszelf verloren hebben. We vinden nooit genade voordat we kwijt zijn wat Bunyan, meen ik, onze eigen „zielige zelfheiligheid” noemt. En we ervaren nooit de schoonheid en zaligheid van verlossing door genade voordat we gewanhoopt hebben aan verlossing door de werken van het vlees. „De Zoon des mensen is gekomen om zalig te maken, dat verloren was.” Maar hoe maakt Hij zalig? Door het Evangelie.

Misschien is er iemand die met Jona uitroept: „Ik ben uitgestoten van voor Uw ogen.” Jona moest in de buik van de vis, in de buik van de hel, om zich verloren te voelen en om zijn farizeïsme te verdrinken. Toen hij uitriep: „Ik ben uitgestoten!”, was dat de beste rede die Jona ooit in zijn leven hield. En toen hij zei: „Nochtans zal ik de tempel Uwer heiligheid weder aanschouwen!”, was dat de beste blik die Jona ooit in zijn leven wierp. Want juist die uitroep en die blik brachten Jona uit de buik van de hel. Ik wil niet beweren dat we in de buik van de vis geworpen moeten worden, of zelfs in de buik van de hel; toch moeten we zelf iets beleven van wat Jona ondervond, voordat we een verlossing als die van Jona kunnen meemaken.

Lezen: Jona 2

Aan de lezer…

Bekommerde ziel, voelt u zich kwijt? Is uw godsdienst u ontvallen, die godsdienst waarmee u zo rustig naar de kerk ging en meende al met één been in de hemel te staan? Schrik dan niet te zeer. Het licht dat u liet zien wie God is en wat u zelf bent, is geen vijand, maar een bode van genade. Wat u verloren hebt, moest verloren gaan, zodat u iets beters zou vinden.

Want de Zoon des mensen is niet gekomen voor hen die nog iets in handen hebben, maar om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was. Roept u met Jona: „Ik ben uitgestoten van voor Uw ogen”? Laat die uitroep dan niet uw laatste woord zijn. Sla met hem uw oog op naar de tempel van Zijn heiligheid. Die blik heeft Jona uit de diepte gebracht, en Hij Die hem hoorde, is nog Dezelfde voor een arme, verloren zondaar als u.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

4 maart Door Baca’s vallei

Bindt het feestoffer met touwen tot aan de hoornen des altaars.
Psalm 118:27

Bent u een arm kind van de levende God met een verbroken hart? Is er iets van de Geest van Christus in u? Is er een zwakke gelijkenis met Zijn nederigheid en Zijn heilig beeld in uw ziel afgedrukt? Dan merkt u dat u met touwen gebonden bent aan de hoornen des altaars. U voelt de sterke banden van noodzaak en genegenheid die u daar vasthouden. Maar daarnaast voelt u ook dat u een tegenspartelend offerdier bent, dat graag zou ontkomen aan de moeiten en beproevingen die over u komen doordat u aan de hoornen des altaars gebonden bent, en dat graag een minder ruwe weg zou gaan.

Of misschien ontdekt u in uw hart de bereidheid om zelf een altaar op te richten, naar het voorbeeld van dat van Damascus (2 Kon. 16:10). Misschien zou u ook blij zijn om, zoals de roomsen, uw lichaam met een stoffelijk kruis te sieren, in plaats van in uw ziel de aanbiddelijke Godmens te eren, Die aan het kruis hing en bloedde. U zou liever de weg van zelfverzaking, oefening, beproeving en aanvechting verlaten en overgaan naar een bloeiende weide van leerstellingen en beschouwingen, waar u gemakkelijk zou kunnen wandelen, zonder kwelling of beproeving in uw geweten. Maar de Heere zegt: „Bindt het feestoffer met touwen tot aan de hoornen des altaars.” Van deze hoornen kunt u niet losgemaakt worden.

U mag boos en wrevelig zijn en u verzetten tegen al deze koorden of tegen een ervan, maar u kunt ze niet verbreken. U mag de koorden in uw verzet tot het uiterste rekken, maar zij zitten te stevig om uw tedere consciëntie en zijn te sterk om uw verbroken hart bevestigd dan dat u ze zou kunnen laten springen. Eerder zou u uw hart in tweeën splijten dan dat u de koorden zou kunnen verbreken. En wanneer u in uw rechte gestalte bent, zou u niets anders wensen dan met touwen gebonden te zijn aan de hoornen des altaars. Op uw rechte plaats wenst u dat de koorden strakker gespannen worden, zodat u steeds dichter bij het altaar getrokken wordt en merkt dat het bloed dat op het altaar vergoten is, op uw consciëntie gesprengd wordt.

In uw rechte gestalte wenst u het oog des geloofs te vestigen op het Slachtoffer, Dat daar eens bloedend de doodsstrijd streed. En wanneer u op Hem ziet, wenst u dat Zijn beeld in uw ziel afgedrukt wordt, en dat u ook de vernederende kracht ervaart die ervan uitgaat. Maar wanneer u aan het altaar verbonden bent, volgen er zulke beproevingen, verzoekingen en offers, dat u zich in uw vlagen van opstand en in uw verlangen naar vleselijk gemak soms zou verblijden als u los van het altaar was. Toch volgen er ook andere tijden waarin u zich zou verblijden als u er nauwer aan verbonden mocht zijn.

Wij zijn snode schepselen, die vaak liever het vlees en de wereld dienen en als het ware de kans voor de eeuwigheid erop wagen, dan dat wij als navolgers van Christus beproevingen en verzoekingen ondergaan. Maar het is ons geluk dat wij geen enkel koordje van de eeuwige liefde kunnen vastmaken, losmaken of breken, maar dat, ondanks het schepsel, „God zal vervullen al het welbehagen Zijner goedheid en het werk des geloofs met kracht.”

Aan de lezer…

Bent u, lezer, een arm kind van God met een verbroken hart, en voelt u zich gebonden aan de hoornen des altaars? Misschien spartelt u soms tegen en zou u liever een gemakkelijker weg gaan, zonder beproeving en aanvechting. Wees eerlijk: zo zijn wij allemaal, snode schepselen die het vlees zo graag sparen. Maar die koorden van noodzaak en liefde zijn sterker dan uw verzet. U kunt ze niet verbreken.

En op uw rechte plaats wilt u dat ook niet. Dan wenst u juist dichter bij het altaar getrokken te worden, het bloed op uw consciëntie gesprengd te vinden en het oog des geloofs te vestigen op het Slachtoffer, Dat daar bloedde. Wat een geluk dat wij geen enkel koordje van de eeuwige liefde kunnen losmaken! God zal in u vervullen al het welbehagen Zijner goedheid en het werk des geloofs met kracht.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina