Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 4 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

28 augustus Korenaren uit de volle oogst

En versterke u in allen goeden woorde en werke.
2 Thessalonicenzen 2:17

Het levende huisgezin van God moet versterkt worden in de Waarheid, zodat zij niet altijd zijn als „kinderen, die door allerlei wind van lering worden heen en weder bewogen”. Het is voor een gebouw niet genoeg dat het opgetrokken is; het moet versterkt en gestut worden. Pas dan kunnen wij weten of het zal blijven staan. Het spannendste ogenblik voor de bouwer is wanneer hij ziet hoe het gebouw zich zet: hoe de muren het dak zullen dragen, en of elk deel vast en goed blijft staan, zonder uit te buiken of te verschuiven. Wanneer de stut die het midden van een pas gebouwde boog draagt, is weggenomen, hoe nauwlettend kijkt de bouwmeester dan of de boog het houdt, en hoeveel hij zakt, als hij al zakt! Zo is het ook in de genade. Het is niet genoeg een belijdenis af te leggen.

Menig gebouw, menige boog blijft goed staan zolang de steigers er nog staan. Zo lijken velen in de eerste tijd standvastig te blijven, wanneer zij gedragen worden door hun ijver en ernst of gesterkt worden door de hulp van anderen. Maar hoe zal de ziel standvastig blijven wanneer alle hulp is weggenomen? Zal zij in het geloof versterkt worden, of zal zij in dwaling of in een groot kwaad vervallen en, net als een slecht gebouwde boog, instorten wanneer de steun is weggenomen? Hoe vaak zien wij dat mensen die vast in de Waarheid leken te staan, nu gretig een dodelijke dwaling indrinken die hun onder de dekmantel van een aantrekkelijke nieuwigheid aan de lippen wordt gebracht, en dat anderen weer in een openbare zonde vallen of door misleiding verstrikt raken!

O, mocht de Heere u en mij en allen die begeren Zijn Naam standvastig en oprecht te vrezen, in Zijn heerlijke Waarheid versterken, zodat wij nooit ten prooi vallen aan het kwaad en de dwaling, maar door Hem Zelf versterkt worden! Mocht het werk aan ons hart van het begin tot het einde een waarachtig werk van God zijn: een gebouw dat Hij Zelf heeft opgetrokken en versterkt, zodat het vast mag staan te midden van de stormen van de tijd en mag blijven tot in alle eeuwigheid!

Mijn ziel kleeft U standvastig aan,
Gij ondersteunt mijn zwakke schreden.
Uw rechterhand, vol mogendheden,
doet mij getroost en veilig gaan.
Maar dezen, die mijn ziel begeren,
opdat ik tot verwoesting raak’,
staan bloot voor Uw geduchte wraak:
zij zullen haast ten afgrond keren.

Psalm 63:5

Aan de lezer…

Het kan zijn dat u in de eerste tijd vaststond, gedragen door ijver, door de warmte van anderen en door een frisse belijdenis. En merkt u nu, nu die steigers één voor één worden weggenomen, hoe wankel u in uzelf bent? Schrik daar niet te veel van. Het is juist de tijd waarin blijkt of het gebouw door de Heere Zelf is opgetrokken, of alleen door mensenhanden.

U ziet hoe anderen die vast leken te staan, door elke wind van lering worden meegevoerd of in zonde vallen. Laat dat u niet hoogmoedig maken, maar tot gebed drijven: „Heere, versterk mij in Uw Waarheid; laat mij niet door eigen kracht staan, maar door U.” Wat Hij Zelf gebouwd heeft, zal staan te midden van de stormen van de tijd. Kleef Hem aan, en Zijn rechterhand zal uw zwakke schreden ondersteunen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

28 augustus 365 dagen met Philpot

Roepende tot de Heere

Doch roepende tot de HEERE in de benauwdheid die zij hadden, verloste Hij hen uit hun angsten.
Psalm 107:13

Als de ziel in haar benauwdheid tot God roept, zal Hij haar zeker uit haar nood verlossen. Maar we moeten niet altijd een heel duidelijke en opvallende verlossing verwachten. Ik weet dat alleen zo’n verlossing een verwarde ziel volledig tevreden kan stellen. Toch moeten we niet denken dat er geen verlossing is als die geen krachtige openbaring is. De Heere beperkt Zich niet tot één manier, en misschien is de manier waarop we verwachten verlost te worden, juist de manier waarop die verlossing niet zal komen.

Er is sprake van redding als de Heere de ziel in moeiten ondersteunt. Misschien gaat dat niet samen met grote vrede en vreugde, maar als er een stevige steun is waarop de ziel kan rusten, en zij voelt dat ze op de eeuwige armen kan vertrouwen en steunen, dan is dat redding. Wat is verlossing? Het is uit gevangenschap gehaald worden. Als we dus in nood zijn en er wordt in die nood enige verlichting gegeven, dan is dat verlossing. Als we merken dat we in een zwakke toestand verkeren en zonder steun zullen wegzakken, en er wordt dan enige steun gegeven, dan is dat verlossing.

Als we in een opstandige stemming zijn en er wordt enige volgzaamheid en onderworpenheid gegeven, dan is dat verlossing, omdat we bevrijd worden uit onze vleselijke, wereldse stemming. Als we in moeiten zijn, verzekert de Heere de ziel in het verborgen dat deze beproevingen haar ten goede medewerken. Hij geeft haar vertrouwen om het Woord van de belofte te geloven, hoewel zintuigen, natuur en verstand ertegen vechten. En Hij stelt haar in staat te rusten op Gods trouw, dwars tegen natuur, zintuigen en verstand in. Dat is verlossing, omdat we bevrijd worden van het steunen op onze eigen kracht en het vertrouwen op onze eigen wijsheid.

Lezen: Psalm 107:17-32

Aan de lezer…

Wie op een grote en opvallende verlossing wacht, meent soms, omdat die nog niet gekomen is, dat de Heere zijn roepen niet gehoord heeft. Kijk dan nog eens om u heen. Is er niet een stille steun onder u geweest toen u dacht weg te zakken? Is uw opstandige hart niet wat stiller en onderworpener geworden? Hebt u niet, dwars tegen uw gevoel en verstand in, een woord van de belofte mogen vasthouden?

Dat is ook verlossing, al komt zij niet met grote vrede en vreugde. De Heere bindt Zich niet aan de weg die wij Hem voorschrijven; vaak komt Hij juist langs een andere weg dan waarnaar wij uitzien. Rust dan op Zijn trouw, ook als u weinig ziet. Hij Die u nu met Zijn eeuwige armen draagt, zal Zijn werk niet half laten liggen, maar de ziel die tot Hem roept zeker uit haar nood verlossen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

28 augustus Door Baca’s vallei

Een verzadigde ziel vertreedt het honingzeem; maar een hongerige ziel is alle bitter zoet.
Spreuken 27:7

Verdrukkingen, beproevingen en smarten zijn zeer bittere dingen. En zij moeten ook wel bitter zijn, want de Heere heeft er niets anders mee op het oog. Wanneer Hij de roede ter hand neemt, is het om die te laten voelen; en wanneer Hij moeite over Zijn kinderen brengt, is het zodat zij daaronder smart zullen lijden. Onze tekst betekent daarom, geloof ik, niet dat de bittere dingen zoet zijn wanneer zij ons overkomen, want dan zouden zij ophouden bitter te zijn. Maar zij zijn zoet door het gezegende voedsel dat wij eruit halen.

Ik herinner mij dat ik jaren geleden de reizen van Franklin naar de Noordpool gelezen heb; een zeer treffend boek. Maar één zaak die erin vermeld werd, trok mijn aandacht. Tijdens hun zwerftochten over de sneeuw van de poolstreken was er dagen, ja, ik geloof weken achter elkaar, geen voedsel te krijgen, behalve een leverkruid of een soort mos dat op de rotsen groeide. Dit was zo buitengewoon bitter (het lijkt op IJslands mos), dat het alleen met de grootste weerzin gegeten kon worden; en toch leefden Franklin en zijn makkers ervan. Zij hadden helemaal geen afwisseling in voedsel; zij moesten het eten of sterven. Maar dit bittere mos werd zoet zodra het hun gehemelte gepasseerd was, want het was voedsel dat hen in leven hield.

En zo is het met menig kind van God dat de vreselijkste beproevingen heeft moeten doormaken, want daarna heeft het er voedsel uit gehaald. Wat zijn de berispingen en kastijdingen van de Heere in het geweten bitter! En toch, wie zou ze willen missen? Ik doe een beroep op u die de Heere vreest: zou u er bewust voor kiezen om nooit de blijken van Zijn afkeuring te ondervinden, of op enig moment het fronsen van Zijn toorn, wanneer u de verkeerde weg opgaat?

Ik geloof van harte dat u, van wie het geweten teder is in de vreze Gods, zou zeggen: „Heere, laat mij Uw fronsen maar ontmoeten, want indien ik deze in mijn consciëntie niet gewaarwerd, in welke zonden zou ik in mijn zorgeloosheid terechtkomen? Waar zou mijn goddeloze natuur mij heenvoeren, indien ik Uw berispingen zou moeten missen?” Deze kastijdingen worden dus zoet, niet uit hun eigen aard en niet op dat moment, maar vanwege het nut dat eruit voortvloeit.

Aan de lezer…

Bedroefde ziel, is uw beker in deze dagen bitter? Liggen de roede van de Heere en Zijn berisping zwaar op uw geweten, en proeft u niets dan alsem? U hoeft niet te doen alsof het zoet is; de Heere bedoelt het juist om gevoeld te worden. Maar weet dat voor de hongerige ziel zelfs het bittere tot voedsel wordt. Wat nu uw gehemelte tegenstaat, kan u toch in leven houden.

Want waar zou uw arme, zorgeloze natuur u heenvoeren, als de Heere u nooit Zijn fronsen liet ondervinden? Zijn kastijdingen houden u van de verkeerde weg en drijven u terug naar Hem. Daarom bidt een teder geweten liever: „Heere, laat mij Uw berispingen niet missen.” Zo wordt het bittere achteraf zoet, niet uit zijn eigen aard, maar om het nut dat de Heere eruit laat voortvloeien.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina