Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · vandaag
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

16 november Korenaren uit de volle oogst

Die in de woestijn dwaalden, in een weg der wildernis; die geen stad ter woning vonden.
Psalm 107:4

„Zij dwaalden in de woestijn, in een weg der wildernis”: geen gebaande weg, maar een weg die ieder alleen moet gaan; een weg waar geen gezelschap de reiziger bemoedigt, en zonder enige wegwijzer. Het is een kenmerk van het kind van God dat het pad waarop hij gaat, naar zijn eigen gevoel een eenzame weg is. Dat vermeerdert zijn werkzaamheid zeer, omdat het hem is alsof die weg alleen voor hem bestemd was. Zijn moeilijkheden zijn zo, dat hij niet kan geloven dat een andere levende ziel zo’n strijd heeft. De vurige pijlen die de boze in zijn ziel schiet, zijn zo, dat hij niet kan geloven dat enig kind van God zo geoefend wordt als hij. De duisternis van zijn ziel, het ongeloof en de ontrouw van zijn hart en de werkingen van zijn eigen verdorvenheid zijn zo, dat hij gelooft dat niemand ze ooit zo gekend heeft.

Zonder enige andere troost dan die van God komt; zonder een andere gids dan die God hem geeft; zonder andere steun dan die van de eeuwige armen die onder hem zijn uitgebreid; kortom, in die staat te verkeren waarin alleen de Heere moet verschijnen en waarin alleen Hij kan verlossen: dat is heel moeilijk. Maar juist het moeilijke van die weg maakt hem nuttig voor hem. Al het steunen op de arm van vlees moet weggenomen worden. Alle steunsels voor de ziel, behalve die almachtige Steun Die niet faalt, moeten helemaal worden losgelaten.

En de Heere zal ervoor zorgen dat Zijn kinderen alleen met Hem te maken hebben; dat zij geen ware troost vinden dan die uit Zijn tegenwoordigheid voortkomt, en geen vaste getuigenissen dan die door Zijn eigen lippen in hun ziel worden gefluisterd. Zijn doel is ons van het schepsel los te maken, ons te verhinderen te steunen op menselijk erbarmen en medelijden, en ons zover te brengen dat wij uitsluitend vertrouwen op Hem, Wiens barmhartigheid niet faalt. Zo leren wij ons geheel en alleen te verlaten op Hem, Die „vol is van mededogen en barmhartigheid”.

Vest op prinsen geen betrouwen,
waar men nimmer heil bij vindt;
zoudt g’ uw hoop op mensen bouwen?

Ps. 146:2

Aan de lezer…

Deze woorden spreken van hen die in de woestijn dwaalden. Gaat u een weg waarvan u denkt dat geen andere ziel er ooit zo gegaan is? Zijn uw moeilijkheden, uw duisternis en de vurige pijlen in uw ziel zo, dat u niet kunt geloven dat enig kind van God zo geoefend wordt als u? Het is een eenzame weg door de wildernis, zonder gebaande paden en zonder wegwijzer. Maar weet dat juist dit het kenmerk is van hen die de Heere leidt.

Hij neemt de arm van vlees weg en laat de steunsels van het schepsel bezwijken, niet om u te verderven, maar zodat u alleen met Hem te maken zou hebben. Wat het moeilijkste lijkt, is juist wat deze weg nuttig voor u maakt. Zoek dan geen troost bij mensen, maar wacht op een getuigenis uit Zijn eigen mond. Want Hij, Wiens barmhartigheid niet faalt, is vol van mededogen, en Zijn eeuwige armen zijn ook onder u uitgebreid.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

16 november 365 dagen met Philpot

Die Koning verhore ons

O HEERE! behoud; die Koning verhore ons, ten dage van ons roepen.
Psalm 20:10

Hoe pijnlijk en verontrustend het ook mag zijn, ik geloof dat elke door God geleerde ziel de schuld van de zonde bevindelijk en op pijnlijke wijze moet leren kennen. Er is geen ellendiger gevoel dan een schuldgevoel, wanneer God de Heilige Geest het geweten daarmee onder vuur neemt. Het slaat alle kracht van eigen verdienste en menselijke gerechtigheid in stukken; het doet de ziel wegzinken beneden alle menselijke kracht en wijsheid. Het dringt zo diep in het binnenste van het hart door, dat geen enkel plekje onberoerd blijft. Schuld die werkelijk gevoeld wordt, is overweldigend: zij doet het hoofd buigen en breekt de rug van ieder die haar voelt.

Maar telkens als de schuld in het geweten ervaren wordt, zal zij elke schuldige zondaar tot God doen roepen om hem te verlossen, te verlossen van de schuld van de zonde. Ik denk dat ieder die de schuld van de zonde gevoeld heeft doordat de wet op zijn geweten werd toegepast, weet dat uiteindelijk alleen het bloed van Christus haar kan wegnemen, wanneer het door de kracht van God de Heilige Geest aan zijn ziel geopenbaard wordt. Soms kan het lijken alsof het schuldgevoel slijt. Het kan verdoofd zijn; de pijnlijke gevoelens zijn misschien niet zo hevig, maar het zal weer erger worden.

En iets kleins kan het al oproepen: een voorbijgaande gedachte, een plotseling besef van de eeuwigheid, het luiden van een klok of het zien van een kist die naar het graf gedragen wordt. Ook het geringste dat een gedachte aan de dood kan wekken, brengt de schuld terug in het geweten. Zo komt de schuld, ook al drukt zij niet altijd even zwaar op het geweten, telkens weer op en brengt zij lasten en moeiten mee. Dat blijft zo totdat zij door het gesprenkelde bloed wordt weggenomen, totdat het geneesmiddel even diep werkt als de kwaal, totdat de genezende kracht van het bloed van de Zoon van God werkelijk gevoeld wordt door de kracht van de Heilige Geest.

Als de Kerk dus zegt: „O HEERE! behoud”, smeekt zij de Heere haar ogen te geven om het offer van Jezus op Golgotha te zien en een hart om het te omhelzen, zodat zij de zalige vergeving door het bloed van het Lam deelachtig mag worden.

Lezen: Psalm 38

Aan de lezer…

Wanneer de schuld van de zonde u neerdrukt en uw geweten onder vuur genomen is, zodat u geen kracht van eigen verdienste meer overhoudt en uw hoofd moet buigen, denk dan niet dat u iets vreemds overkomt. Het is de weg waarlangs de Heere Zijn volk de schuld van de zonde bevindelijk doet kennen, en het is diezelfde schuld die u tot Hem doet roepen: „O HEERE! behoud.”

Misschien leek de last een tijd verdoofd, en toen bracht een voorbijgaande gedachte, een klok die luidde of een kist op weg naar het graf alles weer terug. Laat dit u niet tot wanhoop drijven, maar tot de enige Geneesheer. Niets dan het bloed van Christus, door de Heilige Geest aan de ziel toegepast, kan deze kwaal wegnemen. Smeek dan om ogen die het offer op Golgotha zien en een hart dat het omhelst. Die Koning verhoort ten dage van ons roepen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

16 november Door Baca’s vallei

Weest in geen ding bezorgd, maar laat uw begeerten in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God.
Filippenzen 4:6

Wat een woord is dit: „uw begeerten in alles”! Kind van God, u is het voorrecht gegeven om met al uw zaken naar de troon van God te gaan. Wat, met elke kleine zaak? Ja, met zaken die mensen kleinigheden noemen. Ja, met uw dagelijkse zorgen. Ja, als u merkt dat er een God is Die u kan horen, dan is het uw voorrecht met alles bij Hem te komen. Alle dingen vallen eronder, en niets is ervan uitgesloten.

In alles, en dat door bidden en smeken. Soms bidden wij en soms smeken wij. Het gebed is, om het zo eens te zeggen, iets zachter dan de smeking; het is iets minder ernstig, minder dringend, minder krachtig, en toch niet minder vruchtbaar. Ik heb gebed en smeking wel eens vergeleken met twee dingen in de natuur. Het ene met een rivier, een stroom zoals wij die kennen in ons lage land, die in een sierlijke loop naar de zee vloeit. Het andere met de stromen die men in bergachtige streken vindt, die van afgrond tot afgrond springen. Het ene is het bedaarde gebed van de ziel; het andere de vurige uitroep, de ernstige smeking, de uitgestoten klanken, het geweld dat de ziel het hart van God aandoet om verhoord te worden.

Wij zien het in de Heere Jezus Zelf. Wij lezen van een keer dat Hij de hele nacht op een berg bleef om te bidden. Nu hebben wij geen reden om te geloven dat Hij toen op dezelfde manier bad als in de hof en aan het kruis. In het ene geval had Hij zoete vereniging en gemeenschap met Zijn Vader, in het andere riep Hij met sterke roeping en tranen en werd Hij verhoord. Het ene was een gebed, het andere een smeking.

Wanneer uw ziel stil wordt gezet in de tegenwoordigheid van God, en u voelt de adem van het gebed in uw binnenste komen, dan kunt u tot de Heere bidden met aangenaamheid en met geest. Maar er zijn tijden en ogenblikken waarop de ziel, onder de aanvallen van satan en onder een vreselijk gevoel van schuld en schaamte, het wel moet uitschreeuwen als iemand die verhoord moet worden; en dat is smekingen spreken. Maar er is nog iets dat ermee vermengd moet zijn, en dat wordt vaak vergeten: de dankzegging. Dit zijn de drie bestanddelen van een geestelijke dienst: gebed, smeking en dankzegging.

Aan de lezer…

Kind van God, durft u met de kleine dingen naar de troon te gaan? U denkt misschien dat uw dagelijkse zorgen te gering zijn om ze de Heere voor te leggen, maar het woord zegt: „in alles”. Niets is ervan uitgesloten. Is uw ziel stil en voelt u de adem van het gebed, laat uw gebed dan als een kalme stroom naar Hem vloeien. En wordt u door de aanvallen van satan of door een vreselijk gevoel van schuld en schaamte gedreven, schreeuw het dan uit als iemand die verhoord moet worden; ook de Heere Jezus riep met sterke roeping en tranen, en werd verhoord.

Maar vergeet het derde niet, dat zo vaak wordt vergeten. Hoe weinig mengen wij dankzegging door ons bidden en smeken! Kijkt u terug op wat de Heere al gedaan heeft, dan zult u merken dat er genoeg reden is om Hem te danken, ook terwijl u nog roept. Zo wordt uw dienst een geestelijke dienst: gebed, smeking en dankzegging.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina