Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

12 juni Korenaren uit de volle oogst

En jaagt naar gerechtigheid.
1 Timotheüs 6:11

Onder deze woorden kunnen we twee dingen verstaan. Ten eerste: de ontdekking aan het geweten van Christus’ toegerekende gerechtigheid, langs de weg van de rechtvaardiging. Ten tweede: het meedelen aan de ziel van een goddelijke of rechtvaardige natuur, waardoor zij de vruchten van oprechtheid en zuiverheid voor God voortbrengt. Naar beide moet gejaagd worden. Maar men kan vragen: „Waarom het eerste, indien een man kennis heeft aan zijn rechtvaardigmaking en een gevoel van door God aangenomen te zijn?” Maar kan het besef deel te hebben aan Jezus’ heerlijke rechtvaardiging, en het inwendige getuigenis van de Geest, nu juist niet verloren gaan wat het genieten ervan betreft, of in elk geval een tijd lang sterk afnemen?

Wij lezen (Lukas 15:8) over de vrouw die een zilveren penning verloren had. Stak zij niet een kaars aan, veegde zij niet het huis en zocht zij niet in elke hoek, totdat zij de penning teruggevonden had? De penning van de vrouw was niet werkelijk verloren; hij was nog in huis. Maar voor haar gevoel was hij zo goed als verloren, alsof zij hem nooit meer terug zou krijgen. Zo kan ook het besef aangenomen en gerechtvaardigd te zijn door de rechtvaardiging van Christus, die kostbare penning uit de munt van de hemel, voor het gevoel uit het hart verloren zijn, al is het niet in werkelijkheid. En wat zal de ziel die hem verloren heeft anders doen dan ijverig het huis in elke hoek doorzoeken bij de kaars van de Geest, totdat zij de penning teruggevonden heeft?

Zie op mij in gunst van boven,
wees mij toch genadig, Heer!
Eenzaam ben ik en verschoven,
ja, d’ ellende drukt mij neer.
’k Roep U aan in angst en smart,
duizend zorgen, duizend doden
kwellen mijn angstvallig hart;
voer mij uit mijn angst en noden!

Ps. 25:8

Aan de lezer…

Deze woorden spreken over jagen naar gerechtigheid; is die kostbare penning u ontglipt? Hebt u eens zeker geweten dat u in Christus gerechtvaardigd en door God aangenomen was, en is dat besef nu verduisterd, zodat u het bijna niet meer durft te geloven? Dan bent u als de vrouw die haar zilveren penning verloren had. Hij was niet werkelijk weg, hij lag nog in huis; maar voor haar gevoel was hij verloren.

Wat deed zij? Zij stak een kaars aan, veegde het huis en zocht in elke hoek, totdat zij hem teruggevonden had. Zo mag u ook doen: jaag naar die gerechtigheid. Bid om de kaars van de Geest, doorzoek uw hart, en geef geen rust voordat de Heere u opnieuw laat voelen dat de gerechtigheid van Christus de uwe is. Wat werkelijk van u is, gaat niet verloren, al ziet u het een tijd niet. En jaag ook naar die nieuwe natuur, die de vruchten van oprechtheid en zuiverheid voor God voortbrengt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

12 juni 365 dagen met Philpot

Een grote Hogepriester

Want wij hebben geen hogepriester, die niet kan medelijden hebben met onze zwakheden, maar Die in alle dingen, gelijk als wij, is verzocht geweest, doch zonder zonde.
Hebreeën 4:15

Hoe talrijk of hoe zwaar de geestelijke smarten en zorgen van Gods kinderen ook zijn; onder welke overtuigingen, lasten, smarten, noden, gewetensnoden, twijfels, angsten en verschrikkingen onder Gods toorn zij ook gebukt gaan; of zij nu zuchten en steunen onder de vloek van de wet, onder het verbergen van Zijn aangezicht of het uitdoven van de glans van Zijn aangezicht: Jezus, hun gezegende Voorloper, heeft het allemaal ondergaan in de dagen van Zijn vlees, en oneindig veel erger dan een mens zich kan voorstellen. Kan een mens ervaren of uitspreken wat de geliefde Verlosser doorstond in de hof van Gethsémané? Toen was Zijn ziel geheel bedroefd tot de dood toe. Toen smeekte Hij driemaal dat de beker aan Hem voorbij mocht gaan, en in doodsnood bad Hij zo vurig dat Zijn zweet werd als grote druppels bloed, die op de aarde vielen. Kan Hij niet waarlijk zeggen: „Gaat het ulieden niet aan, gij allen, die over de weg gaat? Schouwt het aan en ziet, of er een smart zij gelijk mijn smart, die mij aangedaan is, waarmede de Heere mij bedroefd heeft ten dage der hittigheid Zijns toorns” (Klaagl. 1:12)?

Een ontwaakte zondaar, door God levend gemaakt, hoeft alleen het gewicht van zijn eigen zonden te dragen, maar Jezus moest de zonden van miljoenen dragen. In het geweten van een bevende zondaar komen hoogstens een paar druppels van de toorn Gods terecht, en dan nog wanneer die al getemperd is. Jezus moest echter de volle toorn van God verduren, vanwege miljoenen verloste overtreders. Het zijn slechts de verre donderslagen van de wet die in de overtuigde ziel van een zondaar weergalmen, maar de hele onweersstorm barstte los op het hoofd van de Borg.

In kleine toorn verbergt God een ogenblik Zijn aangezicht voor Zijn Sion, maar in grote toorn verborg Hij Zijn aangezicht voor Zijn geliefde Zoon. Wat de geestelijke smarten en moeiten van het bezochte Sion ook zijn, ook al wordt zij „door onweder voortgedreven en niet getroost” (Jes. 54:11), in alles heeft zij een Hoofd Dat oneindig veel meer heeft geleden dan alle leden samen. Het is dus door Zijn persoonlijke ondervinding van deze geestelijke bezoekingen dat de gezegende Heere zo’n meelevende Hogepriester is aan de rechterhand van God.

Lezen: Klaagliederen 1:12-22

Aan de lezer…

Wanneer u gebukt gaat onder overtuigingen, twijfels en angsten, en het lijkt alsof God Zijn aangezicht voor u verborgen heeft, wat dan? Denk dan aan de hof van Gethsémané, waar Zijn ziel geheel bedroefd was tot de dood toe en Zijn zweet als grote druppels bloed op de aarde viel. Wat u voelt, zijn maar enkele druppels van de toorn Gods; de hele storm barstte los op het hoofd van de Borg.

In kleine toorn verbergt God een ogenblik Zijn aangezicht voor Zijn Sion; in grote toorn verborg Hij het voor Zijn geliefde Zoon. Daarom is er geen smart van Zijn bezochte kinderen die Hij niet kent, en Hij kende haar oneindig dieper. Wordt u door onweder voortgedreven en niet getroost? U hebt een Hoofd Dat meer geleden heeft dan alle leden samen, en Dat aan de rechterhand van God met u meeleeft.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

12 juni Door Baca’s vallei

Haar nooddruftigen zal Ik met brood verzadigen.
Psalm 132:15

Wat een zoetheid ligt er in het woord „verzadigen”! De wereld kan u en mij niet verzadigen. Hebben sommigen van u misschien niet jarenlang geprobeerd daar enige verzadiging uit te halen? Maar kan een vrouw of een man ons verzadigen? Kunnen kinderen of familie dat doen? Kunnen de genoegens van de zonde ons verzadigen? Is er in dit alles niet een pijnlijke leegte?

Oogsten wij niet van alles wat van beneden en van het vlees is, teleurstelling en onvrede? Ervaren wij niet dat alles wat van de wereld is, ons weinig anders dan smart brengt? Ik ben ervan overtuigd dat ik in de wereld weinig anders vind, en al enkele jaren gevonden heb, dan onvrede, teleurstelling, ijdelheid en kwelling van de geest. De arme ziel kijkt rond in de wereld en naar het schepsel; zij kijkt naar bezit, vermaak en de relaties van dit leven, en krijgt maar een schrale oogst, zodat alles wat zij bijeenraapt, smart en kwelling is.

Iemand kan in de behoefte komen aan verzadiging. Hij heeft iets nodig wat hem gelukkig kan maken, iets wat zijn pijnlijke leegte kan vullen, iets wat zijn gebroken benen kan ondersteunen en zijn bloedende wonden en melaatse zweren kan genezen. Hij heeft gekeken naar dogma’s, denkbeelden, begrippen, bespiegelingen, vormen, kerkgebruiken en ceremoniën van de godsdienst; hij heeft gekeken naar de wereld met al haar bekoorlijkheden, en naar zichzelf met al zijn verschillende bewegingen en werkzaamheden. In dit alles heeft hij niets gevonden dan bitterheid van de geest, kwelling en moeite, en hij zinkt neer als een ellendig schepsel. Waarlijk, wanneer de Heere hem daar laat zien op het Brood des levens, dan vindt hij verzadiging in wat hij van geen enkele kant kon krijgen.

En dit is de reden waarom de Heere Zijn volk verdrukking zendt. Het is de reden waarom sommigen zo’n zwak en ziekelijk lichaam met zich meedragen, waarom sommigen zulke zware tijden in hun gezin doormaken, waarom anderen in financiële zaken in zulke diepe beproevingen komen, waarom anderen zulke opstandige kinderen hebben, en waarom weer anderen zo geoefend worden door geestelijke bestrijdingen dat zij nauwelijks weten hoe het zal aflopen. In alles ligt deze ene bedoeling: hen buiten Christus in zichzelf ellendig te maken, onverzadigd behalve door het voedsel van het Evangelie; hen te laten ervaren dat alleen God hen gelukkig kan maken en alleen Hij hun belaste gemoed kan troosten.

Aan de lezer…

Bent u nooddruftig? Hebt u gezocht naar verzadiging in de wereld, in mensen, in bezit of vermaak, en vond u overal een pijnlijke leegte? Misschien draagt u een zwak lichaam, of zijn er zware tijden in uw gezin, zorgen om geld, kinderen die u verdriet doen, of geestelijke bestrijdingen waarvan u het einde niet ziet. Het is zwaar, en ik verbloem het niet. Maar ik wijs u op de ene bedoeling die in dit alles ligt.

De Heere maakt u ellendig buiten Christus, zodat u nergens anders verzadiging zou vinden dan in het Brood des levens. Wat u van geen enkele kant kon krijgen, wil Hij u Zelf geven. Lees dan Zijn belofte als aan u gericht: „Haar nooddruftigen zal Ik met brood verzadigen.” Niet de rijken, niet de verzadigden, maar de nooddruftigen. Uw honger is geen hindernis, maar juist de plaats waar Hij u wil ontmoeten.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina