Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

11 november Korenaren uit de volle oogst

Tenzij dat iemand wederom geboren worde, hij kan het Koninkrijk Gods niet zien.
Johannes 3:3

Ware godsvrucht begint ermee dat Goddelijk licht en Goddelijk leven de ziel binnenkomen. Hoe en vanwaar het komt, weet de ziel niet; „want de wind blaast waarheen hij wil, en gij hoort zijn geluid, maar kunt niet zeggen van waar hij komt en waar hij henen gaat; zo is een iegelijk, die uit de Geest geboren is.” De wind zelf wordt niet gezien, maar zijn uitwerking wordt gevoeld. Het geluid van de wind wordt gehoord in de toppen van de moerbeibomen, waar God Zelf niet gezien wordt. De stem van de Heere, krachtig en vol majesteit, werd gehoord door hen die geen gestalte zagen (Deut. 4:12). Zo worden de uitwerkingen gevoeld, ook al zijn de oorzaken onbekend.

Stromen vloeien het hart binnen uit een onbekende bron; lichtstralen vallen in de ziel van een zon die nog niet is opgegaan; en tekenen van leven wekken in ons een nieuw leven uit een onzichtbare levensbron. De pasgeboren zuigeling voelt leven in al zijn leden, hoewel hij zijn aardse vader, uit wie dat leven voortkwam, nog niet kent. Zo zijn ook wedergeboren zielen zich bewust van gevoelens die hun tot dan toe onbekend waren. Zij voelen de eb en vloed van een geheimzinnig, onbegrijpelijk getij van leven in hun hart, ook al is het „Abba, Vader” nog niet over hun lippen gekomen.

Het lichaam van een mens is ontvankelijk voor elk gevoel: van de kras van een speld tot een dodelijke wond, van een voorbijgaande pijn tot een ongeneeslijke ziekte. Het hart kan zijn gewone slag geen enkele seconde vertragen of stilstaan zonder dat een bijzondere gewaarwording dat aangeeft. Zouden gewaarwordingen dan wel teken en bewijs zijn van het natuurlijke leven, maar niet van het geestelijke? Zou ons onedele deel — het schepsel van een dag, ons vergankelijke lichaam, ons stof uit het stof — gewaarwordingen hebben om elke smart en elk genot uit te drukken, en trillen bij elke verandering, uitwendig zowel als inwendig? En zou onze onsterfelijke ziel dan niet evenzeer voorzien zijn van zo’n barometer, die door stijgen en dalen de stand van het geestelijke leven aangeeft? We moeten het daarom al op de drempel van de levende godzaligheid vaststellen: als iemand zich niet bewust is geweest van nieuwe gevoelens, en niet min of meer nauwkeurig een bepaald moment kan aanwijzen, een nooit te vergeten tijd, waarin die gevoelens ongevraagd in zijn hart kwamen, dan is hij nog niet overgegaan uit de dood in het leven. Wie dit niet kent, is niet in Christus. Want wie geen nieuw schepsel is, is niet in Christus (2 Kor. 5:17).

Ps. 31:13

Aan de lezer…

Misschien weet u niet hoe en vanwaar het begon, en durft u daarom niet te geloven dat er iets van Gods werk in u is. U hoort het geluid van de wind en kunt niet zeggen waar hij vandaan komt. Maar is er geen eb en vloed in uw hart geweest die u vroeger niet kende: een zucht om licht, een smart over de zonde, een uitzien naar wat u niet ziet? De pasgeboren zuigeling kent zijn vader nog niet, en toch leeft hij.

Wees dan eerlijk, maar ook teder voor uzelf. Een ziel die nooit iets heeft gevoeld van het binnenkomen van Goddelijk licht en leven, heeft reden te vrezen. Maar een ziel die de wind hoort, al ziet zij hem niet, mag weten dat de Geest waait waar Hij wil. Misschien is het „Abba, Vader” nog niet over uw lippen gekomen; bid dan dat Hij dat leven in u laat doorbreken, totdat u Hem in Christus bij name kent.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

11 november 365 dagen met Philpot

Een onbeweeglijk koninkrijk

En dit woord: Nog eenmaal, wijst aan de verandering der beweeglijke dingen, als welke gemaakt waren, opdat blijven zouden de dingen, die niet beweeglijk zijn. Daarom, alzo wij een onbeweeglijk koninkrijk ontvangen, laat ons de genade vasthouden, door dewelke wij welbehaaglijk Gode mogen dienen, met eerbied en godvruchtigheid.
Hebreeën 12:27,28

Gods kinderen zijn erfgenamen van God en mede-erfgenamen van Christus. Maar hoewel zij erfgenamen zijn, worden zij vaak door hun ongelovige vrees buiten het koninkrijk gehouden. Zij kunnen zich niet verheffen tot de waardigheid en het voorrecht om koningen en priesters voor God te zijn. Maar dan dringt er een boodschap van de Heere in hun hart door. De Heere Jezus wordt op de een of andere manier ontdekt en geopenbaard. Hij wordt in de ziel aangenomen als de Christus van God. Door Hem te ontvangen, ontvangt men het koninkrijk.

Kijk eens naar de verloren zoon. Hij kwam blootsvoets en in lompen gehuld terug naar het huis van zijn vader. Wat deed zijn vader? Wendde hij zijn gezicht af, omdat hij terecht boos was over zijn verachtelijke gedrag? Nee, hij viel hem om de hals en kuste hem, en zei tegen de dienaren: „Brengt hier voor het beste kleed, en doet het hem aan, en geeft hem een ring aan zijn hand, en schoenen aan de voeten” (Luk. 15:22).

Maar wat was de verloren zoon in dit alles lijdelijk! Het enige wat hij deed, was in ontvangst nemen wat hem gegeven werd. Zijn schouders ontvingen het kleed, zijn vinger ontving de ring, zijn voeten ontvingen de schoenen, en toen het gemeste kalf klaargemaakt was, ontving zijn mond het vlees. Zo ontvangt een kind van God het koninkrijk dat niet bewogen kan worden. Maar hoe? Door het geloof. Het geloof omarmt wat God openbaart, grijpt vast wat God toepast, en ontvangt wat God geeft.

Lezen: Lukas 15:11-32

Aan de lezer…

Staat u nog buiten, vastgehouden door uw ongelovige vrees? Durft u zich niet te verheffen tot het voorrecht dat aan Gods kinderen beloofd is, omdat u uw lompen ziet en uw blote voeten voelt? Zo kwam ook de verloren zoon terug, en de vader wendde zijn gezicht niet af. Hij viel hem om de hals en kuste hem, nog voordat er een kleed of ring aan te pas kwam.

Zie dan hoe weinig er van u gevraagd wordt: niet dat u iets meebrengt, maar dat u ontvangt. De schouders ontvingen het kleed, de vinger de ring, de voeten de schoenen. Zo wordt ook het onbeweeglijk koninkrijk ontvangen, wanneer de Heere Jezus Zich aan de ziel openbaart en zij Hem aanneemt als de Christus van God. Het geloof omarmt wat God openbaart en grijpt vast wat Hij toepast. Houd die genade dan vast, arme ziel; wat Hij geeft, kan niet bewogen worden.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

11 november Door Baca’s vallei

Maar indien gij door de Geest geleid wordt, zo zijt gij niet onder de wet.
Galaten 5:18

Als wij door de Geest geleid worden doordat wij in Hem wandelen, en Hij onze Leidsman en Onderwijzer is; als Hij voortdurend in ons hart werkt en ons de invloeden van Zijn genade laat ervaren, en Hij in ons en met ons is, ons in alle waarheid leidt, ons het geloof schenkt en het in stand houdt, en ons doet liefhebben en ons biddend, teder, waakzaam, nederig, ootmoedig en oprecht maakt; als wij zo door de Geest geleid worden, dan zijn wij niet onder de wet.

Nu bent u, zolang er strijd in uw gemoed gaande is, naar uw gevoel vaak onder de wet. De vloek van de wet klinkt u in de oren, de veroordeling van de wet snijdt door uw geweten. Het kan zijn dat het vlees u in een onbewaakt ogenblik overmeestert, dat u in een of ander kwaad verstrikt raakt, en dat u uitglijdt en valt in iets wat schuld op uw geweten legt. Dan dondert de wet, de veroordeling in uw binnenste galmt dat na, en de ziel komt in dienstbaarheid, in twijfel en vrees.

Maar als u door de Geest geleid wordt en het die gezegende Leidsman behaagt u uit uzelf weg te leiden en in te leiden in Christus’ bloed en gerechtigheid; als u bevindelijk verwaardigd wordt met Zijn gezegende onderwijzingen en zoete invloeden, vergezeld van licht, leven, vrijheid en liefde, dan zwijgt de wet met haar vloek. Zij kan u niet meer dreigen met de hel en u niet meer brengen onder de eeuwige vloek van God. Want omdat u door de Geest geleid wordt, bent u verlost van de vloek van de wet en gebracht onder de zegen van het Evangelie; uit de dienstbaarheid van de wet in de vrijheid van de waarheid; uit haar beschuldigingen in de weldaden van het Evangelie; uit de beschuldigingen van een schuldig geweten in het getuigenis van een goed geweten, dat gereinigd en besprengd is. En om alles in één woord te zeggen: u bent overgebracht uit de macht der duisternis in het Koninkrijk van Gods beminde Zoon. O, wat een zaligheid, in de Geest te wandelen en door de Geest geleid te worden!

Aan de lezer…

Klinkt de vloek van de wet u vandaag in de oren, bestreden ziel? Bent u in een onbewaakt ogenblik uitgegleden, en snijdt nu de veroordeling door uw geweten, zodat u terneergeslagen bent in dienstbaarheid, twijfel en vrees? U bent niet de eerste die zo onder de donder van de wet ligt. Het is bitter, en het mag u ook bitter zijn; maar blijf daar niet liggen alsof er geen ander woord gesproken is.

Want de gezegende Geest leidt de ziel uit zichzelf weg en leidt haar in, in Christus’ bloed en gerechtigheid. Waar Hij dat doet, zwijgt de wet met haar vloek; zij kan niet meer dreigen met de hel. Bid dan om die leiding, om licht, leven, vrijheid en liefde in uw hart. Wie door Hem geleid wordt, is overgebracht uit de macht der duisternis in het Koninkrijk van Gods beminde Zoon. O, wat een zaligheid, zo te mogen wandelen!

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina