Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

9 februari Korenaren uit de volle oogst

Daarom, broeders! benaarstigt u te meer om uw roeping en verkiezing vast te maken. Want dat doende zult gij nimmermeer struikelen.
2 Petrus 1:10

Hebt u een bewijs dat u werkelijk geroepen bent? Heeft de genade werkelijk haar intrek in uw hart genomen? O, mocht u vollediger en krachtiger weten welk een gezegende hoop op eeuwig leven er in die hemelse roeping is weggelegd! Dan zou zij u opbeuren en aanmoedigen om u steeds meer te haasten om alles wat u in Christus geschonken is, zowel voor hier als voor hiernamaals, in de tegenwoordige genade en de toekomstige heerlijkheid, werkelijkheid te laten worden. Omdat de heiligen van God weten wat de hoop van hun roeping is, leren zij dat deze hoop alle dingen omvat die hun in Christus geschonken zijn, of het nu leven is of dood, tegenwoordige of toekomstige dingen. Dat alles is hun eigendom, en wel om deze gezegende en afdoende reden: dat zij van Christus zijn en Christus van God is.

Door onze roeping vast te maken, maken wij onze verkiezing vast, want het ene is het zekere bewijs van het andere. Als er dus twijfel en onzekerheid bestaat over onze roeping, dan bestaat dezelfde twijfel en onzekerheid ook over onze verkiezing tot het eeuwige leven. Maar wanneer die twijfel en onzekerheid zijn weggenomen door de Geest van de wijsheid en de openbaring in de kennis van Christus, en wij duidelijk kunnen zien en vast kunnen geloven dat de genade van God ons werkelijk geroepen heeft uit de duisternis tot Zijn wonderbaar licht, dan zien wij door het geloof wat er in deze roeping is weggelegd. Dan zien wij ook welk een heerlijke hoop op eeuwig leven daarbij wordt aangeboden, als een veilig en onwrikbaar anker voor de ziel, en dus een overvloedige hoop door de kracht van de Heilige Geest.

Doch gij, mijn ziel, het ga zo ’t wil,
stel u gerust, zwijg Gode stil.
Ik wacht op Hem, zijn hulp zal blijken.
Hij is mijn rots, mijn heil in nood,
mijn hoog vertrek: zijn macht is groot,
ik zal noch wank’len, noch bezwijken.

Ps. 62:4

Aan de lezer…

Misschien worstelt u met de vraag die hier gesteld wordt: heeft de genade werkelijk haar intrek genomen in mijn hart? U durft het niet te ontkennen, maar evenmin vrijmoedig te zeggen. En omdat uw roeping u onzeker is, staat ook uw verkiezing u als een gesloten boek voor ogen. Dat is een zware en eenzame weg. Blijf er echter niet bij stilstaan alsof het zo moet blijven, want de apostel zegt: „benaarstigt u.”

U hoeft niet op te klimmen in de verborgen raad van God om uw verkiezing te weten; zie naar uw roeping. Hebt u iets gekend van het geroepen worden uit de duisternis tot Zijn wonderbaar licht? Vraag dan om de Geest van de wijsheid en de openbaring in de kennis van Christus, en bid dat Hij de twijfel wegneemt. Voor wie van Christus is, ligt alles klaar: leven en dood, het tegenwoordige en het toekomende. Die hoop is een veilig en onwrikbaar anker voor de ziel, en wie zo verankerd is, zal nimmermeer struikelen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

9 februari 365 dagen met Philpot

De Doorbreker

De Doorbreker zal voor hun aangezicht optrekken; zij zullen doorbreken, en door de poort gaan, en door dezelve uittrekken. En hun Koning zal voor hun aangezicht heengaan; en de Heere in hun spits.
Micha 2:13

In de tweede helft van dit vers lezen we: „En hun Koning zal voor hun aangezicht heengaan; en de Heere in hun spits.” Deze Koning is Dezelfde als de Doorbreker, Dezelfde als de Heere. Deze Koning is Koning Jezus, de Koning van Sion, de Koning en het Hoofd van Zijn verbondsvolk. En waarom wordt deze uitdrukking gebruikt? Niet alleen omdat Hij hun Koning is, maar ook omdat zij Zijn onderdanen zijn.

De titels die de Heilige Schrift aan de Heere Jezus Christus geeft, zijn niet zomaar door het Woord van God verspreid, zonder betekenis. Elke titel die aan de Heere Jezus Christus wordt gegeven, past niet alleen precies bij de noden van Zijn kinderen, maar ook bij de tekst waarin hij voorkomt. In elke tekst waarin met een bepaalde titel over Jezus wordt gesproken, past de tekst dus bij de titel en de titel bij de tekst, en Hij is er de heerlijkheid van. Zo wordt Hij hier „de Koning” genoemd, niet alleen omdat Hij een Koning is, maar omdat zij Hem als gehoorzame onderdanen volgen.

We geven onszelf, ons hart en onze ziel nooit aan Jezus, en we geven Hem nooit onze genegenheden, totdat Hij komt en Zich openbaart als een Doorbreker. Maar wanneer Hij in deze grote en heerlijke woorden als Doorbreker verschijnt, om het harde hart te veranderen in berouw, nederigheid en liefde, en om de moeilijkheden en hindernissen op de weg naar Sion weg te nemen; wanneer Hij elke verzoeking, elke belegering en elke strik, elke zonde en alles wat een levende ziel beangstigt, afbreekt – wanneer Hij deze dingen door Zijn almachtige liefde en kracht afbreekt, dan gaan Zijn kinderen door de poort naar binnen en trekken verder, en dan gaat de Koning voor hun aangezicht heen.

Lezen: Psalm 24

Aan de lezer…

Misschien, lezer, voelt u hoe koud en hard uw hart soms is tegenover de Heere Jezus. U weet dat u Hem zou moeten toebehoren, en toch lukt het u niet uw genegenheden aan Hem te geven. Wees daarover eerlijk, maar wanhoop niet. Niemand geeft zichzelf, zijn hart en zijn ziel aan Jezus, totdat Hij komt en Zich als de Doorbreker openbaart.

Wanneer Hij dat doet, verandert Hij het harde hart in berouw, nederigheid en liefde. Dan breekt Hij af wat beangstigend was: de verzoeking, de strik, de zonde die u terneerdrukte. En dan gaat u door de poort, niet als een slaaf die gedreven wordt, maar als een gewillige onderdaan die zijn Koning volgt. Smeek dan of Hij ook voor u zo wil verschijnen. Elke titel die Hij draagt, past juist bij de nood van Zijn kinderen, en dus ook bij de uwe.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

9 februari Door Baca’s vallei

Wendt u naar Mij toe, wordt behouden, alle gij einden der aarde, want Ik ben God en niemand meer.
Jesaja 45:22

Hoe vaak lijkt het alsof wij zonder enige ware godsdienst zijn, of zonder enig genieten van ware troost. Hoe vaak zijn onze bevindingen verduisterd en bewolkt, en is onze geest met grote duisternis bedekt. Hoe vaak verbergt de Heere Zijn aangezicht voor ons, zodat wij Hem niet zien en geen toegang tot Hem kunnen vinden. En hoe vaak wordt de grond waarop wij dachten te staan onder onze voeten weggenomen, zodat wij geen vaste plaats meer vinden om te staan. Wat een moeilijk pad is dit om te gaan; maar hoe nuttig!

Wanneer wij dan in armoede en bedelarij terechtkomen, leren wij de waarde kennen van de heerlijke rijkdommen van Christus. Hoe geringer wij denken over ons eigen hart, en hoe bedrieglijker en goddelozer wij het bevinden, des te meer stellen wij ons vertrouwen op Zijn trouw. En hoe zwarter wij zijn in eigen ogen, hoe schoner en lieflijker Hij ons toeschijnt. Wanneer wij zinken, staat Hij op; wanneer wij zwak worden, geeft Hij Zijn kracht; komen wij in gevaar, dan brengt Hij uitredding. Komen wij in verzoeking, dan verbreekt Hij de strik; en als wij in de duisternis zijn opgesloten, dan laat Hij het licht van Zijn aangezicht schijnen.

Welnu, door op deze weg geleid te worden en op deze paden te wandelen, leren wij pas goed wie Jezus is. Dan zien en ervaren wij hoe passend en dierbaar zo’n Zaligmaker is voor onze behoeftige zielen. Zijn wij behoeftig, Hij bezit alle rijkdom; zijn wij hongerig, Hij is het Brood des levens; zijn wij dorstig, Hij zegt: „Zo iemand dorst, hij kome tot Mij en drinke.” Zijn wij naakt, Hij heeft kleren om weg te schenken; zijn wij dwazen, Hij heeft wijsheid om uit te delen; zijn wij verloren, dan spreekt Hij: „Zie op Mij en word behouden.”

Het is er ver vandaan dat onze ellende ons zou uitsluiten van Gods barmhartigheid. Hij is daarvoor het enige „Nodige”. Het is er ver vandaan dat onze schuld ons zou uitsluiten van Zijn vergeving; Hij alleen kan die schenken. Het is er ver vandaan dat onze hulpeloosheid onze zielen ten onder zou doen gaan, want zij is de noodzakelijke voorbereiding voor de openbaring van Zijn kracht in onze zwakheid. Wij kunnen onze eigen wonden en zweren niet genezen; en daarom openbaart Hij Zijn krachtige arm. Juist omdat er geen zaligheid is in onszelf of in enig schepsel, zegt Hij: „Wendt u naar Mij toe, want Ik ben God en niemand meer.”

Aan de lezer…

Misschien is de grond waarop u dacht te staan onder uw voeten weggenomen. U zoekt de Heere, maar Hij verbergt Zijn aangezicht; uw bevindingen zijn bewolkt, en u voelt u arm als een bedelaar. Het is een moeilijk pad, en niemand kiest het graag. Maar het is ook een nuttig pad, want juist daar leert u wie Jezus is en hoe dierbaar zo’n Zaligmaker is voor een behoeftige ziel.

Bent u hongerig? Hij is het Brood des levens. Bent u naakt? Hij heeft kleren om weg te schenken. Bent u verloren? Hij spreekt: „Zie op Mij en word behouden.” Uw ellende sluit u niet buiten Zijn barmhartigheid, en uw hulpeloosheid is geen reden om ten onder te gaan; zij is de voorbereiding voor de openbaring van Zijn kracht in uw zwakheid. Omdat er geen zaligheid is in uzelf of in enig schepsel, roept Hij u toe: „Wendt u naar Mij toe, want Ik ben God en niemand meer.”

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina