Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

7 augustus Korenaren uit de volle oogst

En welke de uitnemende grootheid Zijner kracht zij, aan ons die geloven, naar de werking der sterkte Zijner macht, die Hij gewrocht heeft in Christus, als Hij Hem uit de doden heeft opgewekt; en heeft Hem gezet tot Zijn rechterhand in de hemel.
Efeze 1:19, 20

Het is geen grote verborgenheid dat de Zoon verheven moest worden tot de troon van Gods macht. Van de schoot van de Vader tot Zijn rechterhand is maar één stap. Maar dat Iemand Die onze natuur deelachtig was, tot die zetel van grootheid en macht verheven moest worden; dat de Middelaar tussen God en de mensen de mens Christus Jezus moest zijn; dat de handen die eens aan het kruis genageld waren, de scepter moesten voeren; en dat de voeten die eens over het meer Genesareth wandelden, die vermoeid en met stof bedekt rustten bij de fontein van Jakob, die gewassen werden door de tranen van een zondares en door bezoedelde lippen gekust werden als bewijs van berouwvolle smart — dat diezelfde voeten nu alle dingen aan Zich onderworpen moesten hebben, zowel in de hemel als op aarde: daarin ligt de verborgenheid.

En wat een voedsel is dat ook voor het geloof! Het levende huisgezin van God heeft een levende Zaligmaker nodig. Het heeft Iemand nodig Die onze gebeden kan horen en verhoren, Die de ziel uit haar angsten kan redden, en Die met macht een woord tot het hart kan spreken wanneer het gebogen gaat onder leed en smart. Het heeft Iemand nodig Die medelijden met hen kan hebben in grote verzoeking, Die hen kan ondersteunen in beproevingen en op donkere wegen, en Die hen onder duizend ontmoedigingen met Zijn leven in hun ziel kan schragen. Hij kan de treurende weduwe in haar verliezen helpen en een Vader van wezen zijn. Steeds weer toont Hij Zich in Zijn voorzienigheid als een Vriend Die hen te allen tijde liefheeft, en als een Broeder Die voor de benauwdheid geboren is.

In de dood lacht Hij hen tegen en troost Hij hen met Zijn roede en staf, wanneer zij door het donkere dal van de schaduw des doods gaan, en ten slotte doet Hij hen veilig landen in een gelukkige eeuwigheid.

Hoopt op de Heer, gij vromen!
Is Israël in nood,
er zal verlossing komen:
zijn goedheid is zeer groot.
Hij maakt op hun gebeden
gans Israël eens vrij
van ongerechtigheden.
Zo doe Hij ook aan mij.

Psalm 130:4

Aan de lezer…

Deze woorden over de uitnemende grootheid van Zijn kracht spreken juist tot u wanneer u gebogen gaat onder leed en smart, of onder duizend ontmoedigingen die niemand ziet. Denk dan aan de handen die eens aan het kruis genageld waren en die nu de scepter voeren; aan de voeten die vermoeid en met stof bedekt bij de fontein van Jakob rustten en die nu alle dingen onder Zich hebben. Hij Die de zwakheid van onze natuur zo gekend heeft, zit nu aan de rechterhand van de Vader.

Dat is voedsel voor uw geloof. U hebt geen dode Zaligmaker, maar een levende, Die uw gebeden kan horen en verhoren, Die met macht een woord tot uw hart kan spreken en Die medelijden heeft met wie verzocht wordt. Is het donker op uw weg? Hij kan u schragen met Zijn leven in uw ziel. En wanneer het dal van de schaduw des doods komt, zullen Zijn roede en staf u troosten, totdat Hij u veilig doet landen in een gelukkige eeuwigheid.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

7 augustus 365 dagen met Philpot

Mozes’ zegen over Israël

Welgelukzalig zijt gij, o Israël, wie is u gelijk? Gij zijt een volk, verlost door de Heere.
Deuteronomium 33:29

Stel u voor dat u in de straten van Jeruzalem staat en naar binnen kijkt in de eetzaal van de rijke man over wie de Heere in de gelijkenis spreekt. Zou u dan niet zeggen: „Wie is u gelijk, gij rijk en welvarend man? Wie draagt kleren zo zwaar geverfd met koninklijk purper? Wie is in lijnwaad gekleed dat zo wit en zo fijn is? Op wiens tafel staan zulke uitgelezen lekkernijen uitgespreid? Bij wie vloeit er rode wijn in zo’n overvloed en met zo’n smaak in de beker? Wie is u gelijk, gij rijke man, gekleed met purper en zeer fijn lijnwaad, en levende allen dag vrolijk en prachtig”?

Dan draait u zich om en ziet iets heel anders: een bedelaar bij zijn deur. En u zou zeggen: „Wie is u gelijk, o Lazarus? U hebt geen vriend om een vod over uw melaatse rug te hangen. U hebt geen vrouw, kind of familielid die pleisters of kompressen op uw zweren legt, en u kunt alleen de honden bedanken die het vuil van uw bebloede gezicht likken.

U hebt niemand om u zelfs maar een stukje brood te eten te geven, en bent blij dat u uw hand kunt ophouden om de kruimels op te vangen als ze van de tafel van de rijke man vallen. Wie is aan u gelijk, rijke, in al uw rijkdom en weelde? Wie aan u, Lazarus, in al uw armoede en melaatsheid?”

Laat er een paar jaar voorbijgaan, en kijk nu in de afgrond beneden: wat ziet u daar? De rijke man in nood, die in zijn kwelling roept om een druppel water om zijn tong te verkoelen. Wie is u nu gelijk, rijke man, onder in de hel, met uw tong verdroogd van hitte en dorst, en een onoverbrugbare kloof tussen u en Abrahams schoot? Wend uw ogen af van dit angstaanjagende gezicht, en kijk omhoog naar de gelukzalige hoven. Wie is nu uw gelijke, arme bedelaar, wiens zweren de honden soms likten en die geen vriend op aarde had? U bent in Abrahams schoot, u geniet van Gods glimlach, en u koestert zich de hele eindeloze dag lang in de stralen van de Zon der gerechtigheid!

Lezen: Lukas 16:19-31

Aan de lezer…

Bent u in uw eigen ogen meer een Lazarus dan een rijke man? Hebt u weinig vrienden, weinig brood en veel zweren, en ligt u als het ware aan de deur, blij met een kruimel die van de tafel valt? Dan is het misschien moeilijk voor u te geloven dat juist u gelukzalig zou zijn. De wereld kijkt naar het purper en het fijne lijnwaad, en zegt: „Wie is u gelijk?”

Maar laat er een paar jaar voorbijgaan, en het beeld keert helemaal om. De rijke roept om een druppel water, en de arme bedelaar ligt in Abrahams schoot en koestert zich in de stralen van de Zon der gerechtigheid. Kijk daarom niet naar wat u hier mist, maar naar wat de Heere voor Zijn verlosten bewaart. Hebt u Hem tot uw deel, dan is uw armoede slechts voor een korte tijd, en uw vreugde zal de hele eindeloze dag lang duren.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

7 augustus Door Baca’s vallei

De vreze des Heeren zal zijn schat zijn.
Jesaja 33:6

„De vreze des Heeren zal zijn schat zijn.” En o, wat is deze vreze een schat! In oude tijden was een schat gewoonlijk verborgen. Hij was verborgen voor het oog van de mensen; hij was weggelegd en werd niet tentoongesteld. In de oudheid hielden de rijken de plaats waar hun schatten verborgen lagen geheim, zodat die niet door geweldenaars zouden worden weggenomen.

Zo is het ook in het geestelijke. De vreze van de Heere is in het hart verborgen. Zij ligt diep in de ziel; zij wordt niet tentoongesteld, maar ligt uit het zicht in iemands geweten. Maar hoewel zij voor anderen verborgen is, en soms ook voor onszelf, zal deze vreze van de Heere haar kracht laten gelden wanneer de omstandigheden daartoe aanleiding geven.

Er kunnen tijden zijn dat wij als het ware verhard lijken en het geweten als toegeschroeid is. De zonden lijken dan zo’n kracht over ons te hebben, en dwaze en boze begeerten lijken ons zo mee te slepen, dat wij geen stofje van de vreze Gods in ons kunnen opmerken. Dan roept onze ziel uit: „Wat zal er van mij worden! Waar ga ik heen! Wat zal er in de toekomst van mij worden, zulk een ellendeling als ik ben!” Maar plaats zo iemand in omstandigheden zoals Jozef die bijvoorbeeld meemaakte, dan zal hij ervaren dat de vreze van de Heere in hem een fontein des levens is, een heilige vreugde in zijn ziel.

Deze vreze van de Heere, die een deel is van de hemelse schat, handelt dus waar het nodig is. En hoe meer het leven van God in de ziel wordt opgemerkt, hoe meer zij uitvloeit als een fontein des levens, om af te wijken van de strikken des doods. Hoe levendiger de vreze Gods zich in het hart laat gelden en hoe meer de Geest van God met kracht in het geweten werkt, hoe dieper de vreze Gods zich in de ziel zal wortelen.

Aan de lezer…

Als er tijden zijn dat u geen stofje van de vreze Gods in uzelf kunt opmerken, lijkt uw geweten u soms als toegeschroeid. Dwaze begeerten hebben u dan zo meegesleept dat u uitroept: „Wat zal er van mij worden, zo’n ellendeling als ik ben!” Concludeer dan niet te snel dat er niets is. Een schat wordt verborgen gehouden, en de vreze van de Heere ligt diep in de ziel, soms verborgen voor anderen en ook voor uzelf.

Wanneer de verzoeking komt, zoals zij tot Jozef kwam, zal blijken wat de Heere in het hart gelegd heeft: een fontein des levens, die doet afwijken van de strikken des doods. Bid dan niet om een vreze die u kunt tentoonstellen, maar dat de Geest van God met kracht in uw geweten mag werken. Hoe levendiger Hij werkt, hoe dieper deze heilige vreze in u zal wortelen; en zij is uw schat.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina