Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 4 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

29 januari Korenaren uit de volle oogst

De wijze vreest en wijkt van het kwade, maar de zot is oplopende toornig en zorgeloos.
Spreuken 14:16

Ik geloof dat geen levende ziel zich tevreden kan stellen met een denkbeeldige godsdienst. Ook al is hij een ellendige zwerver, in de woestijn gedreven om zwijnen te hoeden, hij kan zich niet voeden met hun draf, maar verlangt naar het brood in het huis van zijn Vader. Als zijn ogen geopend zijn om de aard van de zonde, de rechtvaardigheid en heiligheid van God en zijn eigen onreinheid te zien, kan de levendgemaakte in niets anders rust vinden dan in de heerlijke ontdekking van het Lam van God. En hoe meer de ziel geoefend wordt door beproevingen, verzoekingen, twijfels en aanvechtingen van allerlei aard, des te meer voelt zij behoefte aan dat bloed der besprenging, dat betere dingen spreekt dan dat van Abel.

Wat is de waarde van een christen zonder een innerlijk sterven en strijden? Hoe dood en zielloos zijn onze gebeden, hoe koud en vormelijk, wanneer de ziel niet steeds bezig wordt gehouden door innerlijke strijd! Wat betekenen de zuchten, de kreten, het gekerm, het worstelen en het hijgen voor een ziel die gerust is in Sion? De wereld is alles en Christus niets, wanneer wij rusten op onze droesem en niet van vat tot vat worden overgegoten. Maar innerlijke strijd, vrees, benauwdheid en verzoekingen sporen de ziel aan tot roepen, tot bidden en tot vragen om ontferming. Dan worden de zekerheid, de kracht en de werkelijkheid van de eeuwige dingen gevoeld, wanneer schuld en toorn en vrees en onrust de ziel aangrijpen.

Loutere denkbeelden van Christus, valse hoop, een dood geloof, een eigenmachtig vertrouwen, een onreine gerustheid: alles wordt weggevaagd als zoveel toevluchten van leugens, wanneer de ziel toebereid is om haar naaktheid en nietigheid, haar schuld en hulpeloosheid voor God te voelen. Zo baant al die innerlijke strijd de weg tot het vinden van Christus: tot dat zien van Zijn bloed en Zijn gerechtigheid, tot die bevindelijke kennis van Zijn Persoon, Zijn liefde, Zijn genade en Zijn werk, die leven en vrede is.

Mijn geroep, uit angst en vrezen,
klimt tot God, het Opperwezen.

Ps. 77:1

Aan de lezer…

Misschien zucht u onder een strijd die maar niet ophoudt. Twijfels, verzoekingen, schuld en onrust grijpen uw ziel aan, en u vraagt: waarom toch? Was het niet beter rustig te zijn, zoals zovelen om u heen? Ik zeg u eerlijk dat een ziel die op haar droesem rust, koud en vormelijk wordt. De wereld is dan alles en Christus niets. Maar wie benauwd is, leert roepen; wie zijn naaktheid voelt, leert vragen om ontferming.

Zo baant al die innerlijke strijd de weg tot het vinden van Christus. Wat u nu zo zwaar valt, vaagt de toevluchten van de leugen weg: de valse hoop, het dode geloof, de onreine gerustheid. En wat blijft er dan over? Het bloed der besprenging, dat betere dingen spreekt dan dat van Abel. Laat uw strijd u dus heendrijven naar het Lam van God. In Hem alleen vindt de levendgemaakte rust, en in Hem is leven en vrede.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

29 januari 365 dagen met Philpot

De zegen van Jozef

Elk der takken loopt over de muur.
Genesis 49:22

Er wordt over Jozef nog iets opmerkelijks gezegd: „Elk der takken loopt over de muur.” We zien dat de vruchtbaarheid die hem was geschonken, niet alleen zorgde voor bladeren en vruchten, maar ook voor de lengte van de tak. Van alle bomen en struiken is de wijnstok de zwakste, zoals de profeet Ezechiël zegt: „Wordt daarvan hout genomen, om een stuk werk te maken? Neemt men daarvan een pin, om enig vat daaraan te hangen?” (Ez. 15:3). De wijnstok is hulpeloos en kruipt over de grond, en heeft daarom latwerk of een muur nodig om zich aan vast te houden en tot zijn volle lengte uit te groeien. Wat is deze muur? Moet ik het antwoord nog geven? U hebt het in uw eigen hart al gegeven: Jezus Christus, de Zoon van God!

Hij is de muur, zoals de Heilige Geest de fontein is. Zoals de takken van Jozef, de vruchtbare tak, over de muur liepen en er met al hun gewicht op rustten, zo rusten en hangen geloof, hoop en liefde en alle zich uitbreidende ranken en takken van ware godsdienst aan de muur, die Christus is. De groei van de wijnstok kent geen andere grens dan de lengte van de muur. Ik heb een wijnstok gezien die tien of twaalf huizen bedekte. Hij kan zo ver uitgroeien als de muur groot is, en de takken lopen eroverheen alsof ze het heerlijk vinden zich zo ver mogelijk uit te breiden.

Zo is het ook met het geloof, de hoop en de liefde van een kind van God. Wanneer hij de vaste grond vindt die de Zoon van God, God en Mens in één Persoon, Immanuël, God met ons, aan het geloof geeft, breidt hij zijn hele ziel over Hem uit. Wat is de wijnstok zonder muur? Kruipend, liggend op de grond. En wat zijn de vruchten zonder muur? Verpletterd in het stof, vertrapt onder de voeten van iedere voorbijganger, door modder en vuil gesleept. Maar als hij door een muur wordt gesteund, worden de vruchten niet verpletterd en niet vertrapt, maar blijven zij bewaard in al hun overvloed en schoonheid. We dragen geen vrucht tot eer van God, tot nut van Zijn volk en tot welzijn van Zijn Kerk, als we niet op Christus rusten.

Lezen: Jesaja 32:1-8

Aan de lezer…

Hoe zwak is de wijnstok, waarvan men zelfs geen pin kan maken! Voelt u zich ook zo zwak? Hulpeloos, kruipend, geneigd om op de grond te blijven liggen? Verwonder u daar niet over. De wijnstok is niet gemaakt om op eigen kracht te staan, maar om op een muur te rusten. En die muur is Jezus Christus, de Zoon van God, Immanuël, God met ons.

Zonder Hem wordt de vrucht vertrapt in het stof; door Hem gesteund blijft zij bewaard in haar overvloed en schoonheid. Probeer dan niet langer uw eigen steun te zijn. Laat uw geloof, uw hoop en uw liefde zich met al hun gewicht over Hem uitspreiden. De groei van de wijnstok kent geen andere grens dan de lengte van de muur, en wie zou de grenzen van Christus’ volheid kunnen meten? In Hem is ruimte genoeg voor de zwakste rank. Rust daar, en u zult vrucht dragen tot eer van God.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

29 januari Door Baca’s vallei

Grijp naar het eeuwige leven.
1 Tim. 6:12

De voornaamste taak van de hand is grijpen, een voorwerp vastpakken. De hand van de mens is het meesterstuk van de anatomie; de vingers en de duim die daar recht tegenover staat, zijn door hun Goddelijke Kunstenaar met een bepaald doel gevormd, namelijk om een voorwerp te grijpen en vast te houden. Daarom werken iedere spier, slagader, ader en zenuw samen om deze bestemde handeling uit te voeren. Is er ook in de oefening van het geloof niet iets wat daarmee overeenkomt? Wat zegt de Heere? „Of hij moest Mijn sterkte aangrijpen; hij zal vrede met Mij maken; vrede zal hij met Mij maken.” Er is dus een aangrijpen van Gods sterkte.

Gebeurt dat niet door het geloof? Is er een andere genade van de Geest die de Heere aangrijpt, zoals Jakob de worstelende engel aangreep, en een zinkende Petrus de hand van de Heere Jezus? „Grijp naar het eeuwige leven”, is het bevel van Paulus aan Timotheüs. Maar hoe wordt het eeuwige leven, en in het bijzonder Jezus, „het Leven”, anders aangegrepen dan door het geloof? „Die in Mij gelooft,” zegt Jezus, „heeft het eeuwige leven.” Hij heeft het doordat hij Hem aangrijpt.

Zo lezen wij ook: „Die de toevlucht genomen hebben om de voorgestelde hoop vast te houden” (Hebr. 6:18). Zoals de doodslager naar de aangewezen stad vluchtte om een toevlucht te vinden, en behouden was wanneer hij de deur van de poort had vastgegrepen, zo is het ook met schuldige zondaren wanneer zij hun toevlucht nemen tot de Heere Jezus en door het geloof de hoop vasthouden die in het Evangelie van Gods genade wordt voorgesteld.

Aan de lezer…

Kent u dat gevoel, als iemand die zinkt? Dan weet u misschien beter dan velen wat het is om te grijpen. Zoals een hand gemaakt is om vast te pakken en vast te houden, zo is het geloof de hand van de ziel, waarmee zij de sterkte van de Heere aangrijpt. „Grijp naar het eeuwige leven.” Dat is geen woord voor sterken die het zelf wel redden, maar een roepstem voor hen die zonder Hem verloren zijn.

Denk aan de doodslager die naar de vrijstad vluchtte: hij was behouden zodra hij de deur van de poort had vastgegrepen. Zo mag een schuldige zondaar tot de Heere Jezus vluchten en de voorgestelde hoop vasthouden. Is uw hand zwak en bevend? Het is niet de kracht van uw greep die u behoudt, maar Hij Die u vasthoudt. „Die in Mij gelooft, heeft het eeuwige leven.” Strek dan uw hand naar Hem uit, en laat Hem niet los.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina