Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

27 mei Korenaren uit de volle oogst

Indien iemand tot Mij komt, en niet haat zijn vader, en moeder, en vrouw, en kinderen, en broeders, en zusters, ja ook zelfs zijn eigen leven, die kan mijn discipel niet zijn. En wie zijn kruis niet draagt, en Mij navolgt, die kan mijn discipel niet zijn.
Lukas 14:26, 27

Er is geen middenweg naar de hemel. Er is geen tussenstaat tussen hel en hemel, geen vagevuur voor die talrijke groep mensen die zich nauwelijks goed genoeg acht voor de hemel en nauwelijks slecht genoeg voor de hel. Nee, er is geen middenweg, geen tussenstaat. Wij moeten Christus winnen als onze eigen, hoogst gezegende Jezus, en met Hem het geluk en de heerlijkheid van de hemel genieten; of wij zullen met al onze zonden op ons hoofd en onder Zijn toornige blik in de hel wegzinken.

De ziel die door de schoonheid en de volzaligheid van de Heere Jezus bekoord is, verlangt er dan naar Hem te winnen, en dat niet voor een dag, een maand of een jaar, maar voor de eeuwigheid. Want door Hem te winnen, verkrijgt zij alles wat God te genieten kan geven aan de ziel van de mens, die onsterfelijk is en voor de onsterfelijkheid geschapen. Onder de invloed van Zijn genade voelt zij soms, zelfs hier beneden, dat al haar onsterfelijke kracht overgaat in een werkzaam, hemels leven. Dan ziet zij in geloof en hoop uit naar een heerlijke eeuwigheid, waar zij het hoogste genot zal bezitten dat God de mens kan geven: vereniging met Zijn lieve Zoon, volgens die wonderlijke woorden van de Verlosser Zelf: „Opdat zij allen één zijn, gelijkerwijs Gij, Vader! in Mij, en Ik in U, dat ook zij in Ons één zijn!” (Joh. 17:21).

Ik riep tot U, ik zeid’, o Heer,
Gij zijt mijn toevlucht, sterkt’ en eer.
Gij zijt, zolang ik leef, mijn deel,
mijn God, wie ik mij aanbeveel.

Ps. 142:5

Aan de lezer…

Hoopt u ergens in het midden te blijven, niet goed genoeg voor de hemel en toch niet slecht genoeg voor de hel? Ik laat die schuilplaats niet staan: er is geen middenweg. Wij moeten Christus winnen, of verloren gaan. Dat is een ernstig woord, en de Heere Jezus spreekt het Zelf uit: wie Hem niet boven alles stelt, ja boven zijn eigen leven, kan Zijn discipel niet zijn.

Maar is uw hart door Zijn schoonheid bekoord, al is het maar een weinig? Verlangt u ernaar Hem te winnen, niet voor een dag of een jaar, maar voor de eeuwigheid? Dan is dat verlangen geen eigen werk, maar de invloed van Zijn genade. Wie Hem wint, verkrijgt alles wat God een onsterfelijke ziel kan geven. Neem dan uw kruis op en volg Hem na. Bij Hem is het hoogste goed.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

27 mei 365 dagen met Philpot

Verzoend door Christus’ dood en leven

Want indien wij, vijanden zijnde, met God verzoend zijn door de dood Zijns Zoons, veel meer zullen wij, verzoend zijnde, behouden worden door Zijn leven.
Romeinen 5:10

We kunnen alleen met God „verzoend” worden als de vijandschap is weggenomen. Het is in de genade net als in de natuur. Neem twee vrienden die als broers samen door het leven zijn gegaan. Er komt een verwijdering; in het hart van de een of de ander begint vijandschap te groeien; ze raken verdeeld en worden misschien zelfs vijanden. Ze kunnen met elkaar verzoend worden, maar alleen werkelijk als de vijandschap uit het hart wordt weggenomen. Bij elke andere verzoening wordt de breuk alleen maar opgelapt; die is hol en onoprecht, niet echt en zonder diepgang. Eerst moet de vijandschap worden weggenomen voordat er enige werkelijke verzoening kan plaatsvinden.

Zo is het ook tussen de mens en God. Alleen als de vijandschap wordt weggenomen, kan er verzoening plaatsvinden. Zo wordt meteen duidelijk hoe nietig en onwaar de gedachte is dat een paar rechtvaardige werken onze van nature gevallen staat kunnen opheffen. Ze kunnen de vijandschap niet wegnemen. Ze zijn als het bloed van stieren en bokken: ze kunnen de zonde nooit goedmaken. Als de as van de rode vaars (Num. 19:2) kunnen ze misschien het vlees reinigen, maar hierin slagen ze niet.

Er was iets meer nodig, iets wat God Zelf schonk, en dat was de dood van Zijn eigen Zoon: „Toen wij vijanden waren, werden we met God verzoend door de dood Zijns Zoons” (Rom. 5:10). Zijn geliefde Zoon kwam in onze plaats; Hij nam onze natuur aan; Hij droeg onze zonden in Zijn eigen lichaam aan het kruis; Hij gehoorzaamde de wet waaraan wij ongehoorzaam waren geweest; Hij vervulde een gerechtigheid waarin wij volkomen tekort waren geschoten; Hij droeg de vloek en onderging de straf. Op deze manier, door de dood, heeft Hij de vijanden met God verzoend. Hij heeft de wet gehoorzaamd die in de weg stond, Gods rechtvaardigheid vervuld, onze overtredingen weggedaan en zo alle vijandschap weggenomen.

Lezen: Romeinen 5:1-11

Aan de lezer…

Vandaag wordt u een vraag gesteld: hebt u weleens geprobeerd uw breuk met God zelf te herstellen? Met een beter leven, met goede voornemens, met een paar rechtvaardige werken? Dan weet u ook hoe hol zo’n verzoening is. Ze lapt de breuk alleen maar op; de vijandschap blijft in het hart. U kunt uw gevallen staat niet opheffen, evenmin als het bloed van stieren en bokken de zonde kon wegnemen.

Maar hier ligt de troost: er was iets meer nodig, en God heeft het Zelf geschonken. Zijn geliefde Zoon heeft onze natuur aangenomen, onze zonden in Zijn eigen lichaam aan het kruis gedragen, de vloek gedragen en de straf ondergaan. Door Zijn dood is de vijandschap weggenomen. Ziet u in uzelf niets dan tekort, kijk dan naar Hem. Wat u nooit kon, heeft Hij volkomen volbracht voor vijanden zoals u en ik.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

27 mei Door Baca’s vallei

Gij mannen, hebt uw eigen vrouwen lief, gelijk ook Christus de gemeente liefgehad heeft en Zichzelf voor haar heeft overgegeven; opdat Hij haar heiligen zou, haar gereinigd hebbende met het bad des waters door het Woord.
Efeze 5:25, 26

Beschouw de kerk zonder de heiligende werkingen en invloeden van de wederbarende genade. Zij is ver van Christus; zij verlangt niet naar Hem, niet naar vereniging en niet naar gemeenschap met Hem. Zij heeft geen geloof in Zijn bloed, geen hoop op Zijn barmhartigheid, geen liefde tot Zijn Naam. Als zij altijd in deze verkeerde gestalte gelaten werd, waar zou dan haar geschiktheid voor de hemel zijn? Maar wanneer het Woord van de waarheid met kracht komt en gepaard gaat met de invloeden van de Heilige Geest in het hart, dan is er niet alleen een reiniging van het geweten van de schuld en de vuilheid van de zonde, maar ook het schenken van een nieuw hart en een nieuwe geest.

Hoe duidelijk wordt daarover gesproken bij de profeet Ezechiël, waar na de belofte „Van al uw onreinheid en van al uw drekgoden zal Ik u reinigen” wordt toegevoegd: „En Ik zal u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in het binnenste van u.” We moeten daarom niet alleen van onze zonden gewassen worden in het bloed van het Lam, en niet alleen verzoening en vergeving daarvoor geschonken krijgen en zo een recht op de hemel verkrijgen; we moeten ook bekwaam gemaakt worden voor de hemel. We hebben een nieuw hart en een nieuwe geest nodig, waardoor we de liefde van Christus, uitgestort in het hart, mogen smaken, tasten, voelen en genieten, en waardoor de liefde van ons hart op haar beurt naar Hem uitgaat.

Zoals nu het bloed reinigt, zo heiligt de Geest. Daarom zegt Johannes: „Deze is het, Die gekomen is door water en bloed, namelijk Jezus de Christus; niet door het water alleen, maar door het water en het bloed” (1 Joh. 5:6). Het bloed is het bloed van de verzoening; het water is de heiligende invloed van de Heilige Geest. Let op de orde waarin deze zegeningen voorkomen. Eerst de liefde van Christus van eeuwigheid; ten tweede het geven van Zichzelf in de tijd; ten derde de reiniging door het bloed; ten vierde de heiligmaking door de Geest.

Beschouw deze zaken met het oog op uzelf. Zijn uw zonden vergeven? Hebt u enige bevinding dat u gewassen bent in het bloed van het Lam? Kunt u geloven dat u naar de hemel gaat? Wat gelooft u hiervan, en waarop is uw hoop hierin gegrond? Waar zijn uw bewijzen ervan? Het is zeker niet genoeg deze waarheden alleen te beschouwen, zoals de Schrift ons er kennis van geeft als de zuivere openbaring van God, of ze te geloven omdat ik het zeg. Zo’n geloof en zo’n hoop, als u geen betere kent, is bedrieglijk en zal u overlaten in de handen van Hem Die een verterend vuur is.

Als uw hoop op het eeuwige leven goed gefundeerd is, dan is zij dat doordat het Woord des levens in uw ziel geopenbaard is. Dan bent u niet alleen gereinigd door de toepassing van het bloed der besprenging op uw geweten, maar ook geheiligd en vernieuwd door de kracht van het Woord, door de Heilige Geest in uw hart gewerkt.

Aan de lezer…

Waar rust uw hoop? Ik stel de vraag scherp, en niet zonder reden: een hoop die alleen steunt op het beschouwen van de waarheid, of op wat een ander ons zegt, zal ons eens in de steek laten. Maar ziet u in uzelf een hart dat ver van Christus is, zonder geloof in Zijn bloed en zonder liefde tot Zijn Naam, sluit dan de deur niet. Juist zulke mensen komt het Woord tegemoet met de belofte: „Ik zal u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in het binnenste van u.”

Let op de orde die hier zo dierbaar is: eerst de liefde van Christus van eeuwigheid, dan het geven van Zichzelf, dan het bloed dat reinigt, en de Geest Die heiligt. Het begint dus niet bij u, maar bij Hem Die de gemeente liefgehad heeft. Zoek dan niet in uzelf wat alleen in Hem te vinden is. Bid of Hij u wil wassen in het bloed van het Lam en vernieuwen door Zijn Woord.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina