May 27
Gij mannen, hebt uw eigen vrouwen lief, gelijk ook Christus de gemeente liefgehad heeft en Zichzelf voor haar heeft overgegeven; opdat Hij haar heiligen zou, haar gereinigd hebbende met het bad des waters door het Woord.
Efeze 5:25, 26
Beschouw de kerk zonder de heiligende bewerkingen en invloeden van wederbarende genade. Zij is ver van Christus; zij verlangt niet naar Hem; naar geen vereniging, naar geen gemeenschap met Hem. Zij heeft geen geloof in Zijn bloed, geen hoop op Zijn barmhartigheid, geen liefde tot Zijn Naam. Werd zij altijd in deze wangestalte gelaten, waar zou dan haar geschiktheid zijn voor de hemel? Doch wanneer het Woord der waarheid met kracht komt en vergezeld gaat van de invloeden van de Heilige Geest in het hart, dan is er niet alleen een reiniging van de consciëntie van de schuld en vuilheid der zonde, maar ook een mededeling van een nieuw hart en een nieuwe geest.
Hoe duidelijk wordt daarvan gesproken bij de profeet Ezechiël, waar na de belofte: „Van al uw onreinheid en van al uw drekgoden zal Ik u reinigen”, eraan wordt toegevoegd: „En Ik zal u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in het binnenste van u.” Wij moeten derhalve niet slechts gewassen worden van onze zonden in het bloed des Lams, niet slechts daarover verzoening en vergeving ons geschonken worden, en wij alzo een recht op de hemel verkrijgen, maar wij moeten bekwaam gemaakt worden voor de hemel. Wij hebben nodig dat ons een nieuw hart en een nieuwe geest wordt gegeven, waardoor wij mogen smaken, tasten, gevoelen en genieten de liefde van Christus, als uitgestort in het hart, en wederkerig de liefde van ons hart uitgaande tot Hem.
Gelijk nu het bloed reinigt, zo heiligt de Geest. Daarom zegt Johannes: „Deze is het, Die gekomen is door water en bloed, namelijk Jezus de Christus; niet door het water alleen, maar door het water en het bloed” (1 Joh. 5:6). Het bloed is het bloed der verzoening; het water is de heiligende invloed van de Heilige Geest. Let op de orde waarin deze zegeningen voorkomen. Eerst de liefde van Christus van eeuwigheid; ten tweede het geven van Zichzelf in de tijd; ten derde de reiniging door het bloed; ten vierde de heiligmaking door de Geest.
Beschouw deze zaken met betrekking tot uzelf. Zijn uw zonden vergeven? Hebt gij enige bevinding dat gij gewassen zijt in het bloed des Lams? Kunt gij geloven dat gij naar de hemel gaat? Wat gelooft gij hiervan, en is uw hoop hierop gegrond? Waar zijn uw bewijzen hiervan? Gewis niet om slechts deze waarheden te beschouwen, zoals de Schrift ons daar kennis van geeft, als de zuivere openbaring van God, of om het te geloven omdat ik het zeg. Zulk een geloof en zulk een hoop, indien gij geen betere kent, is bedriegelijk en zal u laten in de handen van Hem, Die een verterend vuur is.
Indien uw hoop op het eeuwige leven wel gefundeerd is, dan is zij dit doordat het Woord des levens in uw ziel is geopenbaard geworden, en dan zijt gij niet alleen gereinigd door de toepassing van het bloed der besprenging op uw consciëntie, maar ook geheiligd en vernieuwd door de kracht van het Woord, door de Heilige Geest in uw hart gewerkt.
Aan de lezer…
Waar rust uw hoop, waarde lezer? Ik stel de vraag scherp, en niet zonder reden: een hoop die alleen op het beschouwen van de waarheid steunt, of op wat een ander ons zegt, zal ons eens begeven. Maar ziet u in uzelf een hart dat ver van Christus is, zonder geloof in Zijn bloed en zonder liefde tot Zijn Naam, sluit dan de deur niet. Juist zulken komt het Woord tegemoet met de belofte: „Ik zal u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in het binnenste van u.”
Let op de orde die hier zo dierbaar is: eerst de liefde van Christus van eeuwigheid, dan het geven van Zichzelf, dan het bloed dat reinigt, en de Geest Die heiligt. Het begint dus niet bij u, maar bij Hem, Die de gemeente liefgehad heeft. Zoek dan niet in uzelf wat alleen in Hem te vinden is. Bid of Hij u wil wassen in het bloed des Lams en vernieuwen door Zijn Woord.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Gij mannen, hebt uw eigen vrouwen lief, gelijk ook Christus de gemeente liefgehad heeft en Zichzelf voor haar heeft overgegeven; opdat Hij haar heiligen zou, haar gereinigd hebbende met het bad des waters door het Woord.
Efeze 5:25, 26
Beschouw de kerk zonder de heiligende werkingen en invloeden van de wederbarende genade. Zij is ver van Christus; zij verlangt niet naar Hem, niet naar vereniging en niet naar gemeenschap met Hem. Zij heeft geen geloof in Zijn bloed, geen hoop op Zijn barmhartigheid, geen liefde tot Zijn Naam. Als zij altijd in deze verkeerde gestalte gelaten werd, waar zou dan haar geschiktheid voor de hemel zijn? Maar wanneer het Woord van de waarheid met kracht komt en gepaard gaat met de invloeden van de Heilige Geest in het hart, dan is er niet alleen een reiniging van het geweten van de schuld en de vuilheid van de zonde, maar ook het schenken van een nieuw hart en een nieuwe geest.
Hoe duidelijk wordt daarover gesproken bij de profeet Ezechiël, waar na de belofte „Van al uw onreinheid en van al uw drekgoden zal Ik u reinigen” wordt toegevoegd: „En Ik zal u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in het binnenste van u.” We moeten daarom niet alleen van onze zonden gewassen worden in het bloed van het Lam, en niet alleen verzoening en vergeving daarvoor geschonken krijgen en zo een recht op de hemel verkrijgen; we moeten ook bekwaam gemaakt worden voor de hemel. We hebben een nieuw hart en een nieuwe geest nodig, waardoor we de liefde van Christus, uitgestort in het hart, mogen smaken, tasten, voelen en genieten, en waardoor de liefde van ons hart op haar beurt naar Hem uitgaat.
Zoals nu het bloed reinigt, zo heiligt de Geest. Daarom zegt Johannes: „Deze is het, Die gekomen is door water en bloed, namelijk Jezus de Christus; niet door het water alleen, maar door het water en het bloed” (1 Joh. 5:6). Het bloed is het bloed van de verzoening; het water is de heiligende invloed van de Heilige Geest. Let op de orde waarin deze zegeningen voorkomen. Eerst de liefde van Christus van eeuwigheid; ten tweede het geven van Zichzelf in de tijd; ten derde de reiniging door het bloed; ten vierde de heiligmaking door de Geest.
Beschouw deze zaken met het oog op uzelf. Zijn uw zonden vergeven? Hebt u enige bevinding dat u gewassen bent in het bloed van het Lam? Kunt u geloven dat u naar de hemel gaat? Wat gelooft u hiervan, en waarop is uw hoop hierin gegrond? Waar zijn uw bewijzen ervan? Het is zeker niet genoeg deze waarheden alleen te beschouwen, zoals de Schrift ons er kennis van geeft als de zuivere openbaring van God, of ze te geloven omdat ik het zeg. Zo’n geloof en zo’n hoop, als u geen betere kent, is bedrieglijk en zal u overlaten in de handen van Hem Die een verterend vuur is.
Als uw hoop op het eeuwige leven goed gefundeerd is, dan is zij dat doordat het Woord des levens in uw ziel geopenbaard is. Dan bent u niet alleen gereinigd door de toepassing van het bloed der besprenging op uw geweten, maar ook geheiligd en vernieuwd door de kracht van het Woord, door de Heilige Geest in uw hart gewerkt.
Aan de lezer…
Waar rust uw hoop? Ik stel de vraag scherp, en niet zonder reden: een hoop die alleen steunt op het beschouwen van de waarheid, of op wat een ander ons zegt, zal ons eens in de steek laten. Maar ziet u in uzelf een hart dat ver van Christus is, zonder geloof in Zijn bloed en zonder liefde tot Zijn Naam, sluit dan de deur niet. Juist zulke mensen komt het Woord tegemoet met de belofte: „Ik zal u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in het binnenste van u.”
Let op de orde die hier zo dierbaar is: eerst de liefde van Christus van eeuwigheid, dan het geven van Zichzelf, dan het bloed dat reinigt, en de Geest Die heiligt. Het begint dus niet bij u, maar bij Hem Die de gemeente liefgehad heeft. Zoek dan niet in uzelf wat alleen in Hem te vinden is. Bid of Hij u wil wassen in het bloed van het Lam en vernieuwen door Zijn Woord.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Husbands, love your wives, even as Christ also loved the church, and gave Himself for it; that He might sanctify and cleanse it with the washing of water by the Word.
Ephesians 5:25–26
View the Church without the sanctifying operations and influences of regenerating grace. She is far from Christ; she has no desire towards Him, no manifest union, no communion with Him; no faith in His blood, no hope in His mercy, no love to His name. Were she left always thus, where would be her fitness for heaven? But when the word of truth comes with power, and is accompanied by the influences of the Holy Spirit to the heart, then there is not only a cleansing of the conscience from the guilt and filth of sin, but the communication of a new heart and a new spirit. How plainly is this spoken of by the prophet Ezekiel, where, after the promise, “From all your filthiness and from all your idols will I cleanse you,” it is added, “A new heart also will I give you, and a new spirit will I put within you.”
We have not only therefore to be washed from our sins in the blood of the Lamb, not only to be pardoned and forgiven and thus have a title to heaven, but we need a fitness for heaven; we need a new heart and a new spirit given to us, whereby we may taste, handle, feel, and enjoy the love of Christ as shed abroad in the heart, and experience the flowings forth of love to Him in return. As then the blood cleanses, so the Spirit sanctifies. John therefore says, “This is He that came by water and blood, even Jesus Christ; not by water only, but by water and blood” (1 John 5:6). The blood is the blood of the atonement; the water is the sanctifying influences of the Holy Spirit.
Observe the order in which these blessings come. First, is the love of Christ in eternity; secondly, the gift of Himself in time; thirdly, the cleansing by blood; fourthly, the sanctifying by the Spirit. Now look at these things for yourselves. Are your sins pardoned? Have you any evidence that you are washed in the blood of the Lamb? Do you believe that you are going to heaven? What does your belief of this, or your hope in it, rest upon? Where are your evidences?
Surely not from merely seeing these truths in the Scripture as the bare revelation of God, or believing them from my statements. Such a faith and such a hope, if you have no better, will prove delusive, and will leave you in the hands of Him Who is a consuming fire. If your hope of eternal life is well grounded, it is because the word of life has come into your SOUL, and you have been not only cleansed by the application of the blood of sprinkling to your conscience, but sanctified and renewed by the power of the Word, through the Holy Spirit, upon your heart.
To the reader…
On what does your hope rest? I put the question sharply, and not without reason: a hope that rests only on looking at the truth, or on what someone else tells us, will one day fail us. But if you see in yourself a heart that is far from Christ, without faith in His blood and without love to His Name, do not close the door. It is to just such people that the Word comes with the promise: “A new heart also will I give you, and a new spirit will I put within you.”
Notice the order that is so precious here: first the love of Christ from eternity, then the giving of Himself, then the blood that cleanses, and the Spirit Who sanctifies. So it does not begin with you, but with Him Who loved the church. Do not look in yourself, then, for what is to be found only in Him. Pray that He will wash you in the blood of the Lamb and renew you by His Word.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Maridos, amad a vuestras mujeres, así como Cristo amó a la iglesia, y Se entregó a Sí mismo por ella, para santificarla limpiándola en el lavacro del agua por la palabra.
Efesios 5:25–26
Considere a la Iglesia sin las operaciones e influencias santificadoras de la gracia regeneradora. Está lejos de Cristo; no tiene deseo de Él, ni unión manifiesta, ni comunión con Él; ni fe en Su sangre, ni esperanza en Su misericordia, ni amor a Su Nombre. Si fuera dejada siempre así, ¿dónde estaría su idoneidad para el cielo? Pero cuando la palabra de verdad viene con poder, y va acompañada al corazón por las influencias del Espíritu Santo, entonces no solo hay una limpieza de la conciencia de la culpa y la inmundicia del pecado, sino la comunicación de un corazón nuevo y un espíritu nuevo. ¡Con qué claridad habla de esto el profeta Ezequiel, donde, después de la promesa: “De todas vuestras inmundicias y de todos vuestros ídolos os limpiaré”, se añade: “Y os daré corazón nuevo, y pondré espíritu nuevo dentro de vosotros”!
Por tanto, no solo tenemos que ser lavados de nuestros pecados en la sangre del Cordero, no solo ser perdonados y tener así derecho al cielo, sino que necesitamos idoneidad para el cielo; necesitamos que se nos dé un corazón nuevo y un espíritu nuevo, por los cuales podamos gustar, palpar, sentir y gozar el amor de Cristo derramado en el corazón, y experimentar a cambio el fluir del amor hacia Él. Así como la sangre limpia, así el Espíritu santifica. Por eso dice Juan: “Este es Jesucristo, que vino por agua y sangre: no por agua solamente, sino por agua y sangre” (1 Juan 5:6). La sangre es la sangre de la expiación; el agua son las influencias santificadoras del Espíritu Santo.
Observe el orden en que vienen estas bendiciones. Primero, el amor de Cristo en la eternidad; segundo, la entrega de Sí mismo en el tiempo; tercero, la limpieza por la sangre; cuarto, la santificación por el Espíritu. Ahora examine estas cosas por usted mismo. ¿Están perdonados sus pecados? ¿Tiene alguna evidencia de que ha sido lavado en la sangre del Cordero? ¿Cree usted que va al cielo? ¿En qué descansa su creencia en esto, o su esperanza de ello? ¿Dónde están sus evidencias?
Ciertamente no en ver meramente estas verdades en la Escritura como la simple revelación de Dios, ni en creerlas por lo que yo digo. Tal fe y tal esperanza, si no tiene otra mejor, resultarán engañosas y le dejarán en las manos de Aquel que es fuego consumidor. Si su esperanza de vida eterna está bien fundada, es porque la palabra de vida ha venido a su ALMA, y usted no solo ha sido limpiado por la aplicación de la sangre del esparcimiento a su conciencia, sino santificado y renovado por el poder de la Palabra, por medio del Espíritu Santo, en su corazón.
Al lector…
¿En qué descansa su esperanza? Hago la pregunta con agudeza, y no sin razón: una esperanza que descansa solo en mirar la verdad, o en lo que otro nos dice, un día nos fallará. Pero si ve en sí mismo un corazón que está lejos de Cristo, sin fe en Su sangre y sin amor a Su Nombre, no cierre la puerta. Precisamente a tales personas viene la Palabra con la promesa: “Y os daré corazón nuevo, y pondré espíritu nuevo dentro de vosotros.”
Observe el orden que aquí es tan precioso: primero el amor de Cristo desde la eternidad, luego la entrega de Sí mismo, luego la sangre que limpia y el Espíritu que santifica. Así que no comienza en usted, sino en Aquel que amó a la iglesia. No busque, pues, en sí mismo lo que solo se halla en Él. Ore para que Él le lave en la sangre del Cordero y le renueve por Su Palabra.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl