Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · gisteren
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

24 september Korenaren uit de volle oogst

Blijft in Mij, en Ik in u.
Johannes 15:4

De Heere gebruikte deze woorden niet alsof het schepsel enige macht zou hebben om in Hem te blijven. Maar het behaagde Hem ze te gebruiken, zodat zij tot zegen zouden zijn voor Zijn volk wanneer de Heilige Geest ze op hun hart toepaste. Want Hij voegt eraan toe: „En Ik in u.” Het ene is de sleutel van het andere. Als wij in Christus blijven, blijft Christus in ons. Doordat Christus in ons blijft, kunnen wij in Hem blijven. Maar hoe blijft Christus in ons? Door Zijn Geest.

Door Zijn Geest maakt Hij de lichamen van Zijn gelovigen tot Zijn tempel; door Zijn Geest komt Hij en woont Hij in hen. Dat gebeurt wel door middel van het geloof, zoals wij lezen: „dat Christus in uw harten moge wonen door het geloof”. Toch komt dit „door” tot stand door de mededeling van Zijn Geest in de ziel en door Zijn genadige tegenwoordigheid. Zo vraagt Hij ons, moedigt Hij ons aan en werkt Hij in ons om in Hem te blijven, doordat Hij in ons blijft. Maar dat Hij in een kind van God blijft, is aan bepaalde kenmerken te herkennen.

Als Hij in u blijft, maakt Hij uw geweten volgzaam en houdt Hij het zo. Het is de zonde die een scheiding maakt tussen u en Hem. Daarom maakt de Heere Jezus Christus uw geweten volgzaam, zodat Hij in u kan blijven en u in Hem doet blijven. En dat bewaart u voor de zonden die een scheiding maken tussen u en Hem. Dat Hij in u is, kan worden herkend aan de verborgen waarschuwingen die Hij u geeft wanneer de verzoeking op u afkomt en u al bijna ten val komt, zoals iemand van oudsher zei: „Mijn voeten waren bijna uitgeweken, mijn treden waren schier uitgeschoten”. Het behaagt Hem een verborgen, innerlijke vermaning en waarschuwing te geven, zodat u uitroept: „Zou ik zulk een groot kwaad doen en zondigen tegen God?”

En wanneer u afdwaalt en u van de Heere afwendt naar uw afgoden, zoals wij tot onze schaamte en droefheid zo vaak doen, laat Hij zien dat Hij nog in u woont doordat Hij u niet overgeeft in een verkeerde zin, en doordat Hij u niet toestaat uw hart tegen Hem te verharden. Hij bestraft, vermaant en waarschuwt u in het verborgen in uw geweten. Hij tuchtigt en kastijdt u zoals een vader zijn kind, en Hij pleit in het verborgen met u in de rechtszaal van uw geweten. Door al die dingen maakt Hij duidelijk dat Hij nog in u blijft.

Eert geen uitlands God,
wacht u voor uw zielen,
wilt naar mijn gebod,
mijne naam ten hoon,
voor geen valse goon,
voor geen vreemde knielen.

Psalm 81:10

Aan de lezer…

Wie zichzelf kent, zucht soms: „Hoe kan ik ooit in Christus blijven, ik die zo gemakkelijk afdwaal?” Er is in u geen macht om in Hem te blijven, en die hoeft u ook niet te zoeken. Hij voegt er immers aan toe: „En Ik in u.” Het ene is de sleutel van het andere. Doordat Hij door Zijn Geest in u blijft, kunt u in Hem blijven.

Vraagt u hoe u kunt weten of Hij in u woont? Let dan op uw geweten. Wordt u in het uur van verzoeking inwendig gewaarschuwd, zodat u uitroept: „Zou ik zulk een groot kwaad doen en zondigen tegen God?” Staat Hij u, wanneer u afdwaalt, niet toe uw hart tegen Hem te verharden? Dat zijn geen tekenen van uw eigen kracht, maar van Zijn blijven in u. Hij Die zo in u woont, zal u niet loslaten.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

24 september 365 dagen met Philpot

Zie mij aan

Zie mij aan, wees mij genadig, naar het recht aan degenen, die Uw Naam beminnen.
Psalm 119:132

Zijn de eerste werkingen en lessen van de Geest van God in het hart gewoonlijk zo dat ze iemand tot liefde voor God brengen? Nee! Men moet eerst heel veel afleren voordat men dit kan leren. Men moet uit de wereld gehaald worden en gespeend worden van eigen gerechtigheid. Alle oude vleselijke godsdienst moet in stukken gehakt en naar de vier windstreken verspreid worden, voordat Gods zuivere liefde kan neerdalen en in de ziel kan worden uitgestort. Daarom snijdt de Heere Zijn kinderen met overtuigingen in stukken. Dit gebeurt geregeld door de bediening van het Woord, zoals er op het pinksterfeest vele hoorders van Petrus waren die verslagen werden in het hart (Hand. 2:37). In het Woord worden de predikers dan ook vergeleken met vissers en jagers.

Deze overtuigingen van zonde, waardoor een schuldgevoel zwaar op het geweten komt te liggen, gaan meestal gepaard met een ontdekking van onze gevallen staat en van het kwaad van ons hart. Ze komen voort uit een gelovig zien op de heiligheid van God, een besef van de reikwijdte en geestelijkheid van Zijn wet, en een ontdekking van Zijn eeuwige en onbuigzame gerechtigheid. Iets van deze overtuigingen moet daarom ervaren worden, in elk geval in voldoende mate, om de ziel te verdrijven uit haar listige schuilplaatsen, die de Heilige Schrift „toevlucht der leugen” (Jes. 28:17) noemt, zodat zij bij gebrek aan schuilplaats ertoe gebracht wordt de rots te omhelzen. Hoe diep en hoelang de overtuigingen moeten zijn, heeft God niet omschreven, en wij hoeven dat ook niet te doen. Maar we kunnen gerust zeggen dat ze voldoende moeten zijn om het doel te bereiken dat God voor ogen heeft.

Het is echter niet de bedoeling van de Heere om, wanneer Hij Zijn kinderen voldoende uit hun leugenachtige schuilplaatsen heeft verdreven, hun geweten met overtuigingen te blijven verwonden en openrijten. Na enige tijd brengt Hij daarom iets van de liefde van Christus, die de kennis te boven gaat (Ef. 3:19), in hun hart, en daardoor leren zij Zijn Naam liefhebben.

Lezen: Psalm 119:121-136

Aan de lezer…

Er zijn dagen dat het Woord u in stukken snijdt. Zijn uw oude godsdienst en uw eigen gerechtigheid u ontvallen, en ligt de schuld zwaar op uw geweten? Vraagt u zich misschien af hoelang en hoe diep dit nog moet gaan? God heeft het niet omschreven, en u hoeft het ook niet te doen. Maar weet dit: de Heere verwondt niet om te verderven. Hij verdrijft u uit de toevlucht der leugen, zodat u bij gebrek aan schuilplaats de Rots zou omhelzen.

Het is niet Zijn bedoeling uw geweten eindeloos open te rijten. Wanneer het doel bereikt is, brengt Hij iets van de liefde van Christus in het hart, die de kennis te boven gaat. Dan leert de ziel Zijn Naam liefhebben en mag zij bidden: „Zie mij aan, wees mij genadig, naar het recht aan degenen, die Uw Naam beminnen.” Blijf daarom, ook in de pijn van de overtuiging, aan Zijn voeten liggen; Hij Die u verwondt, zal ook Zijn liefde in uw hart brengen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

24 september Door Baca’s vallei

Zijn uitgang is bereid als de dageraad.
Hosea 6:3

Deze tekst spreekt tot de levende ziel die in duisternis wandelt en God niet kan vinden: „Zijn uitgang is bereid als de dageraad.” Er is een bestemde tijd waarop de Heere verschijnt, en die verschijning wordt op lieflijke wijze vergeleken met het opgaan van de zon. „Hebt gij de dageraad zijn plaats gewezen?” (Job 38:12). Gaat de zon niet elke dag op, op de minuut die van tevoren bepaald is? Komt zij ooit vóór haar tijd of ooit na haar tijd? Heeft de vrije wil van het schepsel het opgaan van de zon ooit ook maar één seconde versneld of vertraagd?

Zo is het ook met de verschijning van de Heere tot zaligheid voor Zijn volk; de verschijning van de Heere in Zijn tegenwoordigheid en kracht; de verschijning van de Heere vanuit de plaats waar Hij Zich een tijdlang verborgen hield, totdat Hij met licht en leven in de ziel komt. Al Zijn heerlijke verschijningen zijn voorbereid, en het ogenblik is bepaald, zoals de tijd van de zonsopgang in de morgen vastligt. Maar hoe is het in de natuur voordat de zon opgaat? Gaat de middernacht niet vooraf aan het dagen, en de duisternis aan het licht? Is er niet, zoals de psalmist zegt, een wachten op de morgen? „Mijn ziel wacht op de Heere, meer dan de wachters op de morgen.”

Woelt de zieke niet op zijn bed, wachtend op de morgen? Wacht de schipbreukeling die op de rotsen is geslagen niet angstig op de morgen, om te weten of er nog hoop op redding is, of er misschien een vriendelijk schip in zicht komt? En wacht de reiziger die door de nacht is overvallen en de weg kwijt is, niet op de morgen, tot de zon opgaat en hij zijn weg naar huis kan vinden? Maar met al hun wachten kunnen zij de zon niet bevelen op te gaan; zij moeten wachten op de bepaalde tijd.

Zo is het ook met het verschijnen van de Zon der gerechtigheid: het verschijnen van Christus in het hart, de zoete openbaring van de Zoon van God wanneer Hij het licht van Zijn vriendelijk aangezicht doet opgaan. Het is bereid als de morgen, bepaald en vastgesteld in het hart van God, zoals de zon opkomt op haar tijd. En die tijd wordt niet versneld, net zo min als bij de zon. Ja, het is voor ons even onmogelijk om de Heere in ons hart te brengen vóór de bestemde tijd, of Hem daar vast te houden wanneer Hij binnengekomen is, als het voor ons onmogelijk is Jozua na te doen en te zeggen: „Gij zon, sta stil te Gibeon; en gij maan, in het dal van Ajalon.”

Maar Zijn uitgang is bereid als de dageraad, en wanneer Hij uitgaat, dan gaat Hij uit, overwinnende en opdat Hij overwinne, rijdend op het witte paard waarover in de Openbaring gesproken wordt. Hij gaat uit om onze vijanden te overwinnen, om onze verzoekingen te overwinnen, om onze zielen aan Zijn voetbank te brengen, zodat Hij kan opgaan zoals de zon in haar kracht schijnt, om in ons hart te komen met genezing onder Zijn vleugelen.

Aan de lezer…

Hoe vaak is het niet nacht in uw ziel? Wandelt u in duisternis en kunt u God niet vinden, hoe u ook zoekt? Woelt u als de zieke op zijn bed, of tuurt u als de schipbreukeling naar de horizon? U kunt de zon niet bevelen op te gaan, en evenmin kunt u de Heere in uw hart brengen vóór Zijn tijd. Dat is een harde les voor een ongeduldig hart, maar zij bevat ook een zoete troost.

Want Zijn uitgang is bereid. De tijd ligt vast in het hart van God, zo zeker als de dageraad op de nacht volgt. Middernacht gaat vooraf aan het dagen, maar de morgen komt. Wacht dan op de Heere, meer dan de wachters op de morgen. Wanneer Hij uitgaat, dan gaat Hij uit als overwinnaar, en Hij zal tot u komen als de Zon der gerechtigheid, met genezing onder Zijn vleugelen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina