Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

2 mei Korenaren uit de volle oogst

Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus?
Romeinen 8:35

Laten wij dit nooit vergeten: als wij ooit door de werkingen van het levend geloof bij de Heere Jezus Christus gebracht zijn, kan er nooit een definitieve, werkelijke scheiding van Hem plaatsvinden. In de donkerste ogenblikken, in de treurigste uren, onder de pijnlijkste oefeningen en de hevigste aanvechtingen is er, zoals bij Jona in de buik van de hel, een uitzien naar de heilige tempel. Er is soms een zucht, een kreet, een gekerm, het uitademen van de begeerte van het hart om „Hem te kennen in de kracht Zijner opstanding”, en dat Hij ons tot Zich zou trekken en Zich kostbaar zou maken voor onze ziel. En dat roepen en zuchten, dat kermen en ademen bewijst dat er geen wezenlijke scheiding is, hoe groot de duisternis van de ziel, de schuld van het geweten of het ongeloof dat wij voelen ook mag zijn.

Het is in de genade zoals in de natuur: de wolken vagen de zon niet weg. Zij staat altijd aan de hemel, ook al worden haar schitterende stralen vaak onderschept. Zo is het ook met de gezegende Zon der Gerechtigheid. Ons ongeloof, onze onwetendheid, de duisternis van ons verstand, de schuld van ons geweten, onze vele verzoekingen: zij vagen de Zon der Gerechtigheid niet weg van de hemel van de genade. Hoewel er dikke wolken tussen Hem en ons samenpakken en het ons lijkt alsof Hij uitgewist is, of in elk geval alsof wij uit Zijn gedachtenis zijn uitgewist, toch zet de genade, door barmhartigheid, het werk voort waar zij het begonnen is: „Vertrouwende ditzelve, dat Hij Die in u een goed werk begonnen heeft, dat voleindigen zal tot op de dag van Jezus Christus” (Fil. 1:6).

Ik steun op God, mijn toeverlaat,
dies heb ik niets te vrezen:
wie God vertrouwt, die deert geen kwaad;
uw tent zal veilig wezen.
Hij zal zijn engelen gebiên
dat z’ u op weg bevrijden:
gij zult hen in gevaren zien
voor uw behoud’nis strijden.

Ps. 91:5

Aan de lezer…

Misschien voelt u zich ver van Christus, zo ver dat u vreest dat de band voorgoed verbroken is. De duisternis is dik, het geweten bezwaard, het ongeloof sterk. U kunt Hem niet zien en Hem niet voelen. Hoor dan dit woord: wolken vagen de zon niet weg. Zij is er nog, ook al worden haar stralen onderschept.

Zo is het met de Zon der Gerechtigheid. Uw onwetendheid, uw schuld, uw vele verzoekingen nemen Hem niet weg van de hemel van de genade. En hebt u nog een zucht, een kreet, een verlangen om Hem te kennen, zoals Jona in de diepte nog uitzag naar de heilige tempel? Dan is dat zelf een teken dat er geen wezenlijke scheiding is. Houd u dan vast aan wat Hij beloofd heeft: Hij Die in u een goed werk begonnen heeft, zal het voleindigen. Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus?

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

2 mei 365 dagen met Philpot

Wat moet ik doen, opdat ik zalig worde?

Wat moet ik doen, opdat ik zalig worde?
Handelingen 16:30

Kijk eens naar de juwelen die de genade aan alle kanten in de kroon van de Verlosser heeft gezet, gemaakt van het meest verdorven en ellendige materiaal! Wie waren bijvoorbeeld die Efeziërs aan wie Paulus die prachtige brief heeft geschreven? Het waren de dwaaste en meest verblinde afgodendienaars. Ze waren zo verzot op hun afgodsbeeld dat van Jupiter was neergevallen — hoogstwaarschijnlijk een meteoriet die uit de hemel was gevallen — dat ze twee uur lang tot vermoeiens toe riepen: „Groot is de Diana der Efezeren!” (Hand. 19:34). Het waren mannen die door elke begeerte verdorven waren, rijp voor elke denkbare misdaad.

Hoe rijk, hoe wonderbaar is de genade die de aanbidders van Diana veranderde in aanbidders van de HEERE! Zij maakte van onmenselijke schreeuwers zangers, „zingende en psalmende de Heere in hun hart” (v. 19), en van tovenaars, vol „ijdele kunsten” en satanische hekserij, heiligen die gebouwd zijn op het fundament van de apostelen en profeten! Welnu, kan dezelfde genade die zoveel voor hen heeft gedaan, ook zulke dingen voor ons doen? Is de natuur van de mens nu minder verachtelijk, of is de genade van Christus nu minder vol en onbeperkt? Heeft de tijd de mens opgeheven uit de diepten van de zondeval, de zonde met wortel en tak uit zijn gesteldheid getrokken, de melaatsheid van zijn natuur gereinigd en haar tot heiligheid gezuiverd?

Haal het dunne laken van fatsoenlijk gedrag en beschaving van het lijk en zie het daar liggen in al zijn doodsbleke akeligheid. De menselijke natuur is nog steeds wat zij altijd is geweest: dood door de misdaden en de zonden. Of heeft de tijd, die zoveel dingen op aarde verandert, de dingen in de hemel veranderd? Is God niet dezelfde barmhartige Vader, Jezus dezelfde medelijdende Verlosser, de Heilige Geest dezelfde hemelse Leraar? Bestaat het evangelie niet uit dezelfde blijde boodschap van verlossing, en is de kracht van het evangelie niet dezelfde voor ieder die gelooft?

Waarom zouden wij dan niet gezegend worden met dezelfde geestelijke zegeningen als de heiligen van Efeze? Waarom kan dezelfde Jezus voor ons zijn wat Hij voor hen was, dezelfde Geest voor ons en in ons doen wat Hij voor hen en in hen heeft gedaan, en dezelfde genade die hen heeft verlost en geheiligd, ook ons verlossen en heiligen? Hierin, en alleen hierin, ligt onze sterkte, onze hulp, onze hoop, ons alles.

Lezen: Hebreeën 13

Aan de lezer…

Denkt u weleens dat u te ver heen bent voor de genade? Kijk dan naar de Efeziërs. Zij waren dwaze afgodendienaars, verwilderd door elke begeerte, schreeuwers voor een stenen beeld, en toch maakte de genade hen tot heiligen, zingende en psalmende de Heere in hun hart. Is uw natuur erger dan de hunne? Zij is niet beter, maar ook niet buiten het bereik van dezelfde genade.

Want de tijd heeft veel veranderd op aarde, maar niets in de hemel. God is dezelfde barmhartige Vader, Jezus dezelfde medelijdende Verlosser, de Heilige Geest dezelfde hemelse Leraar. Wat Hij voor hen deed, kan Hij voor u doen. Haal dan het laken van uw eigen fatsoen weg en durf uzelf te zien zoals u bent; juist daar wil Christus uw sterkte, uw hulp, uw hoop en uw alles worden.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

2 mei Door Baca’s vallei

Waakt en bidt, opdat gij niet in verzoeking komt.
Mattheüs 26:41

In verzoeking komen is iets anders dan de verzoeking zelf. „Waakt en bidt, opdat gij niet in verzoeking komt.” Een verzoeking dient zich aan, komt naar ons toe, en wij komen bij de verzoeking. Als het geweten alarm slaat en als het ware aan de loefzijde van de verzoeking blijft, dan zijn wij voorlopig veilig. De verzoeking is de lagerwal waarop de wind hevig staat; het is een kuststrook vol met duizend wrakken, bezaaid met de dorre beenderen van talloze verdronken zeelieden. Houd de boeg van het schip op de wind, en het zal het weer trotseren. Verwaarloos zeil en roer, en het schip zal stranden.

David en Jozef werden aan een bijzondere verzoeking blootgesteld. David weerstond haar niet en viel; Jozef wachtte zich ervoor en bleef staande. Op het land ziet u vaak een voetpad dat de weg kruist, en zolang wij op dat voetpad blijven, gaan wij veilig. Maar wij kunnen door allerlei dingen verleid worden er een beetje van af te wijken, bijvoorbeeld om een bloem te plukken, om aan de oever van de rivier wat rust te zoeken of om een kort uitstapje in het veld te maken. Zolang wij op het voetpad zijn, kan de verzoeking heel dichtbij zijn, maar wij zijn er nog niet op ingegaan en hebben er nog niet in toegestemd. Wij lopen als het ware wel op het randje, maar hebben haar gebied nog niet betreden.

Er zijn er maar weinig, als er al zijn, die aan de verzoeking gehoor geven en er niet door gevallen zijn. Vliegende insecten rond een spinnenweb zijn gevangen zodra zij het aanraken. De vogel die rond de strik van de vogelvanger vliegt om van het aas te pikken, moet wel in de strik terechtkomen. De mot die rond de kaars fladdert, moet wel met de vlam in aanraking komen en verbrandt haar vleugels. De woorden van de Heere waren niet: waakt en bidt tegen de verzoeking, maar: „opdat gij niet in verzoeking komt.” Weinigen komen uit de verzoeking zoals zij erin gekomen zijn.

Hoe duidelijk beschrijft de apostel Jakobus het verschil tussen het verdragen van de verzoeking en het vallen in de verzoeking! Hij zegt niet: „Welzalig is de man, die vrij is van de verzoeking,” maar „die de verzoeking verdraagt.” Welgelukzalig is de man die op het voetpad gehouden wordt, die de verzoeking aan alle kanten ziet, maar haar verdraagt en niet van het pad wordt afgetrokken; want als hij beproefd zal zijn geweest, zal hij de kroon des levens ontvangen. Hij heeft de goede strijd gestreden, de strijd gewonnen, en zal de kroon ontvangen.

Maar hij voegt eraan toe: „Niemand, als hij verzocht wordt, zegge: Ik word van God verzocht.” Hij moet niet zeggen dat de Heere hem de verzoeking voorlegt en dat Hij dus de schuld heeft als hij valt. Nee, zegt Jakobus, laat die gedachte ver van u zijn. God kan niet verzocht worden door het kwade, en Hij Zelf verzoekt niemand. Maar ieder wordt verzocht wanneer hij door zijn eigen begeerten wordt meegetrokken en verlokt.

In de verzoeking zelf is geen zonde, want de Heere Jezus is ook in alles verzocht geweest zoals wij, maar zonder zonde. Ook is er in de begeerte nog geen daadwerkelijke uitoefening van de zonde, maar een zonde in gedachten. Maar wanneer die twee elkaar ontmoeten en omhelzen, de wil instemt met die vereniging en de stem van God en van het geweten tot zwijgen wordt gebracht, dan wordt de zonde daadwerkelijk voortgebracht. En daarop volgt de vreselijke en treurige vrucht. De zonde, voleindigd zijnde, baart de dood; dat is, als ik het goed begrijp, de dood in het geweten: schuld, veroordeling, ellende, en het uitdoven van alle vruchten en genadegaven van de gezegende Geest.

Aan de lezer…

Misschien staat u vandaag dicht bij die lagerwal, waar al zoveel schepen gestrand zijn. De verzoeking lokt u een beetje van het voetpad af, om een bloem te plukken of wat rust te zoeken, en het lijkt zo onschuldig. Let dan op de stem van uw geweten wanneer het alarm slaat. De Heere zegt niet voor niets: „Waakt en bidt, opdat gij niet in verzoeking komt.” De mot die om de kaars fladdert, verbrandt haar vleugels; weinigen komen uit de verzoeking zoals zij erin gingen.

Wordt u nu bestreden? Schaam u dan niet over de strijd zelf, want in de verzoeking is geen zonde: ook de Heere Jezus werd in alles verzocht zoals wij, maar zonder zonde. En geef God niet de schuld; het is uw eigen begeerte die u meetrekt. Houd dan de boeg op de wind, en roep tot Hem Die u op het pad kan houden. Welgelukzalig is de man die de verzoeking verdraagt; hem is de kroon des levens beloofd.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina