Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · gisteren
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

19 december Korenaren uit de volle oogst

Opdat uw geloof niet zoude zijn in wijsheid der mensen, maar in de kracht Gods.
1 Korinthe 2:5

Het is waar dat de genade zelf geen verlies en geen achteruitgang kan ondergaan, maar haar openbaringen en werkingen wel. Wie het geloof heeft, is zich er niet van bewust dat het afneemt en toeneemt, rijst en daalt, sterk is en zwak, en elke dag en elk uur wisselt? Wanneer er dan een scherpe beproeving komt, is het directe gevolg daarvan dat zij het geloof neerdrukt. Zij valt erop als een gewicht en buigt het tot op de grond.

Het geloof kan vergeleken worden met het kwik in een barometer of thermometer. De hoeveelheid kwik in het bolletje is altijd dezelfde, maar het stijgt of daalt in de buis, al naar gelang de luchtdruk of de warmte van de dampkring. Zo woont het geloof in het hart zonder te verminderen, en toch stijgt of daalt het onder de indrukken, zoals het kwik doet wanneer het weer mooi of somber is, of wanneer de zon zich laat zien of zich verbergt.

Stond het geloof van Job bijvoorbeeld even hoog „in de dagen zijner jeugd” — de lente van zijn ziel — toen „Gods verborgenheid over zijn tent was”, als toen „hij de dag vloekte waarop hij geboren was” en uitriep: „O, mocht ik weten waar ik Hem zou kunnen vinden”? Was het geloof van Petrus even sterk toen hij bezweek voor een dienstmeisje, als toen hij bereid was in de gevangenis en in de dood te gaan? Of dat van Abraham, toen hij ontkende dat Sara zijn vrouw was, als toen hij met maar driehonderdachttien man het leger van vier machtige koningen achtervolgde en versloeg?

Als het geloof nooit wankelt, nooit daalt en nooit stijgt, dan hebben wij de dode verzekerdheid van een geleerde; dan hebben wij een geloof uit onszelf; dan „hebben wij geen veranderingen en vrezen dus God niet”. Maar als het geloof wisselt als eb en vloed, wat is daar dan de oorzaak van? Ligt die in onszelf? Kunnen wij iets aan onze lengte toevoegen, of één haar wit of zwart maken? Zo niet, dan moet die eb en vloed van God komen.

Mijn God, U zal ik eeuwig loven,
omdat Gij ’t hebt gedaan!
’k Verwacht uw trouwe hulp van boven;
uw waarheid zal bestaan.
Uw naam is voor ’t oprecht gemoed
van al uw gunstvolk goed.

Psalm 52:7

Aan de lezer…

Het kan zijn dat uw geloof vandaag is als het kwik bij somber weer, laag gedaald onder de last van een scherpe beproeving. Vreest u daarom dat u het geloof nooit hebt gehad? Zie dan naar Job, die eens in de lente van zijn ziel Gods verborgenheid over zijn tent had, en later uitriep: „O, mocht ik weten waar ik Hem zou kunnen vinden.” Zie naar Petrus en naar Abraham. Hun geloof steeg en daalde, en toch waren zij Gods kinderen.

Een geloof dat nooit wankelt, is maar al te vaak een geloof uit onszelf. Maar uw eb en vloed is een teken dat u met een levende God te doen hebt, Die het geloof laat stijgen en dalen naar Zijn wijsheid. U kunt het niet zelf laten stijgen, net zomin als u één haar wit of zwart kunt maken. Wacht dan op Hem, opdat uw geloof niet zij in wijsheid der mensen, maar in de kracht Gods.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

19 december 365 dagen met Philpot

Gerechtigheden en sterkte

Men zal van Mij zeggen: Gewisselijk, in de Heere zijn gerechtigheden en sterkte; tot Hem zal men komen.
Jesaja 45:24

Er is een zaad, een uitverkoren zaad, dat het zaad van Israël genoemd wordt. Van hen heeft God gezegd dat ze gerechtvaardigd zullen worden, vrijgesproken van alle aanklachten van de wet, en voor het aangezicht van God gesteld zonder vlek of rimpel of iets dergelijks. God heeft gezegd: „In de Heere [alleen] zullen … zich beroemen, het ganse zaad van Israël” (Jes. 45:25). Als ze zich beroemen, zich verblijden, bidden of spreken, zal het in Hem zijn; alles wat ze hebben of zijn, komt uit Hem voort en is op Hem gericht. Ze komen met gebed, smeekbede, felle uitroepen, heftige verlangens en vurige pleitgronden, en ze komen tot Hem opdat Hij het verlangen van hun ziel vervult: dat Hij hen liefheeft, hen zegent en tot hun hart spreekt. Zulke mensen stelt Hij in staat te zeggen: in de Heere heb ik, arme ik, verloren ik, schuldige ik, gerechtigheid en sterkte.

Er zijn ook mensen die heel anders zijn: zij zien geen schoonheid in Jezus waardoor ze naar Hem zouden verlangen. Ze voelen geen behoefte aan Hem, zien Zijn geschiktheid niet, worden nooit bewogen door Zijn liefde, aanschouwen nooit Zijn heerlijkheid, ondervinden nooit Zijn gunst en genieten nooit van Zijn tegenwoordigheid. Integendeel: hun hart is vervuld van helse vijandschap tegen Hem en tegen allen die de Zijnen zijn. Van hen lezen we zonder uitzondering dat ze beschaamd zullen worden.

Voor zover we door de sterke hand van de Geest in onze ziel ertoe gebracht zijn naar Jezus te kijken en tot Hem te komen, en soms te ervaren hoe dierbaar Hij ons is, voor zover hebben we de Geest van Christus, en zijn Gods gedachten onze gedachten en Zijn wegen onze wegen. Dan, als we in Gods mal gegoten zijn, is wat God zegt aangenaam voor ons, en wat wij doen aangenaam voor God. Dan is er een gemeenschap en omgang tussen God en de gelovige ziel die ertoe gebracht is naar Jezus te kijken, te ervaren hoe dierbaar Hij is, en zich in Hem te beroemen, en in Hem alleen.

Lezen: Efeze 5:22-23

Aan de lezer…

Bestreden ziel, kunt u met de arme, verloren, schuldige zondaar zeggen: „In de Heere heb ik gerechtigheid en sterkte”? Of durft u het niet te zeggen, omdat u nog zo weinig in uzelf ziet? Bedenk dan dat het zaad van Israël niet uitblinkt door eigen goedheid, maar doordat het tot Hem komt: met gebed, smeekbede, felle uitroepen en heftige verlangens, opdat Hij het liefheeft, zegent en tot het hart spreekt.

Ziet u enige schoonheid in Jezus, voelt u behoefte aan Hem, smacht u naar Zijn gunst en tegenwoordigheid? Dat komt niet uit uzelf; dat is de sterke hand van de Geest in uw ziel. Wie beschaamd worden, zijn zij die geen behoefte aan Hem hebben. Maar wie ertoe gebracht is naar Jezus te kijken en soms te ervaren hoe dierbaar Hij is, wordt door Hem niet beschaamd. Beroem u dan in Hem, en in Hem alleen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

19 december Door Baca’s vallei

God is ons een toevlucht en sterkte; Hij is krachtiglijk bevonden een hulp in benauwdheden.
Psalm 46:1

De christen die ooit geweten heeft wat het is God in geest en waarheid te aanbidden, heeft een God Die hem in zijn somberste moeiten helpt. Want zolang de Geest van het gebed in zijn hart blijft — en die Geest wordt, eenmaal gegeven, nooit meer weggenomen — kan hij op bepaalde tijden en ogenblikken zijn hart voor God uitstorten en Hem ervaren als zijn hulp en sterkte. Dit is een van de zegeningen: dat hij een God heeft bij Wie hij zijn toevlucht kan zoeken, de Heere van de legermachten, in Wiens oren zijn gebeden mogen opstijgen. Maar behalve deze weldaad staan alle beloften aan zijn kant, die ja en amen zijn in Christus Jezus.

Ook is hij niet zonder zwaard of schild, of zelfs zonder de hele wapenrusting van God. Ook is hij niet zonder geloof en hoop, of zonder de verborgen ondersteuning van de kracht die in zwakheid wordt volbracht. Ook is hij niet zonder kennis van de waarheid, of zonder de bewijzen van zijn deel daaraan. Laat een christen dus in de grootste verlegenheid verwikkeld raken, dan is de stem van het gebed nog in zijn binnenste. Dan gaat er nog een levend geloof uit naar de Zoon van God, Die aan zijn ziel werd geopenbaard, en werpt hij het anker van zijn hoop nog uit binnen het voorhangsel.

Hij is niet als een zeeman die over de wijde oceanen zwerft zonder roer aan zijn schip, zonder kaart of kompas. Hij weet wat hij moet doen, hij weet welke koers hij moet zeilen; hij kent het land waarop zijn ogen altijd gericht zijn. Laat hem in de grootste moeiten komen, dan weet hij nog dat Jezus aan de rechterhand van de Vader is, Die machtig is uit alle nood te verlossen. Het blijft een feit dat diep in zijn ziel een onuitwisbare indruk gegrift staat van de vroegere ontdekkingen, toen hij de Koning in Zijn schoonheid zag; en hij gelooft dat Jezus volkomen zalig kan maken allen die door Hem tot God gaan. Zo wordt hij dus niet zonder toevlucht, hulp of hoop gelaten.

Aan de lezer…

Bent u, bestreden ziel, in grote verlegenheid verwikkeld, zodat u niet meer weet waarheen? U bent toch niet als een zeeman zonder roer, kaart of kompas, als u ooit God in geest en waarheid hebt leren aanbidden. De Geest van het gebed wordt, eenmaal gegeven, nooit meer weggenomen. Een zucht, een uitroep, een hart dat zich voor Hem uitstort: het is nog altijd de weg naar Hem Die krachtiglijk bevonden is een hulp in benauwdheden.

En zijn er dagen dat u weinig voelt, denk dan aan de ogenblikken waarop u de Koning in Zijn schoonheid zag. Die indruk is niet uitgewist, al lijkt hij nu verborgen. Aan de rechterhand van de Vader is Jezus, Die machtig is uit alle nood te verlossen en volkomen zalig kan maken allen die door Hem tot God gaan. Werp dan het anker van uw hoop opnieuw uit binnen het voorhangsel; daar houdt het, ook in de zwaarste storm.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina