Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

365 dagen met Philpot

6 augustus

Mozes’ zegen over Israël

Vandaag

2 min. lezen

Welgelukzalig zijt gij, o Israël, wie is u gelijk? Gij zijt een volk, verlost door de Heere.
Deuteronomium 33:29

Wie op aarde zou u benijden als u Gods genade in uw hart draagt? Met wie zou u willen ruilen, als Gods liefde ooit uw ziel bezocht heeft? Kijk om u heen. Richt uw ogen op de man of vrouw die omringd lijkt door het grootste aardse geluk, en vraag dan uw eigen geweten: „Zou ik met u willen ruilen, mooie vlinder, of met u, vergulde libel die maar zo kortstondig leeft, een paar uur zonnebaadt om dan in de donkere en ellendige poel te zinken die u wacht bij het avondtij?”

U hebt uw zorgen, thuis en om u heen, uw verdriet en beproevingen, waaronder u zich soms een van de ellendigste wezens voelt die in dit tranendal rondkruipen. Zou u toch willen ruilen met iemand die, hoe gezond, rijk of begunstigd met de grootste voorspoed ook, verstoken was van Gods genade? Laat rede of ongeloof u ingeven wat ze willen, maar zullen wij u niet telkens weer in de oren herhalen: „Welgelukzalig zijt gij, o Israël”? En o, mochten we deze zegening nu al beseffen! Mochten we, in plaats van te blijven nadenken over onze zonden en ons verdriet, onze verzoekingen en beproevingen, in ons eigen gemoed de gelukzaligheid voelen opwellen die hier het bijzondere deel van Israël genoemd wordt.

Lezen: Psalm 4

Aan de lezer…

Voelt u zich vandaag een van de ellendigsten die in dit tranendal rondkruipen? Drukken de zorgen thuis, het verdriet en de beproevingen u zo neer dat u bijna zou denken dat ieder ander beter af is dan u? Kijk dan nog eens naar hen die omringd lijken door aards geluk. Hun glans is als die van een vlinder in de zon: een paar uur, en dan komt de avond.

Maar als u Gods genade in uw hart hebt en Zijn liefde ooit uw ziel bezocht heeft, met wie zou u dan willen ruilen? Laat rede en ongeloof zeggen wat ze willen; de Heere spreekt over Zijn verloste volk: „Welgelukzalig zijt gij, o Israël.” U behoort tot een volk, verlost door de Heere, en wie is u gelijk? Smeek Hem dan of Hij u die gelukzaligheid ook in uw eigen gemoed wil laten voelen, juist wanneer zonden en zorgen u het meest bezighouden.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl