Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot Bevindelijke geschriften & prediking

Door Baca’s vallei

4 juli

Vandaag

3 min. lezen

Want de Schrift zegt: Een iegelijk, die in Hem gelooft, zal niet beschaamd worden.
Romeinen 10:11

Een kind van God kan vaak ernstig bezig zijn met de vraag of hij eigenlijk wel enig geloof heeft. Want als hij leest wat het geloof vermag en gedaan heeft, en hij ziet en voelt hoe weinig het voor hem gedaan heeft, dan is hij vol twijfels en vrezen. Dan vraagt hij zich af of hij ooit wel gezegend is met het geloof van Gods uitverkorenen. Dat doet hem menigmaal zeggen: „Ach, bezit ik inderdaad wel een greintje van het zaligmakend geloof?” Maar hij bezit het. Ja, het is juist zijn geloof dat hem zichzelf zo ernstig die vraag doet stellen, terwijl het tegelijk laat zien dat hij de aard en de kracht van het ongeloof ziet en voelt. Het is het licht van God, dat in zijn ziel schijnt, dat hem zijn zonden doet zien in hun aard en veelheid, hem overtuigt van de schuld van de zonde, de last daarvan op zijn geweten legt en hem de werking van een ongelovig hart laat zien.

Maar daarnaast: als hij helemaal geen geloof had, zou hij de stem van God, Die in het Evangelie spreekt, niet kunnen horen en die ook niet kunnen ontvangen als een boodschap van genade. Hij heeft dus wel geloof, maar hij mist het overtuigende bewijs of de overvloedige vertroosting ervan in zijn hart. Dit geloof zal zijn ziel behouden, „want de genadegiften en de roeping Gods zijn onberouwelijk”. Dat wil zeggen: God heeft nooit berouw van enige gave die Hij geschonken heeft, of van enige roeping die Hij gedaan heeft.

Als Hij u dan ooit met het geloof beweldadigd heeft, hoe klein dat geloof op zichzelf of in uw eigen schatting ook mag zijn, dan zal Hij het nooit uit uw hart wegnemen. Nee, het rokende lemmet zal Hij aanwakkeren, totdat het zich als een vlam openbaart. Hij zal het werk van Zijn handen niet laten varen, want Hij, Die een goed werk in u begonnen heeft, zal het voleindigen tot op de dag van Jezus Christus. Misschien hebt u ooit, al was het maar één keer in uw leven, ervaren dat het Evangelie een kracht van God is tot zaligheid. Misschien hebt u maar eenmaal door het levend geloof Christus aanschouwd, en mocht u Hem, ja maar eenmaal, onder de invloed van Zijn gezegende Geest in uw hart aangrijpen en voor enkele minuten geloven dat Hij de uwe was. Dan is uw ziel even veilig als wanneer zij voortdurend baadde in de rivier die de stad van God verblijdt, of voortdurend genoot van de honing en melk van het Evangelie, of de hele dag wandelde in het volle licht van Zijn vriendelijk aangezicht.

Niet dat iemand tevreden zou moeten zijn met een arm en zeer bekrompen leven. Dat bedoelen wij niet. Wij stellen dit hier alleen vast als een deel van Gods waarheid over de zaligheid: niet de grootte, maar de innerlijke waarde, de oprechtheid van het geloof is het die de ziel behoudt.

Aan de lezer…

Vraagt u zich ook af, lezer, of u wel een greintje van het zaligmakend geloof bezit? U leest wat het geloof vermag, en u ziet hoe weinig het in u lijkt te doen. Maar bedenk dit: wie geen geloof heeft, vraagt er niet zo ernstig naar. Het is het licht van God in uw ziel dat u uw zonden en uw ongelovig hart laat zien.

Is er dan ooit, al was het maar één keer, een ogenblik geweest waarin u Christus mocht aangrijpen en geloven dat Hij de uwe was? God heeft nooit berouw van Zijn gaven. Het rokende lemmet zal Hij niet uitblussen, maar aanwakkeren, en Hij Die het goede werk in u begon, zal het voleindigen. U moet niet tevreden zijn met een schraal en bekrompen leven; zoek meer. Maar wanhoop ook niet om de kleinheid van uw geloof: niet de grootte, maar de oprechtheid ervan behoudt de ziel. Wie in Hem gelooft, zal niet beschaamd worden.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl