Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

365 dagen met Philpot

26 december

De menselijke natuur van Christus

Vandaag

2 min. lezen

En buiten alle twijfel, de verborgenheid der godzaligheid is groot; God is geopenbaard in het vlees.
1 Timotheüs 3:16

Als we het juiste onderwijs en de juiste geestelijke leiding hebben ontvangen, zullen we de vleeswording geen zinloos, droog of nutteloos onderwerp vinden. Zij is de „grote verborgenheid der godzaligheid”, en daarom omvat en bewerkt zij alle godvruchtigheid. Er is nooit één ware godvruchtige gedachte, één waar godvruchtig gevoel of verlangen geweest, ja, geen enkel godvruchtig woord of werk, geen godvruchtig hart of godvruchtig leven, en dat zal er ook nooit zijn, dat niet voortkomt uit en in stand gehouden wordt door de grote verborgenheid van een vleesgeworden God. Er kan, zoals vaak gebeurt, een natuurlijke vroomheid zijn, een vertienden van munt, dille en komijn (Matth. 23:27), en een grote hoeveelheid zogenaamde goede werken als werkheiligheid, los van de genade die in de Heere, het Lam, woont.

Maar godvruchtigheid die gevormd wordt door een nieuwe en hemelse geboorte, met al haar bijbehorende vruchten en genaden, kan alleen voortvloeien uit de volheid van een Verbondshoofd, Dat het leven meedeelt aan de leden van Zijn verborgen lichaam. En we weten dat dit Verbondshoofd de Zoon van God is, eens geopenbaard in het vlees en nu verhoogd aan de rechterhand van de Vader. Wat zijn Zijn eigen genadige en ware woorden duidelijk over dit punt, dat alle leven in Hem is en uit Hem komt: „Want Ik leef, en gij zult leven” (Joh. 14:19); „Ik ben de Weg, en de Waarheid, en het Leven. Niemand komt tot de Vader, dan door Mij” (Joh. 14:6); „Tenzij dat gij het vlees des Zoons des mensen eet, en Zijn bloed drinkt, zo hebt gij geen leven in uzelven” (Joh. 6:53); „Ik ben de Wijnstok, en gij de ranken; die in Mij blijft, en Ik in hem, die draagt veel vrucht; want zonder Mij kunt gij niets doen” (Joh. 15:5).

Lezen: Efeze 4:1-16

Aan de lezer…

Het kan zijn dat u in uzelf zo weinig ware godsvrucht vindt dat u soms vreest dat er niets van het leven van God in u is. Kijk dan niet langer naar binnen om daar de bron te zoeken. Er is nooit één waar godvruchtig verlangen, één oprecht woord of één heilige gedachte geweest dat niet voortkwam uit de grote verborgenheid van een vleesgeworden God. Al het andere, hoe vroom het ook lijkt, is maar werkheiligheid, los van de genade die in het Lam woont.

Hoort u wat Hij Zelf zegt: „Zonder Mij kunt gij niets doen”? Dat is geen hard woord voor een arme ziel, maar een zoete uitnodiging. Het Verbondshoofd is in het vlees geopenbaard en zit nu aan de rechterhand van de Vader, en uit Zijn volheid stroomt het leven naar de leden van Zijn lichaam. Hij heeft gezegd: „Want Ik leef, en gij zult leven.” Blijf dan in Hem, en Hij zal u in uw dorheid niet zonder vrucht laten.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl