Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

365 dagen met Philpot

16 maart

Het gebed van Salomo

Vandaag

3 min. lezen

Alle gebed, alle smeking, die van enig mens, of van al Uw volk Israël geschieden zal, als zij erkennen, een ieder zijn plaag en zijn smart, en een ieder zijn handen naar dit huis uitbreiden zal, hoor Gij dan uit de hemel.
2 Kronieken 6:29

Over de zaken in dit hoofdstuk heeft Salomo gesproken als type van de Middelaar. Dat betekent dat ze passend zijn, heel passend. Maar voor wie? Niet voor iedereen, maar voor hen die ze ervaren, die in hun ziel geoefend worden; die weten, zoals Salomo het zo teder zegt, dat „een ieder zijn plaag en zijn smart” heeft. Voelt u dat? Is dit wat uw ziel ervaart? Zijn deze oefeningen en smarten van ons hart op God gericht?

Wat een genade is het dan dat er zo’n Middelaar als Jezus is; dat er een tempel is waarin de volheid van God woont; dat Gods ogen van jaar tot jaar op deze tempel gericht zijn, en dat Hij alle gebeden verhoort die in de Naam van Jezus worden opgezonden, wanneer oog en hart op Hem gericht zijn! Hoe diep en hoe treurig uw zaak ook is, er is toch ruimte voor bemoediging; er is nog steeds reden tot hoop zolang Jezus leeft en het leven van God in het hart is. De Heere verscheen, zo lezen we, ’s nachts aan Salomo en zei tegen hem: „Ik heb uw gebed verhoord. Nu zullen Mijn ogen open zijn, en Mijn oren opmerkende op het gebed dezer plaats. Want Ik heb nu dit huis verkoren en geheiligd, opdat Mijn Naam daar zij tot in eeuwigheid en Mijn ogen en Mijn hart zullen daar te allen dage zijn” (v. 12, 15, 16). Het is omwille van Jezus dat elk gebed verhoord wordt; Hij is de grond van elk genadig antwoord.

De smeekbeden die Salomo opzendt, zijn voor levende zielen, voor hen die godvruchtige gevoelens in hun hart hebben. Hoe diep dat gevoel moet zijn, zal ik niet bepalen; maar er moet enig leven, enig gevoel in de ziel zijn om deel te hebben aan dit veelomvattende gebed. Moge God ons in Zijn barmhartigheid geven dat wij de zaligheid, schoonheid en geschiktheid ervan mogen aannemen. Moge Hij geven dat wij ons, omdat we een Middelaar aan Gods rechterhand hebben, zo’n grote Hogepriester over het huis van God, in elke zaak, in elke toestand en in elke situatie aangemoedigd voelen om onze noden en smeekbeden aan God bekend te maken. En u kunt er zeker van zijn dat de ziel die dat doet, gehoord zal worden en vroeg of laat antwoord zal krijgen, omwille van Christus.

Lezen: 2 Kronieken 7:1-16

Aan de lezer…

Kent u uw eigen plaag en uw eigen smart? Misschien is het iets wat niemand anders ziet, een last die u alleen draagt en waarvoor u geen woorden hebt. Salomo spreekt er teder over: „een ieder zijn plaag en zijn smart.” En hij bidt dat de Heere zal horen, wanneer zo iemand zijn handen uitbreidt naar het huis van God.

Hoe diep en hoe treurig uw zaak ook is, er blijft reden tot hoop zolang Jezus leeft. Hij is de ware Tempel, waarin de volheid van God woont, en op Hem zijn de ogen en het hart van de Vader te allen dage gericht. Breid dan uw handen naar Hem uit, met uw smart zoals zij is. U hoeft haar niet eerst kleiner te maken of mooier te zeggen. Wie zijn nood in Jezus’ Naam voor God brengt, zal gehoord worden en vroeg of laat antwoord krijgen, omwille van Christus.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl