Nieuw verschenenEen medelijdende Hogepriester en een troon der genadePreken · 2 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

365 Dagen Met Philpot

Vandaag
15 juli 365 dagen met Philpot

Bevinding

Ik schep de vrucht der lippen.
Jesaja 57:19

Het is even noodzakelijk dat de Heere de vrucht van de lippen schept om die te uiten, als dat Hij de vrucht van het hart schept om die te ervaren. We hebben bijvoorbeeld soms geestelijke gevoelens die in ons gemoed opwellen, gisten en werken, maar we kunnen ze niet uiten. Soms zijn ze te diep om uitgedrukt te worden, „onuitsprekelijke zuchtingen” (Rom. 8:26), zoals de apostel zegt. Veel van Gods kinderen kunnen niet uitdrukken wat ze ervaren. Ze hebben een heldere ervaring, maar spreken verward; ze weten wat bevindelijke waarheid en goddelijk onderwijs is, maar kunnen het ene niet verdedigen en het andere niet uitleggen. Daarom moet de Heere niet alleen de geestelijke gevoelens scheppen, maar ook de geestelijke uitdrukkingen, zodat uit het hart, door de mond, de vrucht mag komen tot Zijn eer en lof.

Het eerste besef dat God gewoonlijk in de ziel schept, is een besef van haar eigen schuld, verderf en ellende. En de eerste vrucht van de lippen die Hij schept, die uit dit geestelijke besef voortkomt en ermee overeenstemt, is belijdenis. „Die zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn; maar die ze bekent en laat, zal barmhartigheid verkrijgen” (Spr. 28:13). „Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, dat Hij ons de zonden vergeve, en ons reinige van alle ongerechtigheid” (1 Joh. 1:9). Maar van alles wat vernederend is, is belijden wel het meest vernederend. Dat geldt vooral voor de mens.

We beseffen vaak dat we ongelijk hebben, maar we kunnen het niet toegeven. In ons hart is vaak die ellendige trots en zelfrechtvaardiging werkzaam, zodat iemand zijn fouten absoluut niet tegenover een medemens wil toegeven, terwijl zijn geweten hem voortdurend veroordeelt. En zo is het ook in geestelijk opzicht. Het is erg moeilijk om voor het aangezicht van God met een belijdenis te komen. De belijdenis moet als het ware uit ons geperst worden, uit ons hart geperst door zware lasten die op het geweten gelegd worden. Een eerlijke, door de hemel geleerde ziel weet dat het geen zin heeft God te misleiden met een schijnheilige belijdenis. Zij weet ook dat wie de ongerechtigheid met de mond belijdt en haar in de borst koestert, alleen maar nóg een zonde begaat.

Lezen: Jesaja 57

Aan de lezer…

Hier staat een woord voor wie iets op zijn geweten heeft liggen dat hij nog niet voor God heeft durven uitspreken. Wij weten vaak wel dat wij ongelijk hebben, maar onze trots en zelfrechtvaardiging houden de mond gesloten. Of misschien kunt u het wel voelen, maar niet zeggen: uw zuchten zijn te diep voor woorden, en u spreekt verward over wat u toch helder ondervindt. Wanhoop daar niet over. Dezelfde Heere Die de vrucht van het hart schept, schept ook de vrucht der lippen.

Vraag Hem dan om een eerlijke belijdenis. Niet een schijnheilige belijdenis met de mond terwijl het hart de zonde nog koestert, maar een belijdenis die uit u geperst wordt door de last op uw geweten. Hij heeft gezegd: „Die ze bekent en laat, zal barmhartigheid verkrijgen.” En: „Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig.” Zo komt, uit het hart en door de mond, de vrucht tot Zijn eer en lof.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Blader door alle dagen van dit Bijbels Dagboek
Steun dit werk