Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 3 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Door Baca’s vallei

10 mei

Vandaag

3 min. lezen

En nu, wat verwacht ik, o Heere? mijn hoop, die is op U.
Psalm 39:8

De godsdienst is een heel eenvoudige zaak. Eenvoud is gedrukt op alle werken van God, en in het bijzonder op het werk van de genade. Hoe oprechter onze godsdienst daarom is, hoe ongekunstelder hij zal zijn. Eenvoudig zijn is kinderlijk zijn; en kinderlijk zijn is een geest en gemoed bezitten zonder welke niemand het Koninkrijk der hemelen zal binnengaan. Kunnen we dan met die kinderlijke eenvoud stap voor stap met David meegaan en hem hierin helemaal volgen? Kunnen we ons zegel op deze dingen zetten en zeggen: „Heere, wat verwacht ik?”

Is uw godsdienst langs deze weg geleid? „Mijn ziel wacht op de Heere; van Hem is mijn heil.” „Mijn ziel wacht op de Heere en mijn verwachting is van Hem.” Zo’n gestalte is werkelijk van God, want wie heeft zichzelf ooit in deze gestalte van het hart gebracht, of kan dat? En als we in dit deel van deze hemelse oefeningen kunnen ingaan, zullen we ook in staat gesteld worden het volgende te kennen: „Mijn hoop is op U.” Wanneer we het gewicht en de last van de zonden voelen, zullen we gedrongen worden uit te roepen: „Verlos mij van al mijn overtredingen.” En wanneer we onze eigen zwakheid en de boosheid van ons hart voelen, zullen we eraan toevoegen: „En stel mij niet tot een smaad der dwazen.”

Als we deze smekingen nu in waarheid voor God kunnen neerleggen, mogen we dan niet vragen wie deze verzuchtingen in ons hart vormde? Wie werkte dit besef in de ziel? Uit Wiens handen kwamen ze voort? Zeker en gewis moet dezelfde God Die David onderwezen heeft, ook ons onderwezen hebben. Dezelfde kracht die in hem werkte, moet ook in ons gewerkt hebben, voordat we door zoete ervaring deze taal van het hart konden verstaan en ons toe-eigenen. We zien hier daarom iets van wat de ware godsdienst is. Hier ontmoeten we de oprechte uitingen van een kinderlijke geest, en zien we wat de bevinding is van een man van God. En het zal ons geluk zijn als we in zijn bevinding een zoete overeenkomst met de onze vinden.

Aan de lezer…

Misschien kunt u met David zeggen: „En nu, wat verwacht ik, o Heere? mijn hoop, die is op U.” Het zijn eenvoudige woorden, zonder kunst of opsmuk, maar juist zo spreekt een kinderlijke geest. Misschien vindt u uw eigen godsdienst zo arm en zo gering, dat u nauwelijks durft te zeggen dat er iets van God in is. Toch heeft wie op de Heere wacht en geen andere verwachting meer heeft, iets ontvangen wat niemand zichzelf geven kan.

Vraag u dan eens eerlijk af: wie vormde die verzuchtingen in uw hart? Wie deed u roepen: „Verlos mij van al mijn overtredingen”, en: „Stel mij niet tot een smaad der dwazen”? Dat werkte geen vlees en bloed. Dezelfde God Die David onderwees, moet ook u onderwezen hebben. Laat u dan niet ontmoedigen door de eenvoud van uw bevinding, maar blijf zo, met lege handen, op Hem wachten. Van Hem is het heil.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl