11 de enero
Waakt en bidt.
Markus 13:33
Men kan niet in het geloof blijven dan door waken en bidden. Naarmate het gebed in de boezem verslapt, naar die mate verslapt ook de kracht des geloofs. Gij kunt, door gebeden en smekingen na te laten, zover komen, dat elk zaadje van geloof in uw hart schijnt verloren, en zelfs zover kunt gij komen, dat gij denkt nooit iets te hebben gekend van een werk van God aan uw ziel, en uzelf te hebben misleid, dat er enige genade aan uw ziel geschied was.
Ook door waakzaamheid wordt de liefde Gods bestendigd. Zo gij niet waakt tegen de zonde in u; tegen de strikken, die aan uw voet worden gespannen; tegen de verzoekingen, die zich elke dag, elk uur op uw weg voordoen; tegen de kracht en de listen van uw onvermoeide vijand, zijt gij zeker te vallen; en zo gij valt, brengt gij schuld en slavernij, duisternis en ellende in uw ziel, en snijdt gij voor een tijd alle liefelijke gemeenschap met God af. Daarom moet gij bidden en waken; want zonder waakzaamheid heeft het gebed geen kracht.
En zo wij de Schriften verwaarlozen, of ze lezen zonder aandacht, zonder geloof, zullen zij ons weinig nut doen. Zij moeten met een gelovig oog en hart gelezen, als de openbaring Gods ontvangen worden en met het geloof gemengd zijn, of het doet ons geen nut (Hebr. 4:2). Het leven Gods is een diepe, geheime en heilige zaak in onze ziel. Het is waar, God zal het bestendigen; Hij zal het werk Zijner handen niet laten varen; maar tenzij wij lezen en bidden, waken en bepeinzen, strijd voeren tegen de zonde, die ons omringt, en het aangezicht des Heeren voortdurend zoeken, zullen wij de kracht en de macht des geloofs merkbaar zien verminderen; en is dit het geval, dan kan er geen wandelen zijn met God.
De Heer betoont Zijn welbehagen
Aan hen, die need’rig naar Hem vragen,
Hem vrezen, Zijne hulp verbeiden
En door Zijn hand zich laten leiden.
Ps. 147:6
Aan de lezer…
Hoe staat het met uw binnenkamer, lezer? Merkt u dat het gebed slap is geworden, dat de Schriften u weinig meer zeggen, en dat u zelfs gaat twijfelen of er ooit een werk van God aan uw ziel geschied is? Zie dan in dit woord geen harde bestraffing, maar een tedere waarschuwing van een Herder Die Zijn schapen kent. Het verslappen van het gebed en het verslappen van het geloof gaan samen, en de vijand is onvermoeid.
Laat dit u niet tot wanhoop drijven, maar weer naar de troon der genade. God zal het werk Zijner handen niet laten varen; Hij bestendigt het leven dat Hij gegeven heeft. Maar Hij doet dat in de weg van waken en bidden, van het Woord lezen met een gelovig hart. Zoek dan opnieuw Zijn aangezicht, hoe zwak uw gebed ook is. Wie zich in zijn armoede tot Hem keert, zal ervaren dat Hij de gemeenschap herstelt die door onze zonde verbroken werd.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Waakt en bidt.
Markus 13:33
Men kan alleen in het geloof blijven door te waken en te bidden. In dezelfde mate waarin het gebed in ons binnenste verslapt, verslapt ook de kracht van het geloof. Als u gebeden en smekingen nalaat, kunt u zover komen dat elk zaadje van geloof in uw hart verloren lijkt. U kunt zelfs zover komen dat u denkt nooit iets te hebben gekend van een werk van God aan uw ziel, en dat u uzelf hebt misleid door te menen dat er enige genade aan uw ziel geschied was.
Ook door waakzaamheid wordt de liefde van God in stand gehouden. Als u niet waakt tegen de zonde in u, tegen de strikken die voor uw voet worden gespannen, tegen de verzoekingen die zich elke dag en elk uur op uw weg voordoen, en tegen de kracht en de listen van uw onvermoeide vijand, dan zult u zeker vallen. En als u valt, brengt u schuld en slavernij, duisternis en ellende in uw ziel, en snijdt u voor een tijd alle lieflijke gemeenschap met God af. Daarom moet u bidden en waken, want zonder waakzaamheid heeft het gebed geen kracht.
En als wij de Schriften verwaarlozen, of ze lezen zonder aandacht en zonder geloof, zullen zij ons weinig nut doen. Zij moeten met een gelovig oog en hart gelezen worden, als de openbaring van God ontvangen worden en met het geloof gemengd zijn, anders doen zij ons geen nut (Hebr. 4:2). Het leven van God is een diepe, verborgen en heilige zaak in onze ziel. Het is waar: God zal het in stand houden; Hij zal het werk van Zijn handen niet laten varen. Maar als wij niet lezen en bidden, waken en overdenken, strijden tegen de zonde die ons omringt en voortdurend het aangezicht van de Heere zoeken, dan zullen wij de kracht en de macht van het geloof merkbaar zien afnemen. En als dat zo is, kan er geen wandel met God zijn.
De Heer betoont Zijn welbehagen
Aan hen, die need’rig naar Hem vragen,
Hem vrezen, Zijne hulp verbeiden
En door Zijn hand zich laten leiden.
Ps. 147:6
Aan de lezer…
Hoe staat het met uw binnenkamer? Merkt u dat het gebed slap is geworden, dat de Schriften u weinig meer zeggen, en dat u zelfs gaat twijfelen of er ooit een werk van God aan uw ziel geschied is? Zie dan in dit woord geen harde bestraffing, maar een tedere waarschuwing van een Herder Die Zijn schapen kent. Het verslappen van het gebed en het verslappen van het geloof gaan samen, en de vijand wordt niet moe.
Laat dit u niet tot wanhoop drijven, maar terug naar de troon van de genade. God zal het werk van Zijn handen niet laten varen; Hij houdt het leven dat Hij gegeven heeft in stand. Maar Hij doet dat in de weg van waken en bidden, en van het lezen van het Woord met een gelovig hart. Zoek dan opnieuw Zijn aangezicht, hoe zwak uw gebed ook is. Wie zich in zijn armoede tot Hem keert, zal ervaren dat Hij de gemeenschap herstelt die door onze zonde verbroken werd.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Watch and pray.
Mark 13:33
There is no keeping up FAITH except by prayer and watchfulness. As prayer declines in the bosom, so does the strength of faith. You may go on neglecting prayer and supplication until every grain of faith seems lost from your bosom, and may come at last to think you never knew anything of a work of God upon your heart, and have been deceived in believing there was any grace there.
By watchfulness also is the LOVE of God maintained. Unless you watch against your besetting sins, against the snares spread for your feet, against the temptations that daily and hourly beset your path, against being overcome by the strength or subtlety of your unwearied foe, you are sure to fall; and if you fall you will bring guilt and bondage, darkness and distress into your mind, and cut off for a time all friendly communion with God.
Therefore you must pray and watch; for without watchfulness, prayer is of little efficacy. And if we neglect the Scriptures, or read them carelessly or unbelievingly, they will do us little good. They must be read with believing eyes and heart, received as the revelation of God, and must be mixed with faith, or assuredly they will not profit us (Heb. 4:2).
The life of God is a very deep, secret, and sacred thing in the soul. God, it is true, will maintain it; He will not leave His work unaccomplished; but unless we read and pray, watch and meditate, wage war against besetting sins, and seek the Lord’s face continually, we shall find the strength and power of faith very sensibly decline; and if so, there is no comfortable walking with God.
To the reader…
How are things in your prayer closet? Do you notice that prayer has grown slack, that the Scriptures say little to you any more, and that you are even beginning to doubt whether a work of God was ever done in your soul? Then do not see in this word a harsh rebuke, but a tender warning from a Shepherd Who knows His sheep. The slackening of prayer and the slackening of faith go together, and the enemy does not grow weary.
Do not let this drive you to despair, but back to the throne of grace. God will not forsake the work of His hands; He maintains the life He has given. But He does so in the way of watching and praying, and of reading the Word with a believing heart. Seek His face again, then, however weak your prayer may be. Whoever turns to Him in his poverty will find that He restores the communion our sin has broken.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Velad y orad.
Marcos 13:33
No hay modo de mantener la FE sino por la oración y la vigilancia. A medida que la oración decae en el pecho, decae también la fuerza de la fe. Usted puede seguir descuidando la oración y la súplica hasta que todo grano de fe parezca perdido de su pecho, y llegar al fin a pensar que nunca supo nada de una obra de Dios en su corazón, y que se engañó al creer que había allí alguna gracia.
También por la vigilancia se mantiene el AMOR de Dios. A menos que vele contra sus pecados habituales, contra los lazos tendidos a sus pies, contra las tentaciones que cada día y cada hora asedian su camino, contra ser vencido por la fuerza o la astucia de su incansable enemigo, de seguro caerá; y si cae, traerá culpa y esclavitud, oscuridad y angustia a su mente, y cortará por un tiempo toda comunión amistosa con Dios.
Por tanto, usted debe orar y velar; porque sin vigilancia la oración es de poca eficacia. Y si descuidamos las Escrituras, o las leemos con descuido o incredulidad, poco bien nos harán. Han de leerse con ojos y corazón creyentes, recibirse como la revelación de Dios, y han de ir mezcladas con fe, o ciertamente no nos aprovecharán (Heb. 4:2).
La vida de Dios es algo muy profundo, secreto y sagrado en el alma. Dios, es cierto, la mantendrá; no dejará Su obra sin cumplir; pero a menos que leamos y oremos, velemos y meditemos, hagamos guerra contra los pecados habituales y busquemos continuamente el rostro del Señor, hallaremos que la fuerza y el poder de la fe decaen muy sensiblemente; y si es así, no hay un andar con Dios lleno de consuelo.
Al lector…
¿Cómo van las cosas en su aposento de oración? ¿Nota que la oración se ha aflojado, que las Escrituras ya le dicen poco, y que incluso empieza a dudar de si alguna vez se hizo una obra de Dios en su alma? Entonces no vea en esta palabra una reprensión dura, sino una tierna advertencia de un Pastor que conoce a Sus ovejas. El aflojarse de la oración y el aflojarse de la fe van juntos, y el enemigo no se cansa.
No deje que esto le lleve a la desesperación, sino de vuelta al trono de la gracia. Dios no abandonará la obra de Sus manos; Él mantiene la vida que ha dado. Pero lo hace por el camino de velar y orar, y de leer la Palabra con un corazón creyente. Busque, pues, de nuevo Su rostro, por débil que sea su oración. Quien se vuelve a Él en su pobreza hallará que Él restaura la comunión que nuestro pecado ha roto.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl