Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Korenaren

 

 

Vandaag

Korenaren Uit De Volle Oogst

26 april Korenaren uit de volle oogst

Gij stelt onze ongerechtigheden voor U; onze heimelijke zonden in het licht Uws aanschijns.
Psalm 90:8

Zo getuigde Mozes, de man Gods, en Job wist het bij ervaring: „Want Gij schrijft tegen mij bittere dingen: en Gij doet mij erven de misdaden mijner jonkheid” (Job 13:26). Maar hoewel de Heere de ongerechtigheden van Zijn volk in het licht van Zijn aangezicht stelt, ze krachtig en zwaar op hun geweten laat drukken en hen ten minste voor een tijd in ellende en smart laat wegzinken, wil Hij hen onder die zware last ondersteunen, zodat zij er niet helemaal onder verpletterd worden. Ik geloof dat, als er één genade is die in de gemeente van God tegenwoordig meer dan een andere over het hoofd wordt gezien, het de genade van het berouw is.

Hoewel het op de drempel van de ware godzaligheid ligt, en hoewel het een hoofdbeginsel was in het Evangelie dat Paulus predikte, want hij betuigde beiden, Joden en Grieken, de bekering tot God en het geloof in onze Heere Jezus Christus (Hand. 20:21), hoe wordt het toch over het hoofd gezien! Er wordt gesproken over geloof, hoop en liefde, maar hoe vaak wordt het berouw, de verslagenheid, de smart over de zonde, dit deel van Gods werk in de ziel, voorbijgezien! Maar de Heere zal het niet voorbijzien! Hij zal die geheime zonden aan het licht brengen en ze in het licht van Zijn aangezicht stellen. En wanneer Hij ze op het geweten van de zondaar legt, zal deze voelen hoe kwaad en bitter het is tegen de Heere gezondigd te hebben.

Want ik gevoel de grootheid van mijn kwaad,
mijn zonde zie ’k mij steeds voor ogen zweven.
’k Heb tegen U, ja U alleen misdreven,
Uw wil en wet, hoe heilig, stout versmaad;
ik heb gedaan, wat kwaad was in Uw oog:
dies ben ik, Heer, Uw gramschap dubbel waardig!
’k Erken mijn schuld, die U tot straf bewoog.
Uw doen is rein. Uw vonnis gans rechtvaardig.

Ps. 51:2

Aan de lezer…

Wie een zonde op zijn geweten heeft die hij liever verborgen had gehouden, weet hoe zwaar dat kan drukken, en misschien kent u dat zelf. Misschien was het lang vergeten, een misdaad uit uw jeugd, en nu staat het ineens weer voor uw ogen in het licht van Gods aangezicht. Dat is bitter, en het kan de ziel voor een tijd in smart laten wegzinken. Maar wees niet te snel om het weg te redeneren of eroverheen te willen stappen.

Het berouw wordt zo vaak voorbijgezien, en toch ligt het op de drempel van de ware godzaligheid. De Heere ziet het niet voorbij. Hij laat de zondaar voelen hoe kwaad en bitter het is tegen Hem gezondigd te hebben, maar Hij ondersteunt hem ook onder die last, zodat hij niet verpletterd wordt. Het is dezelfde weg die het Evangelie wijst: bekering tot God en geloof in onze Heere Jezus Christus. Laat uw droefheid u dan tot Hem drijven, en niet van Hem af.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

365 Dagen Met Philpot

26 april 365 dagen met Philpot

Vervolgen de Heere te kennen

Dan zullen wij kennen, wij zullen vervolgen om de HEERE te kennen. Zijn uitgang is bereid als de dageraad; en Hij zal tot ons komen als een regen, als de spade regen, en als de vroege regen des lands.
Hosea 6:3

Dat Jezus zal uittrekken om Zijn volk te verlossen, is net zo zeker als dat de zon morgen opgaat. Zo zeker als de ochtend na de nacht komt, zo zeker zal Jezus uittrekken volgens de belofte in onze tekst. En heeft het woord „bereid” niet iets wat zowel zoet als veelzeggend is? Er vindt een voorbereiding plaats voordat de zon opgaat. Dat gebeurt niet alleen zodat hij als een bruidegom uit zijn kamer kan komen en zich als een sterke man kan verheugen om een wedstrijd te lopen, maar ook omdat hij voortkomt uit de duisternis die eraan voorafgaat, en om alles licht te maken.

Zie hoe de ochtend uit de donkerte van de nacht voortkomt! Is het niet altijd nacht voordat het ochtend wordt? We hebben niet altijd daglicht tot onze beschikking. Een donkere nacht van smart en verwarring gaat vaak vooraf aan Gods morgen, donkerder dan de nacht die voorafgaat aan het opgaan van de natuurlijke zon. Hoe vaak verduisteren nevel en mist de zon wanneer hij begint op te komen. Toch is het ochtend, en spoedig zullen ze verdreven zijn. Even zeker zal de Heere Zichzelf aan uw ziel bekendmaken als u „vervolgt”.

Maar komt de ochtend niet geleidelijk? Voordat de zon opkomt, wordt zijn verschijnen voorbereid. Zijn stralen trekken als voorboden van zijn komst strepen langs de oostelijke hemel, terwijl hijzelf nog achter de horizon is. En soms fonkelt de morgenster als een diamant in het oosten; zij kondigt zijn nadering aan en verkondigt dat hij spoedig zal verschijnen. Zo is het vaak in de genade. Ik wil niet zeggen altijd, want soms breekt de Zon der gerechtigheid plotseling los uit de donkerte van de nacht. Maar vaak, zo niet meestal, wordt de komst van de Heere in de genade voorbereid zoals de ochtend in de natuur.

Er zijn stralen van de aankomende morgen voordat de Zon Zelf voor de ziel opgaat. De naderende barmhartigheid, het dagen van hoop, de verwachting van zichtbare verlossing breken genadig door: „Doch gij, o mijn ziel! zwijg Gode; want van Hem is mijn verwachting” (Ps. 62:5). Goed lezen, luisteren of bidden geeft glimpen en vluchtige blikken van de Koning in Zijn schoonheid, die het hart doen voelen en de tong doen zeggen: „O Heere, wat zijt Gij mijn ziel dierbaar.” Al deze voorbereidingen gaan vooraf aan de Bruidegom en kondigen Hem aan wanneer Hij uit Zijn kamer komt.

En soms gaat, wanneer de geestelijke dag begint, de Morgenster op in het hart (2 Petr. 1:19). We kunnen dit misschien opvatten als een belofte die met bijzondere zalving en kracht aan de ziel wordt toegepast, als een voorzegging van toekomstig goed. Maar na verloop van tijd komt de Zon Zelf, als een gezegende onthulling van Christus aan de ziel: een genadige onthulling van de Zoon van God in de heerlijkheid van Zijn Persoon en de werking van Zijn bloed.

Lezen: 2 Petrus 1

Aan de lezer…

Misschien is het nacht in uw ziel, en lijkt het u alsof de morgen nooit zal komen. Smart en verwarring liggen als nevel over uw weg, en u ziet geen licht. Bedenk dan, beste lezer, dat het altijd nacht is voordat het morgen wordt. Zo zeker als de zon na de duisternis opgaat, zo zeker zal de Heere Zich bekendmaken aan de ziel die naar Hem blijft uitzien. Zijn uitgang is bereid als de dageraad.

Let daarom op de eerste stralen. Een woord dat u treft bij het lezen, een ogenblik van hoop in het gebed, een glimp van de Koning in Zijn schoonheid waarbij uw hart zegt: „O Heere, wat zijt Gij mijn ziel dierbaar”: veracht zulke voorboden niet. Zij kondigen de Bruidegom aan. Zwijg Gode en wacht op Hem; de Zon der gerechtigheid zal opgaan, en Hij zal Zichzelf aan u tonen in de heerlijkheid van Zijn Persoon en de kracht van Zijn bloed.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Door Baca's Vallei

26 april Door Baca’s vallei

Dewijl wij nu dezelfde Geest des geloofs hebben, gelijk er geschreven is: Ik heb geloofd, daarom heb ik gesproken; zo geloven wij ook, daarom spreken wij ook.
2 Corinthe 4:13

Er moet onderscheid gemaakt worden tussen het geloof en de geest des geloofs. De geest des geloofs is het geloof in oefening. Het geloof lijkt soms op een dag waarop er geen wind waait. Het is zo stil dat er nauwelijks een zuchtje is om een blad te laten bewegen. Maar een tijdje later steekt er een aangenaam briesje op dat over de aarde waait.

Zo is het ook met het geloof en de geest des geloofs. Het geloof dat niet in oefening is, lijkt op de stilte van een zomerdag: er beweegt of roert zich niets. Het geloof in oefening is ook als die zomerdag, maar dan is er een flinke koele wind die zich voelbaar maakt. Als God mij het geloof geschonken heeft, kan ik het nooit uit mijn hart verliezen. Eens een gelovige, altijd een gelovige. Want als ik zou kunnen ophouden een gelovige te zijn, dan zou ik ook moeten ophouden een kind van God te zijn; ik zou de zaligheid uit mijn hart verliezen, want ik ben door genade verlost, en dat door het geloof.

En toch kunnen er tijden en momenten zijn waarin ik niet veel van de geest des geloofs heb. Het geloof kan heel traag zijn. Ik wil niet zeggen dat het stilstaat, want dat zou bijna betekenen dat het dood is. Maar ik bedoel dat het kalm, bedaard en rustig is, net als een vogel die zijn kop onder zijn vleugels steekt. Maar op een gegeven ogenblik komt er een opleving, een beweging, een heilzaam blazen van de Geest: „Ontwaak, Noordenwind, en kom, Gij Zuidenwind, doorwaai Mijn hof”, Hooglied 4:16. „Gij Geest, kom aan van de vier winden en blaas”, Ezech. 37:9. Deze hemelse adem van de Heilige Geest werkt op het geloof, doet het ontwaken en herleven, en wekt het op tot een levendige werkzaamheid.

Zo krijgt het geloof de geest des geloofs en handelt het geestelijk en krachtig, naar de mate die God geeft. Johannes was in de geest op de dag des Heeren, Openb. 1:10. Hij was niet altijd in de geest door een levendige oefening, hoewel hij de Geest nooit miste. Zo is het geloof als het ware soms in de geest. Dan zijn de ogen open, zoals de ogen van Johannes, om geestelijk te zien wat hij met zijn ogen zag, namelijk de Persoon van Christus, en om innerlijk te horen wat hij uiterlijk hoorde, namelijk de woorden van Christus.

Aan de lezer…

Is het stil in uw ziel, zo stil dat er nauwelijks een zuchtje is om een blad te bewegen? Lijkt uw geloof op een vogel die zijn kop onder zijn vleugels steekt, en vreest u daarom dat het er misschien nooit geweest is? Bedenk dan dat er onderscheid is tussen het geloof en de geest des geloofs. Wie eens het geloof ontvangen heeft, verliest het niet, ook al is het een tijd kalm en traag.

Maar berust niet in die stilte. Bid om het heilzame blazen van de Geest, zoals de bruid riep: „Ontwaak, Noordenwind, en kom, Gij Zuidenwind, doorwaai Mijn hof.” Op een gegeven ogenblik komt die hemelse adem, en dan ontwaakt het geloof, herleeft het, en gaan de ogen open om de Persoon van Christus te zien en Zijn woorden innerlijk te horen. En wie zo gelooft, kan niet zwijgen, maar zegt: „Ik heb geloofd, daarom heb ik gesproken.”

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina