
Dit is een getrouw woord, want indien wij met Hem gestorven zijn, zo zullen wij ook met Hem leven. Indien wij verdragen, wij zullen ook met Hem heersen.
2 Timotheüs 2:11-12
Om deelgenoten te zijn van Christus’ kroon, moeten wij ook deelgenoten zijn van Christus’ kruis. De vereniging met Hem in het lijden moet de vereniging met Hem in heerlijkheid voorafgaan. Dit is het uitdrukkelijk getuigenis van de Heilige Geest: „Indien wij met Hem lijden, wij zullen ook met Hem verheerlijkt worden.” Het vlees en de wereld moeten ons gekruisigd worden, en wij der wereld; en dit kan alleen door de kracht van een levende vereniging met een gekruiste Middelaar.
Dit doet de apostel uitroepen: „Ik ben met Christus gekruisigd, en ik leef; doch niet meer ik, maar Christus leeft in mij; en hetgeen ik nu in het vlees leef, dat leef ik door het geloof des Zoons van God, Die mij liefgehad heeft en Zichzelf voor mij overgegeven heeft.” En wederom: „Maar het zij verre van mij, dat ik zou roemen, anders dan in het kruis van onze Heere Jezus Christus, door welke de wereld mij gekruisigd is en ik der wereld.” Een bevindelijke kennis van de kruisiging met zijn gekruisigde Heere deed Paulus het kruis prediken, niet slechts in zijn kracht tot verlossing, maar ook in zijn kracht tot heiligmaking.
Door het kruis, dat is, door vereniging en gemeenschap met Hem, Die op het kruis stierf, is er niet slechts een fontein geopend tegen alle zonde, maar ook tegen alle onreinheid (Zach. 13:1). Bloed en water vloeiden uit Jezus’ zijde toen Hij door de Romeinse speer doorstoken werd.
Deez’ fontein is zeer vol, en een rijke buit,
Ontsloten door speer, geeft het harte uit;
Bloed en ook water; het bloed verzoent alleen,
Terwijl water reinigt; doch de fontein is slechts één.
„Al mijn fonteinen zullen binnen u zijn”, zeide de man naar Gods hart, en wij mogen zijn woorden nazeggen. Al onze fonteinen, niet slechts van vergeving en vrede, aanneming en rechtvaardigmaking, maar ook van blijdschap en heerlijkheid, van wijsheid en kracht, van overwinning over de wereld, en van een doding van het lichaam der zonde en des doods; van iedere nieuwe herleving en verwakkering der hoop en van het vertrouwen; van alle gebed en lofzegging, van iedere nieuwe opbloeiing der ziel, gelijk Aarons staf bloesem en vrucht voortbracht; van elke gevoelige aanraking, geestelijke begeerte, van elk vurig gebed, smeltend berouw, eerlijke belijdenis, Goddelijke smart over de zonde — al deze bronnen van het leven, die met Christus verborgen zijn in God, zijn in een gekruiste Zaligmaker.
Zo is Christus gekruisigd voor de verlosten een kracht Gods tot zaligheid. En daar Hij ons van Gode geworden is tot wijsheid, rechtvaardigmaking, heiligmaking en verlossing, kunnen wij bij het kruis alleen worden wijs gemaakt tot zaligheid en worden wij rechtvaardig door een vrije rechtvaardigmaking, ontvangen wij Zijn Geest om ons te heiligen en worden wij bevrijd en verlost door Zijn bloed en vermogen van de zonde, satan, dood en hel.
Aan de lezer…
Het kan zijn dat het kruis u zwaar valt. Moet u afsterven aan de wereld en aan uw eigen vlees, en schijnt de weg soms een weg van louter lijden? Wees dan niet verbaasd. „Indien wij met Hem gestorven zijn, zo zullen wij ook met Hem leven.” Wie deel zal hebben aan Christus’ kroon, moet ook deel hebben aan Zijn kruis. Dat is geen straf, maar de weg van vereniging met een gekruiste Middelaar.
En juist bij dat kruis ligt al uw hulp. Daar is een fontein geopend tegen alle zonde en onreinheid; daar vloeiden bloed en water uit Zijn zijde. Al uw fonteinen, van vergeving en vrede, van kracht tegen de zonde, van elk vurig gebed en elke zucht van berouw, liggen in een gekruiste Zaligmaker. Zoek ze dan niet in uzelf, maar ga met uw zwakheid tot Hem. „Dit is een getrouw woord.”
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Dit is een getrouw woord, want indien wij met Hem gestorven zijn, zo zullen wij ook met Hem leven. Indien wij verdragen, wij zullen ook met Hem heersen.
2 Timotheüs 2:11-12
Om deel te hebben aan Christus’ kroon, moeten wij ook deel hebben aan Christus’ kruis. De vereniging met Hem in het lijden moet aan de vereniging met Hem in heerlijkheid voorafgaan. Dit is het uitdrukkelijke getuigenis van de Heilige Geest: „Indien wij met Hem lijden, wij zullen ook met Hem verheerlijkt worden.” Het vlees en de wereld moeten ons gekruisigd worden, en wij de wereld; en dat kan alleen door de kracht van een levende vereniging met een gekruisigde Middelaar.
Daarom roept de apostel uit: „Ik ben met Christus gekruisigd, en ik leef; doch niet meer ik, maar Christus leeft in mij; en hetgeen ik nu in het vlees leef, dat leef ik door het geloof des Zoons van God, Die mij liefgehad heeft en Zichzelf voor mij overgegeven heeft.” En opnieuw: „Maar het zij verre van mij, dat ik zou roemen, anders dan in het kruis van onze Heere Jezus Christus, door welke de wereld mij gekruisigd is en ik der wereld.” Een bevindelijke kennis van het gekruisigd zijn met zijn gekruisigde Heere deed Paulus het kruis prediken, niet alleen in zijn kracht tot verlossing, maar ook in zijn kracht tot heiligmaking.
Door het kruis, dat wil zeggen door vereniging en gemeenschap met Hem Die aan het kruis stierf, is er niet alleen een fontein geopend tegen alle zonde, maar ook tegen alle onreinheid (Zach. 13:1). Bloed en water vloeiden uit Jezus’ zijde toen Hij door de Romeinse speer doorstoken werd.
Deez’ fontein is zeer vol, en een rijke buit,
Ontsloten door speer, geeft het harte uit;
Bloed en ook water; het bloed verzoent alleen,
Terwijl water reinigt; doch de fontein is slechts één.
„Al mijn fonteinen zullen binnen u zijn”, zei de man naar Gods hart, en wij mogen zijn woorden nazeggen. Al onze fonteinen zijn in een gekruisigde Zaligmaker: niet alleen die van vergeving en vrede, aanneming en rechtvaardiging, maar ook die van blijdschap en heerlijkheid, van wijsheid en kracht, van overwinning over de wereld en van het doden van het lichaam van de zonde en de dood. Ook de bronnen van iedere nieuwe herleving en opwekking van hoop en vertrouwen; van alle gebed en lofzegging; van ieder nieuw opbloeien van de ziel, zoals de staf van Aäron bloesem en vrucht voortbracht; van elke voelbare aanraking en geestelijke begeerte, van elk vurig gebed, smeltend berouw, eerlijke belijdenis en Goddelijke droefheid over de zonde. Al deze bronnen van het leven, die met Christus verborgen zijn in God, zijn in een gekruisigde Zaligmaker.
Zo is de gekruisigde Christus voor de verlosten een kracht van God tot zaligheid. En omdat Hij ons van God geworden is tot wijsheid, rechtvaardigmaking, heiligmaking en verlossing, kunnen wij alleen bij het kruis wijs gemaakt worden tot zaligheid. Daar worden wij rechtvaardig door een vrije rechtvaardiging, daar ontvangen wij Zijn Geest om ons te heiligen, en daar worden wij door Zijn bloed en Zijn macht bevrijd en verlost van de zonde, satan, dood en hel.
Aan de lezer…
Het kan zijn dat het kruis u zwaar valt. Moet u afsterven aan de wereld en aan uw eigen vlees, en lijkt de weg soms een weg van louter lijden? Wees dan niet verbaasd. „Indien wij met Hem gestorven zijn, zo zullen wij ook met Hem leven.” Wie deel zal hebben aan Christus’ kroon, moet ook deel hebben aan Zijn kruis. Dat is geen straf, maar de weg van vereniging met een gekruisigde Middelaar.
En juist bij dat kruis ligt al uw hulp. Daar is een fontein geopend tegen alle zonde en onreinheid; daar vloeiden bloed en water uit Zijn zijde. Al uw fonteinen, van vergeving en vrede, van kracht tegen de zonde, van elk vurig gebed en elke zucht van berouw, liggen in een gekruisigde Zaligmaker. Zoek ze dan niet in uzelf, maar ga met uw zwakheid naar Hem. „Dit is een getrouw woord.”
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
It is a faithful saying: For if we be dead with him, we shall also live with him: if we suffer, we shall also reign with him.
2 Timothy 2:11-12
To be partakers of Christ’s crown, we must be partakers of Christ’s cross. Union with Him in suffering must precede union with Him in glory. This is the express testimony of the Holy Spirit—“If so be that we suffer with Him, that we may be also glorified together.” The flesh and the world are to be crucified to us, and we to them; and this can only be by virtue of a living union with a crucified Lord.
This made the Apostle say, “I am crucified with Christ—nevertheless I live; yet not I, but Christ lives in me—and the life which I now live in the flesh, I live by the faith of the Son of God, Who loved me and gave Himself for me.” And again, “But God forbid that I should glory save in the cross of our Lord Jesus Christ, by Whom the world is crucified unto me and I unto the world.”
An experimental knowledge of crucifixion with his crucified Lord made Paul preach the cross, not only in its power to save, but in its power to sanctify. Through the cross, that is, through union and communion with Him Who suffered upon it, not only is there a fountain opened for all sin, but for all uncleanness (Zech. 13:1). Blood and water gushed from the side of Jesus when pierced by the Roman spear.
“This fountain so dear, He’ll freely impart;
Unlocked by the spear, it gushed from His heart,
With blood and with water; the first to atone,
To cleanse us the latter; the fountain’s but one.”
“All my springs are in you,” said the man after God’s own heart; and well may we echo his words. All our springs, not only of pardon and peace, acceptance and justification, but of happiness and holiness, of wisdom and strength, of victory over the world, of mortification of a body of sin and death; of every fresh revival and renewal of hope and confidence; of all prayer and praise; of every new budding forth of the soul, as of Aaron’s rod, in blossom and fruit; of every gracious feeling, spiritual desire, warm supplication, honest confession, melting contrition, and godly sorrow for sin—all these springs from that life which is hidden with Christ in God, are in a crucified Lord.
Thus Christ crucified is, “to them who are saved, the power of God.” And as He “of God is made unto us wisdom, righteousness, sanctification, and redemption,” at the cross alone can we be made wise unto salvation, become righteous by a free justification, receive of His Spirit to make us holy, and be redeemed and delivered by blood and power from sin, Satan, death, and hell.
To the reader…
It may be that the cross weighs heavily on you. Must you die to the world and to your own flesh, and does the way sometimes seem a way of nothing but suffering? Do not be surprised, then. “If we be dead with Him, we shall also live with Him.” Whoever is to share in Christ’s crown must also share in His cross. That is no punishment, but the way of union with a crucified Mediator.
And it is precisely at that cross that all your help lies. There a fountain has been opened for sin and for uncleanness; there blood and water flowed from His side. All your springs, of pardon and peace, of strength against sin, of every fervent prayer and every sigh of repentance, are in a crucified Saviour. Do not seek them in yourself, then, but go to Him with your weakness. “It is a faithful saying.”
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Es palabra fiel: Que si somos muertos con Él, también viviremos con Él: si sufrimos, también reinaremos con Él.
2 Timoteo 2:11-12
Para ser partícipes de la corona de Cristo, debemos ser partícipes de la cruz de Cristo. La unión con Él en el sufrimiento debe preceder a la unión con Él en la gloria. Este es el testimonio expreso del Espíritu Santo: “Si empero padecemos juntamente con Él, para que juntamente con Él seamos glorificados.” La carne y el mundo han de sernos crucificados, y nosotros a ellos; y esto solo puede ser en virtud de una unión viva con un Señor crucificado.
Esto hizo decir al Apóstol: “Con Cristo estoy juntamente crucificado, y vivo, no ya yo, mas vive Cristo en mí: y lo que ahora vivo en la carne, lo vivo en la fe del Hijo de Dios, el cual me amó, y se entregó a Sí mismo por mí.” Y también: “Mas lejos esté de mí gloriarme, sino en la cruz de nuestro Señor Jesucristo, por el cual el mundo me es crucificado a mí, y yo al mundo.”
Un conocimiento experimental de la crucifixión con su Señor crucificado hizo que Pablo predicara la cruz, no solo en su poder para salvar, sino en su poder para santificar. Por la cruz, es decir, por la unión y la comunión con Aquel que padeció en ella, no solo hay un manantial abierto para todo pecado, sino para toda inmundicia (Zac. 13:1). Sangre y agua brotaron del costado de Jesús cuando fue traspasado por la lanza romana.
“Esta fuente tan amada Él la da gratuitamente;
abierta por la lanza, brotó de Su corazón,
con sangre y con agua; la primera para expiar,
la segunda para limpiarnos; la fuente es una sola.”
“Todas mis fuentes estarán en Ti”, dijo el varón conforme al corazón de Dios; y bien podemos hacernos eco de sus palabras. Todas nuestras fuentes, no solo de perdón y paz, de aceptación y justificación, sino de felicidad y santidad, de sabiduría y fortaleza, de victoria sobre el mundo, de mortificación de un cuerpo de pecado y de muerte; de todo nuevo avivamiento y renovación de la esperanza y la confianza; de toda oración y alabanza; de todo nuevo brotar del alma, como la vara de Aarón, en flor y fruto; de todo sentimiento de gracia, deseo espiritual, súplica ferviente, confesión sincera, contrición que derrite y tristeza según Dios por el pecado: todas estas fuentes, que brotan de aquella vida que está escondida con Cristo en Dios, están en un Señor crucificado.
Así Cristo crucificado es, “a los que se salvan, potencia de Dios”. Y puesto que Él “nos ha sido hecho por Dios sabiduría, y justificación, y santificación, y redención”, solo en la cruz podemos ser hechos sabios para la salvación, llegar a ser justos por una justificación gratuita, recibir de Su Espíritu para ser hechos santos, y ser redimidos y librados, por sangre y por poder, del pecado, de Satanás, de la muerte y del infierno.
Al lector…
Puede ser que la cruz le pese mucho. ¿Tiene que morir al mundo y a su propia carne, y le parece a veces el camino un camino de puro sufrimiento? No se sorprenda, entonces. “Si somos muertos con Él, también viviremos con Él.” Quien ha de participar de la corona de Cristo debe participar también de Su cruz. Eso no es un castigo, sino el camino de la unión con un Mediador crucificado.
Y es precisamente en esa cruz donde está toda su ayuda. Allí se ha abierto un manantial para el pecado y la inmundicia; allí brotaron sangre y agua de Su costado. Todas sus fuentes, de perdón y paz, de fuerza contra el pecado, de toda oración ferviente y todo suspiro de arrepentimiento, están en un Salvador crucificado. No las busque, pues, en usted mismo, sino vaya a Él con su debilidad. “Es palabra fiel.”
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl
Blader door alle dagen van dit Bijbels Dagboek
Steun dit werk